Aanhef
Samenvatting
Dit document is de uitvoeringsrichtlijn voor het aanpakken van invasieve exoten en overlast gevende soorten in de gemeente Tilburg.
Exoten zijn planten en dieren die oorspronkelijk uit een ander deel van de wereld komen en naar Nederland zijn toegekomen (door de mens geïntroduceerd). Een deel van deze exoten vormen door hun snelle groei een bedreiging. We noemen ze daarom invasieve exoten. Sommige van deze exoten vormen een bedreiging voor onze eigen inheemse soorten (ecologische schade), anderen zorgen voor economische schade of zijn zelfs een risico voor de volksgezondheid.
Naast invasieve exoten hebben we in de gemeente Tilburg ook overlast gevende soorten; deze staan niet op de Unielijst, maar zorgen wel voor overlast. In deze richtlijn worden die soorten benoemd waar we in Tilburg last van hebben en waar we in het beheer van de openbare ruimte iets aan willen doen.
Voor zowel de invasieve exoten als de overlast gevende soorten wordt, mede op basis van de mate van schade en overlast die de soort veroorzaakt, in relatie tot de kosten die er mee gemoeid zijn, bepaald of en wat voor soort actie er wordt ondernomen;
-Signaleren;
-Beheersen;
-Bestrijden
-Niet meer aanplanten
In de beslisboom wordt duidelijk aangegeven wanneer wel of niet wordt ingegrepen. Signaleren is de minst kostbare, en bestrijding (doorgaans) de meest kostbare en ingrijpende optie).
Naast risico’s wordt ook gekeken naar de omvang van de populatie: als de nieuwe haard nog klein is, is het makkelijker te bestrijden dan wanneer er grote hoeveelheden zijn. En er wordt gekeken naar de mogelijkheid op herbesmetting na bestrijding. Tenslotte is de kostenafweging belangrijk. In alle gevallen blijven we monitoren en in de gaten houden wat de soort doet.
2. Hogere regelgeving
2.1 Regelgeving vanuit de Europese unie: de Unielijst
Om de verspreiding van invasieve exoten te reguleren is sinds 1 januari 2015 de eu-verordening-1143-2014-invasieve-exoten van kracht. Centraal in deze verordening staat een lijst van soorten waarvan negatieve effecten zodanig zijn dat gezamenlijk optreden op het niveau van de Unie gewenst is. Deze Unielijst is sinds 2016 van kracht en is in 2022 geactualiseerd.
Tabel 1: Nieuwe soorten op Unielijst 2022:
Afghaanse duizendknoop
Fundulus heteroclitus
Limnoperna fortunei
Zwarte vuurmier
Afrikaanse klauwkikker
Muskietenvisje
Roestbruine amerikaanse rivierkreeft
Tropische vuurmier
Axis hert
Gambusia holbrooki
Roodbuikbuulbuul
Watersla
Boomwurger
Hakea
Rode vuurmier
Zwarte dwergmeerval
Slangenkopvis
Thaise eekhoorn
Dwergvuurmier
Voor de soorten die op de Unielijst staan geldt een verbod op bezit, handel, kweek, transport en import. Verder zijn EU-landen verplicht om aanwezige populaties op te sporen en te verwijderen. Ook werkzaamheden in de buitenruimte kunnen een risicofactor zijn; als het risico bestaat dat werkzaamheden – zoals ruimtelijke ontwikkeling of het uitvoeren van regulier beheer en onderhoud – leiden tot verspreiding van invasieve planten- en diersoorten, dan is dit in strijd met de doelstelling van de Unielijst. Bij activiteiten zoals baggeren, regulier beheer en onderhoud en grondverzet worden materialen getransporteerd waarbij het gevaar bestaat dat exoten kunnen worden meegevoerd. En deze worden daarmee vaak onbedoeld verder verspreid. Het is daarom van groot belang tijdig rekening te houden met de aanwezige invasieve exoten.
De provincies zijn verantwoordelijk voor de aanpak van de invasieve exoten die op de Unielijst staan, met uitzondering van de muskusrat en de beverrat. Hiervoor zijn de waterschappen verantwoordelijk. Voor het bestrijden van dieren, moet een erkende faunabeheereenheid (FBE) worden ingeschakeld. Zie voor de Unielijst bijlage 1
Handhaven en optreden
De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) is de bestuursrechtelijke handhavende instantie voor de EU-Verordening van invasieve exoten. De politie en de NVWA zijn de strafrechtelijke handhavende instanties. Die boetes of beslaglegging kunnen toepassen bij het in- en uitvoeren, transport of bezit van invasieve exoten.
Daar waar het gaat om niet-Unielijst soorten is de provincie bevoegd gezag om handhavend op te treden in geval van opzettelijk loslaten of introduceren van deze planten of diersoorten. Deze handhavende rol ligt bij de toezichthouders en handhavers van de Omgevingsdienst Brabant Noord (ODBN).
