Gemeentelijke regelgeving

Participatiebeleid Omgevingswet

Gemeente Stein · geldt sinds 1 januari 2024

Aanhef

De Raad der gemeente Stein;

Gezien het voorstel inzake Participatiebeleid Omgevingswet en gecombineerde lijst voor verplichte participatie en bindend adviesrecht (Gem. blad Afd. A 2021, zaaknummer 0971182441);

Overwegende

dat gemeente Stein zich voorbereidt op de inwerkingtreding van de Omgevingswet, dat participatie een belangrijk uitgangspunt is van deze nieuwe wet en gemeenten verplicht zijn om hiervoor beleid op te stellen;

dat het participatiebeleid interactief tot stand is gekomen met input van diverse partijen;

besluit:

1In te stemmen met het Participatiebeleid Omgevingswet, en te bepalen dat dit in werking treedt op de dag dat de Omgevingswet in werking treedt;

2Het beleid te evalueren binnen één jaar na inwerkingtreding van de Omgevingswet, dan wel eerder indien dit noodzakelijk is gebleken.

Aldus besloten in de openbare vergadering van 18 november 2021.

De Raad voornoemd,

de Griffier,

de Voorzitter,

Wie doet er mee?!

Inhoudsopgave

Inhoudsopgave 3

1Inleiding 4

2Stappenplan en categorieën initiatieven 9

3Participatie stimuleren en toetsen 15

4Integraal en gebiedsgericht werken 22

5Meten en middelen 26

Bijlage 1. Toolbox stimuleren participatie 28

1.1 Checklist participatieproces 29

1.2 Formulier Stakeholdersanalyse 30

1.3 Formulier Impactanalyse 32

1.4 Intakeformulier 33

1.5 Formulier Participatielogboek 35

1.6 Tips participatieaanpak 36

1.7 Participatie werkvormen 40

1.8 Participatieniveaus (participatieladder) 41

Bijlage 2. Verplicht participatie en bindend advies 42

Bijlage 1. Toolbox stimuleren participatie

1.1 Checklist participatieproces 29

1.2 Formulier Stakeholdersanalyse 30

1.3 Formulier Impactanalyse 32

1.4 Intakeformulier 33

1.5 Formulier Participatielogboek 35

1.6 Tips participatieaanpak 36

1.7 Participatie werkvormen 40

1.8 Participatieniveaus (participatieladder) 41

1.1 Checklist participatieproces

Hoe bepaal je in welke categorie jouw initiatief valt en welke participatie nodig is? Hiervoor heeft de gemeente een korte checklist opgesteld. Deze vind je op www.gemeentestein.nl/....

Hier vind je ook meer informatie over de te volgen stappen in het stappenplan (hoofdstuk 2).

CHECKLIST PARTICIPATIEPROCES

Onderdeel van Toolbox Participatiebeleid Gemeente Stein, 2021

Vraag

Antwoord

1Geef aan wat je wil gaan doen.

Maak een keuze uit onderstaande categorieën.

Ik wil:

a.Werkzaamheden in of om een woning

b.Werkzaamheden in of om een bedrijfsgebouw

c.Gebieds- of projectontwikkeling

d.Evenement organiseren

[Bij alle antwoorden door naar vraag 2]

2Heeft dit gevolgen voor anderen, zoals buren of eigenaren van naastgelegen grond?

Vul in:

Ja of Nee

[Indien ‘Ja’ dan door naar vraag 3.

Indien ‘Nee’ dan toelichting over categorie 1]

Uitkomst na antwoordkeuze ‘Nee’ (categorie 1, beknopt proces):

”Jouw initiatief betreft een kleine ingreep waar jouw buren of eigenaren van naastgelegen grond geen of beperkte gevolgen van ondervinden. We adviseren je hen te informeren en het gesprek aan te gaan.

Ga naar www.gemeentestein.nl voor meer informatie en tips. Mocht je vragen hebben aan de gemeente, neem dan contact op met 046-435 93 93. Je wordt dan doorverbonden met de juiste contactpersoon.”

3Heeft dit, naast je directe buren, ook gevolgen voor andere omwonenden en/of andere belanghebbende partijen?

