Gemeentelijke regelgeving

Definitief beleidskader huisvestingsbeleid arbeidsmigranten

Gemeente Sittard-Geleen · geldt sinds 7 december 2023

2. Procesverloop

2.1 Inventarisatiefase

2.1.1 Overzicht arbeidsmigranten Sittard-Geleen

Op basis van eigen beschikbare data is per wijk het aantal geregistreerde inwoners uit EU11 landen (de EU uitbreidingslanden sinds 2004) in kaart gebracht. Opmerking hierbij is dat het werkelijk aantal niet volledig in kaart is te brengen vanwege onder meer de problematiek rondom het in- en uitschrijven van arbeidsmigranten en de beperkingen die de AVG oplegt.

De inventarisatie leverde de volgende resultaten op:

•in juni 2022 waren er 813 geregistreerde arbeidsmigranten woonachtig in SittardGeleen. Dit is een toename ten opzichte van november 2021 toen er 765 geregistreerde arbeidsmigranten in de gemeente woonden. Uit de meest recente telling, in oktober 2022, is gebleken dat het aantal is toegenomen naar 920 arbeidsmigranten;

•de wijken waar de meeste arbeidsmigranten wonen zijn Lindenheuvel (155), Geleen-Centrum (86), Kluis (58), Kemperkoul (46), Sittard-Centrum (61), OudGeleen/Haesselderveld (42) en handelscentrum Bergerweg (36).

2.1.2 Enquête bedrijven

In februari en maart 2021 is een enquête gedeeld met bedrijven en brancheverenigingen. De belangrijkste resultaten hieruit zijn:

•respondenten zijn voornamelijk actief in de detail- en groothandel, verhuur van en handel in onroerend goed en de industrie.

•de meeste arbeidsmigranten die in dienst zijn bij de respondenten zijn afkomstig uit Oost- en Zuid-Europese landen. Deze groep is voornamelijk woonachtig in de Westelijke Mijnstreek gevolgd door de rest van Zuid-Limburg. De gemiddelde verblijfsduur is 1 tot 3 jaar.

•de voornaamste reden om arbeidsmigranten in dienst te nemen is de huidige krapte op de arbeidsmarkt in combinatie met de toenemende vergrijzing. Daarnaast hebben bedrijven die met arbeidsmigranten werken behoefte aan meer hulp bij registratie, taalonderwijs en het wegwijs maken van de arbeidsmigrant.

2.1.3 Eerste meedenksessie stakeholders

Op 14 april 2022 heeft de eerste meedenksessie huisvestingsbeleid arbeidsmigranten plaatsgevonden. Hierbij waren verschillende stakeholders aanwezig waaronder werkgevers, huisvesters, uitzendbureaus en omwonenden. Tijdens de meedenksessie is het thema huisvesting arbeidsmigranten in verschillende samenstellingen besproken. De meedenksessie werd positief ontvangen en leverde onder meer de volgende inzichten op:

•volg de geldende keurmerken (SNF/AKF) bij het opstellen van kwaliteitscriteria.

•betrek omwonenden tijdig bij aanvang en tijdens het ontwikkelen van nieuwe initiatieven voor het huisvesten van arbeidsmigranten. Dit kan door onder meer het instellen van een klankbordgroep of het organiseren van informatiesessies.

•creëer intern en extern draagvlak bij het realiseren van huisvestingslocaties.

•Zorg voor een beheerder die tevens als aanspreekpunt voor zowel de arbeidsmigrant als omwonenden dient.

•Verken grootschalige huisvestingslocaties en neem daarbij flexibiliteit als uitgangspunt.

2.2 Bespreking en vaststelling concept beleidskaders

2.2.1 Ronde Raad 12 januari 2023

Op 12 januari 2023 zijn de concept beleidskaders voor het eerst gepresenteerd aan en besproken met de raad. De beleidskaders zijn over het algemeen positief ontvangen met een aantal adviezen vanuit de raad op onder meer de thema’s kamerverhuur en parkeren. Deze input is meegenomen in de verdere uitwerking van de beleidskaders.