De gemeente Tilburg moet op haar grondgebied uitvoering geven aan beheersing en bestrijding van soorten op de Unielijst, in sommige gevallen met financiële steun van de provincie. Als verwijderen niet lukt, dan moet de gemeente de populatie zodanig beheren dat verspreiding en schade zoveel mogelijk wordt voorkomen.
2.2 Invasieve houtige planten in Nederland; NVWA
De Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) heeft de Unielijst ‘vertaald’ en uitgebreid naar de Nederlandse situatie en een lijst opgesteld met plantensoorten die invasief zijn en die een bedreiging kunnen vormen voor ons natuurlijke ecosysteem. Daaronder vallen ook soorten die geen exoot zijn maar die wel overlast gevend kunnen zijn.
De lijst van de NVWA is terug te vinden in Bijlage 2: Invasieve houtige planten in Nederland, NVWA/ministerie van LNV, sept. 2022. Op deze lijst staan soorten die zijn ‘ingeburgerd*’ in Nederland en/ of die als sierplantsoen worden aangeplant in plantsoenen en tuinen. Voorbeelden daarvan zijn de Amerikaanse eik, mahonia en gewone sneeuwbes. Deze invasieve soorten hebben de eigenschap dat ze zich makkelijk en snel kunnen vermeerderen en daarmee een probleem kunnen vormen voor de biodiversiteit, met name in bos- en natuurgebieden.
In de gemeente Tilburg is de aanpak daarom vooral gericht op het voorkomen van deze soorten in het buitengebied en in de buurt van bos- en natuurgebieden. Deze soorten worden daar niet meer aangeplant. Exemplaren die er al staan, worden niet actief verwijderd tenzij er sprake is van een ernstig risico. Bij regulier onderhoud (bijvoorbeeld als onderdeel van een project of bosbeheer) worden deze soorten wel meegenomen.
* ingeburgerd = een exoot die een duurzame populatie heeft gevormd, er vindt geslachtelijke voortplanting plaats en er is uitwisseling van genen.
2.3 Brabantse zorgsoorten; provincie
De provincie is verantwoordelijk voor de eliminatie- en beheersmaatregelen op grond van de Omgevingswet onderdeel Natuur en voor de communicatie daarover.
De provincie Noord-Brabant heeft een Plan van aanpak Invasieve exoten Noord Brabant vastgesteld op 16 oktober 2020 https://www.brabant.nl/onderwerpen/natuur-landschap/biodiversiteit/invasieve-exoten-uitheemse-planten/ plan van aanpak invasieve exoten Noord Brabant
Daarin is ook een lijst opgenomen met een aantal specifieke soorten die in Brabant problemen veroorzaken; de Brabantse zorgsoorten, zie bijlage 3. Voor deze soorten moeten maatregelen getroffen worden om ze te beheersen of te bestrijden. De provincie is hiervoor bevoegd gezag om handhavend op te treden en de handhavende rol ligt bij de toezichthouders en handhavers van de ODBN. Het betreft Aziatische duizendknopen, Watercrassula, Amerikaanse hondsvis, Trosbosbes, schijngenadekruid en woekerende tuin- en cultuurplanten die in natuurgebieden ecologische schade veroorzaken.
De Aziatische duizendknopen veroorzaken veel schade en komen wijdverspreid voor. Ook de Watercrassula zorgt voor veel problemen. Volledige bestrijding van deze soorten lijkt onmogelijk. De provincie gebruikt voor de bestrijding van de duizendknoop een beslisboom.
foto 1: Watercrassula
Foto 2: grote waternavel: Bron: natuurfotogra-fie.nl/Paul van Hoof
3. Selectie van urgentie soorten in de gemeente Tilburg
3.1 Selectie urgente soorten
Zoals in hoofdstuk 2 gezegd vormt de lijst van de Unielijst samen met de lijst houtige gewassen van de NVWA en de Brabantse zorgsoorten het uitgangspunt voor de Tilburgse uitvoeringsrichtlijn invasieve exoten en overlast gevende soorten.
Bij het bepalen van de Tilburgse invasieve exoten en overlast gevende soorten is er op basis van onderstaande punten een selectie van soorten gemaakt
-De soorten komen voor op gronden in beheer bij de gemeente Tilburg;
-De soort heeft aantoonbare negatieve effecten op ecologie, veiligheid, economie of volksgezondheid; Niet elke soort die op de lijst van het NVWA staat, heeft een (aantoonbaar) negatief effect op de ecologie of veiligheid in onze gemeente. Daarom hebben we ervoor gekozen om deze soorten (die lokaal geen probleem vormen) niet op korte termijn uitgeroeid. Wel wordt verdere verspreiding voorkomen.
-De soort kan tegen aanvaardbare kosten en moeite aangepakt worden
1aanvaardbare kosten en moeite is een relatief begrip maar er wordt een afweging gemaakt tussen investeringen en effectiviteit.
.
