Aanhef
Ter uitvoering van de Verordening op de uitgangspunten voor het financieel beleid, alsmede voor het financieel beheer en voor de inrichting van de financiële organisatie van de gemeente Sittard – Geleen (ex art. 212 Gemeentewet), artikel 16, lid 1, 2 en artikel 26 lid d.
INLEIDING
Het treasurystatuut, in Sittard-Geleen uitgewerkt in het Treasurybesluit, bevat het beleidskader voor de uitvoering van de treasuryfunctie. Onder treasury wordt verstaan: “Het sturen en beheersen van, het verantwoorden over en het toezicht houden op de financiële vermogenswaarden, de financiële geldstromen, de financiële posities en de hieraan verbonden risico’s”. In het Treasurybesluit worden de uitgangspunten, doelstellingen, taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden vastgelegd. Daarnaast beschrijft het de financiële kaders voor financieringen, uitzettingen, derivaten gebruik, en het verstrekken van leningen en garanties aan derden.
De herziening van de verordening ex artikel 212 gemeentewet (Raadsbesluit 13-11-2019), Inrichting concern control en financiën (B&W besluit 07-07-2020) en voorstel op Sturing en Leiderschap zijn de aanleiding voor de aanpassing van het Treasurybesluit.
I Verantwoording
Artikel 1.
Artikel 212 van de Gemeentewet bepaalt dat de gemeente een financiële beheers verordening moet opstellen. Hierin dienen bepalingen met betrekking tot de treasuryfunctie te zijn opgenomen. De Raad heeft in haar vergadering van 13 november 2019 deze zogenaamde financiële verordening vastgesteld.
Conform artikel 26, lid d van deze verordening heeft het college het Treasurybesluit opgesteld. Hierin is de treasuryfunctie als onderdeel van de financieringsfunctie nader uitgewerkt. Artikel 2 behandelt de gehanteerde treasurybegrippen. Vervolgens worden in artikel 3 tot en met artikel 18 de doelstellingen van de treasuryfunctie besproken. Artikel 19 tot en met artikel 25 handelen over de interne organisatie van de treasuryfunctie. In artikel 26 worden de richtlijnen voor de financieringsparagraaf weergegeven.
II Begrippenkader
Artikel 2.
In dit Treasurybesluit wordt verstaan onder:
-Agentschap
Het uitvoeringsorgaan van het Ministerie van Financiën, dat onder meer verantwoordelijk is voor de uitvoering van Schatkistbankieren;
-Deposito
Niet-verhandelbare belegging bij een financiële instelling of bij het Agentschap, waarbij een bedrag voor een bepaalde periode tegen een vast rentepercentage wordt weggezet;
-Derivaten
Financiële instrumenten die hun bestaan ontlenen aan een bepaalde onderliggende waarde. De onderliggende waarden kunnen financiële producten, zoals leningen of obligaties zijn. Derivaten worden onder andere gebruikt om renterisico’s te sturen en financieringskosten te minimaliseren;
-Drempelbedrag
Het bedrag aan overtollige liquide middelen dat gemiddeld over een kwartaal buiten de schatkist aangehouden mag worden. De hoogte van het drempelbedrag is gerelateerd aan de begrotingsomvang van een decentrale overheid;
-Financiële instellingen
Kredietinstellingen, beleggingsinstellingen, effecteninstellingen, verzekeraars en pensioenfondsen, gevestigd in een lidstaat van de Europese Economische Ruimte (EER), en onder Nederlands of anderszins EER-toezicht vallen, zoals De Nederlandse Bank;
-Financiering
Het aantrekken van benodigde financiële middelen voor een periode van minimaal één jaar voor de dekking van de vermogensbehoefte. Deze middelen kunnen uit zowel eigen vermogen als vreemd vermogen bestaan;
-Financieringsplanning
Een gestructureerd overzicht van de toekomstige vermogensbehoefte ingedeeld naar aard en tijdseenheid voor een periode langer dan één jaar;
-Geldmarkt
Dat deel van de vermogensmarkt waar vraag en aanbod naar kapitaal met een looptijd korter dan twee jaar samenkomen;
-Geldstromenbeheer
Al die activiteiten die nodig zijn om liquiditeiten te transfereren zowel binnen de organisatie zelf als tussen de organisatie en derden (betalingsverkeer);
-Intern liquiditeitsrisico
De risico’s van mogelijke wijzigingen in de liquiditeitenplanning en meerjarige investeringsplanning, waardoor financiële resultaten kunnen afwijken van de verwachtingen;
-Kapitaalmarkt
Dat deel van de vermogensmarkt waar vraag en aanbod naar kapitaal met een looptijd langer dan twee jaar samenkomen;
-Kasgeldlimiet
