Gemeentelijke regelgeving

Verordening op de gemeentelijke adviescommissies omgevingskwaliteit van Teylingen 2022

Gemeente Teylingen · geldt sinds 1 januari 2024

Aanhef

De raad van de gemeente Teylingen;

gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 21 december 2021, nummer 495262, met als onderwerp ‘Vaststellen verordening op de gemeentelijke adviescommissies omgevingskwaliteit van Teylingen 2022’;

gelet op de artikelen 84, 108 en 149 van de Gemeentewet en afdeling 17.2 van de Omgevingswet;

besluit de

Verordening op de gemeentelijke adviescommissies omgevingskwaliteit van Teylingen 2022

als volgt vast te stellen:

Artikel 1 Begripsbepalingen

In deze verordening wordt verstaan onder:

-commissie erfgoed: gemeentelijke adviescommissie als bedoeld in artikel 17.9 van de wet, genaamd gemeentelijke adviescommissie omgevingskwaliteit voor erfgoed Teylingen;

-commissie bouwwerken: gemeentelijke adviescommissie als bedoeld in artikel 84 Gemeentewet, genaamd gemeentelijke adviescommissie omgevingskwaliteit voor uiterlijk van bouwwerken van Teylingen;

-goede omgevingskwaliteit: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1.3 van de wet;

-wet: de Omgevingswet.

Voor de bepaling van andere begrippen wordt verwezen naar de Omgevingswet artikel 1.1.

Artikel 2 Taak en werkzaamheden

1Er is een commissie erfgoed en een commissie bouwwerken. Elk commissie heeft als taak de raad en burgemeester en wethouders te adviseren bij de uitoefening van hun taken en bevoegdheden op grond van de wet met het oog op het bereiken en in stand houden van een goede omgevingskwaliteit en al hetgeen daarmee verband houdt of daartoe bevorderlijk kan zijn.

2Ter uitvoering van haar taak:

a.adviseert de commissie erfgoed op verzoek van burgemeester en wethouders of uit eigen beweging over een aanvraag om of een ontwerpbesluit voor een omgevingsvergunning voor:

1een rijksmonumentenactiviteit met betrekking tot een monument;

2een omgevingsplanactiviteit die betrekking heeft op een voorbeschermd gemeentelijk monument, een gemeentelijk monument, een beeldbepalend object en beschermd dorpsgezicht;

3een omgevingsplanactiviteit in geval de commissie in het omgevingsplan als adviseur is aangewezen;

4een andere activiteit in geval burgemeester en wethouders een advies nodig achten met het oog op het bereiken en in stand houden van een goede omgevingskwaliteit;

b.adviseert de commissie erfgoed op verzoek van burgemeester en wethouders of uit eigen beweging over het door de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap aanwijzen van een onroerende zaak als rijksmonument ingevolge artikel 3.1, eerste lid, van de Erfgoedwet of over het aan een locatie geven van de functie-aanduiding gemeentelijk monument op grond van artikel 4.2, eerste lid, van de wet;

c.adviseert de commissie erfgoed op verzoek van burgemeester en wethouders of uit eigen beweging over het ontwikkelen van beleid inclusief cultuurhistorische waardenkaart, omgevingsvisie, omgevingsplan en maatwerkregels voor de omgevingskwaliteit;

d.adviseren de commissie erfgoed dan wel de commissie bouwwerken op verzoek van burgemeester en wethouders in een geval van een verkenning als bedoeld in artikel 5.48, tweede lid, van de wet en in andere gevallen waarin burgemeester en wethouders een advies nodig achten in verband met een verkenning van een mogelijk bestaande of toekomstige opgave in de fysieke leefomgeving;

e.voeren de commissie erfgoed dan wel de commissie bouwwerken op verzoek van burgemeester en wethouders, initiatiefnemer of uit eigen beweging vooroverleg met initiatiefnemer over een in te dienen aanvraag om omgevingsvergunning;