Figuur 1: verspreiding van invasieve exoten in Tilburg (bron: ArcGis februari 2024)
Het uitroeien van alle in de gemeente Tilburg voorkomende exoten is niet mogelijk, niet wenselijk en niet kosten efficiënt. Dat kan verschillende redenen hebben:
-Veel exoten zijn zo wijd verspreid over Nederland of zelfs ingeburgerd in onze omgeving, dat uitroeien niet meer mogelijk is, zoals waterpest in watergangen of de halsbandparkiet. Dan is de aanpak ‘beheersen’; het voorkomen van verder verspreiden;
-Sommige soorten hebben een hoge belevingswaarde waardoor ze gewaardeerd worden in plaats van dat ze als plaag worden gezien, zoals de Siberische grondeekhoorn. Dan is de aanpak ‘beheersing’;
-Sommige exoten zijn dusdanig lastig te verwijderen of de kans op her-besmetting is zeer groot, waardoor brede uitroeiing niet kostenefficiënt mogelijk is. Voorbeelden zijn de Aziatische duizendknopen en Amerikaanse rivierkreeften. Dan is de aanpak ‘beheersing’.
3.2 Urgente gebieden en negatieve effecten
In onze gemeente zijn er gebieden waar we extra alert zijn op invasieve soorten omdat ze daar extra risico vormen voor mens of natuur.
•Bosgebieden, waar inheemse beplanting niet verdrukt moet worden;
•Natuurgebieden en ecologische structuren van de Stadsnatuurkaart, waar invasieve soorten oprukken en de ‘inheemse natuur’ bedreigen;
•Piushaven, daar vormen de hard groeiende invasieve waterplanten een belemmering voor de scheepvaart en de inheemse soorten;
•Kleine haarden: plekken waar een invasieve exoot net nieuw en nog relatief klein is, daar is het effectief om te voorkomen dat het zich verder verspreid;
•Fietspaden, waar woekerende beplanting niet tot onveilige situaties mag leiden;
•Nieuwbouwlocaties: een nieuwe wijk moet ‘schoon opgeleverd’ worden.
Al gevestigde en wijdverspreide soorten
Van de soorten die al wijd verspreid zijn, is het onmogelijk om alles te bestrijden. Daarom wordt er gekeken of de soort een risico vormt. Daarbij wordt o.a. gelet op:
-Risico voor volksgezondheid (bv plekken waar veel kwetsbare mensen komen);
-Risico voor verkeersveiligheid (bv wegbermen, bij kruispunten);
-Risico op schade aan gebouwen, civiele kunstwerken of infrastructuur;
-Risico voor schade aan ecologie en biodiversiteit, bv in natuurgebieden;
-Risico op aansprakelijkheid in relatie met bovengenoemde;
-Omvang van de populatie/ locatie, bv < 10m2.
-Risico op herbesmetting
In hoofdstuk 4 van dit document (beslisboom) wordt hier uitgebreid op ingegaan.
Foto 3a en 3b: schade door Japanse duizendknoop
(bron: Saxifraga- Rutger Barendse)
4. Uitvoeringsrichtlijn
4.1 Beslisboom wel/niet aanpakken invasieve exoot
Onderstaande beslisboom wordt gebruikt om te bepalen hoe we met invasieve exoten omgaan. Per locatie wordt hierbij ook gekeken hoe groot de risico’s zijn en of kosteneffectief bestrijden mogelijk is.
Figuur 2: beslisboom voor bestrijding van invasieve exoten en overlast gevende soorten
Snelle respons bij nieuw vestiging
Als een invasieve exoot zich nieuw vestigt en de omvang van de haard/locatie is nog gering (<10 m2), dan is de soort vaak relatief eenvoudig te verwijderen (dit is wel afhankelijk van de locatie). We zetten in op actieve bestrijding van deze kleine haarden om verdere verspreiding te voorkomen.
Risico op herbesmetting na bestrijding
Op plekken waar de kans op herbesmetting groot is, is het zinloos om te bestrijden. Dat geldt bijvoorbeeld op plekken waar de eigenaar van aangrenzend perceel of aansluitende watergang geen actie onderneemt.
Nieuwbouw
Bij de ontwikkeling van nieuwe bouwlocaties moet de grond vrij zijn of vrij worden gemaakt van invasieve exoten. Op een kaal bouwterrein is het nog relatief eenvoudig om de bodem te ‘saneren’. Dit geldt ook voor eventuele nieuwe grond dat wordt aangevoerd voor de ontwikkeling.
4.2 Manieren om invasieve exoten aan te pakken
Bij de Tilburgse aanpak van invasieve exoten en overlast gevende soorten maken we onderscheid tussen de volgende categorieën van ‘aanpak’:
▶ Signaleren en monitoren – De soort komt nog niet voor in Tilburg of er is geen acute reden om de soort aan te pakken, maar we houden wel de ontwikkeling in de gaten.
•Wanneer er grote hoeveelheden worden waargenomen (aanwijzing voor populatie-vorming) of er overlast wordt gemeld kan het beleid worden aangepast.