2.2.2 Tweede meedenksessie stakeholders

Op 7 februari zijn de concept beleidskaders eveneens voor het eerst voorgelegd aan een groep stakeholders waaronder uitzendbureaus, bedrijven en omwonenden. De concept beleidskaders zijn met enthousiasme ontvangen en leverden nieuwe inzichten op. Enkele hiervan zijn:

–Stel beheer in op locaties

–Een doelgroepenmix is niet gewenst.

–Neem omwonenden mee wanneer er een nieuwe locatie wordt gerealiseerd.

–Zet in op positieve communicatie van de doelgroep.

2.2.3 Interne afstemming

Het huisvestingsbeleid raakt niet alleen het woonbeleid maar ook het beleidsveld van andere teams binnen de organisatie. Denk hierbij aan de werkzaamheden en taken van bijvoorbeeld de teams toezicht en handhaving , openbare orde en veiligheid, stadsdeelmanagement, economische ontwikkeling en vergunningen en parkeren. Met deze teams heeft afstemming plaatsgevonden over de concept beleidskaders en eveneens bij het opstellen van de definitieve beleidskaders. Op deze manier wordt het een intern breed gedragen stuk dat werkbaar is voor alle betrokken partijen

3. Definitieve beleidskaders

3.2 Woonvormen en locatie .

3.2.1 Huisvesting in de reguliere woningvoorraad.

Woningen zijn in hoofdzaak bedoeld voor permanente bewoning. Het huisvesten van arbeidsmigranten gebeurt in sommige gevallen in de reguliere woningvoorraad. Op basis van de beleidsregel kamerverhuur was het mogelijk om arbeidsmigranten middels kamergewijze verhuur in de stadscentra of andere gebieden te huisvesten. Met het intrekken van de beleidsregel kamerverhuur op 10 juni 2022 is dit alleen nog mogelijk in gebieden waar dit volgens het bestemmingsplan is toegelaten.

Door het intrekken van de beleidsregel wordt elke aanvraag voor een omgevingsvergunning kamerverhuur per geval beoordeeld. Dit betekent dat er voor de omgevingsvergunning alleen getoetst mag worden aan goede ruimtelijke ordening en er standaard wordt uitgegaan van de ‘nee, tenzij toets’. Sinds intrekking is er geen enkel initiatief goedgekeurd.

Het intrekken van de beleidsregel kamerverhuur betekent niet dat de behoefte naar deze huisvestingsvorm is afgenomen. Met name de behoefte naar het op deze wijze huisvesten van arbeidsmigranten is groot in de gemeente Sittard-Geleen. Dit blijkt uit gesprekken met verschillende belanghebbenden waaronder huisvesters, uitzendbureaus en bedrijven. Daarnaast maken ook andere groepen in de gemeente gebruik van deze huisvestingsvorm zoals studenten, bewoners van zorginstellingen en personen met een sociale of medische indicatie (SMI).

Indien kamerverhuur aan een specifieke groep wordt beperkt, dient dit goed te worden gemotiveerd. Voor de omgevingsvergunning betekent dit dat er enkel mag worden getoetst aan de goede ruimtelijke ordening. Overlast moet dan kunnen worden gerelateerd aan de goede ruimtelijke ordening zoals parkeren of geluid. Het maken van onderscheid tussen verschillende doelgroepen wat betreft het wel of niet toestaan van kamerverhuur is verboden omdat dit discriminerend is en in strijd met de Dienstenwet. Dit naar aanleiding van een recente uitspraak van de Raad van State over het verbod op kamerverhuur voor arbeidsmigranten in de gemeente Bergen.

Bovenstaande ontwikkelingen betekenen dat het toestaan van kamerverhuur in SittardGeleen op dit moment vrijwel onmogelijk is en het verbieden van kamerverhuur voor arbeidsmigranten eveneens. Er is dus behoefte aan duidelijkheid van het gemeentelijk kamerverhuurbeleid. Daarnaast moet er ook rekening worden gehouden met de wet goed verhuurderschap welke op 1 juli 2023 zal worden ingevoerd. Deze wet is specifiek gericht op onder meer de verhuur aan arbeidsmigranten en wordt later in dit stuk uitgebreider toegelicht.

