Aanhef
Het college van burgemeester en wethouders;
gelet op artikel 1:3, vierde lid, en, artikel 7:15 van de Algemene wet bestuursrecht alsmede artikel 2, eerste lid, aanhef en onderdeel a, van het Besluit proceskosten bestuursrecht juncto onderdeel C.1. van de bij dat Besluit behorende bijlage;
besluit:
vast te stellen de volgende:
Beleidsregel besluit proceskosten bestuursrecht gemeentelijke belastingen (2)
Artikel 1 Toepassing wegingsfactoren
1Voor de toepassing van de wegingsfactoren, die zijn genoemd in onderdeel C.1. van de bijlage bij het Besluit proceskosten bestuursrecht, wordt een zaak in beginsel aangemerkt als
a.zeer licht indien:
1het om een pro-forma bezwaarschrift zonder aanvulling gaat;
2het bezwaarschrift summier gemotiveerd is;
3de inhoud van het bezwaarschrift is gebaseerd op een bijgevoegd taxatierapport.
b.gemiddeld indien de werkzaamheden bestaan uit:
1een juiste vaststelling van de feiten;
2een onderzoek naar de waarde;
3een opgeworpen rechtsvraag.
2Voor de toepassing van de wegingsfactoren geldt in andere gevallen dan die genoemd in onderdelen 1.a en 1.b een per geval aan te wijzen categorie.
Artikel 2 Slotbepaling
1De "Beleidsregel besluit proceskosten bestuursrecht gemeentelijke belastingen”, vastgesteld bij het besluit van het college van Burgemeester en Wethouders van 's-Hertogenbosch de dato 17 december 2002, wordt ingetrokken met ingang van de in het tweede lid genoemde datum.
2Deze beleidsregel treedt in werking met ingang van de achtste dag na die van de bekendmaking.
3Deze beleidsregel kan worden aangehaald als “Beleidsregel besluit proceskosten bestuursrecht gemeentelijke belastingen (2)”.