Aanhef
De raad van de gemeente Uithoorn;
gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 4 november 2025, nr. 2025-096839;
gelet op artikel 229, eerste lid, aanhef en onder a, van de Gemeentewet;
B E S L U I T vast te stellen de:
VERORDENING LIGGELDEN UITHOORN 2026
Artikel 1 Begripsomschrijving
Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:
a.Vaartuigen: alle soorten drijvende lichamen die blijkens de constructie zijn bestemd of worden gebruikt voor het vervoer over water van personen en/of goederen of voor het dragen van voorwerpen die al dan niet met het drijvende lichaam een geheel uitmaken;
b.Dag: een tijdvak van 24 uur of een gedeelte daarvan, aanvangend om 12.00 uur (het middaguur) en eindigend om 12.00 uur de volgende dag;
Artikel 2 Aard van de heffing
Ter zake van vaartuigen, welke aan openbare gemeentelijke kaden of steigers aanleggen, wordt onder de naam van 'liggeld' een recht geheven.
Artikel 3 Belastingplicht
Het liggeld wordt geheven van de kapitein, de schipper, de reder of de eigenaar van het vaartuig, dan wel van degene die te kennen geeft te willen betalen.
Artikel 4 Tarief en maatstaf
Het liggeld bedraagt € 9,50 per vaartuig per dag.
Artikel 5 Omzetbelasting
Het tarief in deze verordening is inclusief de verschuldigde omzetbelasting.
Artikel 6 Wijze van heffing
1De rechten kunnen worden geheven:
a.door middel van een mondelinge kennisgeving,
b.dan wel gedagtekende schriftelijke kennisgeving of nota waarop het gevorderde bedrag is vermeld.
c.bij wege van voldoening op aangifte
2Het gevorderde bedrag wordt mondeling dan wel door toezending, uitreiking van de schriftelijke kennisgeving of op digitale wijze aan de belastingschuldige bekendgemaakt.
Artikel 7 Termijnen van betaling
1In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990, moeten de rechten worden betaald ingeval de kennisgeving als bedoeld in artikel 6:
a.mondeling wordt gedaan, op het moment van het doen van de kennisgeving;
b.schriftelijk wordt gedaan, op het moment van uitreiken van de kennisgeving of nota, of in geval van toezending binnen 14 dagen na de dagtekening van de kennisgeving of nota.
c.bij voldoening op aangifte, terstond.
2De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijnen.
Artikel 8 Vrijstellingen
1Het liggeld wordt niet geheven voor vaartuigen, welke ten gevolge van vorst of andere weersomstandigheden gedwongen zijn langer dan veertien dagen te blijven liggen, in zoverre het de langere duur van het verblijf betreft.
2Het liggeld wordt niet geheven voor politievaartuigen.
Artikel 9 Meldingsplicht
De belastingplichtige is gehouden onmiddellijk melding te doen bij de heffingsambtenaar: zodra met een vaartuig aan een gemeentelijke kade of steiger wordt aangelegd;
Artikel 10 Kwijtschelding
Bij de invordering van de liggelden wordt geen kwijtschelding verleend.
Artikel 11 Inwerkingtreding, overgangsbepaling en citeertitel
1De Verordening Liggelden Uithoorn 2025 vervalt met ingang waarop deze verordening in werking is getreden, met dien verstande dat zij van toepassing blijft:
a.op belastbare feiten die in het geldende tijdvak van de Verordening liggelden Uithoorn 2025 hebben plaatsgevonden of
b.zolang deze verordening geen rechtskracht heeft gekregen.
2Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking met dien verstande dat indien de bekendmaking vóór 1 januari 2026 plaatsvindt, de verordening niet eerder in werking treedt dan de in het derde lid genoemde datum.
3De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2026.
4Deze verordening kan worden aangehaald als “Verordening liggelden Uithoorn 2026”.