Aanhef
De raad van de gemeente Stichtse Vecht,
gelet op:
1de Woningwet, artikel 12b;
2het collegevoorstel van 13 november 2012;
3de bespreking in de werksessie van 4 december 2012;
besluit
1de Welstandsnota Stichtse Vecht 2013 vast te stellen.
2de datum van ingang te bepalen op 1 januari 2013.
Uw bouwplan betreft:
Bijlage 1 BEGRIPPENLIJST
Aanbouwen grondgebonden ondergeschikte toevoeging van één bouwlaag aan een gevel van een hoofdgebouw
Aangekapt met kap bevestigd aan dakvlak
Achterkant het achtererf, de achtergevel en het dakvlak aan de achterzijde van een gebouw en het zijerf, de zijgevel en het dakvlak aan de zijkant van een gebouw voor zover die zijde (zijdelings) niet gekeerd is naar openbaar toegankelijk gebied
Afdak dak dat is aangebracht tegen een muur of gebouw om tegen neerslag te beschermen
Authentiek overeenstemmend met het oorspronkelijke, origineel, eigen kenmerken dragend, oorspronkelijk
Band horizontale versiering in de gevel in afwijkend materiaal, meestal natuursteen of baksteen
Bedrijfsbebouwing gebouwen ten behoeve van bedrijven zoals hallen, werkplaatsen en loodsen; hebben meestal een utilitair karakter
Beeldbepalend pand een pand dat door zijn uiterlijk bepalend is voor het beeld van een gebied (dit zijn in ieder geval karakteristieke objecten, zoals aangeduid in de bestemmingsplannen)
Beschermd dorps- of stadsgezicht gebied dat vanwege de ruimtelijke of cultuurhistorische waarde is aangewezen tot beschermd gebied krachtens de Monumentenwet
Beschot afwerking van een wand met planken, schroten of rabatdelen
Bestemmingsplan door de gemeenteraad vastgesteld plan waarin gebruik van grond en bebouwingsvoorschriften zijn vastgelegd
Bestrating verharding zoals straatstenen of tegels
Bijgebouw ondergeschikt gebouw dat bij een hoofdgebouw hoort en los van het hoofdgebouw op het erf of kavel staat; meestal bedoeld als schuur, tuinhuis of garage
Blinde muur of gevel gevel of muur zonder raam, deur of andere opening
Borstwering lage dichte muur tot borsthoogte
Boeibord opstaande kant van een dakgoot of dakrand, meestal uitgevoerd in hout of plaatmateriaal
Boerderij gebouw of gebouwen op een erf met een (oorspronkelijk) agrarische functie en het daarbij horende woonhuis waaronder de stolp, kophalsromp en andere typen
Bouwblok een aan alle zijden door straten en wegen begrensde groep gebouwen, die een stedenbouwkundige eenheid vormt
Bouwlaag verdieping van een gebouw, door vloeren of balklagen begrenst
Bovenbouw het bovendeel van een gebouw; heeft meestal betrekking op de schuine kap van een huis met de daarbij behorende kopgevels
Buitengebied buiten de bebouwde kom gelegen gebied, ook wel landelijk gebied genoemd
Bungalow meestal vrijstaande woning waarvan alle vertrekken op de begane grond zijn gesitueerd
Buurtschap verzameling woningen of boerderijen buiten de bebouwde kom
Carport afdak om de auto onder te stallen, meestal bij een woning
Dak afdekking van een gebouw, vlak of hellend, waarop dakbedekking is aangebracht
Dakhelling de hoek van het dak ten opzichte van een horizontale vlak
Dakkapel uitbouw op een hellend dakvlak
Dakopbouw een toevoeging aan de bouwmassa door het verhogen van de nok van het dak, die het silhouet van het oorspronkelijke dak verandert
Dakraam raam in een hellend dak
Deelplan een stedenbouwkundig plan, waarin een stuk van een wijk of stad gedetailleerd is uitgewerkt
Detail ontmoeting van verschillende bouwdelen zoals gevel en dak of gevel en raam
Detaillering uitwerking, weergave van de verschillende onderdelen of aansluitingen
Drager en invulling de drager is de constructie van een gebouw, waaraan de invulling is toegevoegd om te beschermen tegen weer en wind (heeft vooral betrekking op gebouwen uit de jaren vijftig en zestig, waarbij het verschil tussen drager en invulling werd gebruikt om de woning in een groot gebouw of rij huizen te onderscheiden)
Ensemble architectonisch en stedenbouwkundig compositorisch geheel van meerdere panden
Erf het perceel exclusief hoofdgebouwen, waarbij voor kleine bouwwerken onderscheid te maken is tussen erven aan een voorkant en aan een achterkant
Erker ondergeschikte toevoeging van ten hoogste één bouwlaag aan de gevel van een gebouw, meestal uitgevoerd in hout en glas
Flat groot kantoor- of woongebouw met meerdere verdiepingen
Galerij gang aan de buitenkant van een (flat)gebouw die toegang verschaft tot de afzonderlijke woningen
Geleding verticale of horizontale indeling van de gevel door middel van inspringingen
Gepotdekseld gedeeltelijk over elkaar gespijkerde planken om inwatering tegen te gaan
Gevel buitenmuur van een gebouw (afhankelijk van de plaats de voor, zij- of achtergevel)
Gootklos in de muur bevestigd stuk balk ter ondersteuning van een goot
Groengebied gebied met veel beplanting zoals parken, plantsoenen, sportterreinen en natuurgebieden
Herhalingsplan bouwplan dat gelijk is aan een eerder (goedgekeurd) plan in, aan of op de betreffende rij of cluster
Hoofdgebouw een gebouw, dat op een bouwperceel door zijn constructie of afmetingen als belangrijkste bouwwerk valt aan te merken
Hoogbouw gebouwen van meer dan vier lagen
Individueel gebouw zelfstandig, op zichzelf staand gebouw
Industriebebouwing gebouwen met een industriële bestemming
Industriegebied gebied bestemd voor de vestiging van industrie
Kap bouwlaag met hellend dak
Kavel grondstuk, kadastrale eenheid
Kern centrum van een dorp of stad
Klossen uit de muur stekende houten of gemetselde blokjes ter ondersteuning van uitstekende onderdelen van een gebouw zoals dakgoten
Kop in het algemeen gebruikt om de smalle kant van een rechthoekige vorm aan te duiden, bijvoorbeeld bij een gebouw
Laag zie bouwlaag
Laagbouw gebouwen van één of twee lagen
Lak afwerklaag van schilderwerk
Landelijk gebied zie buitengebied
Latei draagbalk boven gevelopening
Lessenaardak dak met één hellend, niet onderbroken, dakvlak
Lichtkoepel raamconstructie in een plat dak, in de vorm van een koepel
Lijst een al dan niet versierde en geprofileerde rand als bekroning van de bovenzijde van een gevel
Lineair rechtlijnig, langgerekt
Lint langgerekte weg met daarlangs overwegend vrijstaande bebouwing in een gegroeide structuur met variërende dichtheden. Linten komen voor in de polders, langs dijken en in de dorpen (oude invalswegen).
Luifel een plat uitgebouwd afdak, vaak boven een deur
Maaiveld bovenzijde van het terrein dat een bouwwerk omgeeft, de grens tussen grond en lucht
Mansardekap dakvorm waarbij het onderste deel van het dak steiler is dan het bovenste deel waardoor een geknikte vorm ontstaat
Massa volume van een gebouw of bouwdeel
Materialisering de gebruikte materialen
Metselverband het zichtbare patroon van metselwerk
Middelhoogbouw gebouwen van drie of vier lagen
Middenstijl verticaal deel in het midden van een deur- of raamkozijn
Monument aangewezen onroerend goed als bedoeld in artikel 3 van de Monumentenwet 1988, zoals deze luidt op het tijdstip van het in ontwerp ter inzage leggen van het ontwerp van dit plan of aangewezen onroerend goed als bedoeld in de gemeentelijke Monumentenverordening
Negge het vlak of de maat tussen de buitenkant van de gevel en het kozijn
Nok horizontale snijlijn van twee dakvlakken, de hoogste lijn van het dak
Onderbouw het onderdeel van een gebouw; heeft meestal betrekking op de begane grond van een huis met een zadeldak
Ondergeschikt voert niet de boventoon
Ontsluiting de toegang tot een terrein of een gebouw
Oriëntatie de richting van een gebouw
Oorspronkelijk origineel, aanvankelijke vorm, authentiek
Orthogonaal rechthoekig
Overstek bouwdeel dat vooruitsteekt ten opzichte van het eronder gelegen deel
Paneel rechthoekig vlak, geplaatst in een omlijsting
Peil
a.voor gebouwen waarvan de toegang onmiddellijk aan de weg grenst: de hoogte van de weg ter plaatse van de hoofdtoegang.
b.in andere gevallen: de gemiddelde hoogte van het aansluitende afgewerkte maaiveld.
