Gemeentelijke regelgeving

Evenementenbeleid Tholen 2025

Gemeente Tholen · geldt sinds 6 juni 2025

1. Wat is een ‘evenement’ volgens de wet- en regelgeving?

1.2 Andere wet- en regelgeving

1.2.1. Landelijke wet- en regelgeving

Bij het organiseren van een evenement kan ook landelijke wet- en regelgeving van toepassing zijn. Te denken valt aan:

•de Algemene wet bestuursrecht;

•de Gemeentewet;

•de Alcoholwet;

•de Wet op de Kansspelen;

•de Wegenverkeerswet;

•de Omgevingswet;

•Besluit kwaliteit leefomgeving;

•Besluit activiteiten leefomgeving;

•de Wet milieubeheer;

•de Zondagswet;

•Handelsregisterwet 2007;

•Besluit brandveilig gebruik en basishulpverlening overige plaatsen (BGBOP).

Een uitgebreide uitleg omtrent bovenstaande wetgeving is te vinden in bijlage 1 van deze beleidsnota.

1.2.2 (Tijdelijk) Omgevingsplan

Naast het aanvragen van een evenementenvergunning dient voor sommige evenementen een omgevingsvergunning ‘handelen in strijd met regels (tijdelijk) omgevingsplan’ te worden aangevraagd. Een uitgebreide uitleg over deze aanvraag is te vinden in bijlage 2 van deze beleidsnota.

3. Is er sprake van een Melding, A-, B- of C-evenement?

3.2 Risico-classificatie met behulp van risicoscan

3.2.1 Meldingsplichtige evenementen

Deze categorie evenementen vraagt niet om een bijzonder kader, omdat ze veelal gering van omvang zijn, overdag plaatsvinden en een beperkte geluidsproductie veroorzaken. Het betreft bijvoorbeeld buurtfeesten, straatbarbecues en (meerdaagse) fiets- en wandeltochten

Of een klein evenement meldings- of vergunningsplichtig is, hangt af van de criteria omschreven in artikel 2.24 lid 3 en 2:25 APV. In deze artikelen is bepaald dat er sprake is van een meldingsplicht indien aan alle van de onderstaande volgende criteria wordt voldaan:

•het betreft een eendaags evenement (met uitzondering van wandel- en fietsmeerdaagsen);

•het aantal aanwezigen bedraagt niet meer dan 250 personen;

•de activiteiten vinden plaats tussen 09.00 en 23.00 uur;

•er wordt geen muziek ten gehore wordt gebracht voor 09.00 uur of na 23.00 uur en op zondag voor 13.00 uur of na 23.00 uur en het maximaal toelaatbare geluidsniveau van 80 dB(A) op de gevels van de omringende woningen niet wordt overschreden;

•het evenement vormt geen belemmering voor het verkeer en de hulpdiensten;

•er worden slechts kleine objecten geplaatst met een oppervlakte van minder dan 50 m2 per object;

•er is een organisator;

•de organisator heeft minimaal 2 weken voorafgaand aan het evenement daarvan schriftelijk melding gedaan aan de burgemeester.

Wanneer een meldingsplichtig evenement overlast veroorzaakt, kan, indien opnieuw een melding voor het evenement wordt gedaan, bijv. bij een jaarlijks terugkerend evenement, het evenement worden aangemerkt als een vergunningsplichtig evenement. Alvorens dit besluit wordt genomen, worden eventuele betrokkenen/belanghebbenden eerst gehoord.

3.2.2 A-evenementen: reguliere evenementen

De activiteiten, omvang, locatie en tijdstippen van een A-evenement vormen weinig tot geen belasting voor de omgeving en hebben een laag risicogehalte. Deze categorie evenementen heeft veelal een herhalend karakter: ze worden jaarlijks georganiseerd. A-evenementen zijn wel vergunningsplichtig op grond van artikel 2:25 lid 1 APV.

Voorbeeld van een A-evenement is een kermis.

