Gemeentelijke regelgeving

Beleids- en nadere regels Wet maatschappelijke ondersteuning gemeente Stadskanaal 2026

Gemeente Stadskanaal · geldt sinds 2 juni 2026

Aanhef

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Stadskanaal,

Gelet op artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht;

Gelet op de Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Stadskanaal 2026;

B E S L U I T E N

Vast te stellen de Beleids- en nadere regels Wet maatschappelijke ondersteuning gemeente Stadskanaal 2026.

Bijlage 1 Lijst algemeen gebruikelijk

Woonvoorziening (algemeen):

Drempelhulp/schegplaten

Centrale verwarming

Losse airconditioning

Intercom

Elektriciteit in bestaande schuur/berging

Extra trapleuning

Slimme deurbel

Slim deurslot

Woonvoorziening (sanitair):

Douche (douchecabine/wand)

Douchekop op glijstang

Losse douchestoel

Vaste douchestoel

Postoel/toiletdouchestoel

Badplank

Eenhendelmengkraan, eenhendelthermostaatkraan

Wandbeugels

Verhoogd toilet/hangtoilet

Toiletverhoger met armleuning

Spiegels

Antislipcoating

Woonvoorziening (keuken/huishouden):

Afzuigkap

Mechanische ventilatie

Keramische kookplaat

Inductiekookplaat

Laden/korfladen

Woonvoorziening (overig):

Elektrische garagedeuropener

Telefoon en pc

Verlengde raamopeners

Stoel met uitsluitend sta-opfunctie

Vervoer (Fietsen en bijzondere fietsen):

Fiets

Fiets met lage instap

Elektrische fiets

Bromfiets/snorscooter

Niet aangepaste fietszitjes

Aankoppelfietsen voor kinderen

Fietskarretjes

Tandem voor volwassenen

Bakfiets

(Elektrische) step

Vervoer (auto):

Warmtewerend glas

Cruise control

Verstelbaar stuurwiel

Stuurbekrachtiging

Rembekrachtiging

Airconditioning

Elektrisch bediende ramen

Niet aangepaste autozitjes

Gebruikte eigen auto

Canta/brommobiel

Draaischijf auto

Lichte ondersteuning:

Technische hulpmiddelen (stofzuiger, afwasmachine) en reinigingsmiddelen

Hondenuitlaatservice

Klussendienst

Loophulpmiddelen:

Wandelstok, looprek, rollator

Accessoires:

Zoals schootskleed, boodschappenmand, rolstoelhandschoenen

Bijlage 2 Vormen van ondersteuning

Ambulante begeleiding regulier

De cliënt kan door deze begeleiding naar eigen vermogen zelfredzaam zijn en participeren en verblijven in de eigen leefomgeving en zich handhaven in de samenleving.

Eén op één begeleiding van de cliënt door aanbieder in de thuissituatie, digitaal op afstand, op school of op het werk niet zijnde begeleiding in groepsverband. Ambulante begeleiding kan bestaan uit praktische begeleiding, gedragsregulerende begeleiding of begeleiding waarbij sprake is van een ontwikkeldoelstelling.

De ambulante begeleiding richt zich op:

-herstel, stabilisatie en voorkómen van erger of crisis;

-begeleiden van cliënten met een regieprobleem zodat zij weer grip op de situatie krijgen;

-het ontwikkelen van persoonlijke vaardigheden om de zelfredzaamheid en de participatie van de individuele inwoner of zijn gezin/gezinssysteem te verhogen of te behouden;

-het (leren) gebruiken van en toeleiding naar (algemene) voorzieningen;

-het realiseren van ondersteuning in/door het persoonlijk netwerk van de cliënt;

-integraliteit/ afstemming met andere hulpverlening.

Ambulante begeleiding kan op maat verstrekt worden voor een bepaalde korte of middellange of lange periode. Dit is afhankelijk van de individuele situatie en het ontwikkelpotentieel van de cliënt.