Om onzelfstandige kamerverhuur in de gemeente Sittard-Geleen mogelijk te maken wordt er verkend of er een beleidsregel onzelfstandige kamerverhuur kan worden opgesteld waarin onder meer een afstandsnorm en een percentage maximum verhuurde huizen kan worden verwerkt. Het college zal deze beleidsregel vaststellen. Dit zal verder aan bod komen in de uitvoeringsparagraaf.

Voorstel beleidskader 2:

–Het college stelt een beleidsregel onzelfstandige kamerverhuur vast met daarin afstandsnormen en spreidingspercentages opgenomen.

3.2.2 Huisvesting in bestaande gebouwen, niet zijnde woningen.

Bij deze vorm van huisvesten worden arbeidsmigranten ondergebracht in leegstaande kantoorpanden, hotels of andere maatschappelijke gebouwen. Het voordeel is dat deze leegstaande panden een nieuwe functie krijgen en de leegstand wordt aangepakt. Ook zijn er in de meeste gevallen redelijk grote groepen te huisvesten, is het instellen van beheer makkelijker, verlicht het de druk op de krappe woningmarkt en vergt het minder investeringskosten. Het nadeel is dat er, afhankelijk van de situering van het pand, ook hier problemen kunnen optreden rondom overlast, verminderd draagvlak, spanningen met omwonenden en het integratie/participatievraagstuk. Daarnaast bevinden deze gebouwen zich vaak in gebieden waar er overlast voor omwonenden kan ontstaan (hotels in stadscentra) of integratie/participatie lastig is (kantoren op bedrijventerreinen).

In andere gemeenten worden deze huisvestingsvormen hoofdzakelijk toegestaan op basis van tijdelijkheid, waarbij er termijnen van 5, 10 of 15 jaar worden gehanteerd. Enkele voorbeelden zijn in de gemeente Weert waar in een kantoorpand arbeidsmigranten worden gehuisvest voor een periode van maximaal 10 jaar. Ook in de gemeente Bunschoten is een voormalig kantoorpand in gebruik genomen voor het huisvesten van arbeidsmigranten voor een periode van 10 jaar.

Voorstel beleidskader 3:

–Het huisvesten in bestaande gebouwen, niet zijnde woningen, toe te staan door middel van een tijdelijke omgevingsvergunning voor een maximale periode van 10 jaar voor de groep mid-stay arbeidsmigranten.

–Het huisvesten in bestaande gebouwen, niet zijnde woningen, dient te voldoen aan de geldende kwaliteitseisen en voorwaarden zoals vastgelegd wordt in de APV.

3.2.3 Nieuw te realiseren tijdelijke huisvesting

Naast het huisvesten in al bestaande woonvormen is er ook de mogelijkheid om nieuwe tijdelijke huisvesting te realiseren. Het gaat hierbij veelal over grootschalige huisvestingsvormen van (geclusterde) woonunits zoals de Kafra Tower in Venray die veelal gesitueerd zijn in het buitengebied of op bedrijventerreinen. Voordelen zijn dat het instellen van beheer makkelijker is, er beter toezicht kan worden gehouden en beter op kwaliteit van de huisvesting kan worden gestuurd. Daarnaast betreft het een tijdelijke huisvestingsvorm welke veelal kan worden afgebroken of voor een andere doelgroep kan worden ingezet als de behoefte naar huisvesting van arbeidsmigranten afneemt. Enerzijds vormt deze huisvestingsvorm een uitdaging voor de inclusie en daarmee de participatie en integratie van de arbeidsmigrant en strookt daarmee niet geheel met het gemeentelijke inclusiebeleid.

Anderzijds leert de praktijk dat onder meer de betrokken stakeholders aangeven dat er bij de arbeidsmigrant vaak geen behoefte is om actief te integreren en participeren.

Voorstel beleidskader 4:

–Een pilotvorm voor nieuw te realiseren tijdelijke grootschalige huisvesting voor mid-stay arbeidsmigranten is toegestaan.