3.2.3 B-evenementen: aandacht evenementen (beperkt risico)

B-evenementen zijn vergunningsplichtig op grond van het bepaalde in artikel 2:25 lid 1 APV. Zij hebben, naast het gestelde in de APV en andere regelgeving, een bijzonder kader nodig omdat deze een belasting (kunnen) vormen voor de leefomgeving rondom de locatie waar deze evenementen worden gehouden. Dit kader betreft de volgende onderdelen:

•Het evenemententerrein kan, indien nodig, nauwkeurig worden afgebakend waarbij er kan worden aangegeven hoe de locatie mag worden ingericht;

•Er kunnen, indien van toepassing, veiligheids- en medische voorschriften aan de vergunning worden verbonden;

•Er kunnen, indien van toepassing, algemeen geldende geluids-richtwaarden en/of eindtijden aan de vergunning worden verbonden.

Bij B-evenementen wordt een advies aangevraagd bij de hulpdiensten en andere instanties (zoals brandweer, GHOR, waterschap, politie). Dit advies wordt gebaseerd op de door de evenementenorganisatie aangeleverde stukken. Bij deze aanvragen dient de organisator dan ook een veiligheidsplan

2In hoofdstuk 4 van deze beleidsnota wordt verder op de inhoud van het veiligheidsplan ingegaan.

(inclusief draaiboek, plattegrond en verkeersplan e.d.) in te dienen. Indien de vergunningverlener het nodig acht – bijvoorbeeld op advies van de hulpdiensten – kan een vooroverleg ingepland worden om de aanvraag te bespreken met de verschillende partijen.

Voorbeelden van B-evenementen zijn muziek(tent)feesten en tractorpulling.

3.2.4 C-evenementen: risico-evenementen (hoog risico)

C-evenementen vragen, net zoals B-evenementen, om een bijzonder kader. In principe is een C-evenement gelijk aan een B-evenement met als verschil dat er een integraal advies kan worden gevraagd aan de Veiligheidsregio Zeeland. Daarnaast wordt voor een C-evenement altijd een veiligheidsoverleg georganiseerd, alvorens de vergunning wordt verstrekt. Tevens vraagt een C-evenement een nog grotere inzet van de hulpverleningsdiensten om de openbare orde en veiligheid te handhaven. Het betreft hier voornamelijk grote en zeer grote, omvangrijke evenementen met vaak landelijke uitstraling, omvang en aard.

In de gemeente Tholen komen dergelijke grote evenementen vooralsnog niet voor.

4. Veiligheid

4.5 Verkeersveiligheid

4.5.1 Calamiteitenstrook/route

De hulpverleningsdiensten dienen te allen tijde vrije doorgang te hebben op en naar de evenementenlocatie. Er kunnen dan ook voorwaarden gesteld worden met betrekking tot het vrijhouden van een bepaalde route of calamiteitenstrook. In de vergunning wordt dan opgenomen welke afmeting de vrije doorgang dient te hebben. Daarnaast kunnen, afhankelijk van de locatie, aanvullende maatregelen getroffen worden.

4.5.2 Verkeersregelaars

Op basis van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 zijn bij activiteiten op de openbare weg, waarbij het verkeer voor de veiligheid van de deelnemers en de weggebruikers geregeld moet worden, evenementenverkeersregelaars vereist. Verkeersregelaars die ingezet worden bij evenementen hebben de taak het verkeer voor de veiligheid van deelnemers/bezoekers van het evenement te regelen.

Evenementenverkeersregelaars moeten een instructie volgen en daarna een toets afleggen voordat zij aan de slag kunnen. De e-learning tool voor de verkeersinstructie is beschikbaar via de website van SVNL:

www.verkeersregelaarsexamen.nl. Op deze website is meer informatie en uitleg te vinden voor organisatoren en deelnemers.

Naast evenementenverkeersregelaars is het ook toegestaan om beroepsverkeersregelaars in te huren. Beroepsverkeersregelaars hoeven geen instructie te volgen of toets af te leggen.