Plaatmateriaal bouwmateriaal dat in plaatvorm geleverd wordt, zoals hout (triplex en multiplex), kunststof (onder andere trespa) of staal (vlak of met profiel)
Planmatige bebouwing groep gebouwen herkenbaar uitgevoerd volgens een vooraf opgesteld plan
Plint een duidelijk te onderscheiden horizontale lijn aan de onderzijde van een gebouw
Portiek gemeenschappelijk trappenhuis
Pyramidedak dak bestaande uit vier gelijk hellende vlakken die elkaar boven- aan in een punt ontmoeten
Renovatie vernieuwing van een gebouw
Rijtjeshuis huis als onderdeel van een reeks aaneengebouwde, gelijkende woningen
Ritmiek regelmatige herhaling
Rollaag horizontale rij stenen boven een gevelopening of aan de bovenzijde van een gemetselde wand
Rooilijn lijn die de grens aangeeft waarbinnen gebouwd mag worden
Samengestelde kap een kap die uit meerdere daken bestaat en dus uit meerdere volumes is opgebouwd (in tegenstelling tot een eenvoudige kapvorm zoals een zadeldak)
Sanering herinrichting door middel van sloop en vervangende nieuwbouw
Schilddak dak met vier hellende vlakken waarvan twee grote en twee kleine vlakken
Schuur bijgebouw ten behoeve van opslag
Situering de plaats van een bouwwerk in zijn omgeving
Stads- en dorpsvernieuwing maatregelen voor de verbetering of vervanging van bebouwing en de openbare ruimte daaromheen
Stijl architectuur of vormgeving uit een bepaalde periode of een bepaalde stroming
Stolp boerderijtype met wonen, werken en stallen onder één groot dak
Textuur de voelbare structuur van een materiaal (bij metselwerk dus de oneffenheden van de steen en het voegwerk)
Voorgevellijn denkbeeldige lijn die strak loopt langs de voorgevel van een bouwwerk
Voorkant het voorerf, de voorgevel en het dakvlak aan de voorzijde van een gebouw en het zijerf, de zijgevel en het dakvlak aan de zijkant van een gebouw voor zover die zijde (zijdelings) gekeerd is naar openbaar toegankelijk gebied
Windveer plank aan weerskanten van een pannendak, bevestigd langs de buitenste rij pannen
Wolfseind meestal een zadeldak waarvan één of beide dakschilden op de kop een afgeknot dakschild heeft
Zadeldak dak met twee tegenoverliggende dakvlakken die bij de nok samenkomen
Zeeg het oplopen van het dek in de lengterichting, volgens een gebogen lijn vanuit het midden van de lengte van het schip, naar de voor- en de achtersteven
Zijgevellijn denkbeeldige lijn die strak loopt langs de zijgevel van een bouwwerk
Bijlage 2 ALGEMENE CRITERIA
De algemene welstandscriteria richten zich op de zeggingskracht en het vakmanschap van het architectonisch ontwerp en zijn terug te voeren op vrij universele kwaliteitsprincipes. Deze criteria liggen (haast onzichtbaar) ten grondslag aan elke planbeoordeling, omdat ze het uitgangspunt vormen voor de uitwerking van de gebiedsgerichte en objectgerichte welstandscriteria. In praktijk zullen die uitwerkingen meestal voldoende houvast bieden voor de planbeoordeling.
Toepassing
In bijzondere situaties wanneer de gebiedsgerichte en de objectgerichte welstandscriteria ontoereikend zijn, kan het nodig zijn expliciet terug te grijpen op de algemene welstandscriteria. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn wanneer een bouwplan (slaafs) is aangepast aan de gebiedsgerichte welstandscriteria, maar het bouwwerk zelf zo onder de maat blijft dat het zijn omgeving negatief zal beïnvloeden.
Ook wanneer een bouwplan afwijkt van de bestaande of toekomstige omgeving maar door bijzondere schoonheid wél aan redelijke eisen van welstand voldoet, kan worden teruggegrepen op de algemene welstandscriteria. De welstandscommissie kan burgemeester en wethouders in zo’n geval gemotiveerd en schriftelijk adviseren af te wijken van de gebiedsgerichte en objectgerichte welstandscriteria. In de praktijk betekent dit dat het betreffende plan alleen op grond van de algemene welstandscriteria wordt beoordeeld en dat de bijzondere schoonheid van het plan met deze criteria overtuigend kan worden aangetoond. Het niveau van ‘redelijke eisen van welstand’ ligt dan uiteraard hoog, het is immers redelijk dat er hogere eisen worden gesteld aan de zeggingskracht en het architectonisch vakmanschap naarmate een bouwwerk zich sterker van zijn omgeving onderscheidt.
Relatie tussen vorm, gebruik en constructie
Van een bouwwerk dat voldoet aan redelijke eisen van welstand mag worden verwacht dat de verschijningsvorm een relatie heeft met het gebruik ervan en de wijze waarop het gemaakt is, terwijl de vormgeving daarnaast ook zijn eigen samenhang en logica heeft.
Een bouwwerk wordt primair gemaakt om te worden gebruikt. Hoewel het welstandstoezicht slechts is gericht op de uiterlijke verschijningsvorm, kan de vorm van het bouwwerk niet los worden gedacht van de eisen vanuit het gebruik en de mogelijkheden die materialen en technieken bieden om een doelmatige constructie te maken. Gebruik en constructie staan aan de wieg van iedere vorm.
Daarmee is nog niet gezegd dat de vorm altijd ondergeschikt is aan het gebruik of de constructie. Ook wanneer andere aspecten dan gebruik en constructie de vorm tijdens het ontwerpproces gaan domineren, mag worden verwacht dat de uiteindelijke verschijningsvorm een begrijpelijke relatie houdt met zijn oorsprong.
Daarmee is tegelijk gezegd dat de verschijningsvorm méér is dan een rechtstreekse optelsom van gebruik en constructie. Er zijn daarnaast andere factoren die hun invloed kunnen hebben zoals de omgeving en de associatieve betekenis van de vorm in de sociaalculturele context. Maar als de vorm in tegenspraak is met het gebruik en de constructie dan verliest zij daarmee aan begrijpelijkheid en integriteit.
Relatie tussen bouwwerk en omgeving
Van een bouwwerk dat voldoet aan redelijke eisen van welstand mag worden verwacht dat het een positieve bijdrage levert aan de kwaliteit van de openbare (stedelijke of landschappelijke) ruimte. Daarbij worden hogere eisen gesteld naarmate de openbare betekenis van het bouwwerk of van de omgeving groter is.
Bij het oprichten van een gebouw is sprake van het afzonderen en in bezit nemen van een deel van de algemene ruimte voor particulier gebruik. Gevels en volumes vormen zowel de externe begrenzing van de gebouwen als ook de wanden van de openbare ruimte die zij gezamenlijk bepalen. Het gebouw is een particulier object in een openbare context, het bestaansrecht van het gebouw ligt niet in het eigen functioneren alleen maar ook in de betekenis die het gebouw heeft in zijn stedelijke of landschappelijke omgeving. Ook van een gebouw dat contrasteert met zijn omgeving mag worden verwacht dat het zorgvuldig is ontworpen en de omgeving niet ontkent. Waar het om gaat is dat het gebouw een positieve bijdrage levert aan de kwaliteit van de omgeving en de te verwachten ontwikkeling daarvan.
Over de wijze waarop dat bij voorkeur zou moeten gebeuren kunnen de gebiedsgerichte welstandscriteria duidelijkheid verschaffen.
Betekenissen van vormen in sociaal-culturele context
Van een bouwwerk dat voldoet aan redelijke eisen van welstand mag worden verwacht dat verwijzingen en associaties zorgvuldig worden gebruikt en uitgewerkt, zodat er concepten en vormen ontstaan die bruikbaar zijn in de bestaande maatschappelijke realiteit.
Voor vormgeving gelden in iedere cultuur bepaalde regels, net zoals een taal zijn eigen grammaticale regels heeft om zinnen en teksten te maken. Die regels zijn geen wetten en moeten ter discussie kunnen staan. Maar als ze worden verhaspeld of ongeïnspireerd gebruikt, wordt een tekst verwarrend of saai. Precies zo wordt een bouwwerk verwarrend of saai als de regels van de architectonische vormgeving niet bewust worden gehanteerd.
Als vormen regelmatig in een bepaald verband zijn waargenomen krijgen zij een zelfstandige betekenis en roepen zij, los van gebruik en constructie, bepaalde associaties op. Pilasters in classicistische gevels verwijzen naar zuilenstructuren van tempels, transparante gevels van glas en metaal roepen associaties op met techniek en vooruitgang.
In iedere bouwstijl wordt gebruik gemaakt van verwijzingen en associaties naar wat eerder of elders reeds aanwezig was of naar wat in de toekomst wordt verwacht. De kracht of de kwaliteit van een bouwwerk ligt echter vooral in de wijze waarop die verwijzingen en associaties worden verwerkt en geïnterpreteerd binnen het kader van de actuele culturele ontwikkelingen, zodat concepten en vormen ontstaan die bruikbaar zijn in de bestaande maatschappelijke realiteit. Zorgvuldig gebruik van verwijzingen en associaties betekent onder meer dat er een bouwwerk ontstaat dat integer is naar zijn tijd doordat het op grond van zijn uiterlijk in de tijd worden geplaatst waarin het werd gebouwd of verbouwd. Bij restauraties is sprake van herstel van elementen uit het verleden, maar bij nieuw- of verbouw in bestaande (monumentale) omgeving betekent dit dat duidelijk moet zijn wat authentiek is en wat nieuw is toegevoegd. Een ontwerp kan worden geïnspireerd door een bepaalde tijdsperiode, maar dat is iets anders dan het imiteren van stijlen, vormen en detailleringen uit het verleden.
Associatieve betekenissen zijn van groot belang om een omgeving te ‘begrijpen’ als beeld van de tijd waarin zij is ontstaan, als verhaal van de geschiedenis, als representant van een stijl. Daarom is het zo belangrijk om ook bij nieuwe bouwplannen zorgvuldig met stijlvormen om te gaan, zij vormen immers de geschiedenis van de toekomst.
Evenwicht tussen helderheid en complexiteit
Van een bouwwerk dat voldoet aan redelijke eisen van welstand mag worden verwacht dat er structuur is aangebracht in het beeld, zonder dat de aantrekkingskracht door simpelheid verloren gaat.
Een belangrijke eis die aan een ontwerp voor een gebouw mag worden gesteld is dat er structuur wordt aangebracht in het beeld. Een heldere structuur biedt houvast voor de waarneming en is bepalend voor het beeld dat men vasthoudt van een gebouw. Symmetrie, ritme, herkenbare maatreeksen en materialen maken het voor de gemiddelde waarnemer mogelijk de grote hoeveelheid visuele informatie die de gebouwde omgeving geeft, te reduceren tot een bevattelijk beeld.
Het streven naar helderheid mag echter niet ontaarden in simpelheid. Een bouwwerk moet de waarnemer blijven prikkelen en intrigeren en zijn geheimen niet direct prijsgeven. Er mag best een beheerst beroep op de creativiteit van de voorbijganger worden gedaan. Van oudsher worden daarom helderheid en complexiteit als complementaire begrippen ingebracht bij het ontwerpen van bouwwerken. Complexiteit in de architectonische compositie ontstaat vanuit de stedenbouwkundige eisen en het programma van eisen voor het bouwwerk. Bij een gebouwde omgeving met een hoge belevingswaarde zijn helderheid en complexiteit tegelijk aanwezig in evenwichtige en spanningsvolle relatie.