Ambulante begeleiding kan bestaan uit:

-Praktische begeleiding in verband met tekortschietende (ADL) vaardigheden in het zelfregelend vermogen (dagelijkse bezigheden regelen, besluiten nemen, plannen en uitvoeren van taken, beheerszaken regelen, communicatie, sociale relaties):

-Het ondersteunen bij/oefenen met het aanbrengen van structuur hierin c.q. het voeren van regie. Bijvoorbeeld als gevolg van een lichte verstandelijke beperking (LVB) of verslavingsproblematiek;

-Begeleiding bij het weer opbouwen en onderhouden van een sociaal netwerk:

-Ondersteunen bij het toepassen en inslijpen van aangeleerde vaardigheden en gedrag in het dagelijks leven door herhaling en methodische interventie. Zorgen dat, daar waar noodzakelijk, adequate begeleiding door de cliënt wordt aangenomen en opgevolgd:

-Het waar dit nodig is, begeleiden van de cliënt met een regieprobleem (door het aansporen van de cliënt) bij het verrichten ADL-handelingen (persoonlijke verzorging) door de cliënt zelf:

-Ondersteuning van (medische) behandeling voor zover de begeleiding niet onlosmakelijk verbonden is aan de medische behandeling. Want dan is het geen Wmo begeleiding. Het gaat hierbij om het oefenen van vaardigheden in de praktijk aangereikt vanuit de behandeling (die dan meestal valt onder de Zvw).

Overige aspecten die van belang zijn bij de uitvoering:

-Begeleiding vindt plaats op geplande en zo nodig op basis van de wens van cliënt op ongeplande momenten, u kunt denken aan een situatie dat een cliënt niet wekelijks op een vast moment maar af en toe op niet in te schatten momenten behoefte heeft aan ondersteuning, in de woon- en leefomgeving van de inwoner én waar nodig op afstand met behulp van digitale middelen (zoals screen to screen contact).

Ambulante begeleiding plus (a en b variant)

Stabilisatie na crisis, gericht op herstel van veiligheid en regie. Door inzet van dit product kan cliënt, samen met aanbieder, weer vanuit een stabielere situatie werken aan het realiseren van de gestelde doelen in de doelrealisatieopdracht en het begeleidingsplan ambulante begeleiding regulier. De overige doelstellingen van ‘begeleiding plus’ zijn identiek aan de doelstellingen van ‘begeleiding regulier’.

Bij crisis kan het, als er geen andere oplossingen mogelijk zijn, nodig zijn om de ambulante begeleiding regulier tijdelijk te intensiveren door:

a) inzet van tijdelijk meer uren ambulante begeleiding regulier op basis van het all-in tarief ambulant regulier (plus a variant).

b) tijdelijke inzet van specialistische expertise (bijvoorbeeld specifieke ervaringsdeskundigheid, gedragsdeskundige, psycholoog, of specialistische verslavingsdeskundigheid) aanvullend op de ambulante begeleiding regulier op basis van het all-in tarief ambulant plus (plus b variant).

De gemeente zorgt in voorkomende situaties voor een indicatie ambulante begeleiding plus a of b die tijdelijk wordt toegekend aanvullend op de al bestaande (of tevens af te geven) indicatie ambulante begeleiding regulier door een indicatie voor een maximaal aantal te declareren uren voor een bepaalde periode. Dit maximum kan de aanbieder op basis van de behoefte van de cliënt flexibel verdelen over de geïndiceerde periode. Na afloop van deze tijdelijk aanvullende indicatie valt de cliënt weer terug op de nog lopende basis indicatie ambulante begeleiding regulier.

De criteria voor de inzet van begeleiding plus zijn:

1Er is sprake van een onveilige situatie (onveilig voor cliënt, omgeving, begeleider en/of andere betrokkenen, en/of een toename van probleemgedrag, en/of zorgmijding. Dit resulterend in ernstige achteruitgang. Met ernstige achteruitgang wordt bedoeld: aantoonbare achteruitgang ten opzichte van een eerder niveau van functioneren die grote invloed heeft op de emotieregulatie, cognitieve functies en/of het gedrag.

en:

2Er is tijdelijk weinig tot geen regie over het eigen leven; er is geen evenwicht, de situatie is niet stabiel.

Er wordt geen ambulante begeleiding plus ingezet als de inwoner in aanmerking komt voor beschermd wonen, behandeling (inclusief begeleiding) op basis van de Zvw of ondersteuning vanuit de Wlz.

Overige aspecten die van belang zijn bij de uitvoering:

-Aanbieders bieden zowel de reguliere als plusvariant aan, al dan niet in samenwerking met een andere partij, zodat op- en afschaling eenvoudig te regelen is.

-Er wordt toegewerkt naar een stabiele situatie waardoor er (weer) afschaling naar begeleiding regulier kan plaatsvinden en/of doorverwijzing of samenwerking met algemene voorzieningen, het persoonlijk netwerk, Wlz of Zvw.