4.5.3 Verkeersmaatregelen en -besluiten

Bij een evenement kan het nodig zijn om wegen af te sluiten, rijrichtingen te veranderen (bijv. eenrichtingsverkeer) en dergelijke. De organisator geeft in de aanvraag, in het draaiboek en het veiligheidsplan aan hoe men hiermee om wil gaan. Het team Openbare Werken beoordeelt dit en geeft zo nodig advies of aanwijzingen. Uitgangspunt is dat doorgaande routes, hoofdwegen en routes voor openbaar vervoer niet afgesloten worden. In overleg met de verkeersdeskundige van de gemeente zullen, indien nodig, verkeersbesluiten worden genomen. De hieruit voortvloeiende kosten zijn voor de organisator.

Omleidingsroutes worden samen met de wegbeheerder bepaald. Aan de vergunning worden voorschriften verbonden ten aanzien van verkeersmaatregelen, zoals welke wegen wanneer en hoe lang mogen worden afgezet en eisen aan wegafzettingen en verlichting daarvan. Indien nodig neemt het college verkeersbesluiten om de verkeersmaatregelen te formaliseren. Dit dient in de pas te lopen met de termijnen die verbonden zijn aan de behandeling van en besluit op de aanvraag van de evenementenvergunning.

Dranghekken

De dranghekken en verkeersborden zullen -voor zover aanwezig- van gemeentewege ter beschikking worden gesteld. Het transport hiervan naar de plaats van bestemming en terug naar de gemeentewerkplaats dient u zelf te verzorgen. Voor de beschikbaarstelling ervan kunt u contact opnemen met het team Gemeentebedrijf, telefoon 14 0166.

4.6 Alcohol en drugs

4.6.1 Do’s en don’ts voor evenementenorganisator

–Zorg voor toezicht op de naleving van de wet- en regelgeving over alcohol- en drugsgebruik.

–Controleer de leeftijd van jongeren onder de 18 jaar en voorkom dat deze groep alcohol aanschaft.

–Zorg voor een goede en duidelijke instructie bij het (bar)personeel m.b.t. leeftijdscontrole en het verbod op schenken aan jongeren onder de 18 jaar. Gebruik bijvoorbeeld verschillende kleuren polsbandjes.

–Voorkom dat bezoekers alcohol en/of drugs naar binnen smokkelen, laat geen flesjes of flacons toe.

–Uitsluitend zwak-alcoholische dranken zijn toegestaan te schenken tijdens het evenement.

–Schenk geen alcohol aan dronken personen.

–Zorg voor een aantrekkelijk alcoholvrij aanbod.

–Zorg ervoor dat mensen wat kunnen eten. Verwacht u dat bezoekers drugs gebruiken? Neem dan ook zoute voeding (zoals soep of chips) op in het assortiment.

–Zorg voor voldoende punten waar mensen kunnen uitrusten.

–(Aanbevolen) aanwezig hebben van een drugs & wapenkluis wanneer verwacht wordt dat verdovende middelen op het evenement aanwezig kunnen zijn.

Denk aan informatievoorziening aan bezoekers en deelnemers, vooraf en tijdens het evenement:

–Vermeld het alcohol- en drugsbeleid in de huisregels (bijvoorbeeld op de website en toegangskaart).

–Zorg dat de huisregels goed en duidelijk zichtbaar zijn tijdens het evenement.

–Instrueer de medewerkers over het alcohol- en drugsbeleid.

Voor tips en hulp rondom het verstrekken van alcohol tijdens evenementen kan contact worden opgenomen met 1nul1/Emergis preventie. Daarnaast staat er op de website van het Trimbos Instituut veel informatie over alle ins- en outs met betrekking tot alcohol- en drugs op evenementen.

Drugspreventie

Wanneer wordt verwacht dat bezoekers drugs (verdovende middelen) zullen gebruiken dan dient de organisator:

–in het veiligheidsplan aan te geven welke preventieve maatregelen er worden genomen om bezit, openlijk gebruik en handel in drugs tegen te gaan:

–welke maatregelen er worden genomen om de risico's van eventueel druggebruik te beperken:

–hoe de beveiliging optreedt tegen bezit, handel en openlijk gebruik van drugs en welke instructies zij hebben als ook welke afspraken er zijn/worden gemaakt met de politie.