Een bedrag ter grootte van een percentage van het totaal van de jaarbegroting van de gemeente bij aanvang van het jaar, die de grens stelt waaraan de gemiddelde korte financiering getoetst wordt;
-Koersrisico
Het risico dat de financiële activa van de organisatie in waarde verminderen door negatieve koersontwikkelingen;
-Kredietrisico
De risico’s op een waardedaling van een vordering ten gevolge van het niet (tijdig) na kunnen komen van de verplichtingen door de tegenpartij;
-Limiet
Een type richtlijn die de uiterste grens aangeeft van een bepaalde handeling, verantwoordelijkheid en/of bevoegdheid;
-Liquiditeitenbeheer
Het aantrekken en uitzetten van middelen voor een periode tot één jaar;
-Liquiditeitenplanning
Een gestructureerd overzicht van de toekomstige inkomsten en uitgaven ingedeeld naar aard en tijdseenheid voor een periode tot één jaar;
-Medium Term Note (MTN)
Verhandelbare schuldbekentenis van een middellange lening aan toonder;
-Netto-vlottende schuld
Het gezamenlijk bedrag van:
-de opgenomen gelden met een oorspronkelijke rentetypische looptijd van korter dan één jaar;
-de schuld in rekening-courant;
-de voor een termijn van korter dan één jaar ter bewaring in de kas gestorte gelden van derden, en
-overige geldleningen die geen onderdeel uitmaken van de vaste schuld; verminderd met het gezamenlijk bedrag van:
-de contante gelden in kas;
-de tegoeden in rekening-courant, en
-de overige uitstaande gelden met een rentetypische looptijd van korter dan één jaar;
-Onderhandse lening
Lening waarbij een geldnemer rechtstreeks geld leent van een geldgever, waarbij de voorwaarden van de lening in onderling overleg worden vastgesteld;
-Openbare lichamen
provincies, gemeenten, waterschappen, lichamen ingesteld met toepassing van de Wet gemeenschappelijke regelingen die bevoegd zijn tot het aangaan, garanderen en verstrekken van geldleningen, door Onze Ministers aan te wijzen andere bij wet ingestelde lichamen en organen;
-Renterisico
Het gevaar van ongewenste veranderingen van de (financiële) resultaten van de gemeente door rentewijzigingen;
-Renterisiconorm
De renterisiconorm bepaalt dat het bedrag waarover renterisico gelopen wordt, gedefinieerd als de som van de jaarlijks verplichte aflossingen en renteherzieningen, niet meer mag bedragen dan 20% van het begrotingstotaal;
-Rentetypische looptijd
Het tijdsinterval gedurende de looptijd van een geldlening, waarin op basis van de voorwaarden van de geldlening sprake is van een door de verstrekker van de geldlening niet beïnvloedbare, constante rentevergoeding;
-Richtlijn
Een bindend voorschrift c.q. aanwijzing van een te volgen handelswijze;
-Saldobeheer
Het beheer van de dagelijkse saldi op de rekeningen;
-Schatkistbankieren
Het aanhouden van gelden bij het ministerie van Financiën;
-Rentescenario
Instrument waarmee de gevolgen van stijgingen en dalingen van de rentemarkt voor het resultaat van de gemeente inzichtelijk worden gemaakt;
-Rentevisie
Toekomstverwachting over de renteontwikkeling;
-Solvabiliteitsratio van 0%
Status die door een bancaire toezichthouder in een lidstaat van de Europese Economische Ruimte (lidstaten van de Europese Unie uitgebreid met Noorwegen, IJsland en Liechtenstein) aan het schuldpapier van een instelling kan worden toegekend;
-Treasuryfunctie
De treasuryfunctie omvat alle activiteiten die zich richten op het besturen en beheersen van, het verantwoorden over en het toezicht houden op de financiële vermogenswaarden, de financiële stromen, de financiële posities en de hieraan verbonden risico’s. De treasuryfunctie bestaat uit drie deelfuncties: risicobeheer, gemeentefinanciering en kasbeheer;
-Uitzetting
Het tijdelijk toevertrouwen van liquiditeiten aan derden tegen vooraf overeengekomen condities en bedingen. Kortlopende uitzettingen hebben betrekking op een periode tot één jaar en langlopende uitzettingen hebben betrekking op een periode van één jaar of langer;
-Vaste schuld
Het gezamenlijk bedrag van:
-de schuld uit hoofde van geldleningen met een oorspronkelijke rentetypische looptijd van één jaar of langer, en
-de voor een termijn van één jaar of langer ontvangen waarborgsommen;
-Vermogenswaarde
Het geheel van de in geld uitgedrukte waarde van de bezittingen aan goederen en vorderingen (activa en passiva).