Ja of Nee

[Indien ‘Nee’ dan toelichting over categorie 1 Beknopt proces en vervolgstappen. Indien ‘Ja’ dan advies over categorie 2 Uitgebreid proces en vervolgstappen.]

Uitkomst na antwoord ‘Nee’ (categorie 1, beknopt proces):

“Jouw initiatief heeft gevolgen voor buren en/of eigenaren van naastgelegen grond. Ga tijdig met hen hierover in gesprek. Bespreek wat je wil gaan doen, hoeveel tijd werkzaamheden in beslag nemen en wat ze er vermoedelijk van merken.

Win vooraf informatie in bij de gemeente via de intaketafel.

Ga naar www.gemeentestein.nl voor meer informatie en tips. Mocht je vragen hebben aan de gemeente, neem dan contact op met 046-435 93 93. Je wordt dan doorverbonden met de juiste contactpersoon.”

Uitkomst na antwoord ‘Ja’ (categorie 2, uitgebreid proces):

“Jouw initiatief heeft gevolgen voor buren, andere omwonenden, en/of belanghebbenden partijen. Daarom wordt er nu meer van jou verwacht. Breng partijen en gevolgen in beeld en ga tijdig met hen in gesprek over je initiatief.

Win vooraf informatie in bij de gemeente via de intaketafel.

Ga naar www.gemeentestein.nl voor meer informatie en tips. Mocht je vragen hebben aan de gemeente, neem dan contact op met 046-435 93 93. Je wordt dan doorverbonden met de juiste contactpersoon.”

1.2 Formulier Stakeholdersanalyse

Door onderstaande tabel in te vullen krijg je overzicht van mogelijke spelers en hoe je kunt handelen om hen tijdig bij je initiatief te betrekken. De eerste regel is als voorbeeld ingevuld. Onder de tabel is een toelichting opgenomen over rollen van stakeholders.

Stakeholders kun je op een bepaalde manieren indelen:

Eerste cirkel: er is een groep direct betrokken of getroffenen, mensen die direct gevolgen ondervinden van jouw initiatief. Denk aan omwonenden wiens straat wordt opgebroken door wegwerkzaamheden.

Tweede cirkel: voelt zich betrokken maar ondervindt niet direct gevolgen van jouw initiatief. Denk aan wijkbewoners die niet aan de betreffende straat wonen maar soms wel deze weg gebruiken.

Derde cirkel: is geïnteresseerd en raadpleegt de informatie wanneer ze deze nodig hebben.

Ook kun je, naast betrokkenheid nagaan wat de invloed is van partijen. Denk aan eigenaren van grond/gebouwen, mogelijke financiers, samenwerkingspartners. Vanuit de mate van betrokkenheid of invloed kun je nagaan hoe je mensen informeert en het gesprek aangaat.

1.3 Formulier Impactanalyse

Welke gevolgen heeft je initiatief voor de omgeving? Het is van belang om daar goed over na te denken, onderstaand formulier kan je daarbij helpen. Door na te gaan wat de risico’s en beheersmaatregelen zijn en wat nodig is om deze maatregelen te nemen, ben je beter voorbereid voordat je volgende stappen gaat zetten.

1.4 Intakeformulier

1.5 Formulier Participatielogboek

Onderstaand formulier gebruik je voor het vastleggen van bevindingen en de afspraken die je met stakeholders maakt gedurende het proces. Het is van belang om vast te leggen wie je op welk moment hebt gesproken en wat de resultaten uit gesprekken zijn. Deze informatie is onder andere nodig om een goede afweging te kunnen maken bij toetsing en besluitvorming.

Indien er sprake is van reacties bij betrokken stakeholders worden contactgegevens opgevraagd om aanvullende informatie op te kunnen vragen t.b.v. de afweging. De grondslag voor verwerking persoonsgegevens is het verwerkingsregister AVG en het Participatiebeleid

1.6 Tips participatieaanpak

Investeer in een goede participatie-aanpak

We willen elkaars kennis, kunde en creativiteit maximaal benutten en daarom is participatie zo belangrijk. Door zorgvuldig na te denken over het participatieproces en open betekenisvolle gesprekken te voeren, komen verschillende mensen en inzichten bij elkaar.

Elke situatie vraagt om een eigen, goed doordacht ontwerp voor participatie.

