Aanhef
De raad van de gemeente Smallingerland,
Gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van 16-6-2026;
gelezen dat alleen het orgaan dat een beleidsregel heeft vastgesteld, deze kan wijzigen of intrekken (art. 4:81–4:84 Awb);
overwegende dat het intrekken van de geldende Parkeernormennota 2015 nodig is, voordat de nieuwe Parkeernormennota 2026 Smallingerland in werking kan treden;
Besluit:
1De Parkeernormennota 2015 van de gemeente Smallingerland in te trekken;
2De Parkeernormennota 2026 van de gemeente Smallingerland vast te stellen, met uitzondering van paragraaf 2.3 ‘Mobiliteitsfonds Centrum-schil centrum Drachten’, en het college te verzoeken het Mobiliteitsfonds, inclusief de financiële, juridische en uitvoeringsmatige randvoorwaarden, in een afzonderlijk voorstel ter besluitvorming aan de gemeenteraad voor te leggen;
3De informatie over de behandeling van de motie “bewegwijzering parkeren” ter kennisgeving aan te nemen.
2 STROOMSCHEMA
2.2 REDUCTIE PARKEERNORMERING
2.2.1 Fietsvoorzieningen
Als er extra kwaliteit, bovenop de basis eisen uit het Bouwbesluit, voor het stallen wordt toegevoegd, wordt het gebruik van de fiets een aantrekkelijker alternatief voor de auto. Bijvoorbeeld een verbeterde bereikbaarheid van de stallingsplekken of extra stallingsplekken met een groot gebruiksgemak. Ook de route per fiets naar de locatie kan mogelijk geoptimaliseerd worden. Zie bijlage 2 voor de fietsparkeernormen.
De reductie die gegeven wordt is maximaal 10% en is afhankelijk van de onderbouwing van de initiatiefnemer. De reductie wordt door het college bepaald en is voor de modaliteit fietsen niet van toepassing op de functie “wonen”.
2.2.2 Deelmobiliteit
De parkeerbehoefte kan lager worden als een plan voorziet in alternatief vervoer zoals deelauto’s en/of de inrichting van een mobiliteitshub met meerdere vervoersopties binnen de acceptabele loopafstanden (zie bijlage 3). De initiatiefnemer moet een mobiliteitsplan indienen met de gevraagde correctie. Het plan dient een duurzaam karakter te hebben. Indien het alternatief vervoer binnen vijf jaar verdwijnt, dan dient initiatiefnemer alsnog aan de eis te voldoen c.q. de parkeereis alsnog af te kopen. Dit wordt opgenomen in de anterieure overeenkomst met de initiatiefnemer. Onderstaande tabel is hierbij te hanteren. Of de correctie reëel is en wat de exacte reductie dan is, wordt bepaald door de gemeente (maatwerk).
Gebied
Inzet aantal deelauto's
Reductie op parkeereis
Centrum
1deelauto per 20 woningen
3Voorbeeld: Woningbouwplannen tot 40 woningen faciliteren tenminste 2 deelauto's voor de bewoners (eigen gebruik)
-20%
Schil
-10%
Rest bebouwde kom
n.t.b.
4Voor ontwikkelingen verder gelegen van de voorzieningen en niet gelegen in gereguleerd gebied zal maatwerk van toepassing zijn. In deze gebieden is een correctie een gunst van de gemeente aan de hand van een degelijke onderbouwing.
Buitengebied
2.2.3 Openbaar vervoer
Bij stedelijke ontwikkelingen kan een gemeente ervoor kiezen om in extra kwaliteit van het openbaar vervoer te voorzien en op basis daarvan een reductie op de parkeernorm toepassen. De extra kwaliteit van het openbaar vervoer is uit te drukken in de frequentie, het aantal rechtstreekse verbindingen, de loop- en fietsafstand naar een halte, of het comfort bij het wachten.
