Aanhef
Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag,
Overwegende dat:
•conform artikel 5:6, eerste lid, van de Algemene plaatselijke verordening voor de gemeente Den Haag (hierna: APV) het verboden is om een woonwagen, kampeerwagen, caravan, camper, magazijnwagen, aanhangwagen, keetwagen of ander dergelijk voertuig dat voor de recreatie dan wel anderszins uitsluitend of mede voor andere dan verkeersdoeleinden wordt gebezigd langer dan drie (achtereenvolgende) dagen op de weg te plaatsen of te hebben;
•het college ingevolge artikel 5:6, tweede lid, van de APV wegen en weggedeelten kan aanwijzen waar dit verbod voor bepaalde categorieën en voor bepaalde perioden niet geldt;
•in de beantwoording van schriftelijke vragen (RIS298348) door het college is aangegeven de Houtrustweg te laten vervallen als locatie voor het lang parkeren op grond van artikel 5:6, tweede lid, van de APV;
•op basis van tellingen, uitgevoerd in januari 2019, geconstateerd is dat er op de reeds aangewezen locaties in Scheveningen voldoende alternatieve plaatsen aanwezig zijn om de voertuigen zoals genoemd in artikel 5:6, eerste lid, van de APV langer dan drie (achtereenvolgende) dagen op de weg te plaatsen of te hebben.
Toelichting
Op basis van hetgeen besloten onder besluitpunt I komt het voornoemde aanwijzingsbesluit als volgt te luiden: