Aanhef
Gelezen het voorstel van het college van B&W aan de raad van 21 november 2023
Onderwerp: Toetsingskader huisvesting internationale werknemers
Nummer:
Zaak/documentnummer:
Wettelijke grondslag: Gemeentewet
Besloten in de raadsvergadering van: 20 december 2023
Besluit om:
1Het Toetsingskader “Huisvesting internationale werknemers in de gemeente Tiel” vast te stellen
2Het Ontwikkelkader ”Centrale huisvesting arbeidsmigranten in Tiel” in te trekken.
BIJLAGE A - De belangrijkste uitgangspunten voor huisvesting van internationale werknemers
1Huisvesting van internationale werknemers is in de eerste plaats een verantwoordelijkheid van werkgevers en de internationale werknemers zelf. De gemeentelijke verantwoordelijkheid ligt in het scheppen van kaders waarbinnen die huisvesting kan plaatsvinden en het toezicht houden dat uitvoering daarvan op een deugdelijke en veilige wijze geschiedt;
2Het huisvesten van internationale werknemers is alleen bestemd voor internationale werknemers die hier op grond van een EU-paspoort of tewerkstellingsvergunning legaal werkzaam zijn;
3In de gemeente Tiel is gewenst dat alleen internationale werknemers worden gehuisvest die werkzaam zijn in de gemeente Tiel en/of omliggende gemeenten;
4Er moet zo veel mogelijk begrip en acceptatie (‘maatschappelijk draagvlak’) zijn voor huisvestingsinitiatieven;
5Kan de wijk c.q. het bedrijventerrein het aantal te huisvesten internationale werknemers dragen? Hoe is de relatie tot de omgeving? Voorkomen moet worden dat er grote concentraties eenzijdige huisvestingsfaciliteiten in een klein gebied verschijnen;
6Huisvesting dient te allen tijde veilig en leefbaar te zijn: ‘schoon, heel en veilig’. Hierbij is het type, de omvang en de locatie van de huisvesting van belang.
BIJLAGE B - Eerder uitgesproken ambities en reeds vastgesteld beleid
-inzicht krijgen van het aantal internationale werknemers dat in de gemeente Tiel woont;
-het op een gedegen en verantwoorde wijze reguleren van de huisvesting van internationale werknemers en vaststellen van de daarvoor te gebruiken instrumenten;
-het aantal in Tiel woonachtige internationale werknemers en de toestroom reguleren. Hierbij dient er een zekere balans te zijn tussen het aantal in Tiel woonachtige internationale werknemers en de clustering in bepaalde straten;
-zorgen dat de leefomstandigheden van de te huisvesten internationale werknemers op een deugdelijk niveau is en de veiligheid voldoende is gewaarborgd;
-overlast en aantasting van de leefbaarheid voor de omgeving zoveel als mogelijk voorkomen;
-zorgen dat de huisvesting niet ten koste gaat van de ruimtelijke kwaliteit;
-aantasting van bestaande (goedkope) woningvoorraad voorkomen;
-innen van financiën (BRP, verblijfsbelasting).
De gemeente biedt hiertoe de ruimtelijke en juridische kaders, waarin huisvesting van internationale werknemers als legaal en passend kan worden aangemerkt. Anderzijds stelt het de gemeente in staat te handhaven bij huisvesting, die niet correspondeert met de voorgestelde beleidsrichting.
Reeds vastgesteld beleid en gevolgen
Om de ongebreidelde verkamering van (sociale) koopwoningen een halt toe te roepen, zijn in december 2018 beleidsdocumenten door de Gemeenteraad vastgesteld die juridisch handvatten bieden om de gesignaleerde problematiek te kunnen aanpakken c.q. voorkomen. Hiermee is een samenhangend pakket aan maatregelen en interventies beschikbaar gekomen om dit efficiënt en effectief te kunnen doen.
a.Huisvestingsverordening
Met beleidsregels op basis van een huisvestingsverordening is de gemeente flexibeler dan enkel met een vergunningplicht onder voorbehoud van het bestemmingsplan. De gemeente kan een onttrekkings-vergunning intrekken als sprake is van overlast. Uitgangspunt hierbij is dat vergunning vereist is voor het omzetten van een woning in onzelfstandige wooneenheden en/of bewoning door personen die geen huishouding voeren. Voor woningen geldt hierbij verkamering de norm van maximaal 4 personen per woning. Voor grotere woningen is uitzondering mogelijk.
b.Kadernota ’Huisvesting internationale werknemers Tiel’ inclusief beleidsregels
De Kadernota en regels hebben als doel de ontwikkeling van ongecontroleerde verkamering van panden ten behoeve van de huisvesting van onder andere internationale werknemers een halt toe te roepen en de hiermee samenhangende overlast te verminderen. Binnen deze kaders dient er een goede balans te komen tussen woningen en verkamerde woningen. Woningen zijn in de basis voor de huisvesting van één huishouden. Verkamering van een woning kan alleen middels omgevingsvergunning worden toegestaan. Binnen deze kaders wordt clustering van verkamerde woningen (bijvoorbeeld voor internationale werknemers) tegengaan. De normering is maximaal 10 % van de woningen in een straat en geen twee woningen naast elkaar. Daarnaast wordt de verkamering van woningen beperkt tot maximaal 4 personen per woning. In uitzonderingsgevallen kan in overleg bij grotere woningen bekeken worden of huisvesting van meer personen mogelijk is.