Het kan ook voorkomen dat een stedelijke ontwikkeling plaatsvindt op een locatie die al voorzien is van hoogwaardige openbaarvervoervoorzieningen. Indien een locatie bij een knooppunt van openbaar vervoer ligt, is het type knooppunt een aanwijzing voor de ov-kwaliteit. Omdat bij een knooppunt meerdere verbindingen samenkomen, is de relatieve kwaliteit hoger. Er is onderscheid mogelijk naar het functionele niveau van het knooppunt (landelijk, provinciaal, regionaal, lokaal) of naar de vervoermodaliteit (rail, HOV, bus).
2.2.4 Historisch verrekenen
Als er in de bestaande situatie al (gedeeltelijk) gebruik wordt gemaakt van parkeren in het openbaar gebied, kan deze historische situatie verrekend worden. Bestaande parkeertekorten (uit het verleden) kunnen buiten beschouwing worden gelaten. De parkeerbehoefte van de bestaande situatie mag in mindering gebracht worden op de parkeerbehoefte van de nieuwe situatie. Bij een leegstandsperiode van meer dan 5 jaar is de oude/huidige parkeerbehoefte gelijk aan 0. Deze historische verrekening wordt berekend aan de hand van aanwezigheidspercentages (zie onder stap 1 bij dubbelgebruik).
2.2.5 Parkeren op eigen terrein of op een andere manier opgelost
Uitgangspunt is dat de parkeereis op eigen terrein wordt gerealiseerd. De parkeerplaatsen moeten voldoen aan de gestelde richtlijnen van het CROW. Alle parkeerplaatsen tellen als één mee. Voor parkeren bij woningen geldt een enkele oprit als 1 parkeerplaats en een dubbele (naast elkaar) oprit als 2 parkeerplaatsen. Garages bij woningen tellen niet mee als parkeerplaats. Bij woningen geldt dat minimaal 0,3 parkeerplaatsen per woning openbaar toegankelijk moet zijn (voor bezoekers).
Uitzondering op dit uitgangspunt betreft de huidige en wellicht in de toekomst uit te breiden gebied in het centrum van Drachten waarvoor een geslotenverklaring voor motorvoertuigen geldt c.q. gaat gelden. Dit gebied dient autoluw te blijven. Binnen dit gebied mag de parkeereis niet op eigen terrein worden gerealiseerd. En dient de parkeereis op een andere manier te worden opgelost.
Indien het parkeren op een andere manier opgelost moet worden, dan neemt het college van burgemeester en wethouders hierover een besluit. De aanvrager moet hiervoor een verzoek indienen waarin gemotiveerd staat (zo nodig met onafhankelijk onderzoek) waarom een andere parkeernorm en/of oplossing toe te passen. De andere parkeernorm en/of oplossing moet een duurzaam karakter hebben. Indien de oplossing binnen vijf jaar verdwijnt, dan dient initiatiefnemer alsnog aan de eis te voldoen c.q. de parkeereis alsnog af te kopen. Dit wordt opgenomen in de anterieure overeenkomst met de initiatiefnemer.
De extra parkeerbehoefte moet op eigen terrein, binnen het plangebied, opgelost worden. In bijvoorbeeld nieuwbouwwijken wordt het hele plangebied als het ‘eigen terrein’ beschouwd. Dat betekent dat er ook in de nieuwe openbare ruimte geparkeerd mag worden. Dit mag echter geen negatief effect hebben op de bestaande openbare ruimte buiten het plangebied. Het realiseren van minder parkeerplaatsen op eigen terrein dan de parkeernorm voorschrijft wordt met het oog op het afwentelen van parkeerproblemen op de openbare ruimte in beginsel niet toegestaan. Hiervoor geldt wel een ontheffingsmogelijkheid.
2.2.6 Nul vergunningen afspraak woningen
De initiatiefnemer kiest voor een “nul vergunningen” afspraak. Met als argument dat toekomstige gebruikers geen auto (gaan) bezitten. Dit betekent dat de bewoners niet in aanmerking komen voor een parkeervergunning in gebieden waar parkeerregulering van toepassing is (betaald parkeren, vergunning parkeren of parkeren in een blauwe zone). Dit is nu in het centrum van Drachten en delen van de schil rondom het centrum van Drachten. De gemeente zet de (woon)adressen op een POET-lijst (Parkeren Op Eigen Terrein).