III Doelstellingen van de treasuryfunctie
Artikel 3.
De treasuryfunctie van de gemeente dient tot:
1Het beschermen van gemeentelijke vermogens- en (rente-)resultaten tegen ongewenste financiële risico’s zoals renterisico’s, kredietrisico’s, koersrisico’s, liquiditeitsrisico’s en valutarisico’s;
2Het verzekeren van duurzame toegang tot financiële markten tegen acceptabele condities;
3Het streven, binnen de kaders van wet- en regelgeving en binnen de bepalingen van dit besluit, naar een optimale financieringsstructuur en beheersing van de daarmee gemoeide kosten;
4Het adviseren met betrekking tot financieringsvraagstukken.
IV Uitgangspunten
Artikel 4.
De uitgangspunten voor de regels voor de uitvoering van de treasuryfunctie van de gemeente voor dit besluit zijn:
1Treasury is een kostenreductiecentrum (renteoptimalisatie);
2Treasury is een centrale functie;
3Centrale financiering en uitzetting van middelen;
4Centraal betalingsverkeer;
5Integrale verrekening van rente en kosten geldbeheer;
6Rentevisie is uitgangspunt van het financieringsbeleid;
7Treasury wordt niet beoordeeld op de juistheid van haar rentevisie;
8Planning, beheer, control en verantwoording van de treasuryfunctie vindt expliciet plaats via de paragrafen in begroting en jaarrekening;
9De toegestane rente-instrumenten staan beschreven in bijlage 2;
10Financiële derivaten worden niet gebruikt.
Risicobeheer
Het risicobeheer omvat alle activiteiten die zich richten op het beheersen van financiële risico’s te weten renterisico’s, kredietrisico’s, koersrisico’s en intern liquiditeitsrisico.
V Uitgangspunten risicobeheer
Artikel 5.
Met betrekking tot risicobeheer gelden de volgende algemene uitgangspunten:
1Bij de uitvoering van alle treasuryactiviteiten dienen de regels en bepalingen van dit treasurybesluit, de wet Financiering decentrale overheden (Wet Fido), de Regeling uitzettingen en derivaten decentrale overheden (Ruddo) en de Uitvoeringsregeling Financiering decentrale overheden (Ufdo) in acht te worden genomen.
2De gemeente zet middelen uit hoofde van de treasuryfunctie voor zover verplicht uit bij de schatkist.
3De gemeente mag conform artikel 16 lid 2 van de financiële verordening leningen, garanties en risicodragend kapitaal uitsluitend verstrekken aan derde partijen uit hoofde van de publieke taak.
4Alle kosten verband houdend met de in lid 3 genoemde verstrekte geldlening komen ten laste van het product waarvoor de geldlening verstrekt wordt.
5Bij het verstrekken van geldleningen in het kader van de publieke taak worden de hiervoor vastgelegde uitgangspunten in acht genomen.
6Bij het verstrekken van garanties worden naast de voorwaarden genoemd in de financiële verordening (artikel 16 lid 2 en 3) de in de beleidsnotitie gemeentegaranties vastgelegde uitgangspunten in acht genomen.
Renterisicobeheer omvat het beperken van de invloed van rentewijzigingen op de financiële resultaten van de gemeente.