•Als er in onze gemeente waarnemingen van Unielijstsoorten die nieuw zijn voor Nederland worden gedaan, dan moeten deze altijd worden gemeld bij de NVWA.
•Het jaarlijks monitoren van locaties is nodig om gestelde prioriteiten te beoordelen en eventueel bij te stellen.
▶ Beheersen - Uitroeien van de soort is te kostbaar, technisch onuitvoerbaar, of de kosten en moeite staan niet in verhouding met de veroorzaakte overlast. Deze aanpak heeft als doel om (met beperkte middelen) de verdere verspreiding van de soort tegen te gaan en overlast zo veel mogelijk te beperken.
•Er wordt wel ingegrepen wanneer er lokaal overlast is, of wanneer er uitzonderlijk hoge dichtheden worden gevonden. Lokale bestrijding is dan gewenst.
•Er zijn verschillende methoden om soorten te beheersen. Een ervan is de ecosysteemaanpak. Als de invasieve exoot wijdverspreid is en bestrijding praktisch of financieel niet haalbaar is kan gekozen worden voor de ecosysteemaanpak (Ecosystem Resilience Approach, ERA). Daarbij wordt gekozen om de veerkracht van het ecosysteem te versterken i.p.v. het bestrijden van de exoot. De beheerder gaat het bos of de natuur zodanig versterken dat het ecosysteem de bedreiging van de exoot voor inheemse flora en fauna voorkomt. De exoot krijgt een plek in het ecosysteem maar zal geen forse schade toebrengen aan het systeem en de biodiversiteit
▶ Bestrijden - De soort veroorzaakt overlast of de huidige situatie in Tilburg is goed geschikt voor (preventieve) uitroeiing. Deze aanpak heeft als doel om de soort binnen de gemeentegrenzen volledig uit te roeien en heeft ook daadwerkelijk kans van slagen.
•Het verschilt per soort of het gaat om bestrijding van een populatie die veel overlast veroorzaakt, of dat het uitroeien van een nieuwe vestiging van de soort betreft voordat er schade wordt veroorzaakt of de soort zich verder verspreidt.
▶ Niet meer aanplanten – Planten met een invasief karakter worden niet meer aangeplant binnen de gemeente Tilburg vanwege de ongewenste effecten van de soort. Dit gaat uiteraard alleen om soorten die niet op de Unielijst staan; de soorten op de Unielijst mogen sowieso niet meer verhandeld en dus ook niet aangeplant worden.
Bij enkele soorten heeft de aanpak een nuancering, bijvoorbeeld wanneer bestrijding alleen noodzakelijk is op bepaalde plekken (veelal langs waterwegen, in natuurgebieden of nieuwvestiging van kleine omvang). Deze verbijzondering staat dan vermeld achter de actie in figuur 3.
Foto 4: woekerende dijkviltbraam
(Bron: Saxifraga-Rutger Barendse)
4.3 Lijst invasieve exoten en overlast gevende soorten inclusief de bijbehorende aanpak
In onderstaande lijst zijn de soorten opgenomen die in onze gemeente voorkomen of waarvan we verwachten dat deze op termijn gaan voorkomen. In rood zijn de soorten aangegeven die ook op de Unielijst voorkomen (Indien er een Latijnse naam staan, bestaat er voor deze soort nog geen Nederlandse naam). De overlast gevende soorten hebben een*.
Figuur 3: aanpak per soort
invasieve soort of overlast gevende soorten
Aanpak
Signaleren
Beheersen
Bestrijden
Niet meer aanplanten
Bijzonderheden
1
INSECTEN
Aziatische hoornaar
x
x
Bestrijding door Provincie
Aziatische tijgermug
x
x
Bestrijding door NVWA
Draaigatje
x
Eikenprocessierups
x*
Bestrijden op overlastgevende plekken
Iepenzigzagbladwesp
x
Plaagmieren
x
Vuurmieren
x
Dwergvuurmier
x
Rode vuurmier
x
Tropische vuurmier
x
Zwarte vuurmier
x
Wespen
x*
Bij ernstige overlast
2
GELEEDPOTIGEN
Amerikaanse rivierkreeften
x
Voorkom verdere verspreiding
Rode Amerikaanse rivierkreeft
x
Roestbruine Amerikaanse rivierkreeft
x
Geknobbelde Amerikaanse rivierkreeft
x
Gevlekte Amerikaanse rivierkreeft
x
Californische rivierkreeft
x
Limnoperna fortunei
x
3
REPTIELEN/AMFIBIEËN