Het werken met de 4 hulpvragen in de juiste volgorde - 1. Waarom, 2. Wanneer, 3. Wie, 4. Hoe/Op welke manier - blijkt in de praktijk te helpen om te komen tot een goed ontwerp voor een participatieaanpak. Vervolgens zijn voor de invulling van participatie 5 criteria bepalend:

1Transparantie, 2. Kwaliteit, 3. Gelijkheid, 4. Inclusiviteit en 5. Passendheid.

Onderstaande checklist gebruik je om je participatieaanpak vorm te geven en na te gaan of je genoemde criteria een plek hebt gegeven tot nu toe, en/of en wat nodig is om dit nog te doen.

Ontwerp participatie-aanpak

o Wat wil de initiatiefnemer realiseren?

o Waarom dit initiatief en participatie? (wat is het doel)

o Wanneer kan participatie plaatsvinden? (in welke fases/periode)

o Wie zijn mogelijke deelnemers (belanghebbenden/betrokkenen, zie stakeholdersanalyse)?

o Hoe kunnen we participatie vormgeven? (zie voor werkvormen de tabel hieronder)

•Transparantie:

o Zorg voor een werkwijze en informatie die te volgen is voor betrokken partijen op proces en inhoud. Denk aan B1-niveau taalgebruik, fysieke en online middelen

o Betrek belanghebbenden zo vroeg mogelijk, daardoor ontstaat er meer vertrouwen in het gezamenlijk proces en de resultaten

o Zorg dat de belangen helder op tafel komen en vraag door

o Maak vanaf het begin duidelijk wat onderhandelbaar is en wat niet

o Wees helder over de invloed die belanghebbenden kunnen uitoefenen

o Zorg voor informatiesymmetrie: informatie is voor deelnemers gelijk beschikbaar

o Nodig onafhankelijke experts uit om informatie toe te lichten

o Wees niet bang voor conflicten; beter uitspreken en elkaar horen dan lastige kwesties en frustraties die onbesproken blijven

o Geef duidelijk aan wat er met de input van de deelnemers gebeurt en hoe deze in besluitvorming wordt meegenomen. Koppel terug en laat daarbij zien wat is gedaan met de geleverde inbreng en welke rol deze heeft gespeeld in de besluitvorming

•Kwaliteit

o Reserveer budget voor een participatietraject

o Reserveer voldoende tijd voor participatie en de verwerking van de resultaten

o Vanuit organisaties: bied ruimte voor participatie en moedig het aan

o Zorg voor een gezamenlijk verantwoordelijkheidsgevoel

o Combineer voordelen op korte termijn met een strategie voor de lange termijn

o Participatie vraagt om constante terugkoppeling (zie ook transparantie), reflectie, bijsturing en evaluatie. Er is pas echt sprake van kwaliteit als alle participanten het participatieproces als goed ervaren

•Gelijkwaardigheid

o Ontwerp gezamenlijk het proces en de voorwaarden voor participatie. Maak afspraken over regels en normen

o Zorg voor een balans in de machtsverhouding tussen deelnemers

o Voorkom dominantie van een klein aantal deelnemers. Organiseer werkvormen waarin iedereen kan worden gehoord. 1 op 1 gesprek kan dominantie verminderen

o Zorg voor balans tussen waarde voor deelnemers en waarde voor de gemeenschap

•Inclusiviteit en toegankelijkheid:

o Kies op basis van de stakeholdersanalyse welke deelnemers in ieder geval moeten worden uitgenodigd en pas deze evt. aan gedurende het traject

o Erken diversiteit en geef gelijke kansen aan inwoners om deel te kunnen nemen

Jongeren en mensen met een migratieachtergrond of mensen met een beperking zijn vaak lastiger te bereiken. Toch kun je deze groepen bereiken door in te zetten op een bezoek aan plekken waar bepaalde groepen komen zoals de basisschool, het buurthuis of de sportclub. Werk via contactpersonen zoals het welzijnswerk

o Verdiep je in de leefwereld van (beoogde) deelnemers: houd rekening in de participatieaanpak met sociale en culturele normen en maak weloverwogen keuzes t.a.v. locatie, datum, tijd, kinderopvang, vervoer, toegang en taal (zie figuur)