VI Renterisicobeheer
Artikel 6.
Om de renterisico’s te beperken gelden de volgende richtlijnen:
1De jaarlijkse renterisico’s door (her)financiering en renteconversie worden beperkt tot maximaal het wettelijke percentage van de renterisiconorm van de totale lasten van de begroting ten einde een evenwichtige rentelast te creëren.
2De netto vlottende schuld wordt beperkt tot maximaal de wettelijke kasgeldlimiet.
3Nieuwe leningen en uitzettingen worden afgestemd op de bestaande financiële positie en de financieringsplanning.
4De gemeente streeft naar spreiding in de rentetypische looptijden van de leningen en uitzettingen, zodat een gelijkmatige renterisicospreiding binnen de gehele leningenportefeuille ontstaat.
5De rentetypische looptijd en het renteniveau van de betreffende lening of uitzetting wordt afgestemd op de actuele rentestand en de rentevisie.
VII Kredietrisicobeheer
Artikel 7.
1Eventuele uitzettingen uit hoofde van de treasuryfunctie vinden uitsluitend plaats bij het Agentschap van het ministerie van Financiën of bij medeoverheden.
2Kredietrisico’s worden beperkt door uit hoofde van de treasuryfunctie uitsluitend gelden uit te zetten bij de schatkist.
3De risico’s bij uitzettingen worden beperkt doordat minimaal de hoofdsom is gegarandeerd. Mits voor het schatkistbankieren negatieve rentes gaan gelden.
IX (Intern) liquiditeitsrisicobeheer
Artikel 9.
De gemeente beperkt haar liquiditeitsrisico’s door haar treasuryactiviteiten te baseren op een korte termijn liquiditeitenplanning (looptijd tot één jaar) alsmede een meerjarige financieringsplanning.
Gemeentefinanciering en uitzettingen
Gemeentefinanciering is een deelfunctie van de treasuryfunctie en omvat de activiteiten die gericht zijn op het dekken van de vermogensbehoefte door het aantrekken van vreemd vermogen.
X Financiering
Artikel 10.
Voor de financiering gelden de volgende uitgangspunten:
1Voor de kortstondige financieringsbehoefte (liquiditeitenbeheer artikel 15) wordt een jaarlijks vastgestelde totale kredietlimiet van tenminste 110% van de kasgeldlimiet aangehouden teneinde aan de kortlopende verplichtingen te kunnen blijven voldoen. De 10% boven de kasgeldlimiet zijn bedoeld voor zeer korte overschrijdingen van de kasgeldlimiet in bijzondere situaties.
2De limiet voor de lange financieringsmiddelen wordt jaarlijks vastgesteld en gebaseerd op de omvang van het investeringsplan en de vervallende leningen in de leningenportefeuille.
3Het aantrekken van vreemd vermogen tegen aanvaardbare condities.
4Het aantrekken van langlopende leningen op de (onderhandse) kapitaalmarkt geschiedt door bij 4 partijen, waar onder in ieder geval de huisbank, offertes aan te vragen.
5Indien in het begrotingsjaar de aflossingen meer dan 15% afwijken van de afschrijvingen, dient het aantrekken van lange financieringsmiddelen in het teken te staan van streven naar evenwichtige financiering (balansmatch).
6Om versnippering te voorkomen stelt de huisbank een substantieel deel van de kredietlimiet in de vorm van een kredietfaciliteit ter beschikking.
Om te voldoen aan deze uitgangspunten gelden de volgende taken en richtlijnen:
1Jaarlijks worden de limieten voor het aantrekken van korte en lange financieringsmiddelen opgenomen in de financieringsparagraaf in de programmabegroting. Daardoor is het mogelijk de limieten aan te passen aan de omstandigheden in het betreffende begrotingsjaar.
2De rentevisie en rentescenario’s van de gemeente worden gebaseerd op 3 gezaghebbende instanties waaronder de bestaande bankrelatie.
3Als benchmark voor de kortlopende financiering wordt de driemaands Euribor gevolgd.
4Als benchmark voor de langlopende financiering wordt de 10 jr. Nederlandse staatslening gevolgd.
5Het onderhouden van relaties met financiële instellingen.
6Het zich op de hoogte houden van de ontwikkelingen op de kapitaalmarkt.