Afrikaanse klauwkikker
x
Waterschildpadden
x
Lettersierschildpad
x
x
Roodwangschildpad
x
Geelwangschildpad
x
Geelbuikschildpad
x
Zaagrugschildpad
x
invasieve soort of overlastgevende soorten
Aanpak
Signaleren
Beheersen
Bestrijden
Niet meer aanplanten
Bijzonderheden
4
WATERPLANTEN
Grote waternavel
x
Ongelijkbladig vederkruid
x
Parelvederkruid
x
Watercrassula
x
x*
Bij nieuwe aanleg, systeemgerichte benadering
Waterpesten
x
Brede waterpest
x
Smalle waterpest
x
Egeria
x
Hydrilla
x
Verspreidbladige waterpest
x
Watersla
x
Waterteunisbloem
x
Kleine waterteunisbloem
x
Waterwaaier
x
5
LANDPLANTEN
Aardpeer
x*
*in natuurgebieden
Ambrosia
x
Gezondheidsklachten: ernstige hooikoorts
Amerikaanse vogelkers
x
x
Berenklauw
x
Gezondheidsklachten: kan bij aanraking leiden tot ernstige brandwonden
Perzische berenklauw
x
Gezondheidsklachten
Reuzenberenklauw
x
Gezondheidsklachten
Boomwurger
x
Bleek cypergras
x*
*In natuurgebieden
Canadese guldenroede
x*
*in natuurgebieden
Canadese kornoelje
x
Dijkviltbraam
x
x
Duizendknopen
x
x*
*Op kleine locaties <10m2
Japanse duizendknoop
x
x*
*Op kleine locaties <10m2
Afghaanse duizendknoop
x
x*
*Op kleine locaties <10m2
Boheemse duizendknoop
x
x*
*Op kleine locaties <10m2
Gestekelde duizendknoop
x
x*
*Op kleine locaties <10m2
Sachalinse duizendknoop
x
x*
*Op kleine locaties <10m2
Douglasspirea
x
Gele maskerbloem
x
Hakea
x
Hemelboom
x
x*
x
*in/nabij natuur- en bosgebied
Knolcyperus
x
Late guldenroede
x*
*in natuurgebieden
Pontisch rododendron
x
x*
*in natuur- en bosgebied
invasieve soort of overlast gevende soorten
Aanpak
Signaleren
Beheersen
Bestrijden
Niet meer aanplanten
Bijzonderheden
Reuzenbalsemien
x
Rhus-fluweelboom
x
X**
x
**in natuur- en bosgebied
Rimpelroos
x
Robinia
x
X**
**in/nabij natuur- en bosgebied
Zijdeplant
x
6
VISSEN
Exotische vissen diverse
X**
**in geïsoleerde wateren
Fundulus heteroclitus
x
Gambusia affinis (muskietenvisje)
x
Gambusia holbrooki
x
Giebel
X**
**in geïsoleerde wateren
Goudvis
X**
**in geïsoleerde wateren
Goudwinde
X**
**in geïsoleerde wateren
Grondel, Amoergrondel
X**
**in geïsoleerde wateren
Slangenkopvis
x
X**
**in geïsoleerde wateren
Noordelijke slangkopvis
X**
**in geïsoleerde wateren
Zonnebaars
X**
**in geïsoleerde wateren
Zwarte dwergmeerval
x
7
VOGELS
Grote Canadese gans
x
x*
*bij overlast
Halsbandparkiet
x
Huiskraai
x
Nijlgans
x
x*
*bij overlast
Roodbuikbuulbuul
x
Soepgans/ Boerengans
x*
*bij overlast
8
ZOOGDIEREN
Axishert
x
Beverrat
x
Waterschap is verantwoordelijk
Muntjak
x
Muskusrat
x
Waterschap is verantwoordelijk
Ratten (bruin en zwart)
x*
Bestrijden op overlast gevende plekken
Siberische grondeekhoorn
x
Thaise eekhoorn
x
Verwilderde huiskat
x
Wasbeer
x
Wasbeerhond
x
4.4 Aanpassingen anno 2024
Het oude Exotenbeleid van de gemeente Tilburg dateert uit 2018 (intern document). Van veel soorten blijft de aanpak in 2024 hetzelfde, maar van enkele soorten kiezen we nu voor aan andere aanpak. Reden daarvoor is dat de omvang of de urgentie is gegroeid of juist afgenomen. Daarnaast zijn er ook nieuwe soorten bijgekomen. Ook zijn soorten toegevoegd die eerder niet op de lijst stonden als invasieve exoten, omdat ze in het verleden niet als invasief werden beschouwd. De soort heeft zich echter in negatieve zin ontwikkeld/aangepast aan haar omgeving, waardoor hij nu wel als invasieve soort worden beschouwd. Het gaat om soorten als knolcyperus, bleek cypergras en dijkviltbraam.
Belangrijkste aanpassingen ten opzichte van 2018:
•Watercrassula: Aanpak was bestrijden. Nu zijn er sommige plekken waar de crassula gevestigd is zodat bestrijden niet meer mogelijk is. Dat wordt nu beheersen.
•Grote waternavel, Parelvederkruid en Ongelijkbladig vederkruid werd beheerst. Op nieuwe groeiplaatsen < 10 m2 gaan we ze nu bestrijden.
