Artikel 1. Begripsbepalingen
a.Bedrijfstijd: de tijd waarin de medewerkers op kantoor werkzaamheden kunnen verrichten.
b.Feitelijke arbeidsduur: het aantal uren dat de medewerker in een bepaalde periode arbeid heeft verricht.
c.Formele arbeidsduur: de volgens de aanstelling vastgestelde omvang van het aantal uren dat de medewerker in een bepaalde periode arbeid moet verrichten.
d.Medewerker: de ambtenaar als bedoeld in artikel 1:1, eerste lid, sub a van de CAR-UWO, alsmede uitzendkrachten, detacheringskrachten, stagiaires en personen die anderszins werkzaam zijn bij de gemeente Sint-Michielsgestel.
e.Pauze: een periode van een onafgebroken aantal minuten waarop geen arbeid wordt verricht.
f.Werktijd: de periode waarin door de medewerker arbeid wordt verricht.
Artikel 2. Toepassing
1De bepalingen omtrent de werktijden zijn van toepassing op alle medewerkers. De regeling bestaat uit een standaard- en een bijzondere regeling.
2De standaardregeling geldt voor de medewerkers die zelf regelruimte hebben voor het bepalen van hun werktijden.
3De bijzondere regeling is van toepassing op medewerkers die op wisselende tijden volgens rooster werken, waarvoor de individuele werktijden eenzijdig door het college worden vastgesteld. Het college bepaalt welke functiegroep(en) onder de bijzondere regeling vallen. Deze functiegroep(en) en functies zijn opgenomen in bijlage 1.
Artikel 3. Formele arbeidsduur per jaar
1De formele arbeidsduur bedraagt bij een voltijd dienstverband gemiddeld 36 uren per week en 1811 uur per jaar.
2Bij een deeltijd dienstverband is de formele arbeidsduur per week het aantal uren als in de aanstelling is vermeld. De formele arbeidsduur per jaar wordt naar rato berekend.
3De feitelijke arbeidsduur kan afwijken van de formele arbeidsduur, met inachtneming van de artikelen uit hoofdstuk 4 van de CAR-UWO.
Artikel 4. Aanwijzing collectieve vrije dagen
1Maximaal vier dagen per kalenderjaar kunnen in overleg met de ondernemingsraad worden aangewezen als collectieve vrije dagen. Een dag kan verplicht worden aangewezen als het een dag is tussen een feestdag en een weekend (brugdag).
2Op de dagen als bedoeld in lid 1 van dit artikel is het gemeentehuis en de gemeentewerf gesloten. Op aanwijzing van de leidinggevende kan er worden gewerkt door medewerkers waarvan de functie dit noodzakelijk maakt ter uitvoering van gemeentelijke / wettelijke verplichtingen.
3Voor een brugdag kunnen medewerkers verlofuren of uren ten laste van het kloksaldo inzetten.
Artikel 5. Werktijden
1De werktijd per dag bedraagt maximaal 11 uren. De arbeidsduur bedraagt ten hoogste 50 uren per week.
2De medewerker die minimaal 5,5 uur per dag werkt, dient ten minste 30 minuten pauze te nemen. De pauzetijd kan ineens of in 2 delen van tenminste 15 minuten worden opgenomen.
3Wanneer een medewerker meer dan 10 uur per dag werkt, dient hij ten minste 45 minuten pauze te nemen. De pauzetijd kan ineens of in meerdere delen van tenminste 15 minuten worden opgenomen.
4De bedrijfstijd is op maandag tot en met vrijdag tussen 7:00 en 19:00 uur. Tijdens avondopenstellingen eindigt de bedrijfstijd op de sluitingstijd van het gemeentehuis.
Artikel 6. Medisch verzuim
1Doktersbezoek-, tandartsbezoek, ziekenhuisbezoek e.d. dienen buiten werktijden plaats te vinden.
