Aanhef
gelet op de artikelen 10:1 tot en met 10:10 en 10:12 van de Algemene wetbestuursrecht;
Tekst
B e s l u i t:
vast te stellen de navolgende Mandaatregeling “Wet Maatschappelijke Ondersteuning 2015 en Jeugdwet”.
Artikel 1: definities
In deze regeling wordt verstaan onder:
a.mandaat: de bevoegdheid om in naam van college van burgemeester en wethouders besluiten te nemen (beslismandaat).
b.mandaatgever: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Terschelling.
c.de mandaatnemer: de teamleider van team Publiek en de medewerkers Generalist (medewerker beleidsuitvoering II) van het Eilandteam, team Publiek;
d.de mandaatregeling: mandaatregeling “Wet Maatschappelijke Ondersteuning 2015 en Jeugdwet”.
Artikel 2:mandaatnemer
1De uitoefening van de beslissingsbevoegdheden van de mandaatgever, genoemd in de bijlage, wordt opgedragen aan de mandaatnemer.
2De mandaatgever kan het mandaat, bedoeld in artikel 1, onder a., geheel of gedeeltelijk intrekken als hij of zij voortzetting van het mandaat niet wenselijk vindt.
Artikel 3:reikwijdte mandaat
De uitoefening van de bevoegdheden, bedoeld in artikel 2, lid 1, omvat tevens:
a.het verrichten van alle benodigde handelingen ter voorbereiding van een besluit;
b.het verrichten van alle benodigde handelingen na het nemen van het besluit, de ondertekening van het besluit uitgezonderd;
c.het voeren van correspondentie rondom het besluit;
d.het verstrekken van informatie rondom het besluit.
Artikel 4 : instructies voor de mandaatnemer
1De mandaatnemer registreert de genomen besluiten in een mandaatregister.
2Per kwartaal geeft de mandaatnemer aan mandaatgever een overzicht van de genomen besluiten.
3Van het mandaat wordt geen gebruik gemaakt, indien de mandaatgever te kennen heeft gegeven de bevoegdheid zelf te willen uitoefenen.
4Van het mandaat wordt geen gebruik gemaakt dan na voorafgaand overleg met, en verzoek om nadere instructie aan, het lid van het college wiens portefeuille het betreft, indien het te nemen besluit:
a.(aanmerkelijke) politieke of bestuurlijke gevolgen heeft;
b.leidt tot afwijking van vastgesteld beleid of van een bestendige bestuurlijke praktijk;
c.tot ingrijpende financiële gevolgen leidt, bijvoorbeeld in de vorm van meerjarenverplichtingen of overschrijding van het budget;
d.volgens extern ingewonnen advies tot voor de gemeente ongunstige gevolgen leidt;
e.leidt tot afwijking van een extern ingewonnen advies;
f.samenhangt met mandaat aan meerdere medewerkers en daarbij geen onderlinge overeenstemming bestaat.
Artikel 5: slotbepalingen
1Deze regeling treedt pas in werking na bekendmaking in het elektronisch gemeenteblad.
2Dit besluit wordt aangehaald als: “Mandaatregeling “Wet Maatschappelijke Ondersteuning 2015 en Jeugdwet”.
Aldus vastgesteld in de vergadering van het college van burgemeester en wethouders op 22 december 2020.
H.M. de Jong,
C.M. van de Pol
Secretaris/directeur
burgemeester
Bijlage: bevoegdheden die zijn gemandateerd aan de teamleider van team Publiek en aan de medewerkers Generalist Eilandteam van team Publiek als bedoeld in artikel 2, lid 1 van de mandaatregeling
Bevoegdheid
Grondslag
Aanvraag buiten behandeling laten
Afdeling 4.1.1. Algemene wet bestuursrecht: De aanvraag
Mogelijkheid bieden van het geven van een zienswijze
Afdeling 4.1.2. Algemene wet bestuursrecht: De voorbereiding
Verzoek aanvulling aanvraag
Afdeling 4.1.3. Algemene wet bestuursrecht: Beslistermijn
Verlengen beslistermijn
Afdeling 4.1.3. Algemene wet bestuursrecht: Beslistermijn
Aanvraag toewijzen
Wet Maatschappelijke Ondersteuning 2015
Jeugdwet
Aanvraag afwijzen
Wet Maatschappelijke Ondersteuning 2015
Jeugdwet
Ambtshalve te nemen besluiten
Wet Maatschappelijke Ondersteuning 2015
Jeugdwet
Toelichting bij artikel 3, onder b
De mandaatregeling omvat alleen een beslissingsmandaat en geen
ondertekeningsmandaat. In de Gemeenschappelijke Regeling Dienst Sociale Zaken
en Werkgelegenheid Noardwest Fryslân heeft het college reeds in artikel 4, lid 4 een
mandaat aan de Dienst verleend tot ondertekening van besluiten ter uitvoering van
wetten genoemd in artikel 1, onder a. van de Gemeenschappelijke Regeling. In
artikel 4, lid 5 van de Gemeenschappelijke Regeling heeft het college reeds de
bevoegdheid aan het bestuur van de Dienst gegeven om ondermandaat aan de
directeur en andere medewerkers van de Dienst te geven tot ondertekening van
besluiten.