Aanhef
De raad van de gemeente Simpelveld;
gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van 11 november 2025;
gelet op artikel 229, eerste lid aanhef en onderdelen a en b van de Gemeentewet;
besluit vast te stellen de
‘VERORDENING OP DE HEFFING EN INVORDERING VAN MARKTGELDEN SIMPELVELD 2026’
(Verordening marktgelden Simpelveld 2026)
ARTIKEL 1 DEFINITIES
Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:
1markt: openbare koop en verkoop van roerende goederen, die op de daartoe aangewezen dag en plaats wordt gehouden;
2standplaats: de op of voor de duur van een markt door het college van burgemeester en wethouders aangewezen ruimte voor het uitoefenen van de markthandel;
3tijdsduur standplaats: de standplaatsen op het marktterrein worden onderscheiden in standplaatsen met korte tijdsduur, waaronder wordt verstaan een tijdsduur van minder dan een kalendermaand en standplaatsen voor lange tijdsduur, waaronder wordt verstaan tijdsduur van tenminste een kalendermaand en ten hoogste een kalenderjaar.
ARTIKEL 2 BELASTBAAR FEIT
Onder de naam ‘marktgelden’ worden rechten geheven ter zake van het ter beschikking stellen van een standplaats voor de uitvoering van de markthandel.
ARTIKEL 3 BELASTINGPLICHT
De marktgelden worden geheven van degene aan wie een standplaats ter beschikking is gesteld, of degene die in zijn plaats optreedt.
ARTIKEL 4 MAATSTAF VAN HEFFING
De heffingsmaatstaf voor de berekening van het recht is het aantal vierkante meters plaatsruimte of gedeelte daarvan, welke voor het innemen van een standplaats, als bedoeld in artikel 2, wordt benodigd.
ARTIKEL 5 TARIEF
Voor het innemen van een standplaats bedraagt het recht per vierkante meter plaatsruimte per kalendermaand of gedeelte daarvan € 1,75.
ARTIKEL 6 BELASTINGTIJDVAK VOOR VASTE STANDPLAATSHOUDER
Het marktgeld van de vaste standplaatshouders wordt geheven over een heffingstijdvak van een maand.
ARTIKEL 7 ONTSTAAN VAN DE BELASTINGSCHULD
1Het marktgeld voor de vaste standplaatshouders is verschuldigd bij de aanvang van het heffingstijdvak.
2Het marktgeld voor het innemen van een incidentele standplaats is verschuldigd op het tijdstip dat de standplaats wordt ingenomen.
ARTIKEL 8 WIJZE VAN HEFFING
1Het marktgeld wordt geheven door middel van een gedagtekende nota, waarin het verschuldigde bedrag wordt vermeld.
2Het college van burgemeester en wethouders stelt het model van de in het eerste lid bedoelde nota vast.
ARTIKEL 9 TIJDSTIP VAN BETALING
1In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moet de nota worden betaald in één termijn die vervalt 14 dagen na de dagtekening van de nota.
2Betaling van de termijn zoals gesteld in het eerste lid is mogelijk via automatische incasso.
3De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijn.
ARTIKEL 10 INWERKINGTREDING EN CITEERTITEL
1De ‘Verordening marktgelden 2025’ van 13 november 2024, of zoals laatstelijk gewijzigd, wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.
2Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking.
3De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2026.
4De verordening wordt aangehaald als ‘Verordening marktgelden Simpelveld 2026’.