Begeleiding groep belevingsgericht (a en b variant)

Cognitieve capaciteiten en vaardigheden zoveel mogelijk handhaven en/of gedragsproblematiek reguleren. Stimuleren van zelfredzaamheid, ontmoeting en contact en het onderhouden hiervan. Het product kan ook ingezet worden ter ontlasting van mantelzorgers

Begeleiding groep belevingsgericht is bedoeld voor de doelgroep die beperkt is om een besteding van de dag zelfstandig in te vullen en (deels) niet in staat is om daarvoor gebruik te maken van activiteiten in het voorliggend veld. Het gaat om het groepsgewijs begeleiden van mensen die structuur en dagritme missen en te maken hebben met psychische, cognitieve en/of fysieke beperkingen. Hierbij is een duidelijke begeleidingsbehoefte aan de orde. Zoals bijvoorbeeld sommige ouderen met dementie, sommige cliënten met Niet Aangeboren Hersenletsel (NAH) of ggz-problematiek. Bij begeleiding groep belevingsgericht kan overigens ook sprake zijn van arbeidsmatige groepsbegeleiding maar dan zonder dat er sprake is van een ontwikkelpotentieel bij de cliënt.

Groepsbegeleiding bestaat uit het doen van laagdrempelige activiteiten op locatie in groepsverband, die niet algemeen beschikbaar zijn en die aansluiten bij de belevingswereld en de wensen en interesses van de cliënt. De begeleiding is gericht op beleving, het hebben van een zinvolle daginvulling en het aangaan van contacten/ontmoeting of het stimuleren daartoe. Gedacht kan worden aan o.a. creatieve activiteiten, het verrichten van tuinwerkzaamheden, samen koken, eten of bewegen.

Hiermee wordt:

-dagritme geboden

-de situatie zoveel mogelijk gestabiliseerd

-de eventuele mantelzorger ontlast

-een periode tot opname in een instelling (Wlz) overbrugd

-sturing geboden op het gebied van de emotieregulatie

De standaard richtlijn voor de groepsgrootte op basis van een indicatie variant a is:

één begeleider op een groep van gemiddeld 8 en maximaal 10 personen.

Het kan in uitzonderlijke situaties, vanuit de behoefte of beperking van de cliënt, noodzakelijk zijn om in een kleinere groep groepsbegeleiding te krijgen. Bijvoorbeeld omdat een prikkelarme omgeving nodig is of omdat de begeleidingsvraag erg intensief is (bijvoorbeeld in de aanloop naar een Wlz-indicatie). Er kan dan niet worden volstaan met 1 begeleider op een groep van gemiddeld 8 en maximaal 10 cliënten. In samenspraak met de consulent wordt dan een indicatie afgegeven op basis van een aangepaste groepsgrootte van gemiddeld 4 cliënten in dit geval variant b. Het product blijft dan gelijk maar er geldt dan een ander tarief. De behoefte/vermogen van de cliënt om in een grote of kleine groep begeleiding te ontvangen en de afgegeven beschikking waarin dit is opgenomen bepaalt dus welke tariefklasse gehanteerd wordt.

De indicatie wordt gegeven per dagdeel, waarbij uitgegaan wordt van minimaal 3 uur daadwerkelijke begeleiding (exclusief reistijd) aaneengesloten en maximaal 2 dagdelen per 24 uur. Aanbieders organiseren het vervoer voor die cliënten die niet op eigen gelegenheid naar de locatie kunnen komen. Hiervoor wordt indien van toepassing een aparte indicatie verstrekt.

Overige aspecten die van belang zijn bij de uitvoering

-Begeleiding in groepsverband is voorliggend op ambulante begeleiding als hetzelfde doel wordt beoogd. Persoonlijke begeleiding en individuele aandacht maken onderdeel uit van begeleiding groep. Hiervoor kunnen geen extra kosten in rekening worden gebracht.

-Voor bepaalde doelgroepen verwachten we binnen dit product wel een lichte vorm van activering. Denk daarbij aan ADL-vaardigheden, onderdelen van het voedselbereidingsproces etc.

-Belevingsgerichte groepsbegeleiding kan in samenhang met het gebruik van algemene/voorliggende voorzieningen plaatsvinden. Voor sommige cliënten kan belevingsgerichte groepsbegeleiding een opmaat zijn voor het gebruiken van algemene en voorliggende voorzieningen. Er dient altijd onderzoek te worden gedaan naar de mogelijkheden voor inzet van algemene/voorliggende voorzieningen. Aanbieders nemen dit op in het begeleidingsplan en verantwoorden dit bij de toegang bij melding/aanvraag voor herindicatie.