f.adviseert de commissie erfgoed op verzoek van burgemeester en wethouders of uit eigen beweging over het stellen van maatwerkvoorschriften in verband met de zorg voor erfgoed die de omgevingskwaliteit betreffen;

g.adviseert de commissie bouwwerken op verzoek van burgemeester en wethouders of uit eigen beweging over het stellen van maatwerkvoorschriften in verband met het uiterlijk van bouwwerken die de omgevingskwaliteit betreffen;

h.adviseren de commissie erfgoed dan wel de commissie bouwwerken op verzoek van burgemeester en wethouders over het geven van beschikkingen op grond van regels in verordeningen op grond van artikel 149 van de Gemeentewet die eisen in verband met erfgoed dan wel uiterlijk van bouwwerken ten aanzien van de omgevingskwaliteit bevatten.

Artikel 3. Verplichte advisering volgens wet en gemeentelijke regelgeving.

1Burgemeester en wethouders winnen advies van de commissie erfgoed in omtrent een te nemen beslissing als bedoeld in artikel 2, tweede lid, onder a, onderdelen 1 tot en met 4, en onder b, d en h.

2Burgemeester en wethouders winnen advies van de commissie bouwwerken in omtrent een te nemen beslissing als bedoeld in artikel 2, tweede lid, onder d en h.

Artikel 4 Samenstelling

1Elke commissie bestaat uit het aantal leden dat nodig is om de deskundigheid als bedoeld in lid 5, onder a te waarborgen, de voorzitter daaronder begrepen.

2De leden worden benoemd op persoonlijke titel op grond van de professionele deskundigheid die nodig is voor de advisering en op grond van maatschappelijke kennis en ervaring.

3De commissie erfgoed telt gelet op artikel 17.9, eerste lid, van de wet ten minste twee leden deskundig op het gebied van de monumentenzorg.

4In aanvulling op artikel 4 lid 3 is de commissie erfgoed aanvullend deskundig op een of meerdere gebieden van: bouw- of architectuurhistorie, restauratie, cultuurhistorie in de Duin- en Bollenstreek en/of de gemeente, immaterieel erfgoed, historische geografie en/of landschap, archeologie, omgevingskwaliteit en duurzaam bouwen.

5De commissie bouwwerken telt ten minste twee leden deskundig op het gebied van architectuur en stedenbouw.

6In aanvulling op artikel 4 lid 5 is de commissie bouwwerken aanvullend deskundig op het gebied van: omgevingskwaliteit en duurzaam bouwen

7De leden zijn niet werkzaam onder verantwoordelijkheid van het gemeentebestuur van Teylingen of de Gemeenschappelijke Regeling werkorganisatie HLTsamen.

Artikel 5 Benoeming en zittingsduur

1De raad benoemt de leden voor een termijn van ten hoogste 4 jaar.

2De termijn kan met maximaal 4 jaar worden verlengd.

3Afgetreden leden zijn minimaal 1 jaar na hun aftreden weer benoembaar.

4De voorzitter en de leden van de commissies kunnen op elk moment ontslag nemen. Zij doen daarvan schriftelijk mededeling aan de raad. Zij kunnen voorts door burgemeester en wethouders worden geschorst en door de raad worden ontslagen wegens ongeschiktheid, onbekwaamheid of op andere zwaarwegende gronden.

Artikel 6 Ondersteuning van de commissies

1Burgemeester en wethouders voegen aan de commissies een secretaris toe.

2De secretaris wordt bij de uitoefening van het secretariaat rechtstreeks aangestuurd door de voorzitter.

Artikel 7 Adviestermijn

1Elke commissie brengt na de vergadering advies uit binnen een termijn van 4 weken, tenzij burgemeester en wethouders heeft aangegeven binnen welke termijn een advies wordt verwacht.

Artikel 8 Beraadslaging en standpuntbepaling

1De vergaderingen waarin een of meer adviezen over aanvragen om een omgevingsvergunning door of namens een commissie worden vastgesteld zijn openbaar. De openbaarheid geldt zowel voor de beraadslagingen, de beoordeling, als de adviezen.