Schaal en maatverhoudingen
Van een bouwwerk dat voldoet aan redelijke eisen van welstand mag worden verwacht dat het een samenhangend stelsel van maatverhoudingen heeft dat beheerst wordt toegepast in ruimtes, volumes en vlakverdelingen.
Ieder bouwwerk heeft een schaal die voortkomt uit de grootte of betekenis van de betreffende bouwopgave. Grote bouwwerken kunnen uiteraard binnen hun eigen grenzen geleed zijn maar worden onherkenbaar en ongeloofwaardig als ze er uitzien alsof ze bestaan uit een verzameling losstaande kleine bouwwerken. De maatverhoudingen van een bouwwerk zijn van groot belang voor de belevingswaarde ervan, maar vormen tegelijk één van de meest ongrijpbare aspecten bij het beoordelen van ontwerpen. De waarnemer ervaart bewust of onbewust de maatverhoudingen van een bouwwerk, maar wáárom de maatverhoudingen van een bepaalde ruimte aangenamer, evenwichtiger of spannender zijn dan die van een andere, valt nauwelijks vast te stellen.
Duidelijk is dat de kracht van een compositie groter is naarmate de maatverhoudingen een sterkere samenhang en hiërarchie vertonen. Mits bewust toegepast kunnen ook spanning en contrast daarin hun werking hebben.
De afmetingen en verhoudingen van gevelelementen vormen tezamen de compositie van het gevelvlak. Hellende daken vormen een belangrijk element in de totale compositie. Als toegevoegde elementen (zoals een dakkapel, een aanbouw of een zonnecollector) te dominant zijn ten opzichte van de hoofdmassa en/of de vlakverdeling, verstoren zij het beeld niet alleen van het object zelf maar ook van de omgeving waarin dat is geplaatst.
Materiaal, textuur, kleur en licht
Van een bouwwerk dat voldoet aan redelijke eisen van welstand mag worden verwacht dat materiaal, textuur, kleur en licht het karakter van het bouwwerk zelf ondersteunen en de ruimtelijke samenhang met de omgeving of de te verwachten ontwikkeling daarvan duidelijk maken.
Door middel van materialen, kleuren en lichttoetreding krijgt een bouwwerk uiteindelijk zijn visuele en tactiele kracht: het wordt zichtbaar en voelbaar. De keuze van materialen en kleuren is tegenwoordig niet meer beperkt tot wat lokaal aan materiaal en ambachtelijke kennis voorhanden is. Die keuzevrijheid maakt de keuze moeilijker en het risico van een onsamenhangend beeld groot. Als materialen en kleuren teveel los staan van het ontwerp en daarin geen ondersteunende functie hebben maar slechts worden gekozen op grond decoratieve werking, wordt de betekenis ervan toevallig en kan het afbreuk doen aan de zeggingskracht van het bouwwerk. Dit is bijvoorbeeld het geval wanneer het gebruik van materialen en kleuren geen ondersteuning geeft aan de architectonische vormgeving of wanneer het gebruik van materialen en kleuren een juiste interpretatie van de aard en ontstaansperiode van het bouwwerk in de weg staat.
Bijlage 3 STRAATNAMENREGISTER
Als er naar aanleiding van de indeling twijfel bestaat in welk gebied een gebouw thuishoort, zal de welstandscommissie op basis van de beschrijvingen en afbeeldingen aangeven welke criteria van toepassing worden geacht.
Wanneer een straatnaam meerdere keren voorkomt, kunt u aan de gebiedscode zien in welke kern de straat ligt (BR = Breukelen, KO = Kockengen, LS = Loenersloot, LV = Loenen aan de Vecht, MA = Maarssen, MB = Maarssenbroek, NA = Nieuwer ter Aar, NS = Nieuwersluis, NV = Nigtevecht, OZ = Oud Zuilen, VL = Vreeland, BG = Buitengebied, OV1 = bedrijventerrein, OV2 = sportterreinen, OV3 = recreactie).
Gebruikte afkortingen:
LINK Excel.Sheet.12 "Map1" "Blad1!R671K1:R674K2" \a \f 5 \h \* MERGEFORMAT
N: noordzijde
NO: noordoostzijde
O: oostzijde
NW: noordwestzijde
W: westzijde
ZO: zuidoostzijde
Z: zuidzijde
ZW: zuidwestzijde
A
't Heycop
BR3
't Karrepad
LV1/LV2
't Rond
LV2
Ab Degenplein
MA7
Abel Tasmanlaan
MA6
Achter Maria Dommer
MA1
Achter Raadhoven
MA1
Adri Amesz Park
NV1
Adriaan van Ostadestraat MA5
Aetsveldsestraat
NV2
Akelei
BR5
Alambertskade
BG1
Albardastraat
MA5
Albert Cuypstraat
MA2
Albrechtlaan
LV2
Alexiastraat
BR3
Amaliastraat
BR3
Ambachtsheerensingel NV2
Ameland
BR3
Amerlandseweg
BR7/OV1
Amsterdamseslag
Amsterdamsestraatweg
OV2
Anemoon
BR5
Angstelkade
BG2
Angstelkade
BG2
Angstelpad
BG2
Anna Pergensstraat
BR2/BR3
Antilopespoor
MB1
Arianestraat
BR3
B
Bachplein
MA7
Bastertlaan
LV3
Beatrixstraat
BR3
Beekweg
MA2
Beereveld
BR3
Beethovenlaan
MA7
Belle van Zuylenstraat
OZ2
Bergseweg
VL1/OV1
Bernard van den Bongerdstraat
BR3
Bernhardstraat
BR3
Besselsesteeg
MA1
Bethuneweg
BG3
Binnenweg
KB1
Binnenweg
MA2
Bisonspoor
MB3
Bisschopswater
BR3
Blesenlaan
MA7
Bloemstede
MB1
Bloklaan
BG1
Boendermakerstraat
BR3
Boerenlaantje
VL1
Bolensteinsestraat
MA1/MA3
Bolensteinseweg
MA3
Bonifatiuslaan
BR3
Boomstede
MB1
Bosdijk
BG2
Bosdijkseweg
Boshovenlaan
MA7
Boslaan
BG1
Boterwal
BG2
Boterweg
VL1/VL2
Brederostraat
MA5
Bredestraat
LV1
Breedstraat
MA1/MA2
Breedstraat
VL1
Breukelerwaard
BG2
Broekdijk Oost
BR5/OV2/BR6
Broekdijk West
BR4/OV1
Brouwerij
BR1
Brugoprit
BR3/BR4/BR5
Brugstraat
BR1
Brugstraat
LV1
Buitenhof
LV2
Buitenweg
MA7
Bulthuisweg
LV3
Burg. Cambier van Nootenstraat
MA4
Burg. Dolmanslaan
MA8
Burg. Egginkstraat
MA4
Burg. Huydecoperhof
MA8
Burg. Huydecoperweg
BG3
Burg. Huydecoperweg
BG3
Burg. Strick van Linschotenstraat
MA4
Burg. Van den Helmlaan
MA8
Burijnpad
LV3
C
C.P. Klapstraat
OZ3
Chopinlaan
MA7
Chris Schutweg
LV3
Clarenburg
BR3
Colijnstraat
MA5
Columbuslaan
MA6
Constantijn Huygensstraat
MA5
Cornelis de Houtmanlaan
MA6
Cramerlaan
MA7
Cronenburgherlaan
LV1
Croocklaan
MA7
D
d'Orvillestraat
MA7
Daalseweg
OZ2
Damastbloem
BR5
Daniël Stoopendaallaan
MA8
Dannegracht
BR1
Dannestraat
BR1
Daslook
BR5
De Aa
BR3
De Angstel
BR3
De Corridor
BR7
de Haanweg
BG2
De Hoopkade
OZ3
De Joncheerestraat
MA7
De Lespaullaan
MA7
De Meent
OV3
De Savornin Lohmanstraat
MA5
De Vliet
VL2
De Werf
OV1
De Wolffshoek
MA8
Demmeriksekade
BG2
Diependaalsedijk
MA1/MA2
Dillenburgstraat
BR3
Domineeslaantje
BR3
Domisstraat
MA7
Donkerelaan
MA7
Doornhoecklaan
MA7
Dorpsstraat
LV1
Dorpsstraat
NA1
Dorpsstraat
NV1/NV2
Dorpsstraat
OZ1
Dotterbloem
KO2
Doude van Troostwijkplein
LV2
Doude van Troostwijkstraat
NA2
Dr. Arienslaan
MA5
Dr. Plesmanlaan
MA5/MA7
Dr. R. van Lutterveltstraat
OZ3
Dreef
KO1/KO2
Drie Stammenweg
KO1
Driehoekslaan
MA2
Driehovenlaan
LV2
Ds. Ulferslaan
BG4
Ds. van Schuylenburglaan
BG4
Dudok de Witstraat
BR3
Duinkerken
VL1/VL2
Duivenkamp
MB1
Dwarsdijk
BG3
Dwarsweg
MA2
E
Eendrachtlaan
BR3
Emmaweg
MA2
Endelhovenlaan
MA1
Engel de Ruijterstraat
BR3
Europalaan
MA5
Evertsenstraat
MA5
F
Fahrheuslaan
MA7
Fazantenkamp
MB1
Fetha
VL2
Floraweg
MB1/MB4
Floraweg
VL2
Floris van Boekhorststraat
VL2
