Aanhef
Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag,
Overwegende dat:
•op 20 december 2018 de Verordening bedrijveninvesteringszone Spuistraat eigenaren Den Haag 2019 is vastgesteld;
gelet op:
•de artikelen 29 en 31 van de Invorderingswet 1990 in verbinding met artikel 231, tweede lid, onderdeel a en derde lid van de Gemeentewet en;
•de betreffende bepalingen van de Verordening bedrijveninvesteringszone Spuistraat eigenaren Den Haag 2019, alsmede;
•de artikelen 3:17, tweede lid van de Organisatieregeling Gemeente Den Haag 2019 in verbinding met het Uitvoeringsbesluit Gemeentebelastingen.
besluit vast te stellen de Uitvoeringsregeling bedrijveninvesteringszone Spuistraat eigenaren Den Haag 2019:
Artikel 1 Rente
1Het percentage van de invorderingsrente volgt het percentage dat op grond van artikel 29 van de Invorderingswet 1990 voor het betreffende kalenderkwartaal voor de rijksbelastingen is vastgesteld.
2Bij de invordering van de gemeentelijke belastingen vindt de ministeriële regeling bedoeld in artikel 31 van de Invorderingswet 1990 overeenkomstige toepassing.
3Ingeval op grond van artikel 25 van de Invorderingswet 1990 uitstel van betaling is verleend wordt geen invorderingsrente in rekening gebracht indien deze in totaal een bedrag van €23,00 niet te boven gaat.
Artikel 2 Slotbepalingen
1Deze uitvoeringsregeling treedt in werking op het tijdstip waarop de Verordening bedrijveninvesteringszone Spuistraat eigenaren Den Haag 2019 in werking treedt.
2Deze regeling kan worden aangehaald als: Uitvoeringsregeling bedrijveninvesteringszone Spuistraat eigenaren Den Haag 2019.