2Wanneer het niet mogelijk is om een bezoek als bedoeld in het eerste lid buiten de werktijden plaats te laten vinden, treden leidinggevende en medewerker in overleg om tot een passende oplossing te komen.
Artikel 7. Dagvenster
Medewerkers kunnen werkzaamheden verrichten binnen het dagvenster van maandag tot en met vrijdag tussen 7:00 uur en 22:00 uur.
Artikel 8. Bezetting en werkafspraken
1De leidinggevende is verantwoordelijk voor de bezetting van de afdeling.
2Eenmaal per jaar worden basisafspraken gemaakt tussen de leidinggevende en de medewerker over de werktijden, verlof en werktijden binnen het dagvenster. Deze afspraken worden schriftelijk vastgelegd.
3Uitgangspunt bij het maken van basisafspraken over de werktijden is een efficiënte en effectieve bedrijfsvoering, een goede procesgang van de werkzaamheden op de afdeling, bereikbaarheid voor interne en externe klanten en een optimale samenwerking op en tussen de afdelingen.
4De leidinggevende en de medewerker gaan samen in gesprek over de werktijden, waarbij de zeggenschap van de medewerker over de werktijden het uitgangspunt is;
5De volgende onderwerpen dienen in ieder geval te worden besproken:
-het aantal uren per werkdag dat de medewerker normaal gesproken werkt;
-verlof.
6De volgende onderwerpen kunnen worden besproken:
-bezetting van de afdeling of taakveld;
-inzetbaarheid tijdens drukkere perioden;
-werktijden.
7Bijstelling van de afspraken kan in overleg plaatsvinden. In ieder geval worden eenmaal per jaar de basisafspraken over werktijden, verlof en werkplanning geëvalueerd. Overleg hierover is een vast onderdeel van de gesprekkencyclus.
8Wanneer de medewerker binnen het dagvenster werkzaamheden moet verrichten buiten de afgesproken werktijden, wordt de gewerkte tijd op een ander moment gecompenseerd. De leidinggevende en de medewerker maken samen afspraken om de tijd op korte termijn te compenseren. Deze uren kunnen niet opgespaard worden of worden omgezet in vakantieuren.
Artikel 9. Thuiswerken
De medewerker kan de leidinggevende verzoeken om thuis te werken.
Artikel 10. Buitendagvenstervergoeding
1Indien de medewerker buiten het dagvenster werkzaamheden moet verrichten, komt hij in aanmerking voor de buitendagvenstervergoeding zoals beschreven in artikel 3:8 CAR-UWO. Deze vergoeding bedraagt per gewerkt uur een percentage van het uurloon. De gewerkte uren buiten het dagvenster worden in tijd gecompenseerd. De medewerker maakt hierover afspraken met zijn leidinggevende.
2De medewerker die een functie bekleedt waaraan een functieschaal 11 of hoger verbonden is, heeft conform artikel 3:8 CAR-UWO geen recht op een buitendagvenstervergoeding.
Artikel 11. Beschikbaarheidsdiensten
1De medewerker die aangewezen is voor het verrichten van beschikbaarheidsdiensten heeft recht op een bereikbaarheidstoelage.
2Indien de medewerker opgeroepen wordt tijdens zijn beschikbaarheidsdienst en werkzaamheden verricht binnen het dagvenster, heeft de medewerker recht op compensatie in tijd. De medewerker maakt hierover afspraken met zijn leidinggevende.
3Indien de medewerker opgeroepen wordt tijdens zijn beschikbaarheidsdienst en werkzaamheden verricht buiten het dagvenster, komt hij in aanmerking voor de buitendagvenstervergoeding zoals beschreven in artikel 3:8 CAR-UWO. Deze vergoeding bedraagt per gewerkt uur een percentage van het uurloon. De gewerkte uren buiten het dagvenster worden in tijd gecompenseerd. De medewerker maakt hierover afspraken met zijn leidinggevende.