–Nieuw te realiseren tijdelijke grootschalige huisvesting voldoet aan de geldende kwaliteitseisen en voorwaarden zoals vastgelegd wordt in de APV.

–Nieuw te realiseren tijdelijke grootschalige huisvesting ligt niet in woonwijken maar kan wel in het buitengebied of op een bedrijventerrein liggen.

3.2.4 Huisvesting bij de werkgever zelf (bijv. bij agrarische bedrijven of in vrijkomende agrarische bebouwing).

Het huisvesten van arbeidsmigranten direct bij de werkgever is een andere veelvoorkomende huisvestingsvorm. Deze vorm van huisvesting is vooral geschikt voor arbeidsmigranten die hier voor kortere periode verblijven. Voordelen zijn dat er snel kan worden ingespeeld op de behoefte van de werkgever en er lagere kosten zijn voor bijvoorbeeld vervoer. Nadelen zijn de nog steeds bestaande afhankelijkheid tussen de arbeidsmigrant en werkgever op het gebied van wonen en werken(zie ook rapport Roemer), het hebben van onvoldoende toezicht en het onvoldoende kunnen meedraaien in de maatschappij. Daarnaast is er in de praktijk ook geen behoefte aan huisvesting van arbeidsmigranten bij agrarische bedrijven in Sittard-Geleen.

Voorstel beleidskader 5:

–Huisvesting van arbeidsmigranten bij de werkgever zelf (bijv. agrarische bedrijven of in vrijkomende agrarische bebouwing) is niet toegestaan in Sittard-Geleen.

3.4 Leefbaarheid & openbare orde en veiligheid

3.4.1 Exploitatievergunning

In veel andere gemeenten is het aanvragen van een exploitatievergunning voor het huisvesten van arbeidsmigranten verplicht. Het doel van de exploitatievergunning is veelal het waarborgen van de woonomstandigheden van de arbeidsmigrant en eventuele overlast voor de omgeving tegen te gaan. Belangrijke aspecten die veel terugkomen bij andere exploitatievergunningen zijn eisen over onder meer het beheer van de locatie, toezicht, het instellen van een nachtregister, huisregels en regels rondom afval, geluid, drugs en alcoholgebruik en de bereikbaarheid van de beheerder. Enkele thema’s worden hier verder uitgewerkt:

○ Huisreglement: Het tegengaan van overlast op huisvestingslocaties bij zowel omwonenden als de bewoners zelf is van belang om de openbare orde en veiligheid te garanderen. Hiervoor kunnen duidelijke en heldere regels worden vastgelegd in een huisreglement. Onderwerpen die hierin kunnen worden opgenomen zijn onder meer alcohol- en drugsgebruik, geweldsincidenten, parkeren, onderhoud (voortuin), geluidsoverlast en zwerfafval. Andere onderwerpen die opgenomen zijn, zijn een klachtenreglement, brandveiligheid, de beschikbaarheid van het reglement in een andere taal en afspraken over beheer. Het instellen van een huisreglement geeft duidelijke handvaten om te handhaven.

○ Beheer: Een veelgehoorde klacht van omwonenden en instanties is dat het schort aan een duidelijk aanspreekpunt bij huisvestingslocaties voor arbeidsmigranten. Hiervoor kan het aanstellen van een beheerder per huisvestingslocatie een oplossing zijn. De beheerder is onder meer het aanspreekpunt voor de arbeidsmigranten, omwonenden en instanties, het registreren van klachten en meldingen en verantwoordelijk voor het onderhoud. Er kunnen eisen in de exploitatievergunning worden gesteld aan de aanwezigheid van een beheerder op locatie of op een maximale afstand vanaf de locatie, het machtig zijn van het Nederlands of de moedertaal van de op de locatie woonachtige arbeidsmigranten, in het bezit zijn van een Verklaring omtrent gedrag (VOG) én de bereikbaarheid (24/7 en tijdens vakanties).