o Maak het onderwerp van participatie zichtbaar, opvallend en begrijpelijk

Bron: Betrokkenheid in 8 profielen - betrokkenheidsmodel van Citisens, 2020

Citisens ontwikkelde een model om integraal te kijken naar verschillende ‘betrokken-heidsprofielen’. Het Citisensmodel geeft inzicht in de diversiteit van voorkeuren rondom betrokkenheid bij de leefomgeving en de mate waarin mensen vertrouwen hebben in de overheid, met name de gemeente. Hieronder is per profiel een korte typering gegeven en welk inwonersaandeel landelijk tot een bepaald profiel behoort.

Een korte typering per profiel:

•Kritische Vernieuwers (7%)

“Wij denken vooruit” Geïnformeerd, mondiaal betrokken en kritisch.

•Stadse Nomaden (11%)

“Loopt prima zo” Zelfredzaam, zorgeloos, betrokken als ze er zin in hebben.

•Geïnformeerde gezinsdrukte (15%)

“Druk met het gezin” De wil om mee te doen is er, maar de prioriteit ligt nu anders.

•Gevestigde beïnvloeders (19%)

“Ik ken de wegen” In contact met bestuurders en sleutelfiguren om op te komen voor het eigen en algemeen belang.

•Zelfbewuste aanpakkers (16%)

“Wij doen het zelf” Niet uitgaan van instanties die alles doen, maar zelf in actie komen.

•Zorgzame senioren (6%)

“Wat ik nog kan, doe ik” Welwillend, plichtsgetrouw, maar gericht op eigen, kleine leefwereld. Soms beperkt om mee te doen.

•Honkvaste buurtbewoners (16%)

“Het is wat het is” Geen gevoel van invloed in bredere context. Wél betrokken in vrijwilligerswerk.

•Eigengereide digitalen (9%)

“Wij krijgen geen invloed” Voelen zich niet vertegenwoordigd of zelfs genegeerd. Vooral gericht op eigen (online) kring.

Verschillende groepen zijn letterlijk te lokaliseren doordat het model een koppeling legt met postcodes. Door de samenstelling van de bevolking in een kleurenkaart weer te geven, is in één oogopslag te zien hoe en waar de profielen in een gemeente zijn vertegenwoordigd.

Bron: www.overheidincontact.nl, 2020; Citisens, 2020

Inclusie-tip: Gemeente Stein heeft n.a.v. het VN verdrag inzake rechten van personen met een handicap een sociale inclusie agenda opgesteld en een actief Inclusiepanel.

Dit kan worden geraadpleegd voor advies. Zie voor meer informatie: https://www.gemeentestein.nl/sociaal-inclusie-panel

•Passendheid

o Bouw flexibiliteit in het traject in. Houd ruimte voor leren en improviseren

o Ontwerp een proces met verschillende werkvormen dat goed aansluit op de verschillende belevingswerelden van deelnemers (zie werkvormentabel)

o Zet online middelen in, dit kan kosten van grootschalige processen verlagen en kan participatie meer eigentijds en speels maken. Bovendien verlaagt het in sommige gevallen de drempel om mee te doen (denk aan drukke gezinnen of mensen met een lichamelijke beperking). Om de democratische legitimiteit te ondervangen - bereiken we wel voldoende mensen? - kun je vooraf bepalen wat de ondergrens is hoeveel mensen je zou moeten bereiken om bijv. representatief te zijn

o Overvraag deelnemers niet en voorkom participatie-moeheid. Zoek afstemming met al lopende trajecten in de eigen organisatie of vanuit andere organisaties

Bron: Aan de slag met de Omgevingswet, 2020

Uit: Denkwijze(r) voor goede participatie (criteria participatie-aanpak)

Bepalende factoren bij burgerparticipatie

Burgerparticipatie kan worden gedefinieerd als de actieve en vrijwillige betrokkenheid van burgers die zoeken naar invloed op collectieve besluitvorming en beleid. Onderzoekers uit verschillende disciplines, voornamelijk psychologen, sociologen en politicologen, hebben geprobeerd om burgerparticipatie te classificeren. Wat maakt dat inwoners wel of niet participeren?