2Indien burgemeester en wethouders, planindieners, de voorzitter of de meerderheid van de aanwezige leden een verzoek doen tot niet-openbare behandeling, dan leggen zij daaraan klemmende redenen op grond van artikel 10 van de Wet openbaarheid van bestuur ten grondslag.

3De behandeling, in de vorm van vooroverleg, van een initiatief waarvoor nog geen aanvraag om omgevingsvergunning is ingediend is uitsluitend openbaar met instemming van initiatiefnemer.

4De aanvrager van de omgevingsvergunning of zijn gemachtigde hebben spreekrecht en de mogelijkheid tot toelichting van de aanvraag ten overstaan van de commissie die een advies over de aanvraag uitbrengt. Belangstellenden hebben geen spreekrecht maar de voorzitter of het aangewezen lid of de aangewezen leden of de subcommissie kunnen hen wel gelegenheid geven tot een korte toelichting. Tijdens de beraadslagingen is er geen spreekrecht.

5Over de uit te brengen adviezen wordt niet besloten dan in aanwezigheid van ten minste twee leden. Over een advies over een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een rijksmonumentenactiviteit met betrekking tot een monument wordt niet besloten dan in aanwezigheid van ten minste twee leden met deskundigheid op het gebied van de monumentenzorg.

6Leden die als opdrachtgever, ontwerper of anderszins betrokken zijn bij de uitvoering van een activiteit waarvoor een aanvraag is gedaan waarover een commissie adviseert, onthouden zich van medewerking aan het desbetreffende advies en zijn tijdens de beraadslaging van en de besluitvorming over het advies niet in de vergadering aanwezig.

7De geheimhoudingsplicht als bedoeld in artikel 2:5, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht is van toepassing op de commissies en de daarvoor werkzame personen.

Artikel 9 Afdoening onder verantwoordelijkheid van de commissies

1Elke commissie kan onverminderd het bepaalde in artikel 17.9, eerste lid, van de wet, de advisering, zoals bedoeld in artikel 2, onder verantwoordelijkheid van de commissie overlaten aan een of meer daartoe aangewezen leden (gemandateerden) of een subcommissie.

2De gemandateerde of subcommissie adviseert over aanvragen waarvan het oordeel van de commissies als bekend mag worden verondersteld.

3In geval van twijfel bij de gemandateerde of de subcommissie wordt de aanvraag alsnog voorgelegd aan de commissie.

Artikel 10 Adviseurs

1Elke commissie kan zich voor het inwinnen van inlichtingen wenden tot daartoe door burgemeester en wethouders aangewezen ambtenaren.

2Elke commissie kan zich doen bijstaan door andere personen, voor zover dat voor de vervulling van haar taak nodig is.

3De commissie erfgoed benoemd leden van de cultuurhistorische organisaties van Teylingen als vaste adviseur voor het betreffende dorp.

4De in lid 1, 2 en 3 bedoelde personen kunnen op uitnodiging van de commissies deelnemen aan de vergaderingen en beraadslagingen.

5De geheimhoudingsplicht als bedoeld in artikel 2:5, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht is van toepassing op de personen als bedoeld in lid 3.

Artikel 11 Verwerking van het advies

1Burgemeester en wethouders nemen een besluit met in acht name van het advies van de commissies.

2In geval burgemeester en wethouders een besluit nemen in afwijking van het door de commissies uitgebrachte advies verzenden zij een afschrift van dat besluit aan de commissies.

Artikel 12 Reglement van de orde

1Elke commissie stelt haar werkwijze binnen de kaders van deze verordening nader vast in een reglement van orde.