-Eén van de activiteiten waar we specifiek aandacht voor vragen is digitalisering. We vragen van aanbieder (als dit van toegevoegde waarde is voor de cliënt) met enige regelmaat een activiteit op de groepsbegeleiding vorm te geven waarbij cliënten kennismaken met interactie via beeldscherm, laptop, tablet. Op die manier kunnen mensen kennismaken en oefenen in de digitale wereld met als doel sociale relaties buiten de groepsbegeleiding te kunnen onderhouden. De aanbieder is vrij hoe dit te organiseren, de consulent spreekt af voor welke cliënten dit in ieder geval van toepassing is.

-Voor in ieder geval mensen met dementie die geïndiceerd worden voor dit product is eerder sprake van achteruitgang dan van vooruitgang van de cliënt. Hierdoor moet goed gemonitord worden of Wmo-begeleiding nog passend is of dat bijvoorbeeld een Wlz-indicatie aan de orde is.

-Als de cliëntsituatie verandert en er ander vormen van ondersteuning of toeleiding naar Wlz worden ingezet dan is de aanbieder verplicht mee te werken aan een warme overdracht wanneer de cliënt hiervoor naar een andere aanbieder moet gaan.

-De begeleider is bereid om een cliënt met een regieprobleem, daar waar dit nodig is, op de groepsbegeleidingslocatie te begeleiden (door het aansporen van de cliënt) bij het verrichten van ADL-activiteiten (persoonlijke verzorging) door de cliënt zelf. Dit maakt onderdeel uit van dit product. Persoonlijke verzorging bij begeleiding groep valt onder de Wmo 2015 wanneer de behoefte aan persoonlijke verzorging samenhangt met de behoefte aan begeleiding. Persoonlijke verzorging op grond van de Wmo 2015 kan tijdens de groepsbegeleiding bestaan uit hulp bij de algemene dagelijkse levensverrichtingen (ADL), waaronder:

a) Bewegen;

b) Lopen;

c) Gaan zitten en weer opstaan;

d) Lichamelijke hygiëne;

e) Toiletbezoek;

f) Eten/drinken;

g) Medicijnen innemen;

h) Ontspanning; en

i) Sociaal contact.

-In het geval een cliënt van begeleiding groep een indicatie heeft voor wijkverpleging, kan overwogen worden om de wijkverpleegkundige naar de begeleidingslocatie te laten komen in plaats van het huisadres van de cliënt.

-Als de situatie van een cliënt verandert dan is er een mogelijkheid dat een cliënt vanuit begeleiding groep belevingsgericht kan doorstromen naar begeleiding groep arbeidsmatig. De aanbieder is dan verplicht mee te werken aan een warme overdracht als dit betekent dat de cliënt hiervoor naar een andere aanbieder moet gaan.

-Als cliënt naast begeleiding groep ook ambulante begeleiding heeft dan ligt bij beide aanbieders, respectievelijk beide medewerkers van de aanbieder als het dezelfde aanbieder betreft, de gedeelde verantwoordelijkheid om de begeleiding op elkaar af te stemmen.

-Waar nodig wordt nauw samengewerkt met organisatie(s) die andere vormen van begeleiding of medische behandeling levert. De aanbieder monitort in dit kader of er zodanige veranderingen zijn bij de cliënt dat de cliënt in aanmerking komt voor beschermd wonen, behandeling op basis van de Zvw of ondersteuning vanuit de Wlz.

-Uitgangspunt is dat de groepsbegeleiding zo dicht mogelijk bij de woonplaats van de cliënt wordt aangeboden en het vervoer van en naar groepsbegeleiding door de persoon zelf of het netwerk geregeld wordt. Als het vervoer niet op eigen kracht lukt dan kan hiervoor een indicatie worden verleend. Het vervoer is onlosmakelijk verbonden aan de uitvoering van begeleiding groep en wordt door de aanbieder georganiseerd.

Begeleiding groep arbeidsmatig

-Arbeidsmatige groepsbegeleiding is bedoeld voor die doelgroep die grote afstand tot de reguliere arbeidsmarkt heeft en beperkt in staat is om zelfstandig invulling aan de dag te geven. Deze doelgroep kan wel met aansturing nuttige werkzaamheden voor de maatschappij verrichten in een veilige omgeving.