4.8 Tappunten en gebruik van glaswerk en wegwerpplastic

4.8.1 Tappunten

Bij evenementen wordt regelmatig zwak- alcoholhoudende dranken geschonken. Dit gebeurt door horecaondernemers middels een tappunt op hun eigen terras en/of door de organisatie van een evenement met een (mobiel) tappunt op het evenemententerrein. Dit tappunt dient (vast) te staan op de plek die op de situatietekening is aangegeven.

4.8.2 Tappunt op eigen terras

Horecabedrijven die een Alcoholvergunning voor het terras hebben, mogen alcoholhoudende dranken verstrekken op hun terras. Wanneer dit terras niet op het evenemententerrein is gelegen, maar wel in de nabijheid ervan kan dit een negatieve invloed hebben op de organisatie van het evenement, bijv. wanneer een horecaondernemer tijdens het evenement ook een tappunt op zijn terras plaatst. Bekeken moet worden of dit tappunt gericht is op de directe bezoekers van het horecabedrijf. Is dit niet het geval dan is het verstandig dat de horecaondernemer aansluiting zoekt bij de organisatie van het evenement of het tappunt op een ander moment op zijn terras plaatst.

Horecabedrijven die een tappunt op hun eigen terras hebben, dienen – ook gedurende een evenement – zich te houden aan de sluitingstijden zoals omschreven in art. 2:29 lid 1 van de APV en/of zoals opgenomen in de aan het horecabedrijf verleende Alcoholvergunning, tenzij het terras gelegen is binnen het evenemententerrein en het terras deel uitmaakt van het evenement en voor het tappunt een ontheffing op grond van artikel 35 van de Alcoholwet is verleend.

4.8.1.2 Tappunten op straat

Voor het tappen elders dan in een horeca-inrichting inclusief terras (bijv. op de openbare weg) moet een ontheffing op grond van artikel 35 Alcoholwet worden aangevraagd. Een dergelijke ontheffing kan alleen afgegeven worden voor bijzondere gebeurtenissen van zeer tijdelijke aard.

Met een bijzondere gebeurtenis van tijdelijke aard wordt bedoeld: een regionale of plaatselijke (bijzondere) gebeurtenis van zeer tijdelijke aard die bestemd is voor de inwoners van de gemeente in het bijzonder. Als voorbeeld van een bijzondere gelegenheid van tijdelijke aard wordt in de toelichting van de Alcoholwet genoemd: kermissen, braderieën, muziek- en sportfeesten, jaarmarkten en andere manifestaties die éénmalig, dan wel in de regel niet meer dan tweemaal per jaar plaatsvinden.

Het aanvragen van een ontheffing op grond van artikel 35 Alcoholwet kan gelijktijdig met het aanvragen van een evenementenvergunning worden gedaan. Tijdens het evenement mogen dan op het evenemententerrein uitsluitend zwak-alcoholhoudende dranken (minder dan 15% alcohol) bedrijfsmatig worden aangeboden en geschonken en mogen geen sterke dranken aanwezig zijn.

Voor het schenken van Alcoholhoudende dranken is tevens de ‘beleidsregel ontheffing artikel 35 Alcoholwet gemeente Tholen’ van toepassing.

4.8.2 Gebruik van glaswerk en wegwerpplastic

Glaswerk

Tijdens evenementen worden voorwaarden aan de vergunning worden verbonden, zoals de voorwaarde dat in verband met de veiligheid van de bezoekers en ter bescherming van het milieu drank uitsluitend in plastic en duurzame kunststofbekers mag worden geschonken. Indien nodig bepaalt de burgemeester op grond van haar bevoegdheden dat de regel ook geldt voor lokale openbare inrichtingen zoals lokale commerciële en para commerciële horecabedrijven/-instellingen en of deze voor alleen buiten of ook voor binnen geldt.

Plastic

Tijdens evenementen is het gebruik van plastic wegwerpbekers en – bakjes vanaf 1 januari 2024 niet meer toegestaan. Een circulair systeem, waarbij bekers en verpakkingen retour komen voor hergebruik óf voor hoogwaardige recycling is dan verplicht. Hoogwaardige recycling betekent dat de organisator de bekers en bakjes inzamelt en dat het na recycling opnieuw gebruikt wordt als verpakkingsmateriaal voor eten of drinken.