Het Verwey-Jonker Instituut heeft enkele bepalende psychosociale, sociodemografische en socio-economische factoren op een rij gezet:

Psychosociale factoren:

-actief vs passief gedrag,

-individueel vs collectief,

-analoog vs digitaal,

-flexibel/reflectief vs star,

-beleidsvoorkeuren / stille motivaties (voor of tegen).

Sociodemografische en socio-economische factoren:

-opleidingsniveau,

-leeftijd/generatie,

-etniciteit,

-gender,

-type gemeente (dorpen met nauwere sociale verbanden vs heterogene stadswijken met losser contact), - buurtkenmerken (context bepaalt deels gedrag, creëert gezamenlijke leefstijl).

Aan de hand van sociodemografische en socio-economische factoren kunnen inde¬lingen gemaakt worden van groepen burgers. Door te kijken naar economisch, cultu¬reel, sociaal en persoonskapitaal, kan naar voren komen dat participatie samenhangt met verschillende inkomens- en netwerkgroepen.

Verschillende soorten kapitaal bepalen mogelijkheden en kansen in het leven. Elk van de kapitaalvormen heeft haar eigen waarde en functie in de samenleving en samen bepalen ze iemands positie op de maatschappelijke ladder. Je verdiepen in de gebieden en inwoners waar participatie plaats moet vinden bijv. o.b.v. leefstijlen / voorkeur is wenselijk als je een optimaal participatieresultaat wil bereiken.

Bron: Verwey-Jonker Instituut, 2020

Uit: Een goed begin; Een verkenning naar segmentatiemodellen gericht op voorkeuren in burgerschap en participatie

1.7 Participatie werkvormen

Onderstaande tabel geeft een overzicht aan mogelijke participatiemethoden en werkvormen per fase van je initiatief en de participatieruimte (zie bijlage 1.7) die er is. Als je ideeën wilt ophalen en daarbij wilt samenwerken met partijen (meedoen/co-produceren) vraagt dat een andere werkvorm met meer interactiemogelijkheden dan dat je enkel een mening wil weten (meedenken/raadplegen). We hebben rekening gehouden met wat we al aan overlegstructuren / methodes hebben en toepassen in de gemeente zoals de adviesraden (sociaal domein, jeugd), panels (inclusie, sport en bewegen, TipStein), DOP-overleg, ABCD en dorpsschouwen. Meer informatie over werkvormen? Zie www.participatiewijzer.nl

Ruimte >

Fase initiatief V

Meeweten (informeren)

Meedenken (raadplegen/

adviseren)

Meedoen (co-produceren)

Meebeslissen

Ideeën/

analysefase

Website

Maandblad/Flyer

Social media

Brainstorm

Mindmap

Ontwerpwedstrijd

Kidsconsulting

Jeugddebat

Ideeënbus

Straatinterviews

Enquête

Internetpanel

Dorpsschouw

DOP-overleg

World-/praatcafé

Klantreis

Snelkookpan (in een korte tijd tot uitvoeringsplan/ acties komen)

Werkgroep

Wie kan wat in de wijk? (ABCD, Asset Based Community Development)

Ideeën scoren

Burgerjury (willekeurige inwoners)

Wijk/dorpsbudget

Burgerbegroting

Veiling

Planfase

Website

Maandblad/Flyer

Social media

Inloopmoment

Bewonersbrief

Bouwapp

Werkbezoek

Atelier/intekenen op plattegrond

1op 1 overleg

Klankbordgroep

DOP/dorpsoverleg

Panel

Adviesraad

Experts vragen

Atelier (oplossing voor concrete vraagstukken ontwerpen)

DOP-overleg

Werkgroep

Wie kan wat in de wijk? (ABCD)

Scenariomethode

Variantenstudie

Raadswerkgroep

Wijk/Dorpsbudget

Burgerjury

Besluitvorming

Website

Maandblad/Flyer

Social media

Informatie bijeenkomst

Bestuursoverleg

Stuurgroep

DOP-overleg

Stuurgroep

Convenant

Overeenkomst

Kiezen uit varianten of scenario’s

Stuurgroep

Burgerjury

Uitvoering

Website

Maandblad/Flyer

Social media

Bewonersbrief

Bouwapp

Inloop in wijk

Video

Infostand bij evenementen

Inloop in wijk

Brievenbus

Bouwapp

Klankbordgroep

DOP-overleg

Stuurgroep

Buurtonderzoek

Wie kan wat? Crowdfunding

Wie kan wat in de wijk? (ABCD)