-Met arbeidsmatige groepsbegeleiding wordt de cliënt in de groep (sociaal) geprikkeld en tijdens de werkzaamheden uitgedaagd in de eigen mogelijkheden. Hiermee wordt (sociale) achteruitgang en eenzaamheid voorkomen.

-De cliënt ontleent eigenwaarde aan de geleverde arbeid. Deelnemen aan arbeidsmatige groepsbegeleiding biedt structuur in de dag en week. Arbeidsvaardigheden, basisvaardigheden en sociale vaardigheden worden onderhouden.

-Bij arbeidsmatige/activerende groepsbegeleiding is er altijd sprake van ontwikkelpotentieel bij de cliënt. Deze doelgroep is leerbaar, echter de stapjes zijn op dit moment niet zo groot dat snelle doorgroei naar (entree)opleiding, beschut werk, vrijwilligerswerk of andere activeringsinstrumenten uit de Participatiewet te verwachten is.

-Begeleiding in groepsverband is voorliggend op ambulante begeleiding als hetzelfde doel wordt beoogd. Ambulante begeleiding en individuele aandacht kunnen onderdeel uitmaken van begeleiding groep, echter hiervoor kunnen geen extra kosten in rekening worden gebracht.

Doelstelling van het product

Doel van deze vorm van groepsbegeleiding is het ontwikkelen en vergroten van vaardigheden op het gebied van arbeidsmatige participatie en zelfredzaamheid door het stimuleren en activeren van de deelnemers tot het uitvoeren van doelgerichte taken, in een veilige groepssetting. Hierbij wordt rekening gehouden met het tempo en niveau van de cliënt, door begeleiding op maat. Zo kan iemand zijn of haar vaardigheden oefenen en grenzen verleggen.

Deze vorm van begeleiding heeft als uiterste doel deelname aan opleiding, vrijwilligerswerk, beschut werk of regulier werk. Dit hoeft echter niet altijd het doel te zijn in het begeleidingsplan van de cliënt. Door het begeleidingsplan van de cliënt te koppelen aan de participatieladder uit de Participatiewet en het bieden van mogelijkheden tot doorstroom naar vrijwilligerswerk, beschut werk of regulier werk, kan gericht aan verdere maatschappelijke participatie gewerkt worden.

Arbeidsmatige groepsbegeleiding is bedoeld voor die doelgroep die grote afstand tot de reguliere arbeidsmarkt heeft en beperkt in staat is om zelfstandig invulling aan de dag te geven. Deze doelgroep kan wel met aansturing nuttige werkzaamheden voor de maatschappij verrichten in een veilige omgeving. Met arbeidsmatige groepsbegeleiding wordt de cliënt in de groep (sociaal) geprikkeld en tijdens de werkzaamheden uitgedaagd in de eigen mogelijkheden. Hiermee wordt (sociale) achteruitgang en eenzaamheid voorkomen. De cliënt ontleent eigenwaarde aan de geleverde arbeid. Deelnemen aan arbeidsmatige groepsbegeleiding biedt structuur in de dag en week. Arbeidsvaardigheden, basisvaardigheden en sociale vaardigheden worden onderhouden. Bij arbeidsmatige/activerende groepsbegeleiding is er altijd sprake van ontwikkelpotentieel bij de cliënt. Deze doelgroep is leerbaar, echter de stapjes zijn op dit moment niet zo groot dat snelle doorgroei naar (entree)opleiding, beschut werk, vrijwilligerswerk of andere activeringsinstrumenten uit de Participatiewet te verwachten is.

Omschrijving van het product

-De activiteiten zijn in groepsverband en gericht op activering. De cliënt verricht activiteiten met een zelfstandig karakter waarbij het vaak zal gaan om het tot stand brengen van een product of dienst, afgestemd op de mogelijkheden en interesse van de cliënt. De cliënt mag niet zonder begeleiding van aanbieder aan het werk worden gezet bij een andere partij niet zijnde een onderaanbieder.

-Eén van de activiteiten waar we specifiek aandacht voor vragen is digitalisering. We vragen van aanbieder met enige regelmaat een activiteit op de groepsbegeleiding vorm te geven waarbij cliënten kennismaken met interactie via beeldscherm, laptop, tablet. Op die manier kunnen mensen kennismaken en oefenen in de digitale wereld met als doel sociale relaties buiten de groepsbegeleiding te kunnen onderhouden. De aanbieder is vrij hoe dit te organiseren.

