Gemeentelijke regelgeving

Terneuzenaren schuldenvrij | Beleidsplan schuldhulpverlening

Gemeente Terneuzen · geldt sinds 1 januari 2019

1. Beleidskader sociaal domein: iedereen doet mee in Terneuzen

Autonomie en zelfbeschikking

We gaan er vanuit dat mensen autonoom zijn en zelf beschikken over hun leven. Dit geldt

ook voor mensen met een sociaal-maatschappelijke kwetsbaarheid. We erkennen,

waarderen en respecteren ieders eigenheid.

Herstel regie en zelfredzaamheid

Centraal in de dienstverlening aan en ondersteuning van inwoners staat het behoud en

herstel van regie en zelfredzaamheid. We sluiten aan bij wat mensen kunnen en kunnen

leren. Dit doen we door hun inzicht in hun situatie en hun eigen mogelijkheden te vergroten.

We doen wat nodig is: passend maatwerk voor iedereen

Uitgaan van eigenheid en regie van inwoners betekent dat we mensen ondersteunen op een

wijze die bij hen past. Ondersteuning die aansluit bij de oplossingen die inwoners zelf

aandragen en waarvoor ze zelf in beweging komen.

Inclusief Terneuzen

Belangrijkste doel van de inspanningen van de gemeente Terneuzen op het sociaal domein is dat

iedereen kan (en mag) meedoen in Terneuzen.

We willen een samenleving waarin iedereen mee kan doen. Dit geldt voor alle inwoners, van alle

leeftijden. Zo’n samenleving is in elk opzicht een inclusieve samenleving. En een samenleving

waarin het veilig is om in op te groeien en om je te ontwikkelen. Een vitale samenleving waarin alle

mensen zich uitgenodigd en uitgedaagd voelen om het beste in zichzelf naar boven te halen. Een

samenleving waarin mensen goed voor zichzelf en elkaar zorgen. Kortom, een samenleving met

ruimte voor inwoners en hun initiatieven. Een samenleving die iedere inwoner in zijn waarde laat en

blijft benaderen als mens.

Op het goede spoor

Om de ambities waar te kunnen maken, volgen we een aantal sporen:

-Een goede basis: we zorgen voor goede basisvoorzieningen en een goede

infrastructuur. Deze zorgen ervoor dat mensen zich optimaal kunnen ontwikkelen, (al

dan niet arbeidsmatig) participeren, zelfstandig en zelfredzaam kunnen zijn, voor

elkaar kunnen zorgen en uitgenodigd worden om gezond te leven (bewegen,

gezonde voeding, ontmoeting, ontspanning). We hebben het dan bijvoorbeeld over

goed onderwijs, kinderopvang, over sport- en culturele voorzieningen, over

preventieve jeugdgezondheidszorg, ondersteuning van mantelzorgers. Het gaat dan

ook over beweegvriendelijke en veilige inrichting van de openbare ruimte. Van belang

hierbij is dat deze voorzieningen voor iedereen toegankelijk zijn, ongeacht beperking.

En belangrijk is dat deze voorzieningen daadwerkelijk waarde toevoegen en werken

vanuit dezelfde uitgangspunten. Hoe beter we de basis op orde hebben, des te

minder mensen gebruik hoeven te maken van professionele ondersteuning.

-Vroeg erbij: we zorgen ervoor dat als er problemen ontstaan we zo snel mogelijk

ondersteuning inzetten. Vroegtijdige aanpak voorkomt dat problemen groter en

complex worden. Dit vraagt om goed vormgeven van vroegtijdige signalering.

-Passende ondersteuning: we zorgen voor ondersteunings- en hulpaanbod dat past

bij wat mensen hier nodig hebben, dat aansluit bij onze basisvoorzieningen, effectief,

dichtbij en betaalbaar.

-Stimuleren en ondersteunen van burgerinitiatieven en zelfregie: we geven

burgers de ruimte om voor zichzelf en elkaar te zorgen. Dit doen we door initiatieven

van burgers te ondersteunen. Vrijwilligers, inwoners, buurten, sociale cohesie zijn

belangrijk om een stad een prettige plek om te wonen te maken. Initiatieven die

aansluiten bij het sociaal domein faciliteren we.

Voorwaarden voor succes

Om ervoor te zorgen dat inwoners zo snel en goed mogelijk ondersteund worden nu en in de

toekomst, richten we ons op de volgende zaken.

-Integrale benadering van vragen

Effectieve ondersteuning vraagt om een integrale benadering van de vraag. We

kijken met inwoners integraal naar behoeften en mogelijkheden. Integraal wil zeggen

dat we bij een aanvraag of melding naar de gehele leefsituatie kijken van de

betreffende inwoner en naar die van zijn of haar gezin. Daarbij zorgen we ervoor dat

een inwoner met een vraag één centrale contactpersoon heeft. (1 gezin, 1 plan, 1

casusregisseur.)

-Samenwerking

Om te zorgen dat we de juiste dingen doen en op de goede manier gaan we de

dienstverlening inrichten samen met inwoners en relevante partijen. We houden vast

aan het principe van gezamenlijke verantwoordelijkheid, zoals bij de inkoop van de

Wmo, en breiden dit waar mogelijk uit.