Stuurgroep

Bestuursoverleg

DOP-overleg

Evaluatie

Website

Maandblad

Social media

Bewonersbrief

Interviews/enquête Werkgroep

Klankbordgroep

DOP-overleg

Buurtonderzoek

Werkgroep

DOP-overleg

Bestuurdersoverleg

Stuurgroep

Stuurgroep

Bestuursoverleg

DOP-overleg

1.8 Participatieniveaus (participatieladder)

Vorm van participatie

Rol College/ Bestuursstijl

Rol raad

Rol inwoners / stakeholders

Rol ambtelijke organisatie

1Informeren

Gemeente bepaalt zelf en informeert betrokkenen.

Open autoritair

Voert beleid uit en verschaft hierover informatie aan inwoners / doelgroep.

Kaderstellend controle inhoud

Ziet toe op besluit (totstandkoming en uitvoer) en informatie hierover.

Toehoorder

Levert geen bijdrage aan het proces.

Initiatiefnemer, en uitvoerder

Bekend maken van vastgesteld beleid en de uitvoer ervan.

2Raadplegen

Gemeente bepaalt agenda en vraagt betrokkenen om reactie. Gemeente is niet gebonden aan uitkomst.

Consultatief

Raadplegen van deelnemers: hoort reacties op plan en houdt rekening hiermee in het vervolgproces.

Kaderstellend controle proces

Verschuiving van controle op inhoud, budget naar meer aandacht voor zorgvuldig proces.

Geconsulteerde

Reageert in een bepaald stadium op een voorstel / plan. Klankbord, gesprekspartner.

Inbreng van mening of kennis.

Initiatiefnemer, gesprekspartner en uitvoerder

Houdt rekening met mening.

Vereist open houding, luisteren, in gesprek gaan.

3Adviseren

Gemeente bepaalt agenda en neemt adviezen serieus. Gemeente kan gemotiveerd afwijken.

Participatief

Het bestuur stelt de agenda samen. Geeft veel ruimte voor inbreng en discussie.

Kaderstellend controle proces

Raad gaat in gesprek met inwoners. Raad kan afwijken van gekozen route.

Adviseur

Kan problemen aandragen en oplossingen formuleren.

Initiatiefnemer, gesprekspartner en uitvoerder

Is in staat de discussie te leiden, samenvattingen te maken en terug te koppelen.

4Coproduceren

Gemeente en betrokkenen komen agenda overeen waarna gezamenlijk naar oplossingen wordt gezocht evt. samen uitvoeren.

Delegerend

Ziet inwoner als partner en laat het resultaat zwaar wegen in de besluitvorming. Bij afwijking aandacht voor motivatie.

Kaderstellend, controle proces Raad laat inbreng inwoners zwaar meewegen. Kan zelf ook initiatief nemen. Verschuiving naar verbinder en volks vertegenwoordiger.

Samenwerkings-partner

Werkt mee aan plannen en aan oplossingen; werkt op basis van gelijkwaardigheid.

Procesbegeleider

Begeleidt het proces waarbij meerdere partijen betrokken zijn en een rol hebben, bij afwijking van voorstel heldere motivatie geven.

5Meebeslissen

Gemeenschap beslist zelf binnen kaders gemeente. Resultaten zijn bindend, gemeente neemt deze over.

Samenwerkend

Samenwerken obv gelijkwaardigheid met andere partijen. Ruimte voor zeggenschap, verschillende ideeën en proces.

Kaderstellend

Raad stelt kaders vast en controleert resultaat en democratisch proces. Raad kan zelf ook initiatief nemen. Verbinden, vertegenwoordigen.

Meebeslisser

Krijgt bevoegdheid om binnen kaders zelf beslissingen te nemen.

Betrokken coach

Helder over kaders betrokken en coachen op proces daarbij durven loslaten. Goede bestuurlijke afstemming organiseren.

6Zelf organiseren

Samenleving stelt zelf de agenda op en voert acties uit.

Faciliterend

College is bij opzet en uitvoer niet direct betrokken.