-De begeleider is bereid om een cliënt met een regieprobleem, daar waar dit nodig is, te begeleiden (door het aansporen van de cliënt) bij het verrichten van ADL-activiteiten (persoonlijke verzorging) door de cliënt zelf. Wanneer dat niet lukt is de begeleider bereid om een cliënt op de groepsbegeleidingslocatie, daar waar dit nodig is, te ondersteunen bij het verrichten van ADL-activiteiten (persoonlijke verzorging).

-De richtlijn voor de groepsgrootte is verhoudingsgewijs één begeleider op gemiddeld 10 cliënten.

-De indicatie wordt gegeven in dagdelen van 4 uur (exclusief reistijd) aaneengesloten, met een maximum van 2 dagdelen per 24 uur. Daarbij is een afwijking van maximaal 60 minuten meer per dagdeel acceptabel.

Overige aspecten die van belang zijn bij de uitvoering

-Als er verdere ontwikkelingsmogelijkheden voor de cliënt liggen dan zoekt de aanbieder van ‘arbeidsmatige gerichte groepsbegeleiding’ hiervoor contact en samenwerking met het bedrijfsleven, wijkvoorzieningen, verenigingsleven, omwonenden of bezoekers van voorzieningen. Voorbeelden zijn: voorzieningen in de buurt (bijv. buurtinitiatieven, wijkrestaurant, winkel, horeca etc.), welzijnswerk, werkvoorzieningsschappen, UWV, en/of werkgevers. De begeleiding kan dus ook gericht zijn op toeleiding naar vrijwilligerswerk of beschut werk.

-Als cliënt naast begeleiding groep ook ambulante begeleiding heeft dan stemt de aanbieder van begeleiding groep af met de ambulante begeleider.

-Groepsgrootte is passend en doelmatig en is afgestemd op de begeleidingsbehoefte van de cliënt en hetgeen in de dienstverleningsopdracht aan aanbieder is opgedragen.

-Uitgangspunt is dat de groepsbegeleiding zo dicht mogelijk bij de woonplaats van de cliënt wordt aangeboden en het vervoer van en naar groepsbegeleiding door de persoon zelf of het netwerk geregeld wordt. Als het vervoer niet op eigen kracht lukt dan kan hiervoor een indicatie worden verleend. Het vervoer is onlosmakelijk verbonden aan de begeleiding groep en wordt door de

aanbieder georganiseerd. Als Wmo arbeidsmatige groepsbegeleiding in relatie staat tot uitstroom naar werk/ re-integratie, dan kan voor de vervoerskosten ook gekeken worden naar mogelijkheden binnen de participatiewet.

Kortdurend verblijf

Het doel is het ontlasten van de mantelzorger zodat cliënt nog wel thuis kan blijven wonen. Het kan echter ook gaan om ongeplande/spoedopvang als plotseling de mantelzorger uitvalt. Dit laatste kan alleen als de cliënt niet voldoet aan de voorwaarden van respijtzorg uit de Zvw (dat wil zeggen dat er geen medisch acuut gevaar is).

Omschrijving van het product:

-Kortdurend verblijf betreft het logeren in een instelling gedurende maximaal drie etmalen per week, als de begeleiding voor de inwoner noodzakelijkerwijs gepaard gaat met permanent toezicht (niet zijnde zorg) omdat de cliënt niet altijd (adequaat) zelf hulp kan inschakelen;

-Het zwaartepunt van de begeleiding ligt vooral op logeren met als doel het overnemen van toezicht op de inwoner ter ontlasting van de gebruikelijke hulp of mantelzorger. Iemand moet zelf kunnen alarmeren. Niet zijnde een Wlz- of Zvw-bed;

-Kortdurend verblijf als respijtzorg kan cyclisch zijn gedurende maximaal 3 etmalen of incidenteel voor een aansluitende periode zijn, bijvoorbeeld in de vakantie:

a) Cyclisch: de cliënt gaat met een zekere regelmaat uit logeren en wil daar wel of geen groepsbegeleiding bij;

b) Incidenteel: de cliënt gaat een langere periode (bijvoorbeeld een paar dagen of een week) uit logeren omdat de partner of inwonende mantelzorger op vakantie gaat. Dit komt dan 1 of 2 keer per jaar voor en tussendoor is er geen behoefte aan cyclische respijtzorg. Het gaat dan om verblijf en groepsbegeleiding op dezelfde locatie.

