Gemeentelijke regelgeving

Uitvoeringsbesluit voor de gemeentelijke begraafplaatsen gemeente Stichtse Vecht

Gemeente Stichtse Vecht · geldt sinds 17 december 2015

Aanhef

Het college van de gemeente Stichtse Vecht,

gelet op artikel 4, derde lid, artikel 5, eerste en tweede lid, artikel 9, derde lid, artikel 14, artikel 16, artikel 18, artikel 22, derde lid en artikel 33 van de Beheerverordening begraafplaatsen Stichtse Vecht 2013;

besluit vast te stellen

de volgende nadere regels voor de gemeentelijke begraafplaatsen.

Artikel 1. Register en plaatsregistratie

1De administratie bevat een openbaar register van diegenen die zijn begraven of waarvan

de as is bezorgd. In dit register worden de naam, de geboortedatum en de datum van

overlijden opgenomen. Daarbij is vermeld de grafaanduiding en de dag van de begraving

of de bijzetting. In de administratie zijn ook de gegevens van de rechthebbenden en de

gebruikers van de graven met hun namen en adressen opgenomen.

2Het register wordt in opdracht van het college bijgehouden door de beheerder.

3De rechthebbenden en gebruikers zijn verplicht de wijziging van hun adres aan het

college door te geven.

4Het college draagt er zorg voor dat er van de begraafplaatsen een gewaarmerkte

plattegrondtekening wordt aangehouden waarop de indeling en de grafnummering van de

begraafplaats is aangegeven.

Artikel 2. Openstelling en begraaftijden

1De begraafplaatsen zijn dagelijks toegankelijk van zonsopkomst tot zonsondergang.

2Het begraven van lijken, het bijzetten en het bezorgen van as kan plaatsvinden

a.op werkdagen van 8.00 uur tot 16.00 uur;

b.op zaterdag van 8.00 tot 16.00 uur;

c.op maandag tot en met zaterdag van 16.00 tot 20.00 uur in de maanden mei, juni en juli.

3Op zon- en feestdagen wordt niet begraven of bijgezet.

4Begravingen en bijzettingen die plaatsvinden of eindigen buiten de onder lid 2a genoemde tijden of die plaatsvinden op zaterdag of plaatsvinden op de onder lid 2c genoemde uren, worden aangemerkt als begravingen of bijzettingen tijdens buitengewone uren.

5Het tijdstip van begraven of bijzetten van stoffelijke resten en het bezorgen van de as wordt telkens en voor elk geval afzonderlijk door de beheerder, in overleg met de betrokken nabestaande vastgesteld.

Artikel 3. Aantallen overledenen en asbussen

1In een particulier graf 1 diep, mag maximaal één lijk worden begraven en

één asbus, met of zonder urn, worden bijgezet of verstrooid.

2In een particulier graf(2-diep), met of zonder kelder, mogen maximaal twee lijken worden begraven en twee asbussen, met of zonder urn, worden bijgezet of verstrooid.

3In een particulier kindergraf mogen maximaal twee lijken worden begraven en mogen maximaal

twee asbussen, met of zonder urn, worden bijgezet of verstrooid.

4In een particulier urnengraf mogen maximaal zes asbussen, met of zonder urn, worden geplaatst

of verstrooid.

5In een particuliere urnenplek mag maximaal één asbus met of zonder urn worden geplaatst of verstrooid.

6In een particuliere urnenkelder mogen maximaal drie asbussen, met of zonder urn, worden

geplaatst of verstrooid.

7In een particuliere urnennis mogen maximaal twee asbussen of twee urnen worden geplaatst.

8In een algemeen graf kunnen maximaal twee lijken worden begraven.

9In een algemeen kindergraf kunnen maximaal twee lijken worden begraven.

10In een algemeen urnengraf kunnen maximaal vier asbussen met of zonder urn worden bijgezet.

Artikel 4. Gedenkteken

1Een gedenkteken dient te voldoen aan de in artikel 6 gestelde afmetingen.

2Indien het gedenkteken niet voldoet aan het gestelde in artikel 6, wordt het gedenkteken van het graf verwijderd.

3Het is niet toegestaan:

a.omrandingen van hekken, stangen of kettingen e.d. om de graven aan te brengen; het aanbrengen of plaatsen van voorwerpen die op zichzelf of in verband met de omgeving aanstoot zouden kunnen geven.

b.Het gebruik van schelpen, grind of steenslag op graven zonder onderliggende betonplaat alsmede verf of kleurstof anders dan op de letters of daarmee gelijk te stellen tekens op of in het gedenkteken is niet toegestaan.