Artikel 12. Bijzondere regeling
1De bijzondere regeling is van toepassing op de in bijlage 1 opgenomen functiegroep(en) en functies.
2Het college stelt voor deze groep eenzijdig de individuele werktijden vast conform artikel 4:4 CAR-UWO.
3Het college kan met instemming van de OR de in de bijlage 1 genoemde functies/functiegroep(en) wijzigen.
4Medewerkers in de bijzondere regeling kunnen conform de bepalingen in de CAR-UWO aanspraak maken op de overwerkvergoeding (artikel 3:2:1 CAR-UWO), toelage onregelmatige dienst (artikel 3:3 CAR), beschikbaarheidsvergoeding (artikel 3:3A CAR-UWO) en verschuivingstoelage (artikel 3:4 CAR-UWO).
Artikel 13. Arbeidsduur
1De feitelijke arbeidsduur per week bedraagt bij een volledige werkweek gemiddeld 40 uren.
2De ambtenaar met een volledige betrekking heeft per jaar recht op een aantal compensatie-uren. Dit aantal wordt vastgelegd in een afzonderlijke vakantie-regeling.
3De leden 1 en 2 worden voor de ambtenaar met een part-time dienstverband naar evenredigheid toegepast, waarbij het in deze leden genoemde aantal uren en compensatieverlofuren wordt vermenigvuldigd met het aantal aanstellingsuren en vervolgens gedeeld door de factor 36.
Artikel 14. Werktijd
1De dagelijkse werktijd vangt aan om 7:45 uur en eindigt om 16:30 uur.
2De in het vorige lid genoemde werktijd wordt onderbroken met een pauze van 0:45 uur.
Artikel 15. Onvoorziene gevallen
In gevallen waarin deze regeling niet of niet in redelijkheid voorziet, kan het college een bijzondere voorziening treffen.
Artikel 16. Citeertitel en inwerkingtreding
Deze regeling kan worden aangehaald als de “Werktijdenregeling gemeente Sint-Michielsgestel” en treedt in werking met ingang van de eerste dag van de maand volgend op de publicatie. Vanaf de inwerkingtredingdatum van deze regeling vervalt de “Regeling Variabele Werktijden” en de “Regeling Werktijden Buitendienst”.
Toelichting
Artikel 3, lid 1.
De formele arbeidsduur per jaar is voor een volledige betrekking vastgesteld op 1811 uur. In de berekening zijn meegenomen het aantal werkdagen verminderd met het aantal, niet jaarlijks op zaterdag en zondag vallende, feestdagen per jaar, gecorrigeerd met de kans dat zij periodiek op een zaterdag of zondag vallen. Het gaat hierbij om gemiddeld 8 4/7 dag per jaar. De in aanmerking genomen feestdagen zijn Nieuwjaarsdag (gemiddeld per jaar 5/7 dag), 2e Paasdag (7/7), Koningsdag (5/7), Hemelvaartsdag (7/7), 2e Pinksterdag (7/7) en de beide Kerstdagen (10/7). Daarnaast zijn er lokaal nog feestdagen vastgesteld. Dit zijn Bevrijdingsdag (5/7), Goede Vrijdag (7/7), de Carnavalsmaandag en -dinsdagmiddagen (7/7) en op 24 en 31 december namiddag (5/7).
De berekening is dan als volgt:
365,25 dagen x 5/7 – 9 2/7 = 251,6 dagen.
251,6 x 7,2 uren (= 36 uren : 5) = 1811 uren.
Bijlage 1. Functiegroepen en functies onder de bijzondere groepen
De volgende functies vallen onder bijzondere regeling, zoals bedoeld in artikel 12.
Afdeling Uitvoering
Medewerker buitendienst
Bedrijfsleider buitendienst
Voorman buitendienst
Werkvoorbereider buitendienst
Afdeling BMO
Medewerker bodedienst