Bijlage 1: Wetgeving
De Wet natuurbescherming regelt de bescherming van flora en fauna, natuurgebieden, soorten, bomen in het buitengebied en bos. De provincie Overijssel is bevoegd gezag en houdt toezicht op de naleving. De gemeente heeft een informatieplicht hierover naar de inwoner. Met ingang van de Wabo is de gemeente verplicht natuurbescherming mee te nemen bij vergunningverlening. De gemeente is samen met de inwoners dus ook verantwoordelijk voor de correcte naleving van de Wet natuurbescherming.
Flora en fauna
Door de wet worden diverse planten en dieren beschermd. Het is nooit toegestaan om houtopstanden te verwijderen wanneer die gedurende het hele jaar de nest- of verblijfplaats van een beschermd dier is. Wanneer de houtopstand niet het hele jaar de nest- of verblijfplaats van een beschermd dier is, moet men de werkzaamheden uitstellen tot deze zijn verlaten.
Daarnaast kan het zijn dat de houtopstand onderdeel uitmaakt van het foerageergebied (foerageren is de biologische term voor het regelmatig terugkerend zoeken en vinden van voedsel door dieren) of vluchtroutes van beschermde diersoorten. Om te weten te komen of dat het geval is, kan men een Quick Scan flora en fauna doen. De Quick scan geeft uitsluitsel of het wel of niet toegestaan is om de houtopstand te kappen en onder welke voorwaarden.
De Wet natuurbescherming beschermt bepaalde planten- en diersoorten, onder andere door een verbod op het verstoren of beschadigen van beschermde soorten, zoals steenuil, vleermuis, gierzwaluw, otter. Als u een activiteit wilt uitvoeren waarbij u de wet overtreedt, dan kunt u een ontheffing bij ons aanvragen.
Natuurnetwerk Nederland
Het Natuurnetwerk Nederland is het Nederlands netwerk van bestaande en nieuw aan te leggen natuurgebieden. Het netwerk moet natuurgebieden beter verbinden met elkaar en met het omringende agrarisch gebied.
Natuurgebieden
Natura 2000-gebieden maken onderdeel uit van een Europees netwerk van belangrijke natuurgebieden en zijn wettelijk beschermd door de Wet Natuurbescherming. Binnen de gemeente Staphorst is het gebied ‘Olde Maten en Veerslootslanden’ aangemerkt als Natura 2000-gebied. Het beheer en onderhoud van dit gebied wordt uitgevoerd volgens een goedgekeurd beheerplan, onder toezicht van de provincie Overijssel.
Bomen buitengebied
De Wet natuurbescherming beschermt bos van minimaal 10 are en bomenrijen van minimaal 21 bomen gelegen buiten de bebouwde kom (de zogenaamde 'houtopstanden'). Wanneer men houtopstanden wil kappen die onder de Wet natuurbescherming vallen, moet men een kapmelding indienen bij de provincie. Doorgaans geldt daarbij ook een herplantplicht. Er zijn enkele uitzonderingen waarbij een kapmelding niet is vereist, deze staan vermeld in art. 4.1 van de Wet natuurbescherming.
Deze verplichting staat los van het aanvragen van een omgevingsvergunning bij de gemeente en kan dus ook gelden binnen het vergunning vrije regime.
De meldingsplicht en herplantplicht van de provincie op basis van de Wet natuurbescherming zijn niet van toepassing op:
■ Houtopstanden binnen grenzen van de bebouwde kom (zie onderstaand kaartje).
■ Houtopstanden op een erf of in een tuin.
■ Fruitbomen of windschermen rondom boomgaarden.
■ Naaldbomen die dienen als kerstbomen, indien niet ouder dan twintig jaar.
■ Kweekgoed.
■ Uit populieren of wilgen bestaande wegbeplantingen, beplantingen langs waterwegen, eenrijige beplantingen langs landbouwgronden.
■ Het dunnen van een houtopstand.
■ Beplantingen van populieren, wilgen, essen of elzen die kennelijk zijn bedoeld voor de productie van houtige biomassa die:
o zijn aangelegd na 1 januari 2013,
o ten minste eens per tien jaar worden geoogst,
o bestaan uit minstens tienduizend stoven per hectare per beplantingseenheid
o aaneengesloten is: de beplanting wordt niet doorgesneden door onbeplante stroken breder dan twee meter.