Artikel 5. Vereisten keldergraven

1Het stichten van een grafkelder geschiedt door de zorg van de rechthebbende na verkregen vergunning van het college.

2De afmetingen van de ruimte waarbinnen een grafkelder mag worden aangebracht, zijn: 2,25 m lang, 1,15 m breed en 0,60 m hoog, gerekend vanaf maaiveld.

3De rechthebbende die in een grafkelder wil doen begraven, is verplicht op zijn kosten deze kelder voor de begrafenis te laten openen en na het begraven terstond te laten sluiten.

4Het openen van een grafkelder, anders dan tot het daarin opnemen van overledenen en in dat geval eerder dan twee uren tevoren, is verboden, tenzij de beheerder van de begraafplaats hiervoor toestemming heeft verleend.

5Indien de rechthebbende zijn verplichtingen ten aanzien van het sluiten niet nakomt, geschiedt sluiting op zijn kosten van gemeentewege.

Artikel 6. Afmetingen gedenktekens

1Op een particulier (urnen)graf mag één gedenkteken worden geplaatst.

a.Op de begraafplaatsen te Breukelen en Nieuwer Ter Aa is het gedenkteken maximaal 1,00 m hoog, maximaal 0,90 m breed en maximaal 1,90 m lang, inclusief de fundering.

b.Op de begraafplaats te Kockengen is het gedenkteken maximaal 1,00 m hoog, maximaal

0,70 m breed en maximaal 1,40 m lang, inclusief de fundering.

c.Op de begraafplaats te Loenen is het gedenkteken maximaal 1,50 hoog, maximaal 2,00 m lang, maximaal 0,80 m breed, inclusief de fundering.

d.Op de begraafplaats te Maarssen is het gedenkteken maximaal 1,50 m hoog, maximaal

1,00 m breed en maximaal 2,00 m lang, inclusief de fundering.

e.Op de begraafplaats te Vreeland is het gedenkteken maximaal 1,50 m hoog, maximaal

0,80 m breed en maximaal 2,00 m lang, inclusief de fundering.

f.Op de themavelden in Maarssen: Onder de Beuken en in Breukelen: Aan de Bosrand wordt één liggend gedenkteken of één zwerfkei gebruikt als gedenkteken. Het gedenkteken is maximaal 0,80 m breed en maximaal 0,80 m lang. De zwerfkei is maximaal 0,80 m hoog, maximaal 0,80 m breed en maximaal 0,80 m lang, inclusief fundering.

g.Op het themaveld in Maarssen: In het Bos wordt één zwerfkei gebruikt als gedenkteken. De zwerfkei is maximaal 0,80 m hoog, maximaal 0,80 m breed en maximaal 0,80 m lang, inclusief fundering.

2Op een particulier kindergraf mag één gedenkteken worden geplaatst.

a.Op de begraafplaats in Loenen is het gedenkteken is maximaal 1,00 m hoog, maximaal 0,80m breed en maximaal 1,00 m lang, inclusief de fundering.

b.Op de begraafplaats in Maarssen is het gedenkteken maximaal 1,50 m hoog, maximaal 0,80m breed en maximaal 2,00 m lang, inclusief fundering.

3Op een particuliere urnenkelder mag één liggend gedenkteken worden geplaatst.

Het gedenkteken is maximaal 0,50 m breed en 0,50 m lang.

4Op een particuliere urnenplek is het toegestaan één zwerfkei te gebruiken als gedenkteken. a. De zwerfkei is maximaal 0,50 m hoog, maximaal 0,50 m breed en maximaal 0,50 m lang,

inclusief fundering.

b.Op het themaveld in Maarssen: Onder de Beuken en in Breukelen: Aan de Bosrand wordt één liggende steen of één zwerfkei gebruikt als gedenkteken. Het gedenkteken is maximaal 0,50 m breed en maximaal 0,50 m lang. De zwerfkei is maximaal 0,50 m hoog, maximaal 0,50 m breed en maximaal 0,50 m lang, inclusief fundering.

5Op een algemeen graf mag door de eerste gebruiker één staand gedenkteken achter op het graf worden geplaatst dat maximaal 1,00 m hoog en 0,80 m breed is. Door de tweede gebruiker mag één liggend gedenkteken voor op het graf worden geplaatst dat maximaal 1,00 m lang en 0,80 m breed is.