Bewoners van het adres worden hiermee uitgesloten van de afgifte van een parkeervergunning. In de koopovereenkomsten dient dit, inclusief een kettingbeding, vermeld te worden. Bij verhuur van panden, wordt dit tevens vastgelegd in de huurovereenkomsten. De mogelijkheid van een nul vergunningen afspraak geldt alleen voor woningen met een vloeroppervlak van maximaal 60 m² en in combinatie met inpandige eigen fietsenstalling op maaiveld.
2.2.7 Gebruik (gemeentelijke) parkeeraccommodaties
Indien het woonontwikkeling betreft in het centrum of de schil rondom het centrum van Drachten kan de initiatiefnemer er ook voor kiezen om toekomstige bewoners gebruik te laten maken van een (gemeentelijke) parkeeraccommodatie. Waarbij initiatiefnemer verplicht wordt om de parkeereis in de vorm van abonnementen af te nemen voor een (gemeentelijke) parkeeraccommodatie.
Eigenaar/verhuurder wordt verplicht in het blijvend voorzien in deze voorwaarde. De voorwaarde wordt opgenomen in een anterieure overeenkomst. En wordt jaarlijks door de gemeente Smallingerland getoetst. Overtredingen worden gesanctioneerd door het abonnementstarief voor parkeren in een gemeentelijke parkeeraccommodatie, onder aftrek van de jaren dat wel een abonnement is afgenomen, hiervoor in rekening te brengen. Het adres wordt op een POET-lijst gezet en is uitgesloten van een parkeervergunning op straat.
De mogelijkheid voor het afnemen van parkeerabonnementen wordt begrensd door het maximaal uit te geven abonnementen voor een parkeeraccommodatie.
Het abonnementstarief voor parkeren in een gemeentelijke parkeeraccommodatie bedraagt € 1.150,-- per jaar (prijspeil 2025). Dit tarief wordt jaarlijks geïndexeerd volgens de consumentenprijsindex (CPI).
2.3 SLOTBEPALINGEN
2.3.1 Inwerkingtreding
De ‘Parkeernormennota Smallingerland 2026’ treedt in werking op de eerste dag na bekendmaking.
Na vaststelling van de Parkeernormennota zijn de hierin beschreven parkeernormen en werkwijze van toepassing op alle toekomstige plannen en projecten. Uitzondering hierop vormen de locaties waarvoor in het bestemmingsplan parkeernormen opgenomen zijn.
2.3.2 Hardheidsclausule
Wanneer blijkt dat een initiatiefnemer niet aan de gestelde parkeereis kan voldoen, kan het college van burgemeester en wethouders o.g.v. artikel 4:84 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) een besluit nemen om (gedeeltelijke) afwijking van de parkeereis toe te staan.
Burgemeester en wethouders kunnen afwijken van de parkeernormen indien strikte toepassing van deze regels leidt tot een bijzondere hardheid die niet door dringende redenen/noodzaak wordt gerechtvaardigd. De dringende redenen/noodzaak om van deze hardheidsclausule gebruik te kunnen maken, moeten worden aangetoond.
BIJLAGE 1: BEZOEKERSPARKEREN
Het weergegeven parkeerkencijfer per woning is exclusief bezoekersparkeren. Het aantal bezoekersparkeerplaatsen moet dus worden opgeteld bij het aantal bewonersparkeerplaatsen voor de totale parkeervraag.