○ Nachtregister: Zoals eerder aangegeven is het in- en uitschrijven in het BRP een lastige opgave voor arbeidsmigranten. Het wordt soms niet of onnauwkeurig bijgehouden waardoor het een onvolledig beeld van het aantal in de gemeente aanwezige arbeidsmigranten geeft. Dit kan problemen opleveren bij bijvoorbeeld calamiteiten. Het niet registeren geldt overigens niet alleen voor arbeidsmigranten maar ook voor andere groepen die zich tijdelijk in onze gemeente bevinden zoals toeristen. Om toch een overzicht te hebben is er de mogelijkheid om een nachtregister per huisvestingslocatie bij te houden. Hierin kunnen voor alle verblijvende personen de personalia, contactgegevens, datum aanvang huisvesting en beëindiging huisvesting worden opgenomen. Het verplicht instellen van een nachtregister per huisvestingslocatie kan worden opgenomen in de plaatselijke APV.

○ Meldplicht verhuur woningen: onderdeel van de exploitatievergunning in bijvoorbeeld de gemeente Peel en Maas is het instellen van een meldplicht voor woningen die op kamergewijze manier worden verhuurd. Het instellen van een dergelijke meldplicht biedt een overzicht van het aantal verhuurde woningen waar bijvoorbeeld arbeidsmigranten worden gehuisvest. Daarbij kan er ook gerichter worden opgetreden bij het tegengaan van onwenselijke situaties.

○ Gedragseisen exploitant en beheerder: er kunnen via de exploitatievergunning ook gedragseisen aan de exploitant en beheerder worden gesteld. Zo dienen ze niet onder curatele te staan, zijn ze minimaal 21 jaar oud en niet van slecht levensgedrag.

Dit wordt in de gemeente Alphen aan den Rijn toegepast. De gemeente Horst aan de Maas gaat hierin nog een stap verder en stelt dat de exploitant ook dient te zijn ingeschreven in het BRP en dat de aangeboden huisvesting voldoet aan de SNFnormering.

Een voordeel van een exploitatievergunning is dat de openbare orde veiligheid kan worden gewaarborgd. Een exploitatievergunning wordt ook aan de wet Bibob getoetst waardoor malafide huisvesters geen kans krijgen. Daarnaast biedt het instellen van exploitatievergunning een instrument om zicht, controle en, indien nodig, handhavend op te treden bij het huisvesten van arbeidsmigranten in de gemeente Sittard-Geleen. De procedure van de wijziging van de APV wordt verder toegelicht in de uitvoeringsparagraaf.

Voorstel beleidskader 7:

–Bij een wijziging van de APV voor specifiek het huisvestingsbeleid arbeidsmigranten worden de volgende elementen opgenomen: instellen huisreglement, beheer, nachtregister, meldplicht verhuur woningen en gedragseisen exploitant beheerder.

3.4.2 Wetsvoorstel goed verhuurderschap

In het rapport Roemer wordt ook over het wetsvoorstel ‘Goed verhuurderschap’ gesproken. Met deze wet krijgen gemeenten de bevoegdheid om landelijk geüniformeerde voorschriften en werkwijzen voor verhuurders en verhuurbemiddelaars in te stellen om goed verhuurderschap te bevorderen en malafide verhuurders aan te pakken. Dit geldt eveneens voor het huisvesten van arbeidsmigranten. In 2021 is er van 5 juli tot en met 1 september een openbare internetconsulatie voor betreffende wet geweest. Op 9 juni 2022 is het wetsvoorstel ingediend bij de Tweede Kamer. Inmiddels heeft ook de Eerste Kamer op 23 maart 2023 ingestemd met de wet en zal deze naar verwachting in werking treden op 1 juli 2023. De wet biedt gemeenten de mogelijkheid om ongewenste verhuurpraktijken te voorkomen en tegen te gaan, arbeidsmigranten te beschermen tegen slechte huur- en woonomstandigheden en overlast in de omgeving van huisvesting te verminderen en te voorkomen.

Daarnaast kunnen er twee typen verhuurdervergunningen worden ingesteld: verhuurvergunning voor de verhuur van reguliere woonruimte (gebiedsgebonden) en verhuurvergunning voor de verhuur van verblijfsruimte aan arbeidsmigranten (gemeentebreed).