c.Paraplubestemmingsplan ‘Omzetten woningen’
Door de toenemende komst van internationale werknemers is het van belang dat er voor hen goede huisvesting wordt geregeld. Ook dienen er afspraken te worden gemaakt om overlast in de woonomgeving zoveel als mogelijk te voorkomen. Het paraplubestemmingsplan ‘Omzetten woningen’ biedt hiervoor een goede basis.
In de gemeente is hiermee nieuwe kamergewijze verhuur op basis van het bestemmingsplan niet (meer) zo maar toegestaan. Er is nu een omzettingsvergunning benodigd.
Bestaande situaties (binnen de bestemming ‘wonen’) vallen onder het overgangsrecht en mogen hun kamergewijze verhuur in gelijke aantallen voortzetten. Dat betekent dat de internationale werknemers die er nu wonen gehuisvest kunnen blijven. Mocht echter een woning / pand langer dan een jaar niet voor kamergewijze verhuur zijn gebruikt, dan vervalt automatisch het overgangsrecht.
d.Ontwikkelkader ‘Centrale huisvesting arbeidsmigranten in de gemeente Tiel’
Eind 2019 is het Ontwikkelkader ‘Centrale huisvesting arbeidsmigranten in de gemeente Tiel’ vastgesteld. Dit had tot doel dat de gemeente gebieden c.q. locaties aanwees waar centrale huisvesting voor arbeidsmigranten mogelijk zou kunnen zijn. Dit ontwikkelkader wordt ingetrokken met de vaststelling van dit toetsingskader.
BIJLAGE C – Verplichtingen regionaal convenant ‘Huisvesting Internationale Werknemers regio Rivierenland’
1De verblijfsbieder verplicht zich om een digitaal nachtregister bij te houden voor internationale werknemers die korter dan vier maanden verblijven.
2De verblijfsbieder verplicht zich om internationale werknemers te informeren over de volgende verplichtingen: aangifte van vestiging, aangifte van verhuizing en aangifte van vertrek naar het buitenland. Zij stimuleren internationale werknemers om zélf de daarvoor benodigde actie te ondernemen.
3De verblijfsbieder stimuleert bij een (beoogd) verblijf van meer dan vier maanden ervoor dat de internationale werknemers zich inschrijven in de BRP en zich bij vertrek laten uitschrijven. Zij stellen ook de internationale werknemer op de hoogte van de jaarlijkse gemeentelijke heffingen.
4Bij aangifte van vestiging moet de internationale werknemer zich altijd persoonlijk legitimeren. Bijvoorbeeld: de verblijfsbieder kan zich door de internationale werknemer laten machtigen om verhuizing naar een ander adres c.q. gemeente dan wel bij vertrek naar het buitenland door te geven aan de gemeente. De specifieke invulling is aan de individuele regiogemeente zelf.
5De verblijfsbieder is voor degenen die korter dan vier maanden verblijven en daarmee niet in de BRP als ingezetene staan ingeschreven, een verblijfsbelasting (in de vorm van toeristenbelasting) aan de desbetreffende regiogemeente verschuldigd indien een regiogemeente verblijfsbelasting heft.
6Verblijfsbieders committeren zich aan het streven om internationale werknemers zo dicht mogelijk bij het werk te huisvesten. Daarbij wordt gebruik gemaakt van de 80/10/10 regeling: minimaal 80% van de internationale werknemers die op een locatie wordt gehuisvest, werkt in de gemeente waar de locatie zich bevindt; maximaal 10% van de internationale werknemers die op een locatie wordt gehuisvest, werkt in de regio Rivierenland en maximaal 10% van de internationale werknemers die op een locatie wordt gehuisvest, werkt buiten de regio.
7Werkgevers en uitzendorganisaties, die tevens de verblijfsbieder van de internationale werknemer zijn, bieden te allen tijde twee zelfstandige contracten aan: één huurcontract (met een opzegtermijn van één maand) en één arbeidscontract.
8De werkgever of de uitzendorganisatie die zelf huisvesting biedt aan zijn werknemers, zal die werknemers nooit verplichten om van die huisvesting gebruik te maken; een eventuele wens van de werknemer om elders huisvesting te vinden of effectuering van die wens, zal geen gevolgen hebben voor de arbeidsrelatie.
9De werkgever of de uitzendorganisatie die zelf huisvesting biedt aan zijn werknemers, zal hiervoor niet meer dan een redelijke huur vragen en zich hierbij houden aan de bepalingen van de Wet aanpak schijnconstructies 2015. De werkgever of de uitzendorganisatie mag in dit geval de maandelijkse huur verrekenen met het salaris van de werknemer tot een maximum van maximaal 25% van het geldende bruto minimumloon. De werknemer dient in dat geval te beschikken over een zelfstandig huisvestingscontract zoals bedoeld in artikel 1h onder paragraaf E.