7Het opstellen van een financieringsplanning bestaande uit een voorspelling van de inkomsten en uitgaven ingedeeld naar aard en tijdseenheid.
8Een optimale combinatie vinden qua looptijd en hoogte van het bedrag voor de te nemen kapitaalmarktbeslissing.
De budgetverantwoordelijke / -houders en de financiële administratie voorzien de treasuryfunctie conform de gewenste periodiciteit van zodanig tijdige en betrouwbare informatie over de toekomstige inkomende en uitgaande geldstromen voor de financieringsplanning, dat op basis daarvan op concernniveau onderbouwde financieringbeslissingen kunnen worden genomen.
XII Relatiebeheer
Artikel 12.
De treasuryfunctie onderhoudt namens de gemeente de contacten met de banken, bemiddelaars en andere financiële instellingen over tarieven, producten en diensten. De doelstellingen van het relatiebeheer zijn:
1Het zorgdragen voor een permanente beschikbaarheid van bancaire en financiële diensten tegen vooraf overeengekomen kwaliteit en prijs.
2Het realiseren van marktconforme condities op producten en diensten.
Kasbeheer
Het kasbeheer is een deelfunctie van de treasuryfunctie en omvat het beheer van de inkomende en uitgaande geldstromen en daaruit voortvloeiende saldi en liquiditeitsposities tot één jaar.
XIII Geldstromenbeheer
Artikel 13.
Teneinde de kosten van het geldstromenbeheer te minimaliseren wordt:
1Het liquiditeitsgebruik beperkt door de geldstromen op gemeenteniveau op elkaar en op de liquiditeitenplanning af te stemmen. Hierbij wordt erop toegezien dat de liquiditeitspositie te allen tijde voldoende is om te garanderen dat de verplichtingen tijdig kunnen worden nagekomen.
2Het betalingsverkeer zoveel mogelijk elektronisch uitgevoerd door één bank.
XIV Saldobeheer
Artikel 14.
Doelstelling van saldobeheer is het optimaal toewijzen van de dagelijkse kasoverschotten / tekorten, zowel ten aanzien van het boeksaldo (gebruik van kredietlimieten) als ten aanzien van het valutaire saldo (renteresultaat) alsmede het minimaliseren van de rentekosten en het maximaliseren van de rentebaten van de saldi op rekening-courant.
Hierbij gelden de volgende richtlijnen:
1Het optimaliseren van het aantal banken waarbij rekeningen worden aangehouden.
2Het minimaliseren van het aantal bankrekeningen.
3Het gebruik maken van saldo- en rentecompensatiecircuits.
XV Liquiditeitenbeheer
Artikel 15.
Doelstellingen bij het aantrekken en uitzetten van gelden voor een periode tot één jaar zijn:
1Het voorzien in de huidige en toekomstige financieringsbehoefte tegen zo laag mogelijke kosten, gegeven de kredietwaardigheid van de organisatie.
2Het aantrekken van vreemd vermogen tegen aanvaardbare condities.
3Het zorg dragen voor voldoende ruimte onder de kasgeldlimiet om te garanderen dat de organisatie haar korte termijn verplichtingen structureel kan nakomen.
4Het in principe structureel nastreven van een negatief saldo om te voorkomen dat er een extra nadeel ontstaat doordat de gemeente te veel financieringsmiddelen aantrekt, die vervolgens slechts tegen een lager rentepercentage kunnen worden uitgezet.
5Het zodanig liquide aanhouden dan wel uitzetten van (tijdelijk) overtollige middelen dat rekening gehouden wordt met de richtlijnen van kredietrisicobeheer (artikel 7) en dat deze tevens zonder al te veel kosten snel liquide te maken zijn.
Om te voldoen aan deze doelstellingen gelden de volgende taken en richtlijnen:
1Het monitoren van de ruimte onder de kasgeldlimiet.
2Het monitoren van de drempel schatkistbankieren
3Het zich op de hoogte houden van de ontwikkelingen op de geldmarkt.
4Het opstellen van een liquiditeitenplanning bestaande uit een voorspelling van de inkomsten en uitgaven ingedeeld naar aard en tijdseenheid.
