Aanhef
INSPRAAKVERORDENING
Verordening, betreffende de wijze waarop ingezetenen en belanghebbenden bij de voorbereiding van gemeentelijk beleid worden betrokken.
Gebaseerd op artikel 150 van de Gemeentewet.
Verordening vastgesteld bij besluit van de Gemeenteraad van 28 september 2006, nummer 06/63, in werking getreden met ingang van 15 oktober 2006. Per deze datum wordt de Algemene Inspraakverordening, vastgesteld op 22 december 1994, nummer 94/147, ingetrokken.
Artikel 1 Begripsomschrijvingen
De verordening verstaat onder:
a.inspraak: het betrekken van ingezetenen en belanghebbenden bij de voorbereiding van gemeentelijk beleid;
b.inspraakprocedure: de wijze waarop de inspraak gestalte wordt gegeven;
c.beleidsvoornemen: het voornemen van het bestuursorgaan tot het vaststellen of wijzigen van beleid.
Artikel 2 Onderwerp van inspraak
1Elk bestuursorgaan kan ten aanzien van zijn eigen bevoegdheden besluiten of inspraak wordt verleend bij de voorbereiding van gemeentelijk beleid.
2Inspraak wordt altijd verleend indien de wet daartoe verplicht.
3Geen inspraak wordt verleend:
a.ten aanzien van ondergeschikte herzieningen van een eerder vastgesteld beleidsvoornemen;
b.indien inspraak bij of krachtens wettelijk voorschrift is uitgesloten;
c.indien sprake is van uitvoering van hogere regelgeving waarbij het bestuursorgaan geen of nauwelijks beleidsvrijheid heeft;
d.inzake de begroting, de tarieven voor gemeentelijke dienstverlening en belastingen bedoeld in hoofdstuk XV van de Gemeentewet;
e.indien de uitvoering van een beleidsvoornemen zo spoedeisend is dat inspraak niet kan worden afgewacht;
f.indien het belang van inspraak niet opweegt tegen het belang van de verantwoordelijkheid van de gemeente voor kwetsbare groepen in de samenleving.
Artikel 3 Inspraakgerechtigden
Inspraak wordt verleend aan ingezetenen en belanghebbenden.
Artikel 4 Inspraakprocedure
1Op inspraak is de procedure van afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing.
2Het bestuursorgaan kan voor een of meer beleidsvoornemens een andere inspraakprocedure vaststellen.
Artikel 5 Eindverslag
1Ter afronding van de inspraak maakt het bestuursorgaan een eindverslag op.
2Het eindverslag bevat in elk geval:
a.een overzicht van de gevolgde inspraakprocedure;
b.een weergave van de zienswijzen die tijdens de inspraak mondeling of schriftelijk naar voren zijn gebracht;
c.een reactie op deze zienswijzen, waarbij met redenen omkleed wordt aangegeven op welke punten al dan niet tot aanpassing van het beleidsvoornemen wordt overgegaan.
3Het bestuursorgaan maakt het eindverslag op de gebruikelijke wijze openbaar.
4De burgemeester vermeldt het eindverslag in zijn burgerjaarverslag.
Artikel 6 Intrekking oude verordening
De Algemene Inspraakverordening, vastgesteld op 22 december 1994, wordt ingetrokken.
Artikel 7 Inwerkingtreding
Deze verordening treedt in werking op de tiende dag na de dag van bekendmaking.
Artikel 8 Citeertitel
Deze verordening wordt aangehaald als: “Inspraakverordening”.