Kaart begrenzing bebouwde kom t.b.v. de Wet Natuurbescherming:
Bijlage 2: De Groene Kaart
De Groene Kaart, datum gewijzigd: 30-08-2018, maakt integraal onderdeel uit van deze kaart
Bijlage 4: Criteria voor de bomenlijst
In deze bijlage worden de criteria voor de Bomenlijst nader toegelicht. De beoordeling van de verschillende criteria levert een totaalscore op, waaruit blijkt of een boom wel of niet in aanmerking komt voor de Bomenlijst.
Levensverwachting
De levensverwachting wordt beoordeeld aan de hand van de conditie in relatie tot eventuele gebreken en de groeiplaatsomstandigheden. Als de boom een levensverwachting heeft van minder dan 10 jaar, wordt deze op voorhand niet opgenomen op de Bomenlijst. Daarom de volgende keuzes:
•<10 jaar
•>10 jaar
Gedenkboom
Gedenkbomen zijn bomen die vanwege een speciale gelegenheid zijn aangeplant als gedenkboom. Gedenkbomen zijn in beginsel altijd onderdeel van de Bomenlijst, tenzij de levensverwachting minder dan 10 jaar is.
Leeftijd
De leeftijd is van belang om de monumentale waarde van een boom te bepalen. Hoe ouder de boom, des te beschermwaardiger deze is. Daarom is het volgende onderscheid gemaakt:
•< 40 jaar
•40 – 80 jaar
•80 jaar
Duurzaamheid
De duurzaamheid van een boom zegt iets over de hardheid van het hout en de leeftijd die een boom onder normale groeiplaatsomstandigheden kan bereiken.
Langzaam groeiende bomen kunnen vaak een hogere leeftijd bereiken waardoor deze bomen vaak bepalend zijn voor het straatbeeld omdat ze hier al generaties lang aanwezig zijn. Bomen kunnen worden beoordeeld in de volgende drie klassen:
•Snelgroeiend/niet duurzaam
•Normaal
•Traag groeiend/duurzaam
Boomgrootte
De boomgrootte is opgedeeld in hoogteklassen. Deze hoogteklassen worden veel gebruikt in Nederland en geven aan wat de uiteindelijke hoogte van een boomsoort kan worden. Hierbij worden de volgende boomgroottes onderscheiden:
•3e grootte: 8 meter of kleiner
•2e grootte: 8-15 meter
•1e grootte: 15 meter of groter
Herkomst
Boomsoorten kunnen inheems of uitheems zijn. Bomen die van nature in Nederland voorkomen worden inheems genoemd. Deze soorten zijn meer waardevol dan exoten (uitheemse soorten). Inheemse bomen trekken o.a. meer verschillende soorten insecten aan.
Dendrologische waarde
De dendrologische waarde zegt iets over de zeldzaamheid. Hoe zeldzamer een soort, hoe hoger de dendrologische waarde van deze soort is. De zeldzaamheid is streekgebonden en bestaat uit de volgende klassen:
•Veel voorkomend
•Algemeen voorkomend
•Zeldzaam
•Zeer zeldzaam
Stamomtrek
De stamomtrek wordt gemeten op 1,30 meter boven het maaiveld. De dikte van een boom zegt iets over de grootte en/of leeftijd van de boom. Hoe groter de omtrek, hoe ouder de boom. De onderverdeling is als volgt:
•<100 cm
•100 - 200 cm
•200 - 300 cm
•> 300 cm
Bovengrondse/ondergrondse groeiruimte
Goede bovengrondse of ondergrondse groeiplaatsomstandigheden zijn voor de boom van groot belang. Belemmerende groeiplaatsomstandigheden hebben een negatief effect op bijvoorbeeld de ontwikkeling, de groeivorm, de levensverwachting of de directe omgeving van de boom.
Ongestoorde groeiplaatsomstandigheden Er zijn geen aanwijsbare belemmeringen m.b.t. de ondergrondse en bovengrondse groeiplaats.
Matig belemmerende groeiplaatsomstandigheden De omstandigheden waarin de boom staat zijn beperkend of in de nabije toekomst beperkend.
Ernstig belemmerende groeiomstandigheden De ondergrondse of bovengrondse groeiplaatsomstandigheden zijn ernstig beperkend.
Groeivorm
De groeivorm zegt met name iets over de ontwikkeling van de boom, ten opzicht van hoe de boom er van nature uit zou moeten zien. Vrij uitgroeiende bomen hebben de meest natuurlijke groeivorm, terwijl ‘opgekroonde’ bomen deels door menselijk ingrijpen worden gevormd. De volgende drie opties worden onderscheiden:
•Slechte of geen bijzondere groeivorm De natuurlijke vorm en bijbehorende kroonomvang van de boom zijn in slechte staat, of de kroonvorm is zeer algemeen.
