Aanhef
De raad van de Gemeente Schiedam;
Gezien het voorstel van burgemeester en wethouders;
Gelet op de Winkeltijdenwet en artikel 149 van de Gemeentewet;
Besluit
Vast te stellen de volgende: Verordening inzake de winkeltijden
Artikel 1 begripsbepalingen
In deze verordening wordt verstaan onder:
a.de wet: de Winkeltijdenwet;
b.feestdagen: nieuwjaarsdag, tweede paasdag, Hemelvaartsdag, tweede pinksterdag, eerste kerstdag en tweede kerstdag.
Artikel 2 beslistermijn
1Het college van burgemeester en wethouders beslist op een aanvraag van een ontheffing binnen vier weken.
2Het college van burgemeester en wethouders kan de beslissing voor ten hoogste vier weken verdagen.
Artikel 3 overdracht van de ontheffing
1Ontheffingen op grond van deze verordening zijn overdraagbaar na verkregen toestemming van het college van burgemeester en wethouders.
2In geval van een voorgenomen overdracht van de in het eerste lid bedoelde ontheffingen doet de houder van de ontheffing hiervan onmiddellijk schriftelijk mededeling aan het college van burgemeester en wethouders onder vermelding van de naam en het adres van de voorgestelde rechtverkrijgende.
Artikel 4 intrekken of wijzigen van de ontheffing
Het college van burgemeester en wethouders kan een ontheffing intrekken of wijzigen indien:
a.ter verkrijging daarvan onjuiste of onvolledige gegevens zijn verstrekt;
b.op grond van een verandering van de omstandigheden of inzichten opgetreden na het verlenen van de ontheffing, moet worden aangenomen dat intrekking of wijziging wordt gevorderd door het belang of de belangen ter bescherming waarvan de ontheffing is vereist;
c.het gebruik van de winkel of de uitoefening van een bedrijf anders dan in een winkel op basis van de ontheffing gevaar oplevert voor de openbare orde, de veiligheid of het woon- en leefklimaat ter plaatse;
d.de aan de ontheffing verbonden voorschriften en beperkingen niet zijn of worden nagekomen;
e.van de ontheffing geen gebruik wordt gemaakt binnen een daarin gestelde termijn of, bij gebreke van een dergelijke termijn, binnen een redelijke termijn;
f.de houder of zijn rechtverkrijgende dit verzoekt.
Artikel 5 zon- en feestdagenregeling
1De verboden, vervat in artikel 2, eerste lid, onder a en b van de wet, gelden niet op ten hoogste twaalf, door het college van burgemeester en wethouders aan te wijzen, zon- en feestdagen per kalenderjaar.
2De in het eerste lid bedoelde bevoegdheid geldt voor elk deel van de gemeente afzonderlijk.
Artikel 6 openstelling van avondwinkels op zon- en feestdagen
1Het college van burgemeester en wethouders kan op aanvraag ontheffing verlenen van de in artikel 2, eerste lid, onder a en b van de wet vervatte verboden ten behoeve van winkels, die gesloten zijn op de in die verboden bedoelde zon- en feestdagen tussen 0 en 16.00 uur.
2Het college van burgemeester en wethouders kan voor ten hoogste vijf winkels ontheffing verlenen.
3Aan de ontheffing worden de volgende voorschriften verbonden:
a.de winkel dient op zon- en feestdagen gesloten te zijn tussen 0 uur en 16.00 uur;
b.er dienen uitsluitend of hoofdzakelijk eet- en drinkwaren te worden verkocht, met uitzondering van sterke drank als bedoeld in artikel 1, eerste lid van de Drank- en Horecawet.
4De ontheffing kan worden geweigerd indien de woon- en leefsituatie of de openbare orde in de omgeving van de winkel op ontoelaatbare wijze nadelig wordt beïnvloed door de openstelling van de winkel.
5De vijfde ontheffing als bedoeld in lid 2 kan pas worden verleend op het moment dat het inwoneraantal de 75.000 heeft bereikt.
Artikel 7 ontheffing zon- en feestdagenregeling voor afzonderlijke situaties
1Het college van burgemeester en wethouders kan ontheffing verlenen van de in artikel 2 van de wet vervatte verboden, voor zover deze betrekking hebben op de zondag, nieuwjaarsdag, tweede paasdag, Hemelvaartsdag, tweede pinksterdag en eerste of tweede kerstdag, ten behoeve van:
a.bijzondere gelegenheden van tijdelijke aard;
b.het uitstallen van goederen.
2De in het eerste lid genoemde ontheffing kan worden verleend in geval van: feestelijkheden, bijeenkomsten, veilingen en beurzen, kunstateliers en galeries.