10Verblijfsbieders committeren zich aan een inspanningsplicht om bestaande huisvesting op termijn te laten voldoen aan de in het convenant opgenomen uniforme basiskwaliteitseisen. Hiervoor geldt de volgende overgangsregeling: Voor alle bestaande huisvestingssituaties waarbij op 1 januari 2023 al sprake was van huisvesting aan internationale werknemers en dat niet voldoet aan de kwaliteits- en beheereisen zoals opgenomen in dit convenant, krijgt de verblijfsbieder tot 1 januari 2025 de tijd om huisvesting aan de nieuwe kwaliteitseisen te laten voldoen. Regiogemeenten vervullen hierin een faciliterende rol. De overgangsregeling doet recht aan het feit dat (voornamelijk agrarische werkgevers) hun internationale arbeidskrachten aan de hand van de AKF-standaard huisvesten: een norm die een goede basiskwaliteit waarborgt, maar gezien de huidige tijdsgeest niet meer voldoet aan de gewenste kwaliteit van morgen.
11Verblijfsbieders committeren zich aan de uniforme basiseisen voor het beheer van huisvesting internationale werknemers.
12De verblijfsbieder stelt per complex een beheerplan op. Het beheerplan voldoet minimaal aan de volgende eisen:
a.De wijze waarop beheer, toezicht en bereikbaarheid (ook voor omwonenden) wordt georganiseerd;
b.Per complex is een meertalig huisreglement aanwezig, inclusief maatregelen, in geval dat (niet uitputtend): bij huurders/gebruikers het gebruik van hard- en/of softdrugs wordt geconstateerd; bij huurders/gebruikers structureel overmatig alcohol gebruik wordt geconstateerd; voertuigen van huurders/gebruikers foutief worden geparkeerd in het openbaar gebied in de directe nabijheid van de huisvestingslocatie; de huurders/gebruikers zwerfafval veroorzaken; de huurders/gebruikers geluidsoverlast (o.a. muziek, BBQ’en en open vuur) veroorzaken;
c.Er wordt voorzien in informatie over de wijze van afvalscheiding, telefoonnummers hulpdiensten, informatievoorziening over de gemeente in het kader van wonen, zorg, onderwijs en integratiemogelijkheden in de gemeente;
13Internationale werknemers hebben in alle gevallen recht op een mate van bescherming bij ontslag of het niet verlengen van de arbeidsovereenkomst. In die gevallen biedt de verblijfsbieder een redelijke termijn aan om alternatieve huisvesting te vinden en spannen zij zich in om te voorkomen dat de ex-werknemer dakloos wordt.
14Bij ontslag of het niet verlengen van de arbeidsovereenkomst, biedt de verblijfsbieder de internationale werknemer een redelijk termijn aan om alternatieve huisvesting te vinden en spannen zij zich in om te voorkomen dat de ex-werknemer dakloos wordt.
15Verblijfsbieders committeren zich aan de uniforme basiskwaliteits- en beheereisen voor nieuwe huisvestingsinitiatieven die de regiogemeenten stellen in de vorm van een regionaal keurmerk. Het ondertekenen van dit convenant is een voorwaarde voor het verkrijgen van het regionale keurmerk en het kunnen ontwikkelen van nieuwe huisvestingslocaties. Ook verblijfsbieders wiens huisvesting nog niet voldoet aan de nieuwe kwaliteitsstandaard, maar door ondertekening van dit convenant zich aan de realisatie hiervan wel committeren, worden opgenomen in het register en zullen bekend staat als Preferente Groeipartners. Zodra huisvesting voldoet aan de uniforme basiskwaliteits-en beheereisen, ontvangen zij het volwaardige regionale keurmerk.
16Werkgevers streven ernaar om dakloosheid onder internationale werknemers zoveel mogelijk te voorkomen. Dat doen zij door:
a.Wanneer zij naast verblijfsbieder ook werkgever zijn, het arbeidscontract los te koppelen van het huurcontract.
b.Huurcontracten op te stellen met een opzegtermijn van één maand.
c.Mee te zoeken naar oplossingen indien zij door of in opdracht van de regiogemeenten benaderd worden voor het tijdelijk huisvesting bieden aan dakloze internationale werknemers.
17Werkgevers spannen zich in om internationale werknemers waarvan het contract niet wordt verlengd in contact te brengen met andere werkgevers die personeel nodig hebben.
18De werkgever ondersteunt internationale werknemers in het aanvragen van een activeringscode en een DigiD waarmee een zorgpas wordt aangevraagd. Daarbij wordt aangesloten bij de landelijke initiatieven die ontstaan om de aanvraagprocedure voor een DigiD voor internationale werknemers te vereenvoudigen.
19De werkgever informeert internationale werknemers zo snel mogelijk over de mogelijkheden van eventuele taalcursussen en zelfstudiepakketten.