•Duizendknopen werden overal bestreden. Dat blijven we doen op groeiplaatsen < 10m2 en in natuurgebieden. Op plekken waar ze grootschalig gevestigd zijn, gaan we beheersen (bestrijden is financieel een grote en onhaalbare kostenpost).
•Reuzenbalsemien: wordt nu gesignaleerd maar ook bestreden. Deze is op een aantal plaatsen prima te bestrijden. Aanpak is bestrijden waar het kan.
•Robinia, hemelboom, rimpelroos, Pontische rododendron en Amerikaanse vogelkers werden al niet meer aangeplant sinds 2018. In bosgebieden laten we nu ruimte voor ecosysteem-aanpak als beheersmaatregel (zie paragraaf 4.2).
4.5 Soorten waar aanpak nu prioriteit heeft
In onderstaande lijst staan soorten die actieve aanpak vereisen en op dit moment prioriteit hebben.
Figuur 4: soorten actief te bestrijden
Soort
1
Aziatische duizendknopen
2
Reuzenberenklauw
3
Watercrassula
4
Knolcyperus
5
Kleine haarden van planten (o.a. Grote waternavel)
Foto 5: knolcyperus
4.6 Gezamenlijke aanpak met gebiedspartners en kennis delen
De gemeente is verantwoordelijk voor de openbare ruimte en haar eigen grondgebied. In gebieden en projecten moet voor een effectieve bestrijding worden samengewerkt met gebiedspartners. Voor watergangen zijn de Waterschappen verantwoordelijk voor het ‘natte profiel’ en gemeente voor het ‘droge profiel’, dus ook daar is afstemming belangrijk. Bij natuurgebieden werken we samen met terrein beherende organisaties en/of grondeigenaren. Bermen langs spoorwegen en kanaal vallen onder verantwoordelijkheid van respectievelijk ProRail en Rijkswaterstaat.
Voor de bestrijding van de Amerikaanse rivierkreeft wordt landelijk gezocht naar oplossingen. Waterschappen, provincie en het ministerie van LVVN zijn daarmee bezig. Er wordt gekeken of er regionale afwijkingen mogelijk zijn (de Visserijwet maakt het bestrijden nu moeilijk). De gemeente Tilburg is hierin volgend. Ook voor andere exoten zoals de Japanse duizendknoop is nog geen eenduidige aanpak om het te bestrijden. De provincie hanteert een richtlijn maar er worden ook alternatieve en experimentele methodes toegepast.
Om kennis te delen over effectieve bestrijdingsmethodes, wordt gebruik gemaakt van diverse kanalen.
www.Plaagsoorten.nl
www.Invasieve-exoten.info : kennisnetwerk invasieve exoten
www.nvwa.nl
www.natuurkennis.nl
4.7 Inzet van natuurwerkgroepen en vrijwilligers
In onze gemeente zijn een aantal vrijwilligersorganisaties actief op het gebied van natuur en milieu. Inwoners en liefhebbers die vaak buiten zijn, zijn de oren en ogen van onze gemeente. Vrijwilligers met specifieke kennis van zaken zijn een nuttige bron van informatie waarmee wij ons werk kunnen verbeteren. Vrijwilligers kunnen helpen bij:
-het signaleren en melden van invasieve exoten maar ook van bijzondere soorten. helpt ons bij het beeld brengen van de locaties. Daar kunnen wij ons beheer op afstemmen;
-monitoren van soorten (door regelmatig te volgen hoe de populatie of soort zich ontwikkelt);
Er zijn gebieden in de gemeente Tilburg waar we extra aandacht hebben voor het monitoren van de natuur. Met name in ‘nieuwe natuurgebieden’ zoals de Hultense Leij of Reeshofweide is het interessant om te volgen hoe het gebied zich ontwikkelt. Ongewenste exoten moeten bestreden worden maar daarnaast is het ook goed om te volgen hoe gewenste soorten zich daar ontwikkelen. In deze monitoring zouden vrijwilligers ook een actieve rol kunnen hebben.
-beheersen en bestrijden van soorten.
Als bestrijding van kleine haarden aan de orde is, kunnen vrijwilligers ingezet kunnen worden. Met name op plekken die moeilijk bereikbaar zijn voor machinaal werk of waar handwerk gewenst is. Voorwaarde is wel dat vrijwilligers het werk veilig kunnen doen en met verstand van zaken. We gaan met de actieve natuurverenigingen bekijken wat er mogelijk is.
Op een aantal plekken zijn vrijwilligers actief. Met name in Stadsbos013, Moerenburg en Piushaven is grote bereidheid om mee te werken. De gemeente faciliteert vrijwilligers waar mogelijk en stelt middelen beschikbaar om dat mogelijk te maken (gereedschap, afvalverwerking).
De inzet van vrijwilligers gebeurt nu nog op ad-hoc basis. We willen proberen daar meer structuur in aan te brengen om de meerwaarde van vrijwilligers optimaal te benutten.