Meer informatie over de regels van wegwerpplastic vindt u op de website van de Rijksoverheid www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/afval/regels-voor-wegwerpplastic.

4.9 Herstel en opruimwerkzaamheden

4.9.1 Afval

Door het niet goed verzamelen van afval en achterblijvende rommel, kan ook overlast voor de omwonenden en omgeving ontstaan. Op advies van het team Openbare werken worden aan de evenementenvergunning voorwaarden op het gebied van de inzameling en afvoer van afval verbonden.

4.9.2 Afvalinzameling- en verwerking

De organisatie dient ervoor te zorgen dat er voldoende minicontainers/afvalbakken geplaatst worden. De kosten van afvalverwerking komen voor rekening van de organisatie.

Daarnaast wordt in de evenementenvergunning de voorwaarde opgenomen dat de organisatie verplicht is om direct na afloop van het evenement het afval op en in de directe omgeving van de locatie van het evenement te hebben opgeruimd. Indien de vergunninghouder dit, naar het oordeel van de gemeente, niet naar behoren heeft gedaan, wordt het afval door of vanwege de gemeente verwijderd op kosten van de organisatie.

Indien bij een evenement gebruik wordt gemaakt van openbaar groen of gemeentelijke eigendommen kan als voorschrift bij de vergunning worden opgenomen dat schade hieraan door de gemeente op kosten van de vergunninghouder wordt hersteld. Om onenigheid over mogelijke schade te voorkomen kan door de gemeente en de vergunninghouder samen voor het evenement de toestand van het terrein worden geschouwd en vastgelegd (nulmeting)

Een organisator kan het afval door erkende afvalinzamelaars laten ophalen en afvoeren. Dat kan tegen betaling bij bijvoorbeeld MKB-afval, Renewi (voorheen van Ganzewinkel) of SUEZ Nederland. Als het restafval en de grondstoffen apart worden aangeleverd kan dat wellicht uw organisatiekosten besparen. Dat moet de organisatie overleggen met de inzamelaar.

5. Beperking van (eventuele) overlast

5.4 Geluid

5.4.1 Geluidsnormen bij evenementen in de open lucht/openbare ruimte

Bij het bepalen van de geluidsnormen moeten we een belangenafweging maken. Geluid is meestal een onlosmakelijk onderdeel van een evenement. Het draagt bij aan de beleving en sfeer. Bij sommige evenementen is muziek de hoofdactiviteit. We moeten de geluidsnorm niet zo laag stellen dat de beleving weg is. Aan de andere kant hoeven omwonenden niet onbeperkt hinder te accepteren.

Bij het bepalen van de geluidsnormen is het uitgangspunt dat in de woning, bij gesloten ramen en deuren, een normaal gesprek mogelijk moet zijn. In de dag- en avondperiode mag daarom het geluidsniveau door het evenement in de woning niet hoger te zijn dan 50 dB(A). De gemiddelde gevelisolatie van een woning is 20 - 30-dB(A). Dit betekent dat de maximale gevelbelasting 80 dB(A) is. Bij A- en B- evenementen is de norm zelfs lager.

Verschil frequenties dB (A) en dB (C)

De gebruikelijke maat voor geluidbelasting is het A-gewogen geluidniveau, uitgedrukt in dB(A). Door de A- weging, die ongeveer de gevoeligheid van het menselijk oor representeert bij een geluidsterkte van 80 dB, worden de lage frequenties niet sterk meegenomen. Lage frequenties worden sterker meegenomen in een andere wegingscurve, de dB(C). Door het verschil tussen de waarden in dB(A) en dB(C) bij de normstelling mee te nemen, wordt een grens gesteld aan de hoeveelheid laagfrequent geluid. Het verschil mag maximaal 15 dB zijn. Dit is verwerkt in de dB(C) norm.