Fluitekruid
BR5
Fonteinkruid
KO2
Frans Halsplantsoen
MA5
Frans van Mierisstraat
MA5
Friezenstraat
MA4
Fuut
KO2
G
G. W. van Couwenhovenstraat
BR3
G.J.W. Schoenmakerweg
KO2
Gageldijk
BG5
Galgerwaard
BG2
Garstenstraat
NV2
Gaslaan
MA3
Geertruid Veerenlaan
MA7
Gerard Doustraat
MA5
Gerard Splinter van Ruwiellaan
BR3
Gerard Terborchstraat
MA5
Gerbrandystraat
MA5
Gerrit van Doornikstraat
BR3
Gieltjesdorp
BG2
Gijsbrecht van Amstelstraat
VL2
Gijsbrecht van Nijenrodestraat
BR2/BR3
Glaskruid
BR5
Godinweg
KO2
Graaf Floris V straat
VL2
Graaf Florishof
LV2
Graaf Hattolaan
LV2
Graaf Janlaan
LV2
Grachtje
NS1\
Griendweg
BG3
Griftenstein
BR3
Groeneweg
BG1/OZ1
Groenhoven
OZ2
Grutterstraat
LV1
H
Haarrijnweg
MB1
Handelsweg
MB4
Harmonieplein
MA3
Harmonieweg
MA3
Hazeslinger
BR1
Heicop
KO1
Helmbloem
BR5
Hendrik van Viandenstraat
VL2
Henri Dunantpad
KO2
Herengracht
MA1
Herenstraat
BR1
Herenweg
BG5
Herman van Woerdenstraat
VL2
Het Kwadrant
MB4
Heuvellaan
BG4
Heycoplaan
BR2/BR3
Hoedenmakersgang
LV1
Hoefijzer
LV2
Hoekerstraat
NV2
Hofbergen
LV2
Hoflaan
LV2
Hollandse Kade
BG2
Hollandstraat
LS2
Honderdsche Laantje
NA2/ BG2
Hondiusstraat
MA7
Huis ten Boschstraat
MA5/ MA7
Hunthum
LV2
Huyck Aertsenstraat
BR3
I
IJsvogel
MA7
IJsvogelpad
BG1
In 't Gras
BG4
Industrieweg
OV1
Industrieweg
MB4
Insulinde
BR5
Irenestraat
BR3
J
J. de Regtstraat
OZ3
J. Homan van der Heideplein OZ3
J. Reyneke van Stuwestraat
OZ3
Jaagpad
NS1/BG1
Jaagpad
Jacob Catsstraat
MA5
Jacob Le Mairelaan
MA6
Jacob van Heemskerklaan
MA6
Jacob van Ruysdaelstraat
MA5
Jan de Beijerhof
LV3
Jan Evertse Boutstraat
BR3
Jan Steenstraat
MA5
Jan van Dieststraat
VL2
Jan van Galenstraat
MA5
Jan van Nassaustraat
VL2
Jan van Wijkpad
Jhr. Huydecoperstraat
NV2
Jodenkerksteeg
MA2
Joh. Poststraat
BR3
Johannes Sandersonhof
Johannes Vermeerstraat
MA5
Joris Dircksenstraat
BR1/BR3
Josinahof
BR2
Jubileumlaantje
VL1
Julianalaan
NA1
Julianastraat
BR3
Julianaweg
MA1/MA2
K
Kaatsbaan
MA1/MA2
Kalmoes
KO2
Kamelenspoor
MB1
Kanaaldijk Oost
BR3/OV2/BR6/BG1
Kanaaldijk Oost
OV1/BG1
Kanaaldijk West
OV1/BR4/BG2
Kanaalstraat
MA4
Kappeyne van de Coppellolaan
LV3
Karel Doormanplein
MA5
Karel Doormanweg
BR2/BR3
Keizer Ottolaan
LV2
Keizerskroon
BR5
Kemperstraat
MA5
Kennedylaan
MA5
Kerkbrink
BR1
Kerkhoflaantje
BG1
Kerklaan
KB1
Kerklaan
NA1/BG2
Kerkplein
BR1
Kerkplein
KO1
Kerkplein
VL1
Kerkstraat
BR3
Kerkstraat
LV1
Kerkweg
KO1/KO2
Kerkweg
MA2
Keulschevaart
OV1
Keyseryck
BR1
Kickestein
LV2
Kievitsbloem
BR5
Klapstraat
VL1
Klein Korenpad
BR1/BR3
Klein Muiden
NV2
Kleizuwe
BG1
Kleuterstein
LV2
Klokjeslaan
MA2
Klompweg
NV2/BG1
Kloosterhof
BR1
Kneuterdijkje
VL1
Kometenweg
MB4
Koningin Julianaweg
KO2
Koningin Julianaweg
LV2
Koningin Wilhelminaplein
KO2
Koningin Wilhelminaweg
LV2
Koningstraat
KO1
Korte Kerkweg
KO1
Korte Velterslaan
OV1
Korte Zuwe
BG2
Kortelaan
MA2/MA5
Kortenaerstraat
MA5
Kortrijk
BG2
Krabbescheer
KO2
Kuyperstraat
MA5
L
L. Rotgansstraat
OZ3
Laag-Nieuwkoop
BG2
Laan van Duuren
BG2
Laan van Duuren
BG2
Laan van Duuring
BG2
Laan van Gunterstein
BG1
Laan van Niftarlake
BG4
Laan van Zuilenveld
OZ2
Laantje
NA1/BG2
Landweg
BG3
Langegracht
MA1
Leeuwendijk
LV1
Leeuwenhof
MA5
Lelystraat
MA5
Lenteklokje
BR5
Ligtelijnweg
LV3
Lindengracht
VL1
Lindenpad
Lindenplein
Linnaeusdreef
BR3
Lisdodde
KO2
Loenenseweg
BG1
Longkruid
BR5
Looijersdijk
BR3
Looydijk
BG4
Ludgerushof
KB1
Luitenant Maltbystraat
BR3
Lutgerslaan
LV3
M
M. van Zantenstraat
NA2
M. van Zeggelenhof
OZ3
Maagdenpalm
BR5
Maarssenbroeksedijk
BG1
Maarssenbroeksedijk
MB4
Maarssenbroeksedijk Oost
BG1
Maarssenbroekseslag
Maarsseveensegrachtje
MA1
Maarsseveensepoort
BG5
Maarsseveensepoort
Maarsseveensevaart
MA2/BG5
Maarsseveensevaart
BG3/BG5
Maarten Harpertszoon Trompstraat
MA5
Maartenplein
VL2
Machinekade
BG3
Maire Hofstedelaan
MA5
Marco Pololaan
MA6
Margrietstraat
BR3
Marijkestraat
BR3
Markt
BR1
Marktstraat
BR1
Mecklenburgstraat
BR3
Meentweg
BG2
Meijenlaan
MA7
Meindert Hobbemastraat
MA5
Merenhoef
MA7
Merwedeweg
OV1
Michiel Adriaanszoon de Ruyterstraat
MA5
Middenhoek
LV2
Middenweg
BG3
Mijndensedijk
BG1
Mijndensedijk
NS1/BG1
Molendijk
LV1
Moleneind
LV1
Molensteeg
MA1
Molenweg
OZ3
Molenwerf
BR1
Mozartlaan
MA7
N
Narcis
BR5
Nassauplein
BR3
Nassauplein
MA2
Nassaustraat
BR1/BR3
Nassaustraat
MA1/MA2
Nedereindsevaart
BG1
Nedereindsevaart
BG1
Nedereindsevaart
BG3
Nesciolaantje
LS2
Nicolaas Basterthof
MA8
Nicolaas Maesstraat
MA5
Nieuw Nijenrode
BR6
Nieuwedijk
BG2
Nieuweweg
BG1/OV3
Nieuweweg
NV2
Nieuweweg
BG3
Nieuwstraat
KO1
Niftarlakelaan
VL2
Niftarlakestraat
BR2/BR3
Nigtevechtseweg
VL2/BG1
Nijverheidsweg
OV1
Nijverheidsweg
MB4
Nimmerdorlaan
BG3
Nolensstraat
MA5
O
Olivier van Noortlaan
MA6
Ooievaarsbek
BR5
Oost en Vecht
NV2
Oosterbosch
MA5
Oosterklip
LV2
Oostkanaaldijk
BG1
Oostkanaaldijk
MA6/MA8/BG1
Oostwaard
OZ3/BG1
Oostwaard
OZ3/BG1
Oostwaarderbrug
OZ3
Oostzijdsestraat
NV2
Op Buurenplein
OZ3
Orttswarande
BR3
Otterspoor
BR3
Otterspoorbroek
BG1
Otto van Schonauwenstraat
VL2
Oud Aa
BG2
Oud Over
LV1/BG1
Oude Maarsseveensevaart
MA5
Oudedijk
BG6
Ouderhoek
LV2
Oukoop
BG2
Oukoop
BG2
Overdorp
KO2
Overweer
Overweer
P
P.C. Hooftstraat
MA5
P.N. Kruiswijkstraat
LS2
Paalsteeg
Panoven
MA7
Parallelweg
BG2
Parkweg
MA2
Pastoor Brouwerstraat
Paulus Potterstraat
MA5
Pauwenkamp
MB1
Peerlenburgh
MA5
Penseelpad
LV3
Petersburg
NV2
Petrus Lutgershof
MA8
Pierre H. Duboisstraat
OZ2
Piet Heinstraat
MA5
Pieter de Hooghplein
MA5
Pieter de Hooghstraat
MA2/MA5
Pijlkruid
KO2
Planetenbaan
MB4
Poeldijk
BR3
Polderweg
BG2
Pomonaweg
VL2
Port Broclede
OV3
Portengen
BG2
Portengense Zuwe
BG2
Portengense Zuwe
BG2
Prins Bernhardweg
KO2
Prinses Beatrixweg
KO2
Prinses Beatrixweg
LV2
Prinses Irenelaan
LV2
Prinses Ireneweg
KO2
Prinses Margrietlaan
LV2
Prinses Margrietweg
KO2
Proostdijweg
BG1
Proostwetering
OZ3
Provincialeweg
BG1
Purperreiger
KO2
R
Raadhuishof
NV2
Raadhuislaan
VL1
Raadhuisstraat
MA2
Raadhuisstraat
NV2
Rademakerpad
Ranstplein
MA7
Reigerskamp
MB1
Rembrandtsingel
MA5
Rietland
BR3
Rijksstraatweg
LV1/LV2/BG1
Rijksstraatweg
LS1
Rijksstraatweg
NS1/BG1
Rijksweg A2 Oostzijde
BG2
Rijksweg A2 Westzijde
BG2
Rijnevegt
BR3
Rijnkennemerweg
Rodendijk
BG2
Roemer Visscherstraat
MA5
Roerdomp
KO2
Roghmanlaan
LV3
Rogier van Otterloolaan
MA7
Royaardslaan
MA2
Rozendaal
NV2
Ruimteweg
MB4
Ruiterstraat
VL1
Ruwielsekade
OV1
Ruwielstraat
NA2
Ruymzicht
OZ3
Ruys de Beerenbrouckstraat
MA5
S
Safariweg
MB1/MB3
Salomonszegel
BR5
Schaepmanstraat
MA5
Scheendijk
OV3/BG1
Schepersweg
BR3
Schimmelpenninckstraat
MA5
Schippersgracht
MA1
Schokkingstraat
MA5
Scholekster
KO2
Schoolweg
KO2
Schoutenstraat
MA1
Schutterskade
BG2
Silversteyn
BR3
Singel
VL2
Sleutelbloem
BR5
Slootdijk
KB1/OV1
Slotlaan
LS1/BG2
Slotlaan