Gecoördineerde aanpak
We gaan onderzoeken hoe we meer coördinatie kunnen organiseren voor onder andere:
-het contact met de verschillende vrijwilligersclubs over welke inzet op welke plek;
-bijhouden wat er allemaal loopt;
-om meldingen en waarnemingen te verwerken;
-om te kijken wat er per project nodig is aan ondersteuning en vergoeding.
Melden van invasieve exoten en overlast gevende soorten
Er bestaan verschillende digitale meldpunten waar iedereen die dat wil soorten kan melden:
-Fixi (gemeentelijk meldingssysteem voor alle bijzonderheden in de buitenruimte);
-NDFF (nationale databank flora en fauna, door vrijwilligers en professionals);
-Waarneming.nl (vrijwilligers in Nederland en België kunnen melding doen en beelden uploaden van wat ze zien).
Fixi-meldingen worden direct doorgezet naar de betreffende afdeling. Als het nodig is, kan er op korte termijn op ingegrepen worden. Met name op nieuwe locaties van bijvoorbeeld de Japanse duizendknoop of reuzenberenklauw willen we zo snel mogelijk ingrijpen, voordat het probleem zich verder verspreidt.
De NDFF en Waarneming.nl worden al veel gebruikt door natuurliefhebbers. Nadeel is dat deze platforms een langere verwerkingstijd hebben, voordat de gegevens bij de gemeentelijke groen-beheerder terecht komt, kan er soms weken overheen gaan (de gemeente Tilburg is niet de eigenaar van deze applicaties/websites).
We onderzoeken of het haalbaar is om een apart meldpunt te maken voor exoten, eventueel in combinatie met natuurbeheer door vrijwilligers. Doel van het meldpunt is om meer inzicht te krijgen in de omvang en locaties van soorten. Daarmee kunnen we in de gaten houden hoe soorten zich ontwikkelen of verplaatsen. De meldingen worden beoordeeld op risico aan de hand van de beslisboom. Dat betekent ook dat niet op elke melding zal worden ingegrepen.
Foto 6: vrijwilligers actief in Piushaven. Bron: mijnpiushaven.nl 2022
Bijlage 1: Unielijst EU actueel
Invasieve planten en dieren op de Unielijst
Terrestrische planten
Op de Unielijst sinds
03-08-2016
02-08-2017
15-08-2019
02-08-2022
Afghaanse duizendknoop (Persicariawallichii synoniem Koenigiapolystachya)
X
Amerikaans bezemgras (Andropogonvirginicus)
X
Ballonrank (Cardiospermumgrandiflorum)
X
Boomwurger (Celastrusorbiculatus)
Er geldt een overgangstermijn. De regels gaan 5 jaar na de datum bovenin de tabel in.
X
Chinese struikklaver (Lespedezacuneata)
X
Fraai lampenpoetsersgras (Cenchrus setaceus, synoniem Pennisetum setaceum)
X
Gewone gunnera (Gunnera tinctoria)
X
Gestekelde duizendknoop (Persicariaperfoliata, synoniem Polygonumperfoliatum)
X
Hakea (Hakea sericea)
X
Hemelboom (Ailanthusaltissima)
X
Hoog pampagras (Cortaderiajubata)
X
Japanse klimvaren (Lygodiumjaponicum)
X
Japans steltgras (Microstegiumvimineum)
X
Kudzu (Pueraria montana var. lobata)
X
Mesquite (Prosopis juliflora)
X
Oosterse hop (Humulusscandens)
X
Perzische berenklauw (Heracleumpersicum)
X
Reuzenbalsemien (Impatiensglandulifera)
X
Reuzenberenklauw (Heracleummantegazzianum)
X
Roze rimpelgras (Ehrhartacalycina)
X
Schijnambrosia (Partheniumhysterophorus)
X
Sosnowsky's berenklauw (Heracleumsosnowskyi)
X
Struikaster (Baccharishalimifolia)
X
Talgboom (Triadicasebifera)
X
Wilgacacia (Acacia saligna)
X
Zijdeplant (Asclepiassyriaca)
X
Water- en oeverplanten
Op de Unielijst sinds
03-08-2016
02-08-2017
15-08-2019
02-08-2022
Alligatorkruid (Alternantheraphiloxeroides)
X
Grote vlotvaren (Salviniamolesta)
X
Grote waternavel (Hydrocotyleranunculoides)
X
Kleine waterteunisbloem (Ludwigiapeploides)
X
Moeraslantaarn (Lysichiton americanus)
X
Ongelijkbladig vederkruid (Myriophyllumheterophyllum)
X
Parelvederkruid (Myriophyllumaquaticum)
X