Bij het vergunnen van evenementen wordt bijna altijd ontheffing van artikel 4:6 lid 2 van de APV afgegeven. Hiermee wordt het mogelijk gemaakt om tijdens het vergunde evenement (muziek)geluid ten gehore te brengen. Afhankelijk van de omvang en het soort evenement worden de volgende geluidsnormen opgelegd

3Bij incidentele gevallen kan de burgemeester van deze geluidsnormen afwijken door een ontheffing te verlenen. Echter dient hierbij wel een goede motivatie te worden gegeven waarom er dient te worden afgeweken.

:

Categorie evenement

dB(A)

dB(C)

A

80dB(A)

90dB(C)

B

80dB(A)

90dB(C)

C

80dB(A)

95dB(C)

Deze geluidsnormen worden op een openveld op 100 meter loodrecht van de geluidsbron (bij een tent is dit de buitenzijde van deze tent waarin de geluidsinstallatie is opgesteld) dan wel op de gevel van gevoelige gebouwen gemeten.

5.4.2 Geluidsnormen kermisattracties

Om het geluidsniveau van kermisattracties in de hand te houden, worden hiervoor onderstaande standaard vergunningsvoorwaarden en geluidnormen in de evenementenvergunning opgenomen:

–Het is verboden om een muziekinstallatie en andere geluidsapparaten te gebruiken buiten de openingsuren van de kermis, behoudens voor het afstellen en testen op de dag voorafgaande aan de eerste kermis dag gedurende maximaal een half uur;

–De geluidsinstallatie, inclusief de luidsprekers, mogen zich uitsluitend binnen de kermisattractie bevinden waarbij de voorzijde van de luidsprekers uitsluitend naar beneden gericht mag zijn en naar het midden van de kermislocatie: de luidsprekers mogen in geen geval op of richting de omringende woonbebouwing zijn gericht;

–De geluidsinstallatie moet zodanig zijn afgesteld dat het geluidsniveau van 75 dB(A) gemeten op 1 meter voor de luidsprekers niet wordt overschreden;

–In geval dat meerdere luidsprekers staan opgesteld, geldt dat gemeten tussen de luidsprekers in of gemeten op 1 meter voor de luidsprekers de 75 dB(A) of 85 dB(C) niet mag worden overschreden.

Bijlage I Wet- en regelgeving

Besluit brandveilig gebruik en de basishulpverlening overige plaatsen (BGBOP)

Per 1 januari 2018 is het BGBOP van kracht. Dit besluit geeft regels over het brandveilig gebruik van voor mensen toegankelijke plaatsen, voor zover dit niet in andere wetgeving is geregeld. Daarnaast bevat dit besluit regels over de zogenoemde basishulpverlening op die plaatsen.

In de BGBOP is de mogelijkheid opgenomen om de gebruiksmelding gelijk te stellen met een vergunningaanvraag. Dit betekent dat als de vergunningaanvraag voor de evenementenvergunning eveneens voldoet aan de indieningsvereisten voor de gebruiksmelding, de aanvraag ook beschouwd kan worden als de betreffende melding. Hierdoor hoeft niet een aparte melding te worden ingediend, waardoor de aanvrager niet twee keer dezelfde stukken hoeft in te dienen.

Meer informatie over de BGBOP te vinden op de evenementenpagina op de gemeentelijke website.

Omgevingswet (OW)

Als een evenement gehouden wordt in een gebouw (of deel van een gebouw dat is bestemd om afzonderlijk te worden gebruikt) of verblijfruimte (waaronder in sommige gevallen ook semipermanente tenten) moet er een relatie worden gelegd naar het Besluit bouwwerken leefomgeving (BBL)en de Omgevingswet (OW). Voor gebouwen dient vaak op basis van het BBL een gebruikersmelding gedaan te worden. In een aantal andere gevallen (gebouwen/constructies) dient er een vergunning op grond van de Omgevingswet te worden verleend.

Alcoholwet (AW)

Voor het mogen schenken van zwak-alcoholische dranken op de openbare weg (en op een andere locatie dan genoemd in de vergunning in zin van art. 3 AW) is een ontheffing noodzakelijk op grond van art. 35 AW. Deze ontheffing kan worden verstrekt bij een bijzondere gelegenheid van zeer tijdelijke aard (een aaneengesloten periode van maximaal twaalf dagen).