-Kortdurend verblijf kan soms ook incidenteel nodig zijn bij niet-planbare situaties. In dit soort situaties wordt wel nadrukkelijk gekeken naar eventuele voorliggende voorzieningen vanuit de Zvw of Wlz. Bijvoorbeeld:

a) De mantelzorger valt uit door bijvoorbeeld plotselinge ziekenhuisopname of onvoorzien (langer) herstel na ziekenhuisopname. De partner waarvoor gezorgd wordt, kan niet zelfstandig achterblijven maar er is geen medische noodzaak of behoefte aan geneeskundige zorg (anders is het te indiceren vanuit de Zvw);

b) Ter overbrugging naar verwachte indicatie voor Wlz voor maximaal 3 etmalen per week voor 3 maanden voor zover dit niet onder de Zvw kan vallen.

Overige aspecten die van belang zijn bij de uitvoering:

-Dit product is inclusief de dagelijkse maaltijden, koffie/thee-momenten en hotelmatige kosten, kapitaallasten en agogisch klimaat en het aansporen van de cliënten bij het verrichten van ADL-activiteiten (persoonlijke verzorging) door de cliënt zelf. Dit is exclusief inzet van thuiszorg of andere voorzieningen op basis van de Zvw. Indien nodig wordt van aanbieder verwacht dat hij cliënt actief toeleidt naar indicatie voor een Zvw-voorziening.

-Er zijn cliënten die 24-uurs toezicht nodig hebben wat indien nodig is inbegrepen in het geboden kortdurend verblijf.

-Het product is inclusief 120 minuten ambulante begeleiding waaronder hulp bij ADL.

-Partijen die op de logeerlocatie ook groepsbegeleiding aanbieden bieden cliënt de mogelijkheid om indien hiervoor ruimte is aan de groepsbegeleiding deel te nemen.

-De aanbieder monitort of cliënt mogelijk in aanmerking komt voor beschermd wonen, behandeling.

Uitgangspunt is dat het kortdurend verblijf zo dicht mogelijk bij de woonplaats van de cliënt wordt aangeboden en het vervoer van en naar de kdv locatie door de persoon zelf of het netwerk geregeld wordt. Als het vervoer niet op eigen kracht lukt dan kan hiervoor een indicatie worden verleend. Het

vervoer is dan onlosmakelijk verbonden aan het kortdurend verblijf en wordt door de aanbieder georganiseerd.

Vervoer naar groepsbegeleiding en kortdurend verblijf

Het veilig en tijdig vervoeren van cliënten naar de begeleidingslocatie zo dichtbij als mogelijk bij de cliënt als de cliënt niet zelfstandig met gebruikelijke hulp of ondersteund door mantelzorg naar de locatie kan reizen. De cliënt heeft hierbij dan begeleiding nodig in de vorm van bijvoorbeeld vervoer met een (rolstoel) taxi. Indien dit het geval is en de gemeente acht dit noodzakelijk dan wordt hiervoor door de gemeente expliciet opdracht gegeven.

Omschrijving van het product

Voor wat betreft vervoer hanteren we drie verschillende vormen van vervoer:

1Standaard vervoer: Het vervoeren van cliënt tezamen met 1 of meerdere andere personen zonder dat aan het vervoer een indicatie individueel vervoer ten grondslag ligt;

2Rolstoel vervoer: Het vervoeren van cliënt in zijn rolstoel op basis van de vigerende Code VVR (Veilig Vervoeren van Rolstoelgebruikers);

3Individueel vervoer: Het individueel vervoeren van cliënt omdat deze naar het oordeel van gemeente niet in groepsverband vervoerd kan worden.

Vervoer wordt vergoed op basis een all-in tarief per etmaal gerelateerd aan het aantal km dat cliënt van woonlocatie tot begeleidingslocatie moet reizen (om deze afstand te bepalen wordt de ANWB routeplanner gehanteerd). Daarvoor hanteren we de volgende regels:

-Het aantal kilometers wordt bepaald op basis van: adres cliënt naar adres groepsbegeleidingslocatie (aan de hand van de kortste route volgens ANWB routeplanner * 2 (is heen en weer, per etmaal.);

-Wij gaan bij de vergoeding ervan uit dat een cliënt met twee dagdelen groepsbegeleiding op dezelfde dag op de groepsbegeleidingslocatie overblijft en niet tussendoor heen-en-weer reist;

De vervoerstarieven zijn gemaximeerd. Een verdere reisafstand is mogelijk in uitzonderingssituaties en met toestemming van gemeente en toegestaan echter deze wordt niet aanvullend vergoed.