OZ1
Sluisje
BG1
Sluysoort
OZ3
Sluyswijck
Smidsgang
LV1
Snavelenburg
MA6
Sondaarpad
LV1
Spechtenkamp
MB1
Spengen
BG2
Spinnerie
LV1
Spoorlaan
VL2
Sportparkweg
OV2
Sportweg
OV2
Stationsweg
BR3/BR7/OV1/BG2
Stationsweg
MA2
Stationsweg
NS1
Steenoven
MA7
Stichtstraat
LS2
Stinzenlaan
BR5
Stinzenlaan Noord
BR5
Stinzenlaan Zuid
BR5
Stokmansteeg
Stoopendaalweg
LV3
Storckstraat
LV3
Straatweg
BR1/BR2/BR3/BG1/BR5/BR6
Straatweg
BG1/MA1/MA6/MA7/MA4/MA9
Strausslaan
MA7
Struisvaren
BR5
Suyderhoflaan
MA5
Sweserengseweg
BG3
Sweserengseweg
BG3/OZ3
T
Talmastraat
MA5
Teckop
BG2
Ter Aase Zuwe
BG2
Ter Aaseweg
OV1/BG2
Ter Aaseweg
BG1
Ter Beekhof
LV2
Termeerweg
MA2
Tesselschadestraat
MA5
Thorbeckelaan
MA5
Ticheloven
MA7
Timmermanslaan
MA1
Titus Brandsmastraat
BR3
Torenstraat
LV1
Tournooiveld
OZ1
Treubstraat
MA5
Troelstrastraat
MA5
Tuinbouwweg
BG5
U
Uitweg van Portengen
BG2
V
Valkenkamp
MB1
Van Amstellaan
LV2
Van den Berkhofweg
KO2
Van Exelstraat
MA7
Van Henegouwenlaan
LV2
Van Hogendorpstraat
MA5
Van Houtenstraat
MA5
Van Lingelaan
MA7
Van Lockhorstweg
KO2
Van Lyndenlaan
LV2
Van Oldenbarneveltstraat
BR4
Van Reedestraat
MA7
Van Reedestraat
NA2
Van Renessestraat
NA2
Van Renesseweg
KO2
Van Schaardenburgweg
KO2
Van Speykstraat
MA5
Van Tuyllplantsoen
OZ1
Van Uffelenstraat
MA7
Van Zuylenweg
KO2
Vecht en Gein
NV2
Vechtensteinlaan
MA7
Vechtoever
VL2
Vechtstroomplantsoen
Vechtstroomsingel
Vechtzijde
OZ2
Veenkade
OV3/BG3
Veerpad
NV1
Verbindingsweg
MB1/MA8
Verdilaan
MA7
Verhoekpad
Verlengde Kerkweg
KO1
Verlengde Molenweg
OZ3
Vijverlaan
VL2
Vijverlaantje
Vincent van Goghstraat
MA5
Vingerhoedskruid
BR5
Vischmarkt
LV1
Vogelmelk
BR5
Vogelweg
MB1
Vondelstraat
MA5
Voorburgstraat
LS2
Voorstraat
KO1
Voorstraat
VL1
Voortwijk
BR3
Vossenlaan
VL1
Vredelantstraat
VL2
Vreelandseweg
LV1/BG1
Vreelandseweg OV1/OV2/BG1
Vrijheidslaan
BR3
Vrouwenmantel
BR5
W
Wagendijk
KO1/BG2
Wallestein
LV2
Waterdragerssteeg
BR1
Waterkers
KO2
Waterlelie
KO2
Watersnip
KO2
Waterstede
MB2
Watertoren
BR3
Wederik
KO2
Weerestein
BR3
Weerestein
LV2
Weideweg
BG4
Westbroekse Binnenweg
BG6/OV3/BG3
Westerklip
LV2
Westkanaaldijk
BG2
Westkanaaldijk
MB4
Westkanaaldijk
BG2
Wethouder van Doornweg
KO2
Wiardi Beckmanstraat
BR3
Wibautstraat
MA5
Wilhelminastraat
BR3
Wilhelminastraat
NA1
Wilhelminaweg
MA1
Willem Barendszlaan
MA6
Willem Torckstraat
BR3
Willem van de Veldestraat
MA5
Willem van Leusdenlaan
MA8
Willem van Mechelenstraat
VL2
Willink van Collenstraat
BR3
Winterakoniet
BR5
Woerdenseweg
BG1
Z
Zandpad
BG1
Zandpad
MA1/BG1
Zandpad
NS1/BG1
Zandweg
MA2/MA7
Zebraspoor
MB1
Zegelaarweg
LV3
Zijldijk
Zijlweg
MA6
Zogweteringlaan
BG3
Zomerklokje
BR5
Zonswaert
BR3
Zuilenselaan
OZ2/OV2
Zuilensering
MB4
Zwanebloem
KO2
Zwanenkamp
MB1
Bijlage 4 BESCHRIJVING STICHTSE VECHT
Stichtse Vecht
De gemeente Stichtse Vecht kenmerkt zich door een rijke historie, praktische woongebieden en een weids polderlandschap.
Landschap
Het landschap van dit gebied is van oorsprong gevormd door het Hollands- Utrechtse veenmoeras en de daar doorheen meanderende Vecht. De veenmoerassen zijn vanaf de vroege middeleeuwen ontgonnen (copeverkaveling), waarbij langs de ontginningsbases lintdorpen ontstonden, zoals Tienhoven, Oud-Maarsseveen, Oukoop, Oud-Aa Kortrijk en Portengen. De Vechtzone kenmerkt zich door de kronkelende rivier met veelal bebouwing aan beide zijden. Op diverse plekken wordt de Vecht omringd door groen. De percelen varieren in vorm en zijn in het algemeen blokvormig. Vanaf de 13e eeuw werden langs de rivier kastelen gebouwd, zoals Slot Zuylen, Snavelenburg, Bolenstein, Oudaen, Nijenrode, Gunterstein, Mijnden, Cronenburgh, Vredeland, Ruwiel en Loenersloot. Kastelen verloren in de 16e eeuw hun militaire functie en werden voor een deel gesloopt (Vredeland en Cronenburg), vervielen (Snavelenburg, Mijnden en Ruwiel) of verbouwd tot buitenplaats. In de 17e en 18e eeuw vestigden zich rijke Amsterdamse kooplieden aan de oevers van de Vecht, waardoor een dicht lint van buitenplaatsen is ontstaan gericht op het water, waaronder Huis ten Bosch, Herteveld, Goudestein, Gansenhoef, Cromwijck, Boom en Bosch, Vechtvliet, Over Holland, Sterreschans, Rupelmonde, Vreeden Hoff, Nieuwerhoek, Vechtlust, Bijdorp, Beek en Hoof, Slotzicht en Vredenrust. Ook vormde de Vecht een belangrijke hoofdverdedigingsstrook in De Nieuwe Hollandse Waterlinie, waarmee in de 19e eeuw wordt gestart. Langs de Vecht zijn dan ook vele forten te vinden, zoals Nieuwersluis en Nigtevecht. De meeste kernen in de gemeente liggen in de Vechtzone, met uitzondering van Loenersloot, Nieuwer Ter Aa, Kockengen en Tienhoven.
Grote delen van het landschap in Stichtse Vecht maken onderdeel uit van deze “Nieuwe Hollandse Waterlinie”, maar ook van “Het Groene Hart”, beiden aangewezen als Nationale Landschappen. De ontstaansgeschiedenis van het gebied heeft geleidt tot verschillende landschapstypen, waaronder de Vechtzone met de stroomruggen en komgronden, het Veenweidelandschap met de kenmerkende copeverkaveling, het Petgatenlandschap, de Droogmakerij Bethunepolder en de Recreatieplassen. De kwaliteiten van enerzijds de Vechtzone met de buitenplaatsen en dorpsgezichten en anderzijds de veengebieden met de copeverkaveling en bijbehorende lintdorpen, weteringen, bebouwingslinten, molens en forten van de Nieuwe Hollandse Waterlinie zijn zowel ecologisch als cultuurhistorisch zeer waardevol.
In het gebied werden in de 19e en 20e eeuw grote infrastructurele werken als het Rijnspoor, het Merwedekanaal, het Amsterdam-Rijnkanaal en de rijksweg A2 aangelegd. Deze werken hebben het gebied sterk doorsneden en verdeeld in Oost en West. Toch zijn karakteristieken als veenweidegebied en de buitenplaatsgordel nog steeds bewaard gebleven.
De bebouwing in het landschap is in de regel vrij compact gebleven en concentreert zich in Breukelen en Maarsen en in de relatief klein gebleven kernen langs de Vecht, de Angstel en de Aa zoals Nieuwersluis, Loenen, Vreeland, Nigtevecht, Loenersloot en Nieuwer Ter Aa. Verspreide bebouwing bevindt zich daarnaast in de vorm van enkele linten in het veenweidegebied, zoals Tienhoven, Portengen en Kortrijk. De bebouwing is vooral te vinden op de oude stroomruggen.
Kernen
De gemeente Stichtse Vecht bestaat uit twaalf kernen. In het noorden van de gemeente langs de Vecht, Angstel en Aa liggen enkele kleine en pittoreske dorpen in het overwegend open veenweidegebied omringd door onder andere forten. Dit gebied wordt ook wel de Boerenvecht genoemd. De oeverwal is daar smal zodat ten noorden van Vreeland slechts een enkele buitenplaats ligt. Kockengen is een historisch dorp in het Utrechts veenweidegebied.