2In het reglement van orde komt ten minste aan de orde:

a.de inrichting van het vooroverleg zoals genoemd in artikel 2, tweede lid onder e;

b.de wijze waarop de agenda openbaar wordt gemaakt en belanghebbenden worden uitgenodigd;

c.het vereiste quorum voor een besluitvormende vergadering, de vergaderorde en orde van de beraadslaging, waarbij er een onderscheid wordt aangebracht tussen de toelichtende fase waarin het spreekrecht wordt uitgeoefend en de beraadslagingen;

d.de notulering en dossiervorming;

e.de wijze waarop de adviezen openbaar worden gemaakt;

f.de instelling van subcommissies;

g.de werkwijze bij afdoening onder verantwoordelijkheid van de commissies als bedoeld in artikel 9;

h.de selectie en voordracht van kandidaat-leden.

3Burgemeester en wethouders dragen zorg voor bekendmaking van het door de commissies vastgestelde reglement van orde in het gemeenteblad.

Artikel 13. Relatie met andere adviseurs

Bij het aanstellen van een supervisor, een kwaliteitsteam of een andere adviseur op het gebied van de omgevingskwaliteit, niet zijnde een lid of een adviseur van een van de commissies dragen burgemeester en wethouders zorg voor een goede afstemming tussen de werkzaamheden van deze adviseur en de commissies.

Artikel 14 Vergoeding

1De leden van de commissies ontvangen voor hun werkzaamheden een vergoeding zoals door burgemeester en wethouders vastgesteld of afgesproken.

Artikel 15 Jaarverslag

a.De commissie erfgoed brengt jaarlijks verslag als bedoeld in artikel 17.9, zevende lid, van de wet uit van haar werkzaamheden in het voorafgaande kalenderjaar.

b.De commissie bouwwerken brengt jaarlijks verslag uit van haar werkzaamheden in het voorafgaande kalenderjaar.

2In het jaarverslag van de commissie erfgoed komt ten minste aan de orde:

a.de wijze waarop toepassing is gegeven aan de kaders als bedoeld in artikel 17.9, vierde lid, van de wet;

b.de wijze waarop uitwerking is gegeven aan de openbaarheid van vergaderen.

3In het jaarverslag van de commissie bouwwerken komt ten minste aan de orde:

a.de wijze waarop toepassing is gegeven aan de toepasselijke beleidskaders;

b.de wijze waarop uitwerking is gegeven aan de openbaarheid van vergaderen.

Artikel 16. Overgangsrecht

1De op grond van de Verordening Erfgoedcommissie Teylingen 2019 benoemde leden worden geacht te zijn benoemd in de commissie erfgoed op grond van dit besluit. De op grond van de Bouwverordening Teylingen 2018 benoemde leden worden geacht te zijn benoemd in de commissie bouwwerken op grond van dit besluit. De termijn van ten hoogste 4 jaar als bedoeld in artikel 5, eerste lid, loopt vanaf de datum van de benoeming op grond van de Bouwverordening Teylingen 2018 en de verordening Erfgoedcommissie Teylingen 2019.

2Als voor de inwerkingtreding van de wet een aanvraag om een besluit is ingediend, blijft het oude recht, met betrekking tot de commissies op het gebied van welstand en erfgoed van kracht, met dien verstande dat de commissie bouwwerken wordt geacht de in artikel 8 van de Woningwet en de commissie erfgoed de in artikel 9.1, eerste lid, onder a, van de Erfgoedwet in samenhang met artikel 15 van de Monumentenwet 1988 bedoelde commissie te zijn.

Artikel 17. Vervallen en intrekking oude regeling

1De regels met betrekking tot de commissies in de artikelen 9.1 t/m 9.8 van de Bouwverordening Teylingen 2018 en artikel 8, artikel 11 lid 1, artikel 14 lid 4, artikel 17 en artikel 18 lid 2 van de Erfgoedverordening gemeente Teylingen 2018 vervallen.

2De verordening Erfgoedcommissie Teylingen 2019 wordt ingetrokken.

Artikel 18. Inwerkingtreding en citeertitel

1Deze verordening treedt tegelijk met de Wet van 23 maart 2016, houdende regels over het beschermen en benutten van de fysieke leefomgeving (Omgevingswet) in werking.

2Deze verordening wordt aangehaald als: verordening Gemeentelijke adviescommissies omgevingskwaliteit Teylingen 2022.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.