Aan bovenstaande vergunningen worden landelijke geüniformeerde voorwaarden verbonden zoals bij de verblijfsruimten voor arbeidsmigranten. Dit zijn:

–Wijze waarop de verhuurder aantoont hoe invulling wordt gegeven aan de regels van goed verhuurderschap.

–De eisen op het maximaal aantal personen aan wie per verblijfsruimte verhuurd mag worden.

–Eisen aan de voorzieningen die aanwezig moeten zijn t.b.v. voedsel en hygiëne.

–- Een maximale huurprijs en het maximale huurverhogingspercentage indien het zelfstandige woonruimte betreft die in de gereguleerde sector valt. - Het hebben en uitvoeren van een onderhoudsplan.

De vergunning geldt voor alle woonruimten/verblijfsruimten voor de doelgroep arbeidsmigranten. Bestaande en toekomstige locaties worden vergunningsplichtig. Bij het niet naleven van de voorwaarden kan de gemeente op basis van de nieuwe wet handhaven via een aantal bestuursrechtelijke instrumentarium: waarschuwing, bestuursdwang, bestuurlijke boete en als ultimum remedium de beheerovername. Daarnaast wordt het instellen van een meldpunt verplicht. Hier kunnen anoniem en kosteloos meldingen van ongewenst verhuurgedrag worden gedaan. Dit is ook belangrijk in de strijd tegen malafide verhuurders.

3.4.3 Registratie

Iedereen die het voornemen heeft om 4 maanden (over een periode van 6 maanden) in Nederland te verblijven is verplicht zich in te schrijven in de Basisregistratie Personen (BRP). Het is voor de gemeente belangrijk dat nieuwe inwoners van de gemeente, dus ook arbeidsmigranten, zich inschrijven. De gemeente baseert onder meer de voorzieningen zoals scholen en winkels én de financiering vanuit het Gemeentefonds op de inschrijvingen. Daarnaast wordt de persoon die zich inschrijft ingezetene van de gemeente en geniet daarmee ook bepaalde rechten en plichten. Het aantal inschrijvingen biedt ook een overzicht van het aantal arbeidsmigranten woonachtig in de gemeente en de huisvestingslocaties. Zo kunnen er gerichtere controles plaatsvinden.

Arbeidsmigranten verblijven vaak voor een kortere periode in een gemeente en soms zelfs op verschillende locaties. Dit betekent dat er vaak een wisselende samenstelling en aantal arbeidsmigranten woonachtig in de gemeente is. Verschillende stakeholders geven aan dat het in- en uitschrijven van arbeidsmigranten veel tijd, middelen en administratieve handelingen vergt. Dit hoort echter geen belemmering te zijn. Het is van belang voor zowel de gemeente als de arbeidsmigrant en andere betrokken partijen om zich in- en uit te schrijven in de gemeente. Het ontbreken van het aantal ingeschreven arbeidsmigranten in de gemeente zorgt namelijk voor een onvolledig overzicht waardoor niet alleen de gemeente en arbeidsmigrant bepaalde rechten en plichten mislopen maar er ook onvoldoende kan worden gehandhaafd. Indien er niet wordt voldaan aan de inschrijvingsplicht bestaat er de mogelijkheid om toeristenbelasting te heffen.

Voor een goede inschrijving is een samenwerking met de afdelingen KCC en Burgerzaken, Openbare Orde en Veiligheid en Handhaving van belang. Deze twee instanties zijn enerzijds betrokken bij het inschrijven van nieuwe inwoners en de controles bij panden waar het vermoeden bestaat dat er, vanwege het feit dat er al een langere periode niemand staat ingeschreven, arbeidsmigranten worden gehuisvest.