Naar het zuiden, waar de oeverwal breder is, treffen we de buitenplaatsen aan met hun parkbossen en nemen de kernen aan de Vecht in omvang toe. Breukelen ligt tussen Vecht en Amsterdam-Rijnkanaal en heeft naast het historische dorp diverse uitbreidingswijken. Tussen kanaal en spoor ligt een industrieterrein.
Ten zuiden van Breukelen ligt de kern Maarssen die oorspronkelijk bestond uit een kleine kern rond de kastelen Snavelenburg en Bolenstein. Onder invloed van Joans Huydecoper verrees in de 17e eeuw een serie buitenplaatsen. Tegen het einde van de 18e eeuw trad stagnatie en zelfs verval in, waarbij meerdere buitenplaatsen werden gesloopt. De grotere uitbreidingen van Maarssen vinden plaats aan het begin van de 20e eeuw aan de Parkweg, waar het Huis ter Meer heeft gestaan. In de afgelopen decennia groeide Maarssen verder uit met woongebieden en kleinschalige bedrijvigheid.
Ten zuiden van Maarssen ligt Oud-Zuilen, waar het beschermde dorpsgezicht met het slot Zuylen en de oudste bebouwing langs de Vecht staan. Daarnaast bestaat Oud-Zuilen voornamelijk uit een sportterrein en de recente woonwijk Op Buuren.
Aan de overzijde van het Amsterdam-Rijnkanaal ligt Maarssenbroek. Woonerven staan centraal met daaromheen ruimte en groen voor de bewoners. Daarnaast is het voorzieningenniveau vrij hoog, met name als gevolg van winkelcentrum Bisonspoor. Ten zuiden van de Verbindingsweg ligt bedrijventerrein Maarssenbroek. Als gevolg van de toegepaste stedenbouw en architectuur, de geïsoleerde ligging en het voorzieningenniveau is Maarssenbroek een op zichzelf staand onderdeel van de gemeente.
Het polderlandschap is doorkruist met diverse linten. Oud Aa, Portengen, Tienhoven en Oud-Maarsseveen zijn voorbeelden van linten in het polderlandschap. Boerderijen en (verveners)woningen wisselen elkaar af. De linten hebben vrijwel geen groei in de breedte.
Bijlage 5 RUIMTELIJK BELEID
De samenhang van cultuurhistorie en ruimtelijk beleid
Behoud van de bestaande kwaliteiten, ook bij nieuwe ontwikkelingen, is uitgangspunt voor Stichtse Vecht. Er is een duidelijk verband tussen cultuurhistorie en ruimtelijke ordening. Het beleid wordt zowel vorm gegeven op basis van cultuurhistorische als ruimtelijke visies. Bij de cultuur gaat het vooral om op de Nota Belvédère gebaseerde visies, waaronder de VechtVisie en om beeldkwaliteitplannen die worden gebruikt om de ontwikkeling van nieuwe gebieden te sturen. Ook zijn er enkele landschapontwikkelingsplannen (LOP's) die vooral voor het buitengebied van belang zijn. Ontwikkeling van natte natuur is een speerpunt in het poldergebied. Centraal in het ruimtelijk beleid staan structuurvisies en bestemmingsplannen. In het coalitieakkoord en het collegeprogramma (2011) is het uitgangspunt "Stichtse Vecht stabiel" geformuleerd, dat wil zeggen dat bij de bouw woningen rekening wordt gehouden met de huidige bevolking. Een ruimtelijk economische visie (2025) wordt voorbereid, evenals een lange termijnvisie (2040, Focus op Morgen).
Concrete bouwplannen waarvoor een vergunning is verstrekt zijn zoveel mogelijk opgenomen in deze nota als context voor eventuele nieuwe plannen. Voor plannen in ontwikkeling kan het nodig zijn afwijkende welstandscriteria vast te stellen, maar deze kunnen pas in een later stadium worden opgesteld.
Cultuurhistorie, beeldkwaliteit en monumenten
Stichtse Vecht is een gemeente met zichtbare cultuurhistorische waarden. Het afwisselende landschap, de historische dorpen en de bijzondere bebouwing getuigen van een rijk verleden met landgoederen en buitenplaatsen. Het beleid is erop gericht deze cultuurhistorische waarden te behouden en om ze als inspiratiebron te gebruiken bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen. Over die hoofdlijn is overeenstemming. De historische dorpen kennen een grote verscheidenheid en ook het beleid van de voormalige gemeenten langs de Vecht ten aanzien van het historisch erfgoed verschilde. Stichtse Vecht is zich bewust dat de gemeente veel monumenten heeft en een rijk historisch erfgoed dat zorgvuldig beleid vereist.
Plannen vanuit de cultuurhistorie en de beeldkwaliteit, die van belang zijn als context voor het welstandsbeleid, zijn hieronder samengevat.
De Nota Belvédère
Belangrijk rijksbeleid werd in 1999 gepresenteerd in de Nota Belvédère. De nota legt een verband tussen cultuurhistorie en ruimtelijke ordening. In de nota Belvédère wordt geconstateerd dat Nederland staat voor grote ruimtelijke veranderingen en dat er tegelijkertijd veel aandacht is voor de culturele identiteit van de leefomgeving. Die identiteit kan worden versterkt door bestaande cultuurhistorische kwaliteiten in te zetten bij ruimtelijke projecten en ontwikkelingen. Het streven is erop gericht cultuurhistorie, ruimtelijke planning, integraal ontwerpen en opdrachtgeverschap beter en creatiever op elkaar te laten aansluiten.
De VechtVisie
De Vechtplassencommissie stelde In 2000-2002 de Belvedère VechtVisie op, die bestaat uit twee delen, waarvan het ene vooral gaat over de oever van de rivier. (Vademecum) , terwijl het andere gaat over bouwen in de Vechtstreek (Belvedère bouwen). In de beschrijving van de Vechtstreek staat cultuurhistorie centraal, overeenkomstig het uitgangspunt van de rijksnota Belvedère. Het landschap van de Vecht wordt gevormd door verschillende korrels van groene en ruime opzet van vrijstaande woningen, boerderijen, buitenplaatsen en landgoederen en door historische dorpen, met huizen in variërende stijlen en een rijke, verzorgde detaillering. Deze compacte dorpen vormen een contrast met de landelijke en ruim opgezette bebouwing elders langs de Vecht.
De VechtVisie is niet alleen een analyse van het bestaande, maar primair een methodiek voor kwalitatief en duurzaam maatwerk. In het onderdeel Belvedère bouwen wordt duidelijk gemaakt waaraan moet worden gedacht bij Vecht’s bouwen. Geen pasklare formule, wel een advies voor de aanpak. Bij nieuwbouw is het van belang dat deze aanpak van Vecht’s bouwen centraal staat, zodat de bouwkundige kwaliteiten in de Vechtstreek worden versterkt.
Beeldkwaliteitplan De Bocht van Maarssen
Het beeldkwaliteitplan De Bocht van Maarssen beschrijft welke uitgangspunten de toenmalige gemeente Maarssen heeft gehanteerd bij de realisatie van Op Buuren. In deze, in opdracht van de Vechtplassencommissie ontwikkelde VechtVisie ‘Vecht’s Bouwen’, is er voor gekozen om aan te sluiten bij de schaal en de stijl van de Vechtdorpen, in lijn met de uitgangspunten van de Nota Belvedère. De ontwikkeling van het gebied is in gang.
De VechtVisie en Nijenrode
Bij de planontwikkeling van het landgoed Nijenrode is ten behoeve van de uitbreidingsplannen van de Universiteit uitgegaan van de VechtVisie Belvedere, allereerst door cultuurhistorisch waardenonderzoek te verrichten. Dat onderzoek staat aan de basis van de ruimtelijke visie. De methodiek zal vervolgens aandacht krijgen binnen het beeldkwaliteitplan. Het is de bedoeling om ook bij de realisatie het principe van Vecht’s bouwen toe te passen.
De Vechtstreek: het buiten van de Randstad
Het initiatief voor de gebiedsvisie De Vechtstreek ( 2008) werd genomen door de Provincie Utrecht en kwam tot stand in samenwerking met gemeenten en andere partijen in de streek. In deze gebiedsvisie staat de hoge kwaliteit van de Vechtstreek, als het buiten van de Randstad, centraal. De visie geeft aan waar en hoe regie gevoerd moet worden. Het streven is een landschappelijk eenheid van formaat als tegenhanger van de verstedelijkingsdruk van de Randstad. Tenslotte is een inventarisatie gemaakt van alle voorgenomen projecten en plannen voor het gebied.
Cultuurnota provincie Utrecht 2012
De cultuurnota 2012 van de provincie Utrecht beschrijft de hoofdlijnen van het provinciale cultuurbeleid voor de periode 2012-2015, gebaseerd op het coalitieakkoord. De cultuurnota werkt een drietal slagzinnen uit: cultuur verrijkt, cultuur verbindt en cultuur versterkt. De kwaliteit van de provincie Utrecht als leefomgeving en vestigingsplaats wordt in hoge mate gezien als een culturele kwaliteit. In de ruimtelijke ordening en monumentenzorg ligt de focus op historische buitenplaatszones, militair erfgoed, agrarisch cultuurlandschap en archeologie. Bij de iconen van Utrechts Erfgoed wordt Slot Zuylen met name genoemd. . De provincie wil de mogelijkheid vergroten om economische kostendragers voor erfgoedbeheer te creëren. De provincie ziet al eigen rol het begeleiden van en sturen op de transitie die de culturele sector als geheel en de instellingen afzonderlijk moeten maken.
Linieperspectief Panorama Krayenhoff
In overeenstemming met de Nota Belvedère is het principe ‘behoud door ontwikkeling’ in het linieperspectief Panorama Krayenhoff uitgewerkt voor het nationale project Nieuwe Hollandse Waterlinie. Het Linieperspectief wil bestemmingsplannen en de Monumentenwet benutten voor de bescherming van de waterlinie. Daarnaast is er de keuze voor actieve ontwikkeling in de vorm van uitvoeringsplannen per deelgebied (zogenaamde enveloppen). In het Panorama Krayenhoff zijn de ambities tot 2020 geformuleerd.. De waterlinie heeft geen defensieve betekenis, maar wel betekenis voor het landschap, het waterbeheer en het kennen de historische ontwikkeling.
