Gemeentelijke regelgeving

Coffeeshopbeleid gemeente Utrechtse Heuvelrug 2025

Gemeente Utrechtse Heuvelrug · geldt sinds 25 november 2025

Aanhef

De burgemeester van de gemeente Utrechtse Heuvelrug

Gelet op

de artikelen 4:81, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 174, lid 1 Gemeentewet, artikel 13b Opiumwet, Aanwijzing Opiumwet, de Algemene Plaatselijke Verordening Utrechtse Heuvelrug 2019 en de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur (Bibob).

Overwegende dat:

-de handel in softdrugs (lijst II) verboden is op grond van artikel 3 van de Opiumwet;

-de burgemeester op grond van artikel 13b, eerste lid, van de Opiumwet bevoegd is om handhavend op te treden (last onder bestuursdwang) als in een woning, lokaal of op een daarbij behorend erf, onder meer, softdrugs wordt verkocht, afgeleverd of verstrekt dan wel daartoe aanwezig is […];

-de burgemeester, onder voorwaarden zoals vastgelegd in deze beleidsregel, de verkoop van softdrugs in een coffeeshop kan gedogen en in dat geval geen gebruik maakt van zijn bevoegdheid om handhavend op te treden op grond van artikel 13b, eerste lid, van de Opiumwet

Besluit:

1het ‘Coffeeshopbeleid gemeente Utrechtse Heuvelrug 2025’ vast te stellen;

2gelijktijdig de ‘Beleidsregel van de burgemeester van de gemeente Utrechtse Heuvelrug houdende regels omtrent coffeeshops (Coffeeshopbeleid Utrechtse Heuvelrug)’ in te trekken;

3dat dit besluit in werking treedt op 25 november 2025.

Hoofdstuk 1: Coffeeshop

4.1 Algemeen

Een coffeeshop is een openbare inrichting waar handel in en gebruik van softdrugs plaatsvindt en waar uitsluitend alcoholvrije dranken en etenswaren worden aangeboden.

4.2 Maximumstelsel

In de gemeente Utrechtse Heuvelrug is slechts één coffeeshop toegestaan en wordt maximaal één gedoogverklaring voor het exploiteren van een coffeeshop afgegeven.

4.3 Gedoogverklaring

1Voor het exploiteren van een coffeeshop is een gedoogverklaring vereist.

2De gedoogverklaring wordt voor een periode van ten hoogste acht jaar verstrekt. Halverwege deze termijn vindt een tussentijds Bibob-onderzoek plaats. De gedoogverklaring is persoonsgebonden, locatiegebonden, niet overdraagbaar en wordt enkel aan natuurlijke personen verstrekt en dus niet aan rechtspersonen.

3Aan de gedoogverklaring worden nadere voorwaarden verbonden, waaronder de AHOJGI-criteria. Ook kunnen aanvullende voorwaarden worden verbonden die toezien op het omgevingsbeheer (overlast), beveiliging, administratieve verantwoording en op medewerking aan het verlenen van informatie over risico's van middelengebruik.

4De AHOJGI-criteria zoals beschreven in het vorige lid zijn:

A) geen affichering

dit betekent geen enkele vorm van reclame anders dan een summiere aanduiding op de betreffende lokaliteit;.

H) geen harddrugs

dit betekent dat geen harddrugs voorhanden mogen zijn en/of verkocht worden.

O) geen overlast

onder overlast kan worden verstaan parkeeroverlast rond de coffeeshops, geluidshinder, vervuiling en/of voor of nabij de coffeeshop rondhangende klanten;.

J) geen jeugdigen

geen verkoop aan jeugdigen en geen toegang voor jeugdigen tot een coffeeshop: gelet op de toename van het cannabisgebruik onder jongeren is gekozen voor een strikte handhaving van de leeftijdsgrens van achttien jaar.

G) geen grote hoeveelheden

geen verkoop van grote hoeveelheden per transactie: dat wil zeggen hoeveelheden groter dan geschikt voor eigen gebruik (= 5 gram) én slechts een beperkte handelsvoorraad (niet meer dan 500 gram);

I) geen verkoop aan niet ingezetenen

geen toegang voor en verkoop aan anderen dan ingezetenen van Nederland.