-Monitoring

Ontwikkelingen in de samenleving gaan snel en zijn niet te voorspellen. Om ervoor te

zorgen dat we de juiste ondersteuning blijven bieden, houden we vinger aan de pols

en stellen we zo snel mogelijk bij.

-Kostenbeheersing

We kunnen ons geld maar een keer uitgeven. Om het aan de juiste zaken uit te

geven is het nodig dat we onderzoek blijven doen naar de effectiviteit en

rechtmatigheid van de geleverde ondersteuning. We zetten in op kwaliteitsbewaking

en we onderzoeken de aanpak van complexe ondersteuningsvragen en dure zorg.

We zetten in op efficiënte ondersteuning waarbij we ook ‘buiten de lijnen’ kleuren

indien dit zorgt voor het substantieel terugdringen van maatschappelijke kosten.

Afstemmen van gemeentelijk beleid

Voor de gemeentelijke organisatie betekent bovenstaande dat we intern nog meer moeten

samenwerken. Dit doen we door binnen het sociaal domein en gemeente breed in het beleid

niet de uitvoering van wettelijke taken maar de aanpak van maatschappelijke vraagstukken

centraal te stellen. Dit betekent tevens dat we ook vanuit andere begrotingsposten kunnen

bijdragen aan de doelstellingen in het sociaal domein.

2. Wettelijk kader: de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening

Uitvoeringsplan

De uitvoering, de manier waarop we schuldhulpverlening organiseren, de kwaliteit en de

juridische context worden in het beleidsuitvoeringsplan opgenomen. De beleidsregels

schuldhulpverlening en het uitvoeringsplan zijn een bevoegdheid van het college van

burgemeester en wethouders. Zoals afgesproken komen deze wel ter kennisname naar de

gemeenteraad. Het nog op te stellen uitvoeringsplan en de nieuwe beleidsregels stemmen

we af op de nieuwe wet.

3. De stand van zaken

Landelijke aantallen

Veel mensen hebben een hypotheek- of studieschuld, maar dat hoeft geen probleem te zijn. Wanneer

de vaste lasten echter niet meer betaald kunnen worden, spreken we van schulden in de zin van

financiële problemen. Financiële problemen hebben een grote impact op iemands leven en op de

maatschappij, en daarom is het zaak ze zo vroeg mogelijk op te sporen en te verhelpen. De ervaring

leert dat mensen gemiddeld vijf jaar wachten voordat zij hulp zoeken bij de gemeente of andere

schuldhulpverleningsinstanties. Met als gevolg dat in vijf jaar een kleine betalingsachterstand is

uitgegroeid tot een grote schuld. In 2018 hebben 86.200 mensen zich gemeld met een vraag om

financiële hulp bij een organisatie die lid is van de Nederlandse Vereniging voor Volkskrediet (NVVK),

gericht op schuldhulpverlening en sociaal bankieren. Dat is een terugloop van tien procent ten

opzichte van het jaar daarvoor (NVVK, 2019). De schuldproblematiek lijkt echter niet te zijn

afgenomen. Nog steeds heeft een op de vijf huishoudens financiële problemen (Schonewille en

Crijnen, 2018). Hiervan heeft ongeveer de helft lichte en de andere helft zware financiële problemen.

Het totaal aantal huishoudens met ernstige financiële problemen wordt geschat op tussen de 500.000,

Slechts een klein deel van de huishoudens met ernstige financiële problemen weet dus de weg te

vinden naar de schuldhulpverlening.

Uit: veel schuldenaren weten schuldhulp slecht te vinden (Nibud, 2019)

Doelgroepen

Het geschetste landelijke beeld klopt grotendeels ook voor Terneuzen. De doelgroep bestaat

ook hier voornamelijk uit mensen met een uitkering en een laag inkomen. Wij hebben in

Terneuzen geen specifiek doelgroepen beleid. Alle trajecten die we inzetten zijn maatwerk.

Omdat we willen voorkomen dat schulden te hoog en onbeheersbaar zijn, richten we ons

met nadruk op jongeren en gezinnen met kinderen. Vooral voor jonge mensen is het van

belang om vroeg in te grijpen. Vroeg ingrijpen is ook bij statushouders belangrijk. Daarom

komen statushouders standaard in budgetbeheer als ze in de gemeente komen wonen.

Inzet in de voorgaande beleidsperiode

In de jaren van het vorige beleidsplan (2014 tot nu) zetten we ons in voor het verlagen van

de drempel voor schuldhulpverlening. Voor klanten en samenwerkingspartners was de

gemeente als schuldhulpverlener en uitvoerder van de Wgs nieuw en niet altijd makkelijk te

vinden. We investeerden in voorlichting (van folders tot congressen) met als doel de

toegankelijkheid te vergroten. Meer bekendheid van gemeentelijke schuldhulpverlening kan

stijging van bewindvoering(skosten) voorkomen. We investeren in het maken van

samenwerkingsafspraken met partners als de woningcorporaties, energieleveranciers,

zorgverzekeraars, enzovoort. Direct actie ondernemen bij signalen staat in de

kinderschoenen en werken we de komende periode verder uit.