5Een optimale combinatie vinden qua looptijd en hoogte van het bedrag voor de te nemen geldmarktbeslissing.
6Eventuele uitzettingen uit hoofde van de treasuryfunctie vinden uitsluitend plaats bij het Agentschap van het ministerie van Financiën of bij medeoverheden.
De budgetverantwoordelijke / -houders en de financiële administratie voorzien de treasuryfunctie conform de gewenste periodiciteit van zodanig tijdige en betrouwbare informatie over de toekomstige inkomende en uitgaande geldstromen voor de liquiditeitenplanning, dat op basis daarvan op concernniveau onderbouwde financiering- en uitzettingsbeslissingen kunnen worden genomen.
Werkkapitaalbeheer
XVI Debiteurenbeheer
Artikel 16.
Doelstelling van het debiteurenbeheer is het minimaliseren van de gemiddelde debiteurentermijn en het beperken van de verliezen op openstaande vorderingen.
Binnen het debiteurenbeheer is een onderscheid te maken in privaat- en publiekrechtelijke vorderingen. Voor privaatrechtelijke vorderingen geldt een betaaltermijn van 30 dagen. Voor publiekrechtelijke vorderingen gelden de betaaltermijnen zoals genoemd in de betreffende belastingverordeningen.
XVII Crediteurenbeheer
Artikel 17.
Doelstelling van het crediteurenbeheer is het optimaliseren van de gemiddelde crediteurentermijn. Uitgangspunt is de betaaltermijn zoals opgenomen in de Algemene Inkoopvoorwaarden van de gemeente.
XVIII Balansbeheer
Artikel 18.
Onder balansbeheer wordt verstaan het zorgdragen voor een evenwichtige financiering.
Doelstellingen van het balansbeheer zijn:
1Het financieren van vaste activa met eigen vermogen of lang vreemd vermogen.
2Het op elkaar afstemmen van de aflossingen langlopende leningen en de afschrijvingen vaste activa.
Organisatie treasuryfunctie
XIX Verantwoordelijkheden
Artikel 19.
Onverminderd de eindverantwoordelijkheid van het college:
•worden de in artikel 16 lid 1 en 2. van de Verordening artikel 212 Gemeentewet benoemde treasurywerkzaamheden uitgevoerd door een binnen de organisatie ondergebrachte treasuryfunctie.
•zorgen de teammanagers (budgetverantwoordelijke) er voor dat de budgethouders de treasuryfunctie en financiële administratie conform de richtlijnen van financiering (artikel 10) en liquiditeitenbeheer (artikel 15) van tijdige en betrouwbare informatie voorzien. Significante afwijkingen op de aangeleverde gegevens worden schriftelijk aan de treasuryfunctie gemeld zodra ze bekend worden.
•zorgt de teammanager Financiën er voor dat de financiële administratie de treasuryfunctie conform de gewenste periodiciteit voorziet van tijdige en betrouwbare prognoses over toekomstige boekwaardes en rente van investeringsprojecten, grondexploitatie, activa gereed en over toekomstige boekwaardes van reserves en voorzieningen en restantkredieten.
XX Plaats binnen de organisatie
Artikel 20.
De treasuryfunctie is een concerntaak en valt binnen de organisatie van het domein dienstverlening onder de verantwoordelijkheid van de teammanager Financiën.
Besluitvormingsstructuur
XXI Beleid
Artikel 21.
Voorstellen tot wijzigingen in het treasurybesluit zullen door de treasuryfunctie via overleg en vastlegging van afspraken worden gedaan en moeten vooraf worden goedgekeurd door het College.
XXII Financieringsparagraaf
Artikel 22.
De financieringsparagraaf maakt deel uit van de jaarlijkse begrotingsstukken en is daarbij onderdeel van beoordeling en goedkeuring door het College en vervolgens door de gemeenteraad. Middels de goedkeuring van de financieringsparagraaf draagt de gemeenteraad en vervolgens het College de bevoegdheid over om te handelen volgens de afspraken in de paragraaf. (Zaken die minimaal moeten worden opgenomen in de financieringsparagraaf zijn opgenomen in artikel 26).
