Aanhef
Het college:
1past het kruimelgevallenbeleid aan en stelt het bijgevoegde tekstvoorstel Beleidsregels planologische kruimelgevallen 2023 vast, waardoor in het beleid expliciet duidelijk wordt gemaakt dat een belangenafweging en een toetsing aan het begrip een goede ruimtelijke ordening in alle gevallen nodig zijn.
2trekt de Beleidsregels planologische kruimelgevallen 2021 in, zoals door het college vastgesteld op 2 november 2021.
Beleidsregels van de gemeente Tilburg met betrekking tot kleine buitenplanse afwijkingen op grond van artikel 2.12, eerste lid, onder a, sub 2° Wabo (planologische kruimelgevallen).
Toelichting
Een bestemmingsplan kent regels voor bouw en gebruik van gronden en opstallen. Voor bepaalde vormen van gebruik en bouw heeft de wetgever algemene regels opgesteld om op een eenvoudige wijze af te kunnen wijken van het bestemmingsplan. Deze afwijkingsmogelijkheden staan in artikel 4 van bijlage II van het Besluit omgevingsrecht (Bor) (de planologische kruimelgevallen). Het is gewenst om voor bepaalde veel voorkomende afwijkingsmogelijkheden (denk aan het bouwen van een bijgebouw bij een woning) beleidsregels te formuleren, zulks om deze veel voorkomende aanvragen efficiënt en rechtsgelijk af te kunnen handelen. In het verleden zijn beleidsregels vastgesteld. Deze worden doorlopend actueel gehouden en indien nodig aangepast n.a.v. rechterlijke uitspraken.
Er is sprake van beleidsregels voor expliciet benoemde gevallen te weten
A. bijbehorende bouwwerken bij grondgebonden woningen,
B. dakkapellen, dakopbouwen e.d. bij grondgebonden woningen,
C. het wijzigen van openbaar groen in parkeerplaatsen,
1het gebruik van grondgebonden woningen, inclusief bijbehorende bouwwerken en
2het gebruiken van opstallen op middelzware en zware bedrijventerrein voor wonen en
E. gebruik en bewoning van recreatiewoningen.
Deze categorieën hebben betrekking op de meest voorkomende aanvragen, met in de regel geringe impact op de omgeving, en zijn bestuurlijk (herhaaldelijk) akkoord bevonden. In beginsel wordt een afwijkingsvergunning dan ook altijd verleend als de aanvraag te scharen valt onder één van de bovenstaande categorieën en aan de regels voor die categorie voldoet. Wanneer niet aan de regels voor de desbetreffende categorie wordt voldaan, dan wordt de vergunning waarschijnlijk geweigerd. Bij zowel "in beginsel verlenen" als "waarschijnlijk weigeren" wordt vanzelfsprekend als sluitstuk van het besluitvormingsproces nog een afweging gemaakt van alle bij de desbetreffende casus betrokken belangen en wordt daarnaast bij verlening beoordeeld of e.e.a. inderdaad past in "een goede ruimtelijke ordening".
Voor alle overige gevallen (aanvragen) die onder artikel 4 van bijlage II van het Bor (de kruimelgevallenregeling) vallen, wordt maatwerk verricht. Met maatwerk wordt bedoeld dat per geval een afweging wordt gemaakt en een motivering wordt gegeven of al dan niet een afwijking wordt verleend. Deze maatwerkgevallen zijn normaliter qua afweging arbeidsintensiever dan de gevallen, die onder één van bovenstaande categorieën vallen.
In onderstaand stroomschema is, ter illustratie, weergegeven hoe een aanvraag omgevingsvergunning met kleine buitenplanse afwijking bij de gemeente Tilburg beoordeeld wordt en op welke gevallen het beleid van toepassing is.
Beleidsregels