5Naast de landelijk vastgestelde AHOJGI-criteria worden in de gemeente Utrechtse Heuvelrug in ieder geval de volgende aanvullende gedoogvoorwaarden gesteld:

–Een coffeeshop mag geopend zijn tussen 12.00 uur 's middags en 22:00 uur 's avonds van maandag tot en met donderdag en van vrijdag tot en met zondag van 12:00 uur 's middags tot 23:00 uur 's avonds. Een coffeeshopexploitant komt niet in aanmerking voor een verlenging van de openingstijden. De burgemeester kan op grond van specifieke omstandigheden (bijvoorbeeld het tegengaan van overlast in de woonomgeving) besluiten andere openingstijden in te stellen voor de coffeeshop.

–Tijdens de openingstijden van de coffeeshop is te allen tijde de houder van de gedoogverklaring en exploitatievergunning of een daarop vermelde leidinggevende aanwezig alsmede iedere dag vanaf ten minste 16:00 een gecertificeerde horecaportier. De burgemeester kan in het belang van de openbare orde, de openbare veiligheid, de gezondheid, de zedelijkheid en ter bescherming van het woon- en leefklimaat andere aanwezigheidstijden vaststellen. In de inrichting mogen alleen personen werkzaam zijn die beschikken over een verklaring omtrent het gedrag. Zowel de exploitant, leidinggevende(n) als overig personeel mogen in de afgelopen vijf jaar niet onherroepelijk veroordeeld zijn geweest, voor in het kader van het exploiteren van een coffeeshop relevante strafbare feiten.

–De exploitant meldt aan de burgemeester zijn wens om een persoon als leidinggevende te laten bijschrijven op de gedoogverklaring en exploitatievergunning, waarna wordt getoetst of deze persoon voldoet aan de bovenstaand gestelde eisen.

–Als onderdeel van het O-criterium mag de coffeeshop geen overlast veroorzaken en mag het woon- en leefklimaat in de naaste omgeving niet nadelig worden beïnvloed. Onder overlast wordt bijvoorbeeld verstaan: parkeeroverlast, geluidshinder, stankoverlast, vervuiling en/of voor of nabij de inrichting rondhangende klanten. De exploitant voert gedragsregels en houdt rekening met de volgende onderdelen:

○ niet foutief of dubbel parkeren in de nabije omgeving van de zaak;

○ geen lawaai / overlast in de vorm van muziek of ander luidruchtig gedrag;

○ het trottoir niet blokkeren met rijwiel of scooter;

○ geen afval afkomstig van de coffeeshop (wietzakjes) op straat in de nabije omgeving;

○ de aanwezigheid van een gecertificeerde horecaportier bij de voordeur vanaf 16:00, op iedere openingsdag. De horecaportier verricht beveiligingswerkzaamheden en moet hiervoor een uniform dragen waardoor het voor derden duidelijk is dat het de horecaportier betreft. De portier ziet toe op het voorkomen van overlast van klanten/bezoekers van de coffeeshop en gaat rondhangende klanten/bezoekers tegen. Hij spreekt personen die overlast voor de omgeving veroorzaken aan en ontzegt hen toegang tot de coffeeshop .

–De coffeeshop is vrij toegankelijk voor ingezetenen van Nederland van 18 jaar en ouder.

–Personen die de leeftijd van 18 jaar nog niet hebben bereikt, mogen niet in de inrichting aanwezig zijn. Daarom wordt bij twijfel of een klant de leeftijd van 18 bereikt heeft altijd een Identiteitsbewijs gevraagd. Verkoop van softdrugs aan personen die de leeftijd van 18 jaar nog niet hebben bereikt, is niet toegestaan. Indien duidelijk wordt dat een volwassen klant zich schuldig maakt aan doorverstrekking van softdrugs aan minderjarigen, zal geen verkoop meer plaatsvinden aan deze klant voor een periode van drie maanden. Bij herhaling zal de klant definitief worden geweigerd.