In de uitvoering lag de nadruk op intensieve begeleiding. Statushouders budgetteren we

altijd als ze aankomen in Terneuzen. Zo voorkomen we het ontstaan van schulden.

In juli 2019 stopte de Kredietbank West Brabant met alle activiteiten voor andere gemeenten

dan Breda. Het regelen van schulden brachten we als gevolg hiervan onder bij een andere

externe partij. We leveren mensen aan voor de schuldenregeling. Dit verloopt goed, snel en

voor dezelfde kosten als voorheen bij de kredietbank. Hoe we dat structureel regelen komt in

het uitvoeringsplan te staan.

4. Beleidskader voor schuldhulpverlening

Vroeg erbij: vroegsignalering

Alleen een deel van de problematiek in Terneuzen is bij de gemeente bekend. Veel mensen

met schulden weten de weg naar schuldhulpverlening nog niet te vinden. De afgelopen jaren

richtten we ons op ons netwerk zodat snelle doorverwijzing mogelijk is. We zullen de

komende jaren vooral inzetten op vroegsignalering. Door het zo vroeg mogelijk signaleren

van problemen is er uiteindelijk minder professionele ondersteuning nodig. Als een

samenwerkingspartner een eerste betalingsachterstand meldt (bijvoorbeeld van huur, of

ziektekostenpremie, banken) kunnen ergere problemen voorkomen worden.

We verwachten dat financiële problemen als we er vroeg bij zijn, kleiner zijn en sneller

kunnen worden opgelost. Dit leidt op langere termijn tot lagere instroom en minder

schuldenregelingen.

Maatwerk

Mensen met problematische schulden zijn (tijdelijk) niet zelfredzaam. Het doel van de

schuldhulpverlening is naast het bieden van een oplossing voor de schulden ook het zorgen

voor gedragsverandering en het leren van vaardigheden. Zodat mensen zelf hun financiën

(en daarmee samenhangende problemen) kunnen regelen. Meer en meer doen we een

beroep op de eigen verantwoordelijkheid. Hierbij zetten we ook het sociale netwerk van de

klant in. Maatwerk houdt in dat we doen wat nodig is. Dit kan voor iedereen een ander traject

met andere hulpverleners betekenen. Na afloop van een schuldenregeling verlenen we altijd

nazorg. We vragen hoe het gaat en mensen kunnen nog met vragen bij ons terecht. De

bedoeling is terugval voorkomen.

Integraal

Bij het bieden van hulp en inzet van gemeentelijk geld gaan we uit van een activerende

overheid. Deze stuurt op meer zelforganiserend vermogen en de mogelijkheid om mee te

doen in de samenleving. We kijken niet naar enkelvoudige problemen maar naar de hele

situatie. We kijken niet naar het individu maar naar het totale gezin(ssysteem). Onder

mensen die een beroep doen op de schuldhulpverlening heeft een steeds groter deel

meerdere problemen, zoals psychische of psychiatrische problemen, werkloosheid,

relatiebreuk, verslaving of ziekte. Een groot gedeelte van de mensen dat zich meldt bij de

gemeente voor ondersteuning op het gebied van schulden heeft contact met een andere

vorm van hulpverlening.

We zorgen dat er bij een traject een casusregisseur is. We werken bij het bieden van

ondersteuning samen met alle integrale partijen. In de komende jaren geven we ons zelf de opdracht integraal werken door te ontwikkelen. We moeten nu niet alleen opschrijven in

notities wat we willen maar ook de daad bij het woord voegen.

Een integrale aanpak is ook een preventieve aanpak. Een integrale, preventieve aanpak kan

meehelpen aan het bereiken van andere doelen zoals bijvoorbeeld (arbeids)participatie, het

voorkomen of stoppen van geweld binnen een gezin, het verkleinen van spanning in een

gezin, het verbetering van de opvoeding van kinderen en het verbeteren van de lichamelijkeen

geestelijke gezondheid van de klanten.

Resultaten

Het streven is dat preventief werken er toe leidt dat er binnen 3 jaar 25% minder aanvragen

voor schuldhulpverlening zijn.

35% van de tot de schuldhulpverlening toegelaten klanten is na drie jaar schuldenvrij.

Voor alle andere tot de schuldhulpverlening toegelaten klanten worden de schulden

beheersbaar.

100% van de klanten krijgt nazorg: dit leidt tot minimale uitval en minimale recidive.

Nieuwe taken uitwerken

Samengevat levert dit de volgende concrete taken voor de uitvoering van de

schuldhulpverlening op:

-vroeg erbij, vroegsignalering;

-drempel verlagen, schaamte aanpakken;

-aansluitende armoede aanpak;

-casusregie invoeren en uitwerken;

-maatwerk;

-verder verbeteren samenwerking met andere uitvoeringsorganisaties binnen het

sociaal domein;

-monitoren van de resultaten.

Deze taken werken we nader uit in het beleidsuitvoeringsplan.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.