Smalle theeplant (Gymnocoronisspilanthoides)
X
Smalle waterpest (Elodeanuttallii)
X
Verspreidbladige waterpest (Lagarosiphon major)
X
Watersla (Pistiastratiotes)
X
Waterhyacint (Eichhorniacrassipes)
X
Waterteunisbloem (Ludwigiagrandiflora)
X
Waterwaaier (Cabombacaroliniana)
X
Zoogdieren
Op de Unielijst sinds
03-08-2016
02-08-2017
15-08-2019
02-08-2022
Amerikaanse voseekhoorn (Sciurusniger)
X
Axishert (Axisaxis)
X
Beverrat (Myocastorcoypus)
X
Grijze eekhoorn (Sciuruscarolinensis)
X
Indische mangoeste (Herpestes javanicus)
X
Muntjak (Muntiacusreevesi)
X
Muskusrat (Ondatrazibethicus)
X
Pallas' eekhoorn (Callosciuruserythraeus)
X
Rode neusbeer (Nasuanasua)
X
Siberische grondeekhoorn (Tamias sibiricus)
X
Thaise eekhoorn (Callosciurusfinlaysonii)
X
Wasbeer (Procyonlotor)
X
Wasbeerhond (Nyctereutesprocyonoides)
X
Vogels
Op de Unielijst sinds
03-08-2016
02-08-2017
15-08-2019
02-08-2022
Heilige ibis (Threskiornis aethiopicus)
X
Huiskraai (Corvussplendens)
X
Nijlgans (Alopochenaegyptiacus)
X
Roodbuikbuulbuul (Pycnonotuscafer)
X
Rosse stekelstaart (Oxyurajamaicensis)
X
Treurmaina (Acridotherestristis)
X
Reptielen/amfibieën
Op de Unielijst sinds
03-08-2016
02-08-2017
15-08-2019
02-08-2022
Afrikaanse klauwkikker (Xenopuslaevis)
Er geldt een overgangstermijn. De regels gaan 2 jaar na de datum bovenin de tabel in.
X
Amerikaanse stierkikker (Lithobatescatesbeianus, synoniem Ranacatesbeiana)
X
Gewone koningsslang (Lampropeltisgetula)
X
Lettersierschildpad (Trachemys scripta)
X
Invertebraten
Op de Unielijst sinds
03-08-2016
02-08-2017
15-08-2019
02-08-2022
Aziatische hoornaar (Vespa velutina)
X
Dwergvuurmier (Wasmanniaauropunctata)
X
Nieuw-Zeelandse landplatworm (Arthurdendyustriangulatus)
X
Rode vuurmier (Solenopsisinvicta)
X
Solenopsis richteri
X
Tropische vuurmier (Solenopsisgeminata)
X
Zoetwater invertebraten
Op de Unielijst sinds
03-08-2016
02-08-2017
15-08-2019
02-08-2022
Californische rivierkreeft (Pacifastacusleniusculus)
X
Chinese wolhandkrab (Eriocheirsinensis)
X
Geknobbelde Amerikaanse rivierkreeft (Faxoniusvirilis, synoniem Orconectesvirilis)
X
Gevlekte Amerikaanse rivierkreeft (Faxoniuslimosus, synoniem Orconecteslimosus)
X
Limnoperna fortunei
X
Marmerkreeft (Procambarusvirginalis, synoniem Procambarusfallax f. virginalis)
X
Rode Amerikaanse rivierkreeft (Procambarusclarkii)
X
Roestbruine Amerikaanse rivierkreeft (Faxoniusrusticus, synoniem Orconectesrusticus)
X
Vissen (zoet, brak en marien water)
Op de Unielijst sinds
03-08-2016
02-08-2017
15-08-2019
02-08-2022
Amerikaanse zeebaars (Morone americana)
X
Amoergrondel (Percottusglenii)
X
Blauwband (Pseudorasboraparva)
X
Channa argus
X
Fundulus heteroclitus
Er geldt een overgangstermijn. De regels gaan 2 jaar na de datum bovenin de tabel in.
X
Gambusia affinis
X
Gambusia holbrooki
X
Gestreepte koraalmeerval (Plotosus lineatus)
X
Zonnebaars (Lepomisgibbosus)
X
Zwarte dwergmeerval (Ameiurusmelas)
X
Andere mariene soorten
Op de Unielijst sinds
03-08-2016
02-08-2017
15-08-2019
02-08-2022
Rugulopteryx okamurae
X
Wat betekent het als een soort op de Unielijst staat?
Als een soort op de Unielijst staat, mag u die niet verhandelen, kweken, vervoeren of importeren in de EU. Verder zijn EU-landen verplicht om in de natuur aanwezige populaties op te sporen en te verwijderen. Lukt dat niet? Dan moeten zij de populatie zodanig beheren dat verspreiding en scha-de zoveel mogelijk wordt voorkomen.
Bijlage 3: Brabantse zorgsoorten
Tabel 7.1 bestaat uit een opsomming van invasieve exoten die niet op de Unielijst (en evenmin in bijlage 10 Regeling natuurbescherming) staan, maar waarvoor met oog op behoud van de biodiver-siteit, het wenselijk is dat daarvoor in Noord-Brabant maatregelen worden getroffen.