–Er moet sprake zijn van een open inrichting die vrij toegankelijk is. De coffeeshop heeft naar buiten toe een ‘open karakter’, dus geen geblindeerde ramen etc. Evenals de vrije toegankelijkheid vergroot dit voorschrift de handhaafbaarheid en voorkomt het dat controlerende en toezichthoudende taken worden belemmerd. Daarnaast voorkomt het dat bij omwonenden en passanten argwaan wordt gewekt over de exploitatie.

–Een aangrenzende woning moet een gescheiden voordeur van de coffeeshop hebben.

–Loketverkoop vanuit de coffeeshop - aan de buitenzijde van het pand – en ‘bezorgservice’ vanuit de coffeeshop is niet toegestaan.

–Bij de coffeeshop wordt geen terras toegestaan.

–De plaatsing van kansspelautomaten zoals bedoeld in de Wet op de kansspelen is niet toegestaan.

–In de coffeeshop wordt geen alcoholhoudende drank verstrekt of gebruikt.

–In de coffeeshop mogen geen andere (soft)drugs dan cannabisproducten voorhanden zijn of verkocht worden.

–Softdrugs mogen niet gratis worden verstrekt en moeten direct worden betaald tegen een marktconforme prijs.

–In de coffeeshop moet een prijslijst duidelijk zichtbaar aanwezig zijn.

–De exploitant zorgt voor een adequate voorlichting met betrekking tot het gebruik van softdrugs aan bezoekers. Voorlichtingsmateriaal moet doorlopend, bijvoorbeeld via folders, bij de kassa beschikbaar zijn.

–De coffeeshopexploitant dient een juiste en inzichtelijke boekhouding bij te houden.

–Naast de verplichting tot het voeren van een reguliere boekhouding dient een dagelijkse administratie plaats te vinden ten aanzien van de in de inrichting aanwezige hoeveelheden softdrugs. De administratie dient zodanig ingericht te worden dat gecontroleerd kan worden dat de maximale handelsvoorraad van 500 gram niet wordt overschreden.

–De gedoogverklaring en exploitatievergunning zijn te allen tijde in de inrichting aanwezig en wordt desgevraagd getoond aan de toezichthouder(s) van de gemeente.

–Dagelijks dient na sluiting van de inrichting de directe omgeving ervan te worden gereinigd conform de zorgplicht zoals is opgenomen in het Besluit activiteiten leefomgeving artikel 2.11.

–De coffeeshopexploitant is te allen tijde verplicht toezichthouders van de gemeente of politie toe te laten tot het pand en is verplicht mee te werken aan controles door daartoe bevoegde toezichthouders.

–De exploitant verplicht zich om minimaal één keer per jaar, op zijn/haar initiatief, een voortgangsgesprek te voeren met gemeente en politie, tenzij gemeente en politie aangeven dat dit niet noodzakelijk is.

–De exploitant meldt iedere verandering waardoor de feitelijke situatie niet langer in overeenstemming is met de in de gedoogverklaring en exploitatievergunning opgenomen gegevens.

–De exploitant zorgt dat een telefoonnummer van de coffeeshop bekend is, in ieder geval bij omwonenden, zodat de coffeeshop tijdens openingstijden telefonisch bereikbaar is.

–De exploitant en de personen die werkzaam zijn binnen de coffeeshop dienen aanwijzingen en bevelen van de politie en/of gemeente onverwijld op te volgen.

–Iedere twee jaar volgt er een toets of de exploitant of leidinggevende(n) in enig opzicht van slecht levensgedrag is en wordt er een verklaring omtrent het gedrag (VOG) opgevraagd van exploitant en leidinggevenden. Indien hier aanleiding voor is, kan dit resulteren in een Bibob onderzoek van de exploitatievergunning, conform de in het Bibob-beleid opgenomen bepalingen.

De burgemeester kan (ook na afgifte van een gedoogverklaring), indien dit naar zijn oordeel in verband met maatschappelijke ontwikkelingen noodzakelijk is, nog andere aanvullende gedoogvoorwaarden stellen.

