Aanhef
Samenvatting
Op 9 november is de motie Plaatselijk extra beheer en onderhoud openbare ruimte (Pebor) aangenomen in de gemeenteraad van de gemeente Tubbergen.
In de motie wordt geconstateerd dat het onderhoudsniveau in de afgelopen jaren naar beneden is bijgesteld en er veel reacties uit de gemeenschap komen over onkruid in stoepen, perken en openbaar groen.
Het doel van deze nota (Pebor) is een schonere leefomgeving realiseren door het toepassen van extra onderhoudsmaatregelen in de gemeente Tubbergen.
Dit protocol moet dit jaar al in te zetten zijn, voor aanvang van de nieuwe onderhoudsronde en moet na een jaar geëvalueerd worden. Het betreft vooral een intensivering van onkruidbeheersing in de openbare ruimte van de gemeente Tubbergen.
Het beheer van de openbare ruimte op basis van beeldkwaliteit is al sinds 2006 vastgelegd in IBOR: Integraal Beheer Openbare Ruimte. De keuzes die worden gemaakt binnen dit beheer zijn afhankelijk van beleidsplannen. De twee beleidsplannen die de meeste invloed hebben op het beheer zijn het Kwaliteitsplan Openbaar Groen (KOG) en het Meer jaren Onderhoudsplan Wegen (MOP). Binnen IBOR is de ruimte om aanpassingen door te voeren in het beheer van bepaalde beheergoepen
1Een beheergroep is een bepaald element in de openbare ruimte dat beheerd wordt conform de daarvoor vastgestelde beeldkwaliteit, bijvoorbeeld: plantsoen, gazon of trottoir. Binnen deze beheergroepen is het nog mogelijk onderscheid te maken in verschillende maatregelen voor de beheergroep, bijvoorbeeld: onkruidbeheersing op trottoirs, kale vlakken op het gazon of onkruid in het plantsoen.
. Doordat beeldkwaliteiten naar boven bijgesteld kunnen worden of naar onder. Kwaliteitsniveau A staat voor nagenoeg ongeschonden, netjes en aantrekkelijk. Kwaliteitsniveau D wordt vaak aangeduid als sociaal onveilig, functieverlies en kapitaalvernietiging.
In deze nota gaat het uitdrukkelijk om het aanpassen van het onderhoud op basis van beeldkwaliteit, zoals dit in het Integraal Beheer Openbare Ruimte (IBOR) vastgelegd is. Hierbij wordt uitgegaan van gemiddelde financiële middelen die nodig zijn voor het beheer op een bepaalde beeldkwaliteit.
Het kwaliteitsniveau van het beheer is de laatste jaren naar beneden bijgesteld vanwege uiteenlopende oorzaken. Bij de vaststelling van IBOR in 2006 werd alles onderhouden op niveau B en een aantal hotspots op A. Tegenwoordig wordt de openbare ruimte onderhouden op beeldkwaliteitsniveau C met uitzondering van een tiental hotspots, welke op niveau A worden onderhouden. Door het verleggen van de kwaliteitsgrens wordt er onder andere meer onkruid op verhardingen getolereerd.
Aangezien er in de motie vooral wordt aangegeven extra beheer toe te passen op plekken waar het onderhoud onder het minimumniveau dreigt te geraken zal dit, naar aanleiding van de schouwgegevens, vooral gezocht moeten worden in de onkruidbeheersing op verharding, welke vorig jaar (2021) een aantal keer naar niveau D is gezakt.
Het opwaarderen van de onkruidbeheersing op verhardingen is een vrij ‘simpele’ door te voeren maatregel, doordat hiervoor geen inhaalslag dan wel een nulmeting gedaan hoeft te worden om het onderhoud op het juiste niveau uit te voeren. Aangezien het hier gaat om het opwaarderen van plaatselijk beheer voor één jaar om het daarna te evalueren is dit, zowel technisch alsook financieel, de meest haalbare optie.
Geadviseerd wordt de onkruidbeheersing op elementenverharding binnen de bebouwde kom voor 2022 op te waarderen naar beeldkwaliteitsniveau B en op deze manier de openbare ruimte schoner en aantrekkelijker te maken.
Voor het opwaarderen van onkruidbeheersing op verhardingen is €33.517,13 extra benodigd voor 2022.
Deze incidentele kosten moeten gedekt worden via de reserve incidentele beschikbare algemene middelen (RIBAM).
Na vaststelling van Pebor zal er zowel intern alsook extern goed gecommuniceerd worden via diverse multimediakanalen.