•Soorteigen habitus opgekroond De natuurlijke vorm en bijbehorende kroonomvang van de boom zijn aanwezig maar door opkronen is deze op enige wijze beïnvloed.
•Soorteigen habitus De natuurlijke vorm en bijbehorende kroonomvang van de boom zijn aanwezig en daardoor geeft de boom een goed beeld van de soorteigen habitus.
Ruimtelijke betekenis
De plek die een boom inneemt in de openbare ruimte heeft betrekking op de ruimtelijke betekenis. Zo kan een boom bijdragen aan de structuur van de openbare ruimte, het landschap en de ecologie. Ruimtelijk betekenis wordt voor een groot deel bepaald door de zichtbaarheid van de boom in openbare ruimte. Daarom wordt de volgende indeling gebruikt voor de beoordeling:
•Niet zichtbaar vanaf openbare weg
•Niet zichtbaar vanaf openbare weg en ondersteunend bij landschappelijke en of ecologische structuur
•Gedeeltelijk zichtbaar vanaf openbare weg of landschap
•Gedeeltelijk zichtbaar vanaf openbare weg en of landschap en ondersteunend bij de gemeentelijke groenstructuur
•Vanaf alle zijden zichtbaar vanaf de openbare weg
Bijzonder (cultuurhistorische) betekenis
Bomen kunnen een cultuurhistorische betekenis hebben doordat zij typerend zijn voor het gebied of de locatie waar ze groeien. De volgende categorieën worden onderscheiden:
•Geen bijzonder (cultuurhistorische) betekenis
•Streekeigen beplanting
•Bijzondere (cultuurhistorische) betekenis
Eindscore van een boom
In de volgende situaties wordt de boom als waardevol of monumentaal gezien en wordt deze op de Bomenlijst geplaatst:
•Indien de boom een ‘gedenkboom’ betreft met een levensverwachting van > 10 jaar
•Indien de boom een eindscore heeft van minimaal 60 punten i.c.m. een levensverwachting van > 10 jaar.
Puntentabel
Bijlage 5: Tabel met advies voor herplant op erven binnen het lichte regime
Houtopstand in IJhorst-Zuid en binnen de gearceerde gebieden op de Groene kaart met de culturele en historische waarden en een minimale omtrek van 50 cm.
Houtopstand op een erf in het houtsingellandschap, het beekdallandschap, het bos en heidelandschap of het jonge ontginningen landschap met een minimale omtrek van 50 cm.
Houtopstand die onderdeel uitmaakt van erfbeplanting langs het Lint met een omtrek van meer dan 50 cm gemeten op 1,3 meter boven maaiveld, of een fruitboom met een omtrek van meer dan 50 cm.
14-16 cm omtrek
b.v.
Aesculus hippocastanum (cv.)
Castanea sativa
Alnus cordata/glutinosa
Betula pendula
Fagus sylvatica
Carpinus betulus
Quercus robur
Quercus rubra
Sorbus aucuparia
Robinia pseudoacacia
Tilia cordata (cv.)
Tilia europaea (cv.)
Tilia platyphyllos (cv.)
Verscheidene soorten variëteiten naaldbomen:
Abies, Pinus, Larix kaempferi, Pseudotsuga menziessii, Picea
14-16 cm omtrek
Houtsingelgebied:
b.v.
Alnus glutinosa
Aesculus hippocastanum
Fagus sylvatica
Fraxinus excelsior Quercus robur
Ulmus cv. (bv. ‘Clusius’ of ‘Columella’)
Ulmus laevis
Hoogstamfruitbomen
Jonge ontginningen landschap
Heidelandschap
b.v.
Aesculus hippocastanum (cv.)
Alnus cordata/glutinosa
Betula pendula
Fagus sylvatica
Quercus robur
Quercus rubra
Robinia pseudoacacia
Tilia cordata (cv.)
Tilia europaea (cv.)
Tilia platyphyllos (cv.)
Verscheidene soorten variëteiten naaldbomen:
Abies, Pinus, Larix kaempferi, Pseudotsuga menziessii, Picea
Beekdallandschap
b.v.
Alnus cordata/glutinosa
Betula pendula
Quercus robur
Tilia cordata (cv.)
Tilia x europaea (cv.)
Tilia platyphyllos (cv.)
14-16 cm omtrek
Solitaire bomen
b.v.
Alnus glutinosa
Juglans regia
Fraxinus excelsior
Betula pendula
Castanea sativa
Fagus sylvatica
Aesculus hippocastanum
Quercus robur
Mespilus germanica
Morus alba
Cydonia vulgaris
Hoogstamfruit:
appel b.v.