Kan faciliteren en kaders bieden (tijd, geld, spullen).

Verbinder, volksvertegen- woordiger

In die rol oog voor resultaat en democratisch proces.

Initiatiefnemer

Ontwikkelt eigen plannen; voert zelf plannen uit.

Ondersteuner

Initiatief komt van inwoners. Kan expertise en enthousiasme inbrengen.

Bijlage 2. Verplicht participatie en bindend advies

De Raad stelt een lijst van gevallen vast waarin participatie verplicht is. Wij kiezen ervoor om deze lijst van gevallen parallel toe te passen aan de gevallen waarin wij ook bindend adviesrecht gaan vragen aan de Raad. Het gaat bij deze gevallen om uitzonderlijke initiatieven die niet rechtstreeks binnen het omgevingsplan passen, waarbij bijvoorbeeld sprake is van forse ruimtelijke ingrepen in het landschap, zoals in het kwetsbare buitengebied en waartegen naar verwachting verschillende partijen bedenkingen zullen hebben. Binnen de bebouwde kom, gaat het om gevallen waarvan is ingeschat dat de impact op de leefomgeving groot kan zijn.

Activiteit

Verplicht participatie

Bindend advies

1Buitenplanse omgevingsplanacitiviteit voor de nieuwbouw van één of meerdere woningen buiten de bebouwde kom

ja

ja

2Buitenplanse omgevingsplanacitiviteit voor de nieuwbouw van meer dan 5 woningen binnen de bebouwde kom

ja

nee

3Buitenplanse omgevingsplanacitiviteit voor de de nieuwbouw van meer dan 12 woningen binnen de bebouwde kom

ja

ja

4Buitenplanse omgevingsplanactiviteit van enige omvang met impact in een Natura 2000 gebied

ja

ja

5Buitenplanse omgevingsplanactiviteit voor de nieuwvestiging van horeca, of buitenplanse omgevingsplanactiviteit voor de uitbreiding van horeca groter dan 30% van het bestaande bedrijfsvloeroppervlak en de nieuwvestiging van hotels of uitbreiding van meer dan 30% van de bestaande overnachtingscapaciteit

ja

ja

6Buitenplanse omgevingsplanactiviteit voor zendmasten en installaties voor het opwekken van duurzame energie buiten een bedrijfsbestemming.

ja

ja

7Buitenplanse omgevingsplanactiviteit voor zonneweides van meer dan 100 m2, buiten een bedrijfsbestemming en niet aangebracht op een dak

ja

ja

8Buitenplanse omgevingsplanactiviteit voor de nieuwvestiging, of buitenplanse omgevingsplan-activiteit voor de uitbreiding van meer dan 40% van het bestaande bedrijfsvloeroppervlak of van de bestaande bouwmassa, van een bedrijf buiten de aangewezen bedrijventerreinen van categorie 3.2 of hoger

ja

ja

9Buitenplanse omgevingsplanactiviteit voor de nieuwvestiging, of buitenplanse omgevingsplan-activiteit voor de uitbreiding van meer dan 40% van het bestaande bedrijfsvloeroppervlak of van de bestaande bouwmassa, van een bedrijf op hiertoe aangewezen bedrijventerreinen van categorie 4 of hoger

ja

ja

10Buitenplanse omgevingsplanactiviteit voor de functiewijziging c.q. herontwikkeling in bestaande gebouwen van meer dan 2.000 m2, waarbij sprake is van (te verwachten) aanzienlijke gevolgen voor de fysieke leefomgeving

ja

ja

Uitgangspunt: de Raad stelt de kaders vast via beleid, denk aan de omgevingsvisie, accommodatiebeleid, woonbeleid etc. Dit beleid wordt vertaald in het omgevingsplan.

Vanuit de verhouding tussen Raad en College wordt het noodzakelijk geacht dat wanneer wordt afgeweken van vastgestelde kaders door de Raad voor een specifiek geval met impact:

-de Raad vooraf een bindend advies geeft;

-de uniforme uitgebreide voorbereidingsprocedure van toepassing is zodat er is meer tijd is voor een zorgvuldig vergunningentraject en

-de initiatiefnemer op voorhand verplicht participatie toepast.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.