De verantwoording van de treasuryactiviteiten is opgenomen in de financieringsparagraaf bij de jaarrekening. Hierin wordt verantwoording afgelegd over de uitvoering van de begroting en de resultaten hiervan. Middels de financieringsparagraaf bij de jaarrekening controleert het College en vervolgens de gemeenteraad achteraf of er volgens de financieringsparagraaf gehandeld is.
XXIII Uitzonderingen
Artikel 23.
Indien er wijzigingen in de rentestructuur ontstaan, zodanig dat als gevolg hiervan andere beslissingen genomen moeten worden dan in de financieringsparagraaf zijn opgenomen of de treasuryfunctie andere middelen in wil zetten die niet zijn aangegeven in dit Treasurybesluit, dan wordt een uitzonderingsrapportage voor het College gemaakt. Slechts na verkregen toestemming van het College mag actie worden ondernomen.
XXIV Uitvoering beleid
Artikel 24.
Het College van B&W heeft de uitvoering van het treasurybeleid gemandateerd aan de gemeentesecretaris/algemeen directeur, die deze bevoegdheid in ondermandaat heeft gegeven aan de teammanager Financiën, die vervolgens ondermandaat heeft gegeven aan de Adviseur Treasury. Middels het maandelijkse treasuryoverleg tussen het hoofd Concerncontrol, de teammanager Financiën en de Adviseur Treasury vindt de bewaking op het gevoerde beleid plaats en worden afspraken gemaakt over de transacties voor de komende periode. Tijdens het jaar vindt bij iedere treasurytransactie een verbijzonderde interne controle plaats.
XXV Controle accountant
Artikel 25.
De externe accountant zal in de reguliere controle van de administratie op jaarultimo een rapportage opnemen over de financiële positie van de gemeente inclusief de aangegane off-balance instrumenten en mogelijk open posities. Impliciet betekent dit dat de accountant bekijkt in hoeverre het treasurybesluit wordt nageleefd.
XXVI Inhoud Financieringsparagraaf
Artikel 26.
In de paragraaf financiering bij de begroting en de jaarstukken worden in het verlengde van artikel 18 van de financiële verordening de volgende zaken opgenomen:
-Kasgeldlimiet
In het kader van de wet Financiering Decentrale Overheden (FIDO) worden de omvang en een overzicht van de benutting van de kasgeldlimiet opgenomen.
-Renterisiconorm
Het renterisico op de vaste schuld wordt getoetst aan de in het kader van de wet Financiering Decentrale Overheden (FIDO) vastgestelde renterisiconorm.
-Rentetoerekening
Met het door de commissie BBV geadviseerd renteschema wordt invulling gegeven aan het inzicht in de rentelasten uit externe financiering, het renteresultaat en de wijze van rentetoerekening.
-Financieringsbehoefte (korte en langere termijn)
De liquiditeitenplanning voor de eerstvolgende 12 maanden (korte termijn) is grotendeels gebaseerd op historische patronen, aangevuld met exacte gegevens voor zover voorhanden. In de planning op langere termijn (4 jaar) zijn tevens de te verwachten investeringen en de rente- en aflossingsverplichtingen van de huidige leningen verwerkt.
Op basis van de liquiditeitenplanning wordt de financieringsbehoefte voor het komende jaar bepaald. Samen met de financieringsbehoefte voor de komende vier jaren vindt een vertaling plaats van de financieringsbehoefte naar rentebudget.
-Rentevisie
De rentevisie van de gemeente is gebaseerd op de rentevisie van 3 gezaghebbende instanties waaronder de bestaande bankrelaties en dient als basis voor rentescenario’s.
-Limieten voor het aantrekken van financieringsmiddelen
Op basis van de financieringsbehoefte wordt in de financieringsparagraaf opgenomen welke limieten gelden voor het aantrekken van korte en lange financieringsmiddelen.
-Leningportefeuille
Inzicht geven in de opbouw, schuldrestanten, gemiddelde looptijd, rentepercentage van de leningportefeuille.
BIJLAGE 1 FINANCIËLE INSTRUMENTEN
Leningtypes
Rentetypische looptijd
Beschikbaarheid geld
Kasgeld (en
Kort
Kort
Deposito)
Fixe lening
Lang
Lang
Annuïteiten lening
Lang
Lang
Lineaire lening
Lang
Lang
Roll-over
Kort
Lang