In Stichtse Vecht is er een relatie met het project Groene Ruggengraat. Daarbij gaat het erom de kwaliteiten van de Waterlinie te combineren met de aanleg van een robuuste ecologische verbinding.
Landschapsontwikkelingsplan Maarssen
De visie van het landschapsontwikkelingsplan Maarssen is gericht op behoud en ontwikkeling van de eigen identiteit van de landschapstypen, op het versterken van de economische vitaliteit en op het behouden en versterken van een ruimtelijk samenhangend landschap. Het plan onderscheidt een aantal landschappen die elk hun eigen benadering kennen. In de Vechtzone gaat het om een waardevol lint van landgoederen en buitenplaatsen met hun tuinen en parkbossen, afgewisseld met zichten op het achterliggende weidegebied. In het unieke petgatenlandschap is behoud van de landschappelijke karakteristieken en het ontbreken van ingrepen in het natuurlandschap van belang. In het veenweidegebied wordt ingezet op behoud en versterking van de openheid en de regelmatige copeverkaveling met slotenpatroon en lintdorpen met hun kenmerkende doorzichten naar het achterland. Wel wordt agrariërs ruimte geboden voor schaalvergroting of nevenfuncties ten behoeve van economische vitaliteit De droogmakerij De Bethunepolder wordt grotendeels natuurgebied, waar doorheen de Groene Ruggengraat loopt. Het verstedelijkt recreatielandschap kent naast dag- en verblijfsrecreatie, ook veel bedrijvigheid. Rond de Maarsseveense plassen is een opwaardering van de openbare ruimte, het groen en versterking van het ruimtegebruik wenselijk. Nieuwe ontwikkelingen worden geïnspireerd op het voorkomende landschapstype en met streekeigen landschapselementen ingepast.
Landschapsontwikkelingsplan Breukelen en Loenen (2008)
In het Landschapsontwikkelingsplan (LOP) Breukelen en Loenen worden zes deelgebieden onderscheiden: het veenweidelandschap West, het weidelandschap oost, het stroomruggenlandschap van de Aa, Angstel en Kerklaan, het stroomruggenlandschap van de Vecht-Noord en van de Vecht-zuid en tot slot het vechtplassengebied met legakkers in de Kievitsbuurt. De gebieden hebben elk een geheel eigen identiteit. De infrastructurele werken in het gebied, vormen grote barrières. De visie voor de landschapsontwikkeling betreft vooral de ontwikkeling tot over tien jaar, maar biedt ook een doorkijk naar 2030 waarbij thema’s als bodemdaling en de Kadernota Water een rol spelen. Het LOP heeft als doelstellingen onder andere het behouden en ontwikkelen van de karakteristieken van de landschapstypen met bijbehorende landschapselementen en verkaveling, het behouden en ontwikkelen van ruimtelijke samenhang (met name in oost-west richting), het versterken van de economische vitaliteit van het buitengebied en het geleiden van recreatief gebruik door verbeteren en toevoegen van recreatieve routes en kleinschalige voorzieningen.
Beeldkwaliteitplan Breukelen en Loenen
Naast het LOP is een Beeldkwaliteitplan Breukelen en Loenen opgesteld. Dit plan gaat in op het lagere schaalniveau. Hier wordt uitspraak gedaan over ruimtelijke samenhang van structuurdragers als bebouwingslinten, ruimtelijke samenhang in het landschap (open/besloten, beplantingen en slotenpatronen) en ruimtelijke samenhang op de erven (opbouw erven, relatie bebouwing en beplanting).
Beeldkwaliteitplan beschermd dorpsgezicht e.o Nigtevecht
Het beeldkwaliteitplan betreft de historische kern van Nigtevecht en de direct hieraan grenzende gebieden. Dit deel van het dorp is het meest kwetsbaar voor veranderingen en eventuele toekomstige ontwikkelingen. Binnen het plangebied ligt de bebouwing aan de Dorpsstraat, de kerk, de begraafplaats en een aantal kleine groene openbare ruimten. Een aantrekkelijke openbare ruimte is het parkje aan de Vecht waar ook de opstapplaats van het voetveer is. Het asymmetrische profiel van de Dorpsstraat en de ligging aan de Vecht zijn de belangrijkste karakteristieken van Nigtevecht.
Beeldkwaliteitplan Nieuwersluis
In het beeldkwaliteitplan Nieuwersluis uit 2009 wordt de kern Nieuwersluis met de omliggende schootsvelden beschreven. Nieuwersluis heeft een groot aantal cultuurhistorische waarden. De kern Nieuwersluis ligt aan weerszijden van de Vecht. Het dorp wordt omgeven door polders, die in agrarisch gebruik zijn. Aan de noord- en zuidzijde wordt het dorp begrensd door een reeks land- goederen en buitenplaatsen. Kenmerkend en uitzonderlijk gaaf zijn de militaire relicten van Nieuwersluis als onderdeel van de Nieuwe Hollandse Waterlinie.
Beeldkwaliteits- en inrichtingsplan voor het Vierde Kwadrant, Kockengen
Belangrijke kwaliteiten van Kockengen zijn het dorpse karakter en de ligging in de open polderlandschappen van het Utrechts Veenweidegebied. Het Vierde Kwadrant is een nieuwe wijk ten noordoosten van de wijken Welgelegen en Groenlust. In het beeldkwaliteitplan worden de uitgangspunten voor fase 1 beschreven. Belangrijke kenmerken bij de verkaveling zijn het handhaven van het bestaande slotenpatroon en doorzichten, een transparante verkaveling met relatie met het water en duurzaamheid.
De gemeente hanteert de beeldkwaliteitplannen ten behoeve van de ontwikkeling van nieuwe gebieden en tot behoud van beschermde gezichten en andere bijzondere gebieden. Vastgestelde beeldkwaliteitplannen zijn onder de noemer aanvullend beleid opgenomen bij de beoordelingskaders van de betreffende gebieden.
Dorpsgezichten
De cultuurhistorische waarden van de gemeente Stichtse Vecht zijn in het bijzonder ook zichtbaar in de historische dorpen. Er zijn dorpsgezichten aangewezen om deze beeldbepalende waarden te beschermen.
Rijksbeschermde dorpsgezichten
Van de in totaal twaalf kernen binnen de gemeente zijn er negen aangewezen als beschermd dorpsgezicht. Alleen Breukelen, Maarssenbroek en Tienhoven zijn geen beschermde gezichten.
In 1966 is Maarssen Dorp aangewezen als beschermd dorpsgezicht. De Vecht is het verbindende element in dit beschermd dorpsgezicht. Langs de Vecht zijn diverse buitenplaatsen gelegen die samen met de historische bebouwing aan onder andere de Schippersgracht en Herengracht de kern van het beschermd dorpsgezicht vormen.
Ook Oud-Zuilen is in 1966 aangewezen als beschermd dorpsgezicht. Kern van dit beschermd dorpsgezicht is het Slot Zuylen met het omringende park en bebouwing. Daarnaast is de kleinschalige bebouwing aan de Dorpsstraat onderdeel van het beschermd dorpsgezicht. Het geheel is zeer beeldbepalend voor de indruk van het dorp.
De beschermde gezichten van Loenen, Kockengen en Nieuwer ter Aa zijn in 1966 aangewezen. Loenersloot en Vreeland volgden in 1967 en Nigtevecht in 1987. Als laatste is in 2007 beschermd gezicht Nieuwersluis aangewezen.
De beschermde gezichten van Loenen, Vreeland en Nieuwersluis liggen aan twee kanten van de Vecht en bestaan overwegend uit beeldbepalende historische woningen en een enkele buitenplaats. Het dorpsgezicht van Nigtevecht ligt aan één kant van de rivier. Nieuwer ter Aa heeft haar beschermde gezicht aan beide zijden van de Angstel, net als Loenersloot. Een bijzonder element in het beschermde gezicht van Loenersloot is het kasteel. De ligging met zicht op de Vecht betekent dat veel woningen hun voorzijde aan de Vechtkant hebben. Opvallend is de grote afwisseling van bebouwing, waarbij per dorp zelfs specifieke kleurschakeringen zijn te onderscheiden. Kockengen is een typisch plattelandsdorp in het open weidegebied van het Groene hart.
Monumenten
De gemeente Stichtse Vecht draagt zorg voor 825 Rijksmonumenten en ongeveer 70 gemeentelijke monumenten. Stichtse Vecht zet voor het behoud van het aanzien van deze monumenten mede in op een zorgvuldige welstandsbeoordeling. De welstandsnota is mede opgesteld met het doel te voorkomen, dat aanpassingen aan monumenten afbreuk doen aan de redengevende beschrijving van het monument. Bouwplannen aan of nabij monumenten worden daarom met aandacht getoetst door de welstandscommissie, die daarvoor gebruik maakt van de gebieds- of objectkaders aangevuld met de uitgangspunten voor de beoordelingscriteria voor monumenten zoals beschreven in hoofdstuk 7.
Ruimtelijk beleid
Uiteraard is ook bij het ruimtelijk beleid behoud van de bestaande kwaliteiten het uitgangspunt voor Stichtse Vecht. Ruimtelijke visies zijn er op rijksniveau, provinciaal niveau en gemeentelijk niveau, waarbij ook nog sprake kan zijn van thematische benaderingen of een benadering per deelgebied. Hieronder staan de belangrijkste ruimtelijke visies die van belang zijn voor Stichtse Vecht. Overigens hebben de cultuurhistorische visies die hiervoor zijn behandeld ook een ruimtelijke component.
•RIJKSBELEID
Vijfde Nota Ruimtelijke Ordening en Nota Ruimte
In Nederland zijn vijf nota’s Ruimtelijke Ordening verschenen. De Vijfde Nota gaf vooral een beleidskader, een manier waarop tegen het ruimtelijk beleid kan worden aangekeken. Gewezen werd op de veranderingen in de samenstelling van de bevolking, op verschuivingen in de arbeid en op de sterke druk op de leefomgeving. Voor allerlei functies is extra ruimte nodig is, behalve de landbouw. De Vijfde Nota kwam met het instrument van de rode contouren. Begin deze eeuw hebben Breukelen, Abcoude, Loenen en Maarssen gereageerd. Daarbij werd gewezen op de aard van het gebied langs Angstel en Vecht, waarin de Corridor is gelegen ( de A2, het Amsterdam-Rijnkanaal en de spoorlijn Amsterdam- Utrecht ) maar ook de Vecht en Angstel, de Venen en Plassen. Het accent moet liggen op kwaliteit en op beperkt bouwen.
