Aanhef
Het college besluit:
1Het uitvoeringsbeleid Wet kwaliteitsborging voor het bouwen vast te stellen.
Inleiding
Op 1 januari 2024, gelijktijdig met de Omgevingswet, is de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (hierna: Wkb) in werking getreden. Deze wet heeft als doel de bouwkwaliteit van gebouwen en het bouwtoezicht te verbeteren door inschakeling van private kwaliteitsborgers. Dit moet leiden tot minder gebreken bij nieuwbouw en verbouw. De wet bevat waarborgen voor de burger dat beter gebouwd wordt. De Wkb zal stapsgewijs in werking treden en geldt in eerste instantie alleen voor nieuwbouw van eenvoudige bouwwerken. Dit zijn bijvoorbeeld grondgebonden eengezinswoningen en kleinere bedrijfspanden (bouwwerken die vallen onder gevolgklasse 1
1Zie art. 2.17 lid 2 Bbl (Besluit bouwwerken leefomgeving) welke bouwactiviteiten onder gevolgklasse 1 vallen.
, met uitzondering van verbouw). Voor vergunningplichtige bouwwerken die niet onder de Wkb vallen, is een omgevingsvergunning voor een technische bouwactiviteit nodig. Afhankelijk van de uitkomsten van de evaluatie van de wet volgen vervolgens de verbouwingen (gevolgklasse 1) en de bouwwerken in hogere risicoklassen. Dit zijn bijvoorbeeld bibliotheken en onderwijsgebouwen (gevolgklasse 2) en voetbalstadions en ziekenhuizen (gevolgklasse 3). Hierdoor kunnen bouwbedrijven en gemeenten stap voor stap ervaring opdoen met het nieuwe toezicht in de bouw.
Dit uitvoeringsbeleid heeft specifiek betrekking op de bouwtechnische bouwactiviteit zoals bedoeld in de Wkb. Het beleid ziet nadrukkelijk niet op de bestemming of het gebruik van het bouwwerk. De beschreven werkwijze binnen de Wkb is uitsluitend van toepassing wanneer geen sprake is van een gelijkwaardige voorziening of een monument. In die gevallen blijft het college volledig verantwoordelijk voor de bouwtechnische toetsing en het toezicht, conform de geldende regelgeving.
Kwaliteitsborging
Kwaliteitsborging in de bouw betekent dat het ontwerp en de uitvoering op een zodanige wijze wordt bewaakt dat het eindresultaat aan de voorschriften van het Besluit bouwwerken leefomgeving (hierna: Bbl) voldoet. Onder het oude stelsel, de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, toetste het college bouwplannen vooraf en zag toe op de uitvoering volgens de verleende vergunning. Onder het nieuwe stelsel van kwaliteitsborging dragen partijen in de bouw zelf zorg voor het voldoen aan de voorschriften op basis van een instrument voor kwaliteitsborging. De rol van het college verschuift meer naar risicobeoordeling vooraf en, indien nodig, handhaving tijdens de bouw en achteraf. In dit uitvoeringsbeleid wordt nader ingegaan op de wijzigingen van de taken van het college als gevolg van de invoering van de Wkb.
Bevoegdheden
In dit uitvoeringsbeleid worden op diverse plekken de termen ‘bevoegd gezag’, ‘het college’, ‘gemeente’ willekeurig gebruikt. Ten aanzien van de formele bevoegdheidsverdeling voor de genoemde taken wordt verwezen naar de mandaatregeling van de gemeente Sittard-Geleen. Het college van burgemeester en wethouders van Sittard-Geleen is het bevoegd gezag.