Dubbele Zuren Paradijsappel
Brabantse Bellefleur
Beauty of Bath
Bramley´s Seedling
Gravensteiner
Groninger Kroon
Notarisappel
Present van Engeland
Schone van Boskoop
Sterappel
Princesse Noble
Zijden Hemdje
Kers b.v.
Early Rivers
Heldelfinger Riesenkirsche
Dubbele meikers
Varikse zwarte
pruim b.v.
Opal
Dubbele Boerenwitte
Rein Claude d´Oullins
Rein Claude d´Althan
Rein Claude Verte
Victoria
peer b.v.
Clapp´s Favourite
Conference
Gieser Wildeman
Bijlage 6: Schema Cascobeleid
Herplant cascobenadering:
Gebied:
Herplant:
Oeverlanden Meppelerdiep
Inheemse bomen 12-14 cm omtrek op 1 m hoogte
Inheems bosplantsoen handelsmaat 120/180 cm (is lengtemaat)
Kenmerkend; Knotwilgen
Oldematen Veerslootslanden en Stadsgaten
Inheemse bomen12-14 cm omtrek op 1 m hoogte
Inheems bosplantsoen handelsmaat 120/180 cm (is lengtemaat)
Bossages; min. 2/3 menging Alnus glutinosa, Salix
Elzensingel: min. 2/3 Alnus glutinosa
Essensingel: min. 1/2 Fraxinus
Onderbeplanting; Sambucus nigra, Crataegus monogyna, Ilex aquifolium, Sorbus aucuparia,Malus domestica, Pyrus communis, Amelanchier lamarckii , Viburnum opulus, Myrica gale, Prunus spinosa, Salix
Open slagen landschap
Inheemse bomen handelsmaat 12-14 cm omtrek op 1m hoogte
Inheems bosplantsoen handelsmaat 120/180 cm (is lengtemaat)
Eendenkooien, pest- en geriefhoutbosjes;
min. 2/3 menging Alnus glutinosa, Salix, Populus alba
Onderbeplanting; Sambucus nigra, Crataegus monogyna, Ilex aquifolium, Sorbus aucuparia, Malus domestica, Pyrus communis, Amelanchier lamarckii , Viburnum opulus, Prunus spinosa
houtsingellandschap de Streek
Inheemse bomen handelsmaat 12-14 cm omtrek op 1 m hoogte
Inheems bosplantsoen handelsmaat 120/180 cm (is lengtemaat)
Elzensingel: min. 2/3 Alnus glutinosa
Eikensingel: min. 2/3 Quercus robur
Essensingel: min. 1/2 Fraxinus voorkeur resistente essen
Geriefhoutbosjes, eendenkooi; min. 2/3 menging Alnus glutinosa, Quercus robur
Onderbeplanting; Sambucus nigra, Crataegus monogyna, Ilex aquifolium, Sorbus aucuparia, Malus domestica, Pyrus communis
Jong ontginningslandschap
Inheemse bomen handelsmaat 12-14 cm omtrek op 1 m hoogte
Inheems bosplantsoen handelsmaat 120/180 cm (is lengtemaat)
Eikensingel: min. 2/3 Quercus robur
Essensingel: min. 1/2 Fraxinus
Bossages, geriefhoutbosjes: min. 1/2 Quercus, Betula, Fraxinus
Onderbeplanting; Sambucus nigra,Crataegus monogyny, Ilex aquifolium, Sorbus aucuparia, Malus domestica, Pyrus communis
Landschapstype bos en heidelandschap
Inheemse bomen handelsmaat 12-14 cm omtrek op 1 m hoogte
Inheems bosplantsoen handelsmaat 120/180 cm (is lengtemaat)
Houtwallen: min. 1/2 Quercus robur
Bos: Quercus, Betula, Picia abies, Pinus, Douglas, Larix
Onderbeplanting; Sambucus nigra, Crataegus monogyna, Ilex aquifolium, Sorbus aucuparia, Malus domestica, Pyrus communis
Reestdal
Inheemse bomen handelsmaat 12-14 cm omtrek op 1 m hoogte
Inheems bosplantsoen handelsmaat 120/180 cm (is lengtemaat)
Houtwallen: min. 1/2 Quercus robur
Elzensingel: min. 2/3 Alnus glutinosa
Bos, bossages: Quercus, Betula, Picia abies, Pinus, Douglas, Larix
Lanen: bij voorkeur 2/3 Linde, Beuk of eik
Onderbeplanting; Sambucus nigra, Crataegus monogyna, Ilex aquifolium, Sorbus aucuparia, Malus domestica, Pyrus communis