Aanhef
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente ’s-Hertogenbosch,
In zijn vergadering van 3 februari 2026,
Gezien het voorstel met reg.nr. 18932509,
Besluit vast te stellen
De beleidsregels woningsplitsing en verkamering ’s-Hertogenbosch 2023 – eerste wijziging
Bijlage 1 Definities
Gebruiksoppervlakte:
De oppervlakte van een ruimte of van een groep van ruimten, gemeten op vloerniveau, tussen de opgaande scheidingsconstructies, die de desbetreffende ruimte of groep van ruimten omhullen.
Bij de bepaling van de gebruiksoppervlakte worden niet meegerekend:
•de oppervlakte van delen van vloeren, waarboven de netto-hoogte kleiner is dan 1,5 m., met uitzondering van vleoren onder trappen, hellingbanen e.d.;
•een liftschacht;
•een trapgat, schalmgat of vide, indien de oppervlakte daarvan groter is dan of gelijk is aan 4 m2;
•een vrijstaande bouwconstructie (niet zijnde een trap) indien de horizontale doorsnede daarvan groter is dan of gelijk is aan 0,5 m2;
•een leidingschacht, indien de horizontale doorsnede daarvan groter is dan of gelijk is aan 0,5 m2;
•een dragende binnenwand.
Inwoning:
Medegebruik door maximaal twee personen door bewoning van (een) kamer(s), die onderdeel uitmaakt/uitmaken van een woning, die door een ander huishouden in gebruik is.
Kamerverhuur/kamerbewoning:
Het al dan niet bedrijfsmatig verhuren of aanbieden van kamers binnen een woning, niet zijnde inwoning, waarbij kamers geen zelfstandige woonruimte vormen door het ontbreken van wezenlijke voorzieningen zoals een eigen kook- en/of wasgelegenheid en/of toiliet.
Splitsen van een woning:
Het verbouwen van een woning tot twee of meer woningen, dan wel het zodanig inrichten, gebruiken of laten gebruiken van een deel van de woning dat er feitelijk twee of meer woningen ontstaan.
Woning:
Een (gedeelte van een) gebouw dat dient voor de huisvesting van één afzonderlijk huishouden, al dan niet in combinatie met inwoning door maximaal 2 personen. Een woning heeft een eigen toegang en de bewoner(s) kan/kunnen deze bewonen, zonder daarbij afhankelijk te zijn van wezenlijke voorzieningen buiten die woning.
Bijlage 4 Toetsingskader parkeren bij verzoeken tot woningsplitsing en verkameren
We toetsen of de gevraagde splitsing in de gemeente 's-Hertogenbosch niet leidt tot een onevenredige aantasting van de parkeersituatie.
Toetsingskader:
1Bereken de parkeerbehoefte in de gevraagde situatie volgens de geldende regels (Nota Parkeernormering 2021) op basis van gegevens van de aanvrager.
2Wordt het parkeren op eigen terrein opgelost?
a.Zo ja, vanuit verkeer geen knelpunt t.a.v. parkeren.
3Expert judgement afdeling verkeer
a.Eerdere onderzoeken, meldingen klachten m.b.t. parkeren
b.Inschatting parkeerdruk in de buurt
4Is sprake van verhoging van de parkeerdruk op de openbare weg
a.Daartoe moet een parkeerdrukmeting worden gehouden.
b.Onderzoek wordt uitgevoerd door of in opdracht en op kosten van de aanvrager.
Hierbij wordt eerst het aantal openbare parkeerplaatsen binnen een acceptabele loopafstand van de betreffende woning in kaart gebracht (zie acceptabele loopafstanden in de Nota Parkeernormering 2021). Vervolgens wordt op een aantal momenten het aantal geparkeerde auto's in dat gebied geteld. De gemeente geeft hiervoor het gebied aan op basis van de afstanden in de Nota Parkeernormering 2021 en bepaalt de tijdstippen van meting.
Hierbij wordt gedacht aan:
-Op twee avonden op werkdagen (te weten maandag, dinsdag en/of woensdag), op elke teldag rond 19 uur en rond 23 uur.
-Van de parkeerdrukmeting moet een rapportage worden gemaakt waarin de opzet, uitvoering en resultaten zijn beschreven, voorzien van foto's van de parkeersituatie (op moment van telling).
-De momenten waarop wordt geteld mogen niet in een schoolvakantieperiode vallen of tijdens evenementen.
5Vervolgens kunnen de volgende vragen worden beantwoord:
-Ligt het verhoudingsgetal in elke telling in de bestaande situatie (aantal getelde auto's gedeeld door het aantal aanwezige parkeerplaatsen) onder de 0,9?
-Ligt het verhoudingsgetal in de gevraagde situatie (aantal getelde auto's + de toename van de parkeerbehoefte, gedeeld door het aantal aanwezige parkeerplaatsen in de gevraagde situatie) voor elke getelde situatie onder de 0,9?
Indien beide vragen met ja worden beantwoord, dan kan een positief parkeeradvies worden afgegeven.
6Als voor hetzelfde gebied al eerder een parkeerdrukmeting werd verricht, dan mag deze worden gebruikt, indien die meting niet eerder dan 12 maanden heeft plaats gehad én indien in het gebied in de tussentijd geen veranderingen hebben plaatsgevonden die tot een hogere parkeerduk hadden kunnen leiden.