4.4 Exploitatievergunning

Voor het exploiteren van een coffeeshop is tevens een exploitatievergunning voor een openbare inrichting op grond van artikel 2:28 van de Algemene Plaatselijke Verordening vereist. Een exploitatievergunning wordt verleend voor een termijn conform is opgenomen in de APV en kan tevens voor onbepaalde tijd worden verleend. Indien er aanleiding voor is kan ook na het verstrekken van een exploitatievergunning een Bibob onderzoek worden uitgevoerd, conform de in het Bibob-beleid opgenomen bepalingen.

De bepalingen in dit hoofdstuk gelden voor de aanvraagprocedure van een gedoogverklaring.

Bijlage I: Handhavingstabel

1eovertreding

2eovertreding

(binnen vijf jaar na de eerste overtreding)

3eovertreding

(binnen vijf jaar na de tweede overtreding)

Overtreding van de AHOJGI-criteria

Affichering

Bestuurlijke waarschuwing

Sluiting voor de duur van drie maanden

Sluiting voor de duur van zes maanden

Harddrugs

Sluiting voor de duur van 9 maanden

Sluiting voor de duur van 12 maanden en intrekking gedoogverklaring

Overlast

Bestuurlijke waarschuwing

Tijdelijk andere sluitingstijden

Sluiting voor de duur van 3 maanden

Aanwezigheid personen beneden de leeftijd van 18 jaar

Bestuurlijke waarschuwing

Sluiting voor de duur van 3 maanden

Sluiting voor de duur van 6 maanden en intrekking gedoogverklaring

Verstrekken van softdrugs aan personen beneden de leeftijd van 18 jaar

Sluiting voor de duur van 1 maand

Sluiting voor de duur van 3 maanden en intrekking gedoogverklaring

Overschrijding maximale hoeveelheid per transactie

Bestuurlijke waarschuwing

Sluiting voor de duur van 1 maand

Sluiting voor de duur van 3 maanden

Toegang aan anderen dan ingezetenen van Nederland

Bestuurlijke waarschuwing

Sluiting voor de duur van 1 maand

Sluiting voor de duur van 3 maanden

Verkoop aan anderen dan ingezetenen van Nederland

Sluiting voor de duur van 1 maand

Sluiting voor de duur van 3 maanden

Sluiting voor de duur van 6 maanden en intrekking gedoogverklaring

Handelsvoorraad

Overschrijding handelsvoorraad groter dan 500 gram, maar kleiner dan 2 kilo

Sluiting voor de duur van 1 maand

Sluiting voor de duur van 3 maanden

Sluiting voor de duur van 6 maanden en intrekking gedoogverklaring

Overschrijding handelsvoorraad groter dan 2 kilo

Sluiting voor de duur van 3 maanden

Sluiting voor de duur van 6 maanden en intrekking gedoogverklaring

Alcoholhoudende drank

Verkoop alcohol houdende dranken

Bestuurlijke waarschuwing

Last onder dwangsom van 10.000 euro ineens

Sluiting voor de duur van 3 maanden

Lokale gedoogvoorwaarden

Overtreden sluitingstijden

Bestuurlijke waarschuwing

Last onder dwangsom van 5.000 euro ineens

Last onder dwangsom van 10.000 euro ineens

Afwezigheid exploitant of leidinggevende

Bestuurlijke waarschuwing

Last onder dwangsom van 2.500 euro ineens

Last onder dwangsom van 5.000 euro ineens

Beperking vrije inkijk

Bestuurlijke waarschuwing

Last onder dwangsom van 5.000 euro ineens

Last onder dwangsom van 10.000 euro ineens

Terras

Bestuurlijke waarschuwing

Last onder dwangsom van 5.000 euro ineens

Last onder dwangsom van 10.000 euro ineens

Aanwezigheid kansspelautomaat

Last onder dwangsom van 5.000 euro ineens

Last onder dwangsom van 10.000 euro ineens

Last onder dwangsom van 20.000 euro ineens

Afwezigheid gedoogverklaring en exploitatievergunning

Bestuurlijke waarschuwing

Last onder dwangsom van 1.000 euro ineens

Last onder dwangsom van 3.000 euro ineens

Bijlage 2: Toelichting handhaving

Toezichthouders

Met het toezicht op de naleving van de bij of krachtens deze beleidsregels gestelde voorwaarden zijn belast:

a.de in artikel 141 van het Wetboek van Strafvordering genoemde opsporingsambtenaren;

b.de door het college van burgemeester en wethouders dan wel de burgemeester aangewezen personen.