De Nota Ruimte verschijnt in 2004 en is formeel te zien als het derde deel van de Vijfde Nota. Het is een uitvoeringsgericht beleidsstuk. De nadruk ligt op ontwikkelingsmogelijkheden voor de economie en op het waarborgen van groengebieden. In de nota wordt gekozen voor het uitgangspunt: decentraal wat kan, centraal wat moet. De nadruk is gelegd bij de gezamenlijke verantwoordelijkheid van provincies en gemeenten.
De Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte
De Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (2011) is de eerste Structuurvisie zoals bedoeld in de nieuwe Wro. De leidende gedachte van deze Structuurvisie is Ruimte maken voor groei en beweging. Er wordt geconstateerd dat Nederland dreigt vast te lopen. Het gaat daarbij om de ontwikkeling van steden en gebieden, om beperking van regels, ruimte voor burgers en bedrijven en om het verkeer op de weg en het spoor Daarbij is er aandacht voor de Randstad Holland als de motor van de Nederlandse economie en voor de concurrentiepositie in Europa. De lijn van decentralisatie is doorgezet. Er wordt meer aan provincies en gemeenten overgelaten. Het rijk wil geen beperkingen opleggen aan bouw om de stad en ook geen landsdekkende afspraken maken over verstedelijking. De Noordvleugel Utrecht (NV- Utrecht) heeft gezamenlijk gereageerd. Positief gewaardeerd wordt de integrale rijksvisie op het ruimtelijk en mobiliteitsbeleid en op Randstadvisie. Wel wordt gesteld dat de Utrechtse regio al jaren een belangrijke bijdrage aan de Randstedelijke economie levert en dat dit aspect wordt onderbelicht. Een goed woon- en leefklimaat is van groot belang. Voor een aantrekkelijk vestigingsklimaat.
•PROVINCIAAL RUIMTELIJK BELEID
Streekplan Utrecht 2005 - 2015
In 2004 werd het Streekplan vastgesteld. De provincie legde daarin sterk de nadruk op het behoud van de landschappen en toonde zich terughoudend ten aanzien van het ontwikkelen van grote bouwlocaties. Ook ten aanzien van een aantal lintbebouwingen gold een restrictief beleid, ook al omdat rond lintbebouwingen lang iniet altijd een rode contour werd aangebracht. Ook ten aanzien van recreatiewoningen gold een strak beleid. Na de invoering van de nieuwe Wet ruimtelijke ordening heeft de provincie Utrecht het Streekplan beleidsneutraal omgezet in een provinciale structuurvisie.
Provinciale Ruimtelijke Structuurvisie 2013 - 2028
De provincie presenteerde in 2011 een voorontwerp voor de nieuwe Provinciale Ruimtelijke Structuurvisie. Het is de bedoeling dat de nieuwe PRS en de Provinciale Ruimtelijke Verordening in 2013 in werking treden. De aanpak van de provincie is gericht op een duurzame leefomgeving; vitale dorpen en steden; landelijk gebied met kwaliteit. Als belangrijkste beleidsopgaven ziet de provincie: de binnenstedelijke opgave, waarbij minimaal 2/3 van de woningbouwopgave binnenstedelijk wordt gerealiseerd; het behoud en de versterking van de kwaliteit van het landelijk gebied.
De gemeente Stichtse Vecht heeft waardering voor de PRS maar betwijfelt de haalbaarheid van de binnenstedelijke opgave. In de PRV (de Provinciale Ruimtelijke Verordening) wordt vaak een ruimtelijke onderbouwing voorgeschreven. Hoe de provincie die onderbouwingen precies beoordeelt is nog de vraag. Over de toepassing van de rode contouren en de Provinciale Ruimtelijke Verordening zal nog veel overleg nodig zijn.
•GEMEENTELIJK RUIMTELIJK BELEID
Ruimtelijke structuurvisie Maarssen 2005: cultuurhistorie en kwaliteit
De ruimtelijke structuurvisie stelt cultuurhistorie centraal als leidraad bij toekomstige ruimtelijke ontwikkelingen. Bovendien is het streven gericht op afronding van de ruimtelijke vormgeving van Maarssen, die nieuwe grootschalige ontwikkelingen zou voorkomen, of op z’n minst onlogisch zou maken. In deze Structuurvisie worden de Maarsserbrug locaties en Op Buuren als de laatste grote bouwlocaties beschouwd. Maarssen is verdeeld in zones: Maarssenbroek waar wonen centraal staat, de Vechtzone met zijn rijke verleden en historische kernen, het Buitengebied als natuurlijk agrarisch landschap met een sterke toename van natuurontwikkeling en recreatief gebruik.
Structuurvisies Breukelen (2002) en Breukelen Centrum (2010), bestemmingsplan 2012
De Structuurvisie Breukelen (2002) legt een accent op Breukelen, maar gaat ook over de dorpen Kockengen en Nieuwer ter Aa. Breukelen is wat betreft de voorkant gericht op de Vecht en wat betreft de achterkant op het kanaal. Deze kant van Breukelen, wordt vanaf de rijksweg A2, het Amsterdam-Rijnkanaal en de spoorlijn als negatief ervaren. Er is een mogelijkheid om hier een nieuwe voorkant te vormen (de Corridorkant). Woningbouw is nodig, vooral voor ouderen en voor starters, ook al betekent dat verdichting. Mogelijke liggen bij het Amsterdam-Rijnkanaal (Noord) en tussen Broeckland en het Kanaal.
De structuurvisie die voor het centrum van Breukelen is opgesteld (2010) gaat uit van duurzaam behoud van Breukelen als volwaardige kern met concurrerende voorzieningen, zodat Breukelen nog beter als maatschappelijk, recreatief en economisch hart zou kunnen functioneren. Om dat te bereiken zou Breukelen het centrum nog aantrekkelijker moeten maken als winkelen woongebied. Het bestemmingsplan “Centrum Breukelen”is de uitwerking van de structuurvisie Centrum Breukelen 2010.
Stedenbouwkundige visie “Rond de Kerkvaart”
De visie “Rond de Kerkvaart” betreft het gebied tussen het stationsgebied en Hof van Breukelen aan de westzijde en het centrumgebied aan de oost- zijde. De visie biedt een handvat voor de toekomstige ontwikkelingen in het gevarieerde gebied, waarin drie concrete vernieuwingslocaties zijn benoemd (Wilhelminastraat, Domineeslaantje en Huyck Aertsenstraat). Belangrijke aandachtspunten zijn goede verbindingen en een kwaliteitsimpuls in het woningbestand en het openbaar gebied met variatie als uitgangspunt. De kanaaloever zal een groene parkzone met verblijfskwaliteit en nieuwbouw worden en de Kerkvaart een waardevolle centrale zone met groene sfeer en bijzondere bebouwing.
Het centrumplan Loenen
Over het centrumplan Loenen wordt al jaren gesproken en helaas werd deze zomer (2012) besloten vooralsnog te stoppen. Het centrumplan Loenen betreft de revitalisering en verdichting van het centrumgebied en de daarin gelegen voorzieningen. De opzet is om dit gebied beter te laten aansluiten bij het historisch centrum. Ze worden doorsneden door de (provinciale) Rijksstraatweg. Met de aanleg van de randweg wordt de intensiteit van het verkeer over de Straatweg beperkt. Daardoor kan deze anders worden ingericht. Verondersteld werd eerst dat de kapitaalvernietiging als gevolg van de ingreep in bebouwd gebied, financieel kon worden opgevangen door de ruimte optimaal te benutten en door het winkelvoorzieningenniveau te verbeteren. Helaas heeft een tweede doorrekening van het plan tot de conclusie geleid dat het risico te groot is. Dat heeft te maken met de veranderde economische omstandigheden en met de dalende investeringsmogelijkheden.
Bestemmingsplan Cronenburgh
Cronenburgh is de laatste grootschalige uitbreiding aan de zuidwest zijde van de kern van Loenen. Het plan voor ruim 200 woningen gaat uit van een grote afwisseling van kavel- en woningtypen, waarbij wordt aangesloten bij de voor Loenen aan de Vecht karakteristieke kwaliteiten als verkavelingstructuur, pandsgewijze opbouw, sloten met natuurlijke oevers en een samenhangend weefsel van paadjes, tuinen, straatjes en pleintjes. Bij de ontwikkeling is gestreefd naar een hoog ambitieniveau, met hoogwaardige, op de toekomst gerichte woningen en voorzieningen.
Ruimtelijke onderbouwing Tweehoven in Loenen
Op deze voormalige schoollocatie in het beschermd dorpsgezicht tussen Rijksstraatweg en Dorpsstraat, worden zestien woningen gebouwd in een strakke formatie van een hof met een regentenhuis en drie min of meer toevallig geplaatste woningen. De bebouwing heeft een historische en verscheiden uitstraling, die aansluit op de kenmerkende bebouwing langs de Vecht.
Golfbaan
Aan de noordwest zijde van Loenen wordt in een gebied van circa 27 hectare een 9 holes golfbaan aangelegd. Bij de aanleg is een goede landschappelijke inpassing van groot belang. Hierbij gaat het met name om het behoud van de Hollandse Wetering, het in acht nemen van bestaande functies en aansluiting op bestaande natuur en slotenpatroon. De ontsluiting sluit aan op de toekomstige randweg.
Overige ontwikkelingen
Naast de grotere ontwikkelingsprojecten zijn er op veel plekken kleinere veranderingen. Voor zover plannen zijn gerealiseerd of in uitvoering zijn, krijgen die een plaats in de nota.
Colofon
De welstandsnota werd opgesteld in opdracht van de gemeente Stichtse Vecht door Architectenwerk Twan Jütte te Delft.
Architectenwerk Twan Jütte
Stedenbouw en architectuur
Mijnbouwstraat 120
2628 RX Delft
015261 97 84
www.welstand.com