Overige aspecten die van belang zijn bij de uitvoering

-In sommige situaties is het mogelijk dat cliënten leren gebruik te maken van het openbaar vervoer of van andere vormen van vervoer. Dit bevordert het zelfstandig participeren. Dit kan bijvoorbeeld als de cliënt in een stabielere fase zit en toewerkt naar meer zelfstandigheid. De aanbieder stimuleert en begeleidt de cliënt dan om dit te gaan doen en organiseert samen met de cliënt dat hij/zij met het OV of zelfstandig kan reizen. Dit voorkomt dat er een situatie in stand gehouden wordt die de ontwikkeling van de cliënt belemmert en dus niet wenselijk is.

-Als alternatief voor het zelf vervoeren van cliënten kan de aanbieder gebruik maken van andere oplossingen voor het vervoer. Voorbeeld: diverse organisaties maken voor meerdere vervoersdoeleinden gebruik maken van de dienstverlening van stichting Opstapbus. Deze stichting kan, mits voldaan wordt aan de kwaliteitseisen, ook ingezet worden door aanbieders voor het vervoer van en naar Wmo-groepsbegeleiding.

Huishoudelijke Ondersteuning

Huishoudelijke Ondersteuning zoals deze beschreven wordt in het geldende Normenkader Huishoudelijke Ondersteuning, inclusief de kwaliteitseisen, resultaatgebieden en werkwijzen die daaraan zijn gesteld. Dit Normenkader is gebaseerd op onderliggend objectief, deskundig en onafhankelijk onderzoek, uitgevoerd door KPMG Plexus en Bureau HHM.

Het Normenkader vertrekt vanuit een ‘gemiddelde cliëntsituatie’ en geeft aan hoeveel ondersteuning dan nodig is voor volledige professionele overname van het huishouden. De gemeente onderzoekt in hoeverre de situatie van een inwoner overeenkomt met deze ‘gemiddelde cliëntsituatie’. Daarbij wordt rekening gehouden met de zelfredzaamheid van de inwoner en de ondersteuning die de inwoner kan ontvangen vanuit zijn of haar netwerk. Dit kan leiden tot minder inzet van ondersteuning. Er wordt ook rekening gehouden met eventuele beperkingen of belemmeringen van de inwoner of overige omstandigheden. Dit kan leiden tot meer omvang van in te zetten ondersteuning. Met als uiteindelijke doel te komen tot ondersteuning op maat, zodat de inwoner kan beschikken over een schoon en leefbaar huis.

In het Normenkader wordt onderscheid gemaakt in basisactiviteiten en incidentele activiteiten.

-Basisactiviteiten: deze activiteiten moeten zeer regelmatig uitgevoerd te worden.

Dit gaat onder andere vorm de volgende werkzaamheden: stof afnemen nat en droog, stofzuigen, dweilen, keukenblok schoonmaken, badkamer en toilet schoonmaken, bed verschonen, afval opruimen.

-Incidentele activiteiten: deze activiteiten worden slechts één of enkele keren per jaar uitgevoerd.

Dit gaat onder andere om de volgende werkzaamheden: ramen wassen binnenzijde, raambekleding wassen/schoonmaken, meubels schoonmaken, reinigen radiatoren, keukenapparatuur schoonmaken, binnen- en bovenzijde keukenkastjes afnemen, deuren afnemen, deurposten en tegelwanden afnemen.

Deze basis- en incidentele activiteiten moeten ertoe leiden dat inwoners wonen in een ‘schoon en leefbaar huis’. Dat is het geval indien de woning normaal bewoond en gebruikt kan worden en voldoet aan basale hygiëne-eisen.

-Schoon staat voor: een basishygiëne borgen, waarbij vervuiling van het huis en gezondheidsrisico’s van bewoners worden voorkomen.

-Leefbaar staat voor: opgeruimd en functioneel, bijvoorbeeld om vallen te voorkomen. De inwoner moet gebruik kunnen maken van een schone woonkamer, slaapvertrekken, de keuken, sanitaire ruimtes en gang/trap.

Welke activiteiten daarbij precies horen is afhankelijk van de unieke situatie van elke inwoner en wordt bepaald in afstemming tussen de inwoner en de Aanbieder van Huishoudelijke Ondersteuning.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.