Uitgangspunten

Voor een goede naleving van het beleid zijn afspraken over controle, registratie en handhaving(sarrangement) nodig. In beginsel is de handhaving van het coffeeshopbeleid een bestuurlijke aangelegenheid, waarbij strafrecht ondersteund is. Desalniettemin is het van belang dat de samenwerking tussen de partners van de driehoek (burgemeester, Openbaar Ministerie en politie) goed is afgestemd.

Controle

Controles zijn nodig om periodiek vast te kunnen stellen dat de vergunningsvoorwaarden worden nageleefd en er dus geen schending is op grond van volksgezondheid, milieu en of openbare orde en veiligheid. De controle, die wordt gestart op initiatief van de gemeente, vindt op de volgende manieren plaats:

–De coffeeshop kan meerdere keren per jaar integraal door de gemeente vergezeld door of in overleg met de politie (onaangekondigd) gecontroleerd worden;

–Ook andere overheidspartners kunnen hierbij aansluiten (bijvoorbeeld Belastingdienst);

–Bij overlastklachten en andere signalen/meldingen van misstanden en incidenten, zullen politie en gemeente reageren in de vorm van het onderzoeken van dergelijke informatie en indien nodig daartegen optreden;

–De controlerapporten worden besproken in het lokale driehoeksoverleg;

–In ernstige overlastsituaties zal er een lokaal driehoeksoverleg worden belegd om afspraken te maken over de aanpak.

Aanvullend hierop handelen de politie en het Openbaar Ministerie, indien nodig, op basis van het strafrecht.

Registratie

Registraties zijn nodig om de lokale situatie te kunnen volgen. Denk hierbij aan: de gang van zaken rondom de coffeeshop, van softdrugshandel in het algemeen en van de effectiviteit van het beleid. Daarnaast zijn registraties nodig om in geval van overtredingen op te kunnen treden of in geval van signalen aanvullende controles te organiseren. Zowel de gemeente als de politie dragen zorg voor deze registraties. Hierbij vindt de informatiedeling noodzakelijk en zorgvuldig plaats op basis van de Algemene gegevensverordening (Avg) en Wet politiegegevens (Wpg).

Handhaving

Een handhavingsarrangement is nodig om duidelijkheid te scheppen over de gevolgen van bepaalde overtredingen. De vaststelling in het beleid van een evenredig arrangement is gericht op duidelijkheid en transparantie. Het handhavingsarrangement geldt als richtlijn, waarvan zowel verzwarend als matigend van kan worden afgeweken.

Het handhavingsarrangement heeft tot doel:

–dat geconstateerde overtredingen gevolgd worden door een reactie die qua intensiteit zo goed mogelijk aansluit bij de ernst van de overtreding;

–kenbaar te maken aan de ‘overtreder’ welke maatregel hij van de overheid kan verwachten na een overtreding.

De handhavingsmatrix is opgenomen in bijlage I. Uitgangspunt is een getrapt sanctiesysteem. Daarnaast is het denkbaar dat er tegelijkertijd verschillende overtredingen worden begaan.

Het achtereenvolgens of tegelijkertijd overtreden van verschillende voorwaarden kan leiden tot het overslaan van bepaalde beschreven stappen in de overheidsreactie op afzonderlijke overtredingen. Ook de ernst en de aard van de feiten en omstandigheden kunnen voor de burgemeester aanleiding zijn om te besluiten tot het overslaan van bepaalde beschreven stappen in het handhavingsarrangement.

Naast bestuurlijk, kan ook strafrechtelijk worden opgetreden. Justitie kent een hoge prioriteit toe aan de aanpak van een combinatie van overtredingen. Eventuele strafrechtelijke vervolging staat niet in de weg aan het opleggen van bestuurlijke herstelmaatregelen.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.