Artikel 8 verbod straatverkoop bepaalde goederen op zon- en feestdagen
Het college van burgemeester en wethouders kan bepalen dat de vrijstelling genoemd in artikel 12 van het Vrijstellingenbesluit Winkeltijdenwet niet geldt voor de gehele gemeente of voor een of meer delen van de gemeente.
Artikel 9 openstelling op werkdagen tussen 22.00 en 06.00 uur
1Het college van burgemeester en wethouders kan op aanvraag ontheffing verlenen van de verboden van artikel 2 van de wet, voor zover deze betrekking hebben op werkdagen.
2Het college van burgemeester en wethouders kan voor ten hoogste vijf winkels ontheffing verlenen.
3Aan de ontheffing worden de volgende voorschriften verbonden:
a.de winkel dient op werkdagen gesloten te zijn tussen 24.00 en 06.00 uur;
b.er dienen uitsluitend of hoofdzakelijke eet- en drinkwaren te worden verkocht, met uitzondering van sterke drank als bedoeld in artikel 1, lid 1 van de Drank- en Horecawet.
4De ontheffing kan worden geweigerd indien de woon- en leefsituatie of de openbare orde in de omgeving van de winkel op ontoelaatbare wijze nadelig wordt beïnvloed door de openstelling van de winkel.
5De vijfde ontheffing als bedoeld in lid 2 kan pas worden verleend op het moment dat het inwoneraantal de 75.000 heeft bereikt.
Artikel 10 toerisme
1Het college van burgemeester en wethouders kan op aanvraag een ontheffing verlenen van de verboden, vervat in artikel 2, eerste lid van de wet, in verband met de toeristische aantrekkingskracht van Schiedam.
2Een ontheffing kan in ieder geval worden verleend voor de volgende evenementen: Havenmuziek- en Molenfestival en Brandersfeesten.
3Het college van burgemeester en wethouders kan voorschriften verbinden aan de ontheffing.
4De ontheffing wordt geweigerd indien er geen sprake is van toeristische doeleinden als bedoeld in artikel 3, derde lid, onder a van de wet.
Artikel 11 overgangsbepaling
1De winkelsluitingsverordening Schiedam 1994 wordt ingetrokken.
2Ontheffingen welke zijn verleend krachtens de Winkelsluitingsverordening Schiedam 1994 worden geacht ontheffingen te zijn op grond van deze verordening.
Artikel 12 citeertitel
Deze verordening kan worden aangehaald als “Verordening winkeltijden Schiedam”.
Artikelsgewijze toelichting Verordening winkeltijden Schiedam
Artikel1begripsbepalingen
Voor de omschrijving van het begrip feestdagen is aansluiting gezocht bij artikel 2 van de wet. Koninginnedag is in de wet niet meer aangemerkt als een feestdag.
Artikel3overdracht van de ontheffing
De bepaling bindt de overdracht van de ontheffing aan de toestemming van burgemeester en wethouders. Deze tussenkomst geeft het college de gelegenheid om inzicht te krijgen in de handel en wandel van de opvolger.
Artikel5zon- en feestdagenregeling
Op maximaal 12 zon- en feestdagen per jaar kan afgeweken worden van het sluitingsverbod. Burgemeester en wethouders hebben deze bevoegdheid gedelegeerd gekregen van de gemeenteraad. Voor de toepassing van het artikel kan de gemeente in afzonderlijke delen gesplitst worden.
Artikel6openstelling van avondwinkels op zon- en feestdagen
Het afwijkende openstellingsregime op zon- en feestdagen maakt het noodzakelijk voor winkels die op werkdagen tot 22.00 uur, of met ontheffing tot latere tijdstippen geopend zijn en waar hoofdzakelijk eet- en drinkwaren worden verkocht een afzonderlijke regeling in de verordening op te nemen. Met deze regeling wordt het mogelijk dat deze beperkte groep avondwinkels ook op zondagavond en de avond van een feestdag open kan zijn.
Artikel7ontheffing zon- en feestdagenregeling voor afzonderlijke situaties
Het artikel is gebaseerd op artikel 4 van de wet. Het stellen van voorschriften en beperkingen is mogelijk.
Artikel8verbod straatverkoop van bepaalde goederen op zon- en feestdagen
De vrijstelling betreft het te koop aanbieden en verkopen van voor directe consumptie geschikte eetwaren en alcoholvrije dranken.
Artikel9openstelling op werkdagen tussen 22.00 en 06.00 uur
Artikel 7 van de wet geeft de mogelijkheid de openingstijden op werkdagen tussen 22.00 en 06.00 uur te reguleren.
Artikel10toerisme
De grondslag van het artikel is artikel 3, derde lid, onder a van de wet. De wet laat de keuze tussen het verlenen van vrijstelling door de raad of het op basis van de verordening verlenen van ontheffing door burgemeester en wethouders.