Wegenverkeerswet

Gelet op de bepalingen in de Wegenverkeerswet 1994 en het daarop gebaseerde Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990) en het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW), is het mogelijk om (gedeelten van) wegen, straten en/of pleinen, die in het beheer en eigendom van de gemeente zijn af te sluiten ten behoeve van een evenement.

In sommige gevallen is voor een dergelijke verkeersmaatregel, een verkeersbesluit op basis van die wetgeving nodig. Voor evenementen is ook bepaald dat een ontheffing nodig is van het verbod voor het houden van wedstrijden met voertuigen op de openbare weg.

Wet op de kansspelen

Op grond van de Wet op de kansspelen is het verboden een bijeenkomst (waaronder een evenement) te organiseren, waar gelegenheid tot het deelnemen aan het klein kansspel wordt gegeven. Als klein kansspel worden aangemerkt het kienspel, vogelpiekspel, rad van avontuur en andere vergelijkbare spelen. Het college kan hiervoor een ontheffing of vergunning (afhankelijk van het soort kansspel) verlenen.

Wet Luchtvaart

Als er tijdens een evenement helikopters, heteluchtballonnen en/of andere vliegende toestellen starten of landen, is de veiligheid van het luchtverkeer in het geding. In zo’n geval is daarom veelal toestemming van Gedeputeerde Staten nodig om benodigde ontheffingen te krijgen van diverse luchtvaartwetten en -besluiten.

Regeling verkeersregelaars 2009

Om verkeersstromen bij tijdelijke wegafzettingen, zoals tijdens evenementen, in goede banen te leiden, kunnen beroeps- en/of evenementenverkeersregelaars ingezet worden. In de Regeling verkeersregelaars 2009 worden de eisen omschreven waaraan verkeersregelaars moeten voldoen.

Zondagswet

Bij evenementen die op zondag plaatsvinden geldt de Zondagswet. In de Zondagswet is bepaald dat het algemeen verboden is om op zondag voor 13.00 uur openbare vermakelijkheden te houden, daartoe gelegenheid te geven of daaraan deel te nemen. Er kan ontheffing van het bepaalde van de Zondagswet worden verleend.

Bijlage II Aanvraag omgevingsvergunning

Voor alle gronden en gebouwen binnen onze gemeente zijn bestemmingen opgenomen in onze (tijdelijk) omgevingsplannen. Al deze bestemmingen kennen gebruiksvoorschriften.

Nu kan zich bij het organiseren van evenementen met betrekking tot deze (tijdelijk) omgevingsplannen het volgende voordoen:

1Het evenement (inclusief opbouwen en afbreken) is kortdurend en incidenteel:

Dergelijke evenementen zijn, juist gelet op het incidentele karakter, niet in strijd met het (tijdelijk) omgevingsplan, ongeacht de bestemming en de daarbij behorende gebruiksvoorschriften (tenzij de desbetreffende bestemming dit natuurlijk uitdrukkelijk verbiedt).

2Het evenement is kortdurend of langdurend (inclusief opbouwen en afbreken) en vindt jaarlijks of met enige regelmaat plaats:

Deze evenementen moeten passen binnen de gebruiksregels van de bestemming van de gronden waarop het evenement plaatsvindt.

Past het binnen deze bestemming en gebruiksregels dan behoeft er planologisch gezien geen omgevingsvergunning te worden verleend.

Past het niet binnen het (tijdelijke) omgevingsplan dan zal een omgevingsvergunning handelen in afwijking van het omgevingsplan moeten worden aangevraagd. Met toepassing van een zogenaamde buitenplanse omgevingsplanactiviteit is het mogelijke deze vergunning te verlenen. Een buitenplanse omgevingsplanactiviteit is een activiteit die in strijd is met het omgevingsplan en die niet vergunning vrij is. Naast deze optie kan er ook voor gekozen worden om het omgevingsplan te wijzigen ten behoeve van een dergelijke inpassing. Hierdoor wordt het gebruik als evenementenlocatie mogelijk (of: mede mogelijk in combinatie met andere toegestane activiteiten).

Meer informatie over het aanvragen van een omgevingsvergunning kan worden opgevraagd bij de RUD Zeeland.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.