3.4.4 Handhaving

Het nieuwe beleid is belangrijk omdat het gemeentelijke handvaten biedt om onder meer onwenselijke huisvestings- en overlastsituaties tegen te gaan. Er bestaan namelijk specifieke risico’s die betrekking hebben op de huisvestingslocatie zelf, zoals brandveiligheid en slechte huisvesting, of aspecten die hiermee in verband kunnen worden gebracht. Denk bijvoorbeeld aan situaties rondom arbeidsuitbuiting, mensenhandel, vastgoedfraude of witwassen. Voor de gemeente is het belangrijk om dergelijke situaties te voorkomen en te verwerken in het beleid. Daarom dient de gemeente handhavend op te treden bij dergelijke situaties. Hiervoor zijn drie scenario’s te bedenken:

–Bij een eerste overtreding bestaat het handhavingstraject uit drie stappen: waarschuwen dat men in overtreding is, voornemen bekend maken tot handhaven en daadwerkelijk handhaven in de vorm van het opleggen van een dwangsom of bestuursdwang.

–Bij het herhaaldelijk overtreden wordt de eerste stap (waarschuwen) overgeslagen en direct overgegaan op het voornemen bekend te maken dat er handhaving zal plaatsvinden om vervolgens, indien van toepassing, over te gaan op het daadwerkelijke handhaven.

–Elkaar opvolgende of van elkaar verschillende overtredingen.

De verantwoordelijkheid voor het toezicht houden op en, indien nodig, handhaven ligt bij team Toezicht en Handhaving waar onder meer wordt gekeken op naleving van de APV, de verleende vergunningen, brandveiligheid en bouw- of milieuaspecten.

De afdeling Openbare Orde en Veiligheid (OOV) houdt zich met name bezig met het ondermijningsvraagstuk. Hier vallen bijvoorbeeld mensenhandel en vastgoedfraude onder.

Zoals eerder aangegeven is de registratie van arbeidsmigranten niet altijd in orde. Hier ligt een taak van de bevolkingscontroleurs van de afdeling KCC en Burgerzaken. Hier komen bijvoorbeeld adressen aan het licht waar al sinds enige tijd geen personen staan ingeschreven en waar het vermoeden van bestaat dat er arbeidsmigranten zijn gehuisvest. De uitvoering van deze controles wordt gedaan door BOA’s van het team Toezicht en Handhaving welke zijn gestationeerd binnen het team Openbare Orde en Veiligheid (OOV). Dit gebeurt in samenwerking medewerkers van de vreemdelingenpolitie. De vreemdelingenpolitie voert onder meer identiteitsonderzoeken uit en bestrijdt onder meer mensenhandel.

Andere organisaties die een rol spelen in het handhavingsvraagstuk zij:

–De Nederlandse Arbeidsinspectie (NLA) zorgt voor de toezicht en naleving van wettelijke regels, arbeidsomstandigheden en het opsporen van fraude, arbeidsuitbuiting of andere onwenselijke omstandigheden.

–Indien er wordt gekozen om het SNF-keurmerk verplicht te stellen in het beleid, dan neemt het SNF ook een rol op zich bij het controleren van de aangesloten huisvestingslocatie op het leefbaarheidsaspect. Belangrijk is om te benadrukken dat het over het leefbaarheidsaspect gaat en dat bijvoorbeeld de verantwoordelijkheid op het controleren van het Bouwbesluit nog bij de gemeente rust.

3.4.5 Omgevingsdialoog

Nieuwe, vooral grootschalige, initiatieven kunnen onrust en emoties bij omwonenden oproepen. Indien een nieuw initiatief succesvol wil worden zal er voldoende draagvlak vanuit de omgeving moeten zijn. In veel gemeenten wordt er een omgevingsdialoog gevoerd wanneer er de intentie ontstaat om een nieuw initiatief te realiseren. Het is op dit moment nog niet juridisch afdwingbaar maar kan wel een randvoorwaarde voor het realiseren van nieuwe huisvestingsvormen zijn. De uitkomsten kunnen worden meegenomen bij het beoordelen van een aanvraag. De Omgevingswet biedt echter wel de mogelijkheid om participatie verplicht te stellen.