Centrum
Schil centrum
Rest bebouwde kom
Buiten gebied
Zeer sterk stedelijk
0,1
0,1
0,15
0,2
Sterk stedelijk
0,1
0,1
0,15
0,2
Matig stedelijk
0,1
0,1
0,15
0,2
Weinig stedelijk
0,15
0,15
0,2
0,3
Niet stedelijk
0,15
0,15
0,2
0,3
BIJLAGE 2: FIETSPARKEERNORMEN
Functie
Eenheid
Parkeernorm
Wonen
Rij- en vrijstaande woning
Per kamer
1,0
Appartement
Per kamer
0,75
Studentenhuis
Per kamer
1,0
Woningen bezoekers
Per woning
0,5
Werken
Kantoor (personeel)
Per 100 m² bvo
1,2
Kantoor met balie (bezoekers)
Per balie
5,0
Winkelen en boodschappen
Winkelcentrum
Per 100 m² bvo
2,7
Supermarkt
Per 100 m² bvo
2,9
Bouwmarkt
Per 100 m² bvo
0,25
Tuincentrum
Per 100 m² bvo
0,4
Onderwijsvoorzieningen
Basisschool (leerlingen en medewerkers)
Per 10 leerlingen
10,0
Middelbare school (leerlingen en medewerkers)
Per 10 leerlingen
9,0
ROC (leerlingen en medewerkers)
Per 10 leerlingen
7,0
Zorgvoorzieningen en maatschappelijke voorzieningen
Apotheek (bezoekers)
Per locatie
7,0
Apotheek (personeel)
Per locatie
4,0
Begraafplaats/crematorium
Per gelijktijdige plechtigheid
5,0
Gezondheidscentrum (bezoekers)
Per 100 m² bvo
1,3
Gezondheidscentrum (medewerkers)
Per 100 m² bvo
0,4
Kerk/moskee
Per 100 zitplaatsen
40,0
Ziekenhuis (bezoekers)
Per 100 m² bvo
0,5
Ziekenhuis (medewerkers)
Per 100 m² bvo
0,4
Sport, cultuur en ontspanning
Bibliotheek
Per 100 m² bvo
3,0
Bioscoop
Per 100 m² bvo
4,3
Fitness
Per 100 m² bvo
3,7
Museum
Per 100 m² bvo
0,9
Sporthal
Per 100 m² bvo
2,5
Sportveld
Per ha. Netto terrein
61,0
Sportzaal
Per 100 m² bvo
4,0
Stadion
Per 100 zitplaatsen
9,0
Stedelijk evenement
Per 100 bezoekers
32,0
Theater
Per 100 zitplaatsen
21,0
Zwembad (openlucht)
Per 100 m² bassin
28,0
Zwembad (overdekt)
Per 100 m² bassin
20,0
Horeca
Fastfoodrestaurant
Per 100 m² bvo
5,0
Restaurant (eenvoudig)
Per 100 m² bvo
8,0
Restaurant (luxe)*
Per 100 m² bvo
4,0
Overstappen
Busstation
Per halterende buslijn
42,0
HOV Halte
Per halterende buslijn
21,0
Carpoolplaats
Per autoparkeerplaats
0,8
BIJLAGE 3: ACCEPTABELE LOOPAFSTANDEN
Als een ontwikkeling voorziet in het parkeren op afstand dienen de volgende maximale loopafstanden aangehouden te worden. Dit geldt voor nieuw aan te leggen parkeervoorzieningen, maar ook bij het gebruik maken van bestaande parkeerplaatsen.
Hoofdfunctie
Acceptabele loopafstand
Wonen (schil) centrum Drachten
600meter (ook voor bezoekers)
Wonen rest bebouwde kom kernen en buitengebied
100meter (100-200 meter voor bezoekers)
Winkelen (schil) centrum Drachten
500meter
Winkelen rest bebouwde kom en buitengebied
150meter
Werken (schil) centrum Drachten
700meter
Werken rest bebouwde kom en buitengebied
250meter
Ontspanning (schil) centrum Drachten
500meter
Ontspanning rest bebouwde kom en buitengebied
150meter
Gezondheidszorg
100meter
Onderwijs
200meter
De acceptabele (gemiddelde) loopafstanden per gebied voor autoparkeren zijn overgenomen uit de recente CROW-publicatie 744. Met uitzondering van de loopafstanden voor wonen in het centrum van Drachten en de schil hierom heen. De acceptabele loopafstand binnen dit gebied is vastgesteld op 600 meter. Zie onderstaande afbeelding.
Afbeelding centrum Drachten met cirkel loopafstand 600 meter.