6Op een algemeen graf op het themaveld in Maarssen: “In het Gras” mag door de eerste gebruiker één liggend gedenkteken achter op het graf worden geplaatst dat 0,50 m breed is en 0,50 m lang. Door de tweede gebruiker mag één liggend gedenkteken voor op het graf worden geplaatst dat 0,50 m breed en 0,50 m lang is.

7Het gedenkteken dient zodanig geconstrueerd te zijn dat staande gedeelten niet kunnen omwaaien.

8Het gedenkteken moet zonder het verbreken van cementvoegen in eenvoudig verplaatsbare delen uit elkaar genomen kunnen worden, indien dit nodig is voor het openen van het graf c.q. van een in de onmiddellijke nabijheid daarvan gelegen graf.

9Gedenktekens dienen per grafplek gefundeerd te worden op een onder het maaiveld liggende betonbalk.

Artikel 7. Tijdstip van plaatsing gedenkteken

1Het tijdstip van plaatsing, herstel of vervanging van het gedenkteken dient tenminste 2

werkdagen tevoren kenbaar gemaakt te worden aan de beheerder. Het plaatsen van een

gedenkteken dient plaats te vinden op werkdagen van maandag t/m vrijdag van 08:00

uur tot 16:00 uur.

2Het college kan in bijzondere gevallen van deze tijden afwijken.

Artikel 8. Losse bloemen en planten

1Op een graf kunnen potplanten en bloemen worden geplaatst. Het is toegestaan op een graf losse bloemen te leggen. Op een graf mogen eenjarige gewassen worden geplant.

2Potten, vazen of andere voorwerpen buiten de voor het graf beschikbare oppervlakte, alsmede verwelkte bloemen of kransen en kapotte voorwerpen kunnen zonder voorafgaande kennisgeving van gemeentewege verwijderd worden zonder dat de gemeente tot enige vergoeding verplicht is.

Artikel 9. Winterharde gewassen

1De winterharde gewassen die op de graven worden geplant, mogen bij volle wasdom de voor het graf beschikbare oppervlakte niet overschrijden of moeten door besnoeiing binnen de in artikel 6 genoemde afmetingen kunnen worden gehouden.

2De toepassing van gewassen op het graf die hoger worden dan 1,50 m.

3Gewassen die zijn aangebracht in strijd met het bepaalde in dit artikel, kunnen van

gemeentewege verwijderd worden zonder dat de gemeente tot enige vergoeding verplicht is.

Artikel 10. Afval en beschadigingen

1Alle sporen van afval, ontstaan tengevolge van werkzaamheden op of aan de gedenktekens, moeten van de begraafplaats meegenomen worden.

2Beschadigingen, ontstaan tengevolge van werkzaamheden op of aan de gedenktekens, moeten

worden hersteld door de rechthebbende, gebruiker of veroorzaker van de schade.

Artikel 11. Onderhoud rechthebbende/gebruiker

1De rechthebbende of de belanghebbende is verplicht de grafbedekking op het graf “behoorlijk te onderhouden of te herstellen.” Onder dit onderhoud wordt verstaan: Het schoonmaken van het gedenkteken, het verven of vergulden van letters en andere figuraties op het gedenkteken, het aanbrengen, onderhouden en eventueel vernieuwen van losse planten en één- of meerjarige planten, het verwijderen van dode planten, het verwijderen van spontaan opkomende kruiden of zaailingen en het uitvoeren van herstellingen van het gedenkteken en andere grafbedekkingen.

2Het groenafval dat vrij komt bij het onderhoud dient door een ieder in de daarvoor

aanwezige afvalbakken te worden gedeponeerd.

Artikel 12. Slotbepalingen

1Deze nadere regels treden gelijktijdig in werking met de inwerkingtreding van de “Beheerverordening begraafplaatsen Stichtse Vecht 2013”

2Deze nadere regels kunnen worden aangehaald als: “Uitvoeringsbesluit begraafplaatsen Stichtse Vecht”.

3Uitvoeringsbesluiten van de voormalige gemeenten Maarssen, Breukelen en Loenen worden ingetrokken.

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van burgemeester en wethouders van gemeente Stichtse Vecht 23 oktober 2012,

De secretaris De burgemeester

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.