Het voeren van de omgevingsdialoog is de verantwoordelijkheid van de initiatiefnemer. Het is van belang dat, voordat er überhaupt met de omwonenden wordt gesproken, eerst wordt afgestemd met de gemeente over de haalbaarheid van het plan. Daarnaast is het belangrijk dat de initiatiefnemer de plannen presenteert aan de omwonenden om vragen te stellen, op- of aanmerkingen te geven en input te leveren. Vervolgens is het ook van belang dat er een mogelijkheid is voor omwonenden dat het aangepaste plan aan hen wordt voorgelegd waarop er weer een mogelijkheid is om reacties te geven. Op deze manier kunnen de omwonenden tijdens dit traject meedenken over onder meer verbetering van de plannen of andere input leveren. Door goed te luisteren naar omwonenden en ook daadwerkelijk iets met hun input te doen wordt het draagvlak vergroot en zal de kans op een succesvol initiatief ook toenemen. Nadeel is dat het hele traject meer tijd in beslag neemt als er bijvoorbeeld sterke bezwaren en/of meningsverschillen zijn bij het realiseren van een initiatief.

Voorstel beleidskader 8:

–Voor het realiseren van nieuwe huisvestingsinitiatieven voor arbeidsmigranten is een omgevingsdialoog verplicht.

3.4.6 Maatschappelijke verantwoordelijkheid

Goed werkgeverschap is een belangrijke vereiste voor het op een juiste manier huisvesten van arbeidsmigranten. Er bestaat de mogelijkheid om een maatschappelijke bijdrage van een huisvester te vragen. In de gemeente Peel en Maas wordt er bij nieuwe aanvragen al gevraagd hoe een huisvester deze maatschappelijke verantwoordelijkheid gaat vormgeven. Het kan hierbij gaan over onder meer het wegwijs maken in de omgeving, taaleducatie, ontwikkelen beroepsvaardigheden, doorstroom naar permanente huisvesting of naar een vast contract. Dergelijke initiatieven vergroten de integratie en participatie van de arbeidsmigrant. Een ander voorbeeld is de gemeente Venlo waar bepaalde initiatieven meer kans van slagen hebben als het een onderscheidend vermogen heeft. Dit kan bijvoorbeeld het presenteren van energiezuinige concepten zijn maar ook het bieden van scholings- en ontwikkelingsmogelijkheden of taalcursussen voor de arbeidsmigrant.

Voorstel beleidskader 9:

–Een voorwaarde voor het realiseren van nieuwe initiatieven is dat er een maatschappelijke verantwoordelijkheid van de initiatiefnemer wordt gevraagd.

3.4.7 Woon- en Leefklimaat

Belangrijk is dat er bij het realiseren van nieuwe huisvesting ook rekening wordt gehouden met het woon- en leefklimaat van de omgeving. Het woon- en leefklimaat van de arbeidsmigrant zelf is immers al vastgelegd in de zogeheten kwaliteitscriteria. Enkele aspecten die in de omgeving van belang kunnen zijn, zijn bijvoorbeeld de aantasting van de kwaliteit van het landschap, gebruikersmogelijkheden omliggende functies, verkeersontsluiting en parkeersituatie, milieuhygiënische kwaliteit, waterhuishouding of externe veiligheid.

Voorstel beleidskader 10:

–Voor de meeste huisvestingsvormen is een vergunning nodig voor het afwijken van het bestemmingsplan. Deze vergunning wordt voorzien van een ruimtelijke onderbouwing waarin (al dan niet op basis van onderzoeken) wordt aangetoond dat er sprake is van een goede ruimtelijke ordening.

3.4.8 Parkeren

Het huisvesten van arbeidsmigranten vergroot de parkeerdruk in de gemeente. In veel gevallen hebben arbeidsmigranten een eigen auto. Gezien de huidige parkeerdruk en ervaren parkeeroverlast in de gemeente is het van belang om dit onderwerp ook mee te nemen in het huisvestingsbeleid arbeidsmigranten. Om dit te reguleren wordt verwezen om de geldende normen uit de parkeernota over te nemen. Deze zijn op dit moment 1.7 voor het buitengebied en 1.3 voor het kerngebied. Mochten de normen in de toekomst veranderen dan ook deze geldende normen in de parkeernota weer overnemen.

–Voor huisvestingslocaties van arbeidsmigranten gelden de parkeernormen zoals vastgelegd in de parkeernota SittardGeleen.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.