Gemeentelijke regelgeving

“Passende zorg voor Heel de Stad”, als aanvulling op het beleidsplan “Heel de Stad”

Gemeente Rotterdam · geldt sinds 11 juni 2024

Aanhef

De Raad van de gemeente Rotterdam,

gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 23 april 2024, inzake “Passende Zorg voor heel de Stad” (raadsvoorstel nr. 23bb002790/23bo004324);

gelet op artikel 2.1.2 van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 en artikel 2.2 van de Jeugdwet en gelet op de gemeentewet;

overwegende dat:

er een aanvulling nodig is op het beleidsplan “Heel de Stad”;

gehoord de discussie in de commissie Zorg, Welzijn, Cultuur en Sport van 22 mei 2024;

besluit:

1Het plan “Passende zorg voor Heel de Stad “ als aanvulling op het beleidsplan “Heel de Stad” vast te stellen;

2Het in het plan gestelde doel, te weten toekomstbestendige zorg, vast te stellen;

3De uitgangspunten van het plan vast te stellen, te weten:

-Niet elke hulpvraag is een zorgvraag;

-we gaan uit van iemands gezondheidspotentieel;

-we normaliseren zorgvragen;

-we zetten preventie en welzijn gerichter en intensiever in;

-we gaan prioriteren en houden zorg allereerst beschikbaar voor hen die dit het hardst nodig hebben;

-we willen efficiënter en effectiever werken.

Passende zorg voor Heel de Stad

Integraal plan Bestuursopdracht Zorg

Voorwoord

Na mijn aantreden als wethouder zag ik de enorm gestegen vraag naar zorg, de enorm gestegen aanvragen voor Wmo en de gestegen zorgzwaarte en lengte van trajecten voor jeugdhulp. Ik zag ook dat het einde van de budgetten steeds eerder in het jaar in zicht kwamen én dat er lang niet altijd voldoende zorgpersoneel is om alle zorg te leveren.

Ik zag dat ons zorgstelsel onhoudbaar, onbetaalbaar en onuitvoerbaar is geworden.

Deze Bestuursopdracht Zorg, de BOZ, is een poging om de stijgende zorgkosten af te remmen. Het is een poging om de groeiende zorgvraag af te remmen. En het is een poging om de vanzelfsprekendheid van de zorg ter discussie te stellen.

Waarom moet er een scootmobiel komen als je minder goed kunt bewegen, terwijl nog minder bewegen juist leidt tot een verdere achteruitgang van je gezondheid?

Zorg is niet altijd de enige of de beste oplossing. Daar komt bij dat er te weinig geld is om alles te betalen. Er is in sommige gevallen ook een tekort aan personeel om alle zorg te bieden. Als zorg wordt gezien als recht, is het gevolg hiervan dat mensen die echt zijn aangewezen op zorg, de broodnodige zorg moeilijker of helemaal niet kunnen krijgen. Dat vind ik onacceptabel.

Er staan ons als stad Rotterdam grote uitdagingen te wachten. Met de dubbele vergrijzing en de gemiddeld lagere sociaaleconomische positie van onze inwoners zullen we scherp moeten zijn op hoe we Rotterdammers ook op een andere manier kunnen helpen en wat we als stad aan kunnen. Dat kunnen we niet alleen. Ook landelijk zal hier oog voor moeten zijn. Daar waar het nodig is moeten we zorg kunnen blijven leveren. En daarvoor houden we goed in de gaten waar echt zorg nodig is en hoeveel zorg we kunnen bieden. In dit plan van aanpak beschrijven we hoe we dat gaan doen.

Wethouder Ronald Buijt

Inleiding

Inleiding

Het integraal plan Bestuursopdracht Zorg (BOZ) is een aanvulling op het bestaande beleidskader ‘Heel de Stad’. Een eerste aanscherping was al opgenomen in de Wethoudersbrief 13-12-2022: Bestuursopdracht Zorg (met kenmerk 22bb008511). Dit integraal plan bevat de verdere uitwerking van deze aanscherping. Het toont de visie van dit college op toekomstbestendige zorg voor Rotterdammers.

Bij de totstandkoming van het beleidsplan ‘Heel de Stad’ in 2020 was er nog geen sprake van een nijpend financieel tekort. Ook de personeelstekorten bij de zorgaanbieders waren nog niet zo nijpend van aard als deze nu zijn. Met deze aanvullingen op het beleid blijven we de uitgangspunten van ‘Heel de Stad’ hanteren, maar passend binnen het kader van beperkte arbeidscapaciteit en middelen. Door schaarste meer expliciet te maken zijn extra keuzes nodig, herpositioneren we ons zelf op een aantal vlakken en krijgen bepaalde aspecten meer aandacht.

In dit plan wordt de term ’zorg’ gebruikt als een verzamelterm. Hierbij gaat het om deelsectoren van door de gemeente gefinancierde zorg, zoals maatschappelijke ondersteuning, jeugdhulp, wijkteams, preventie en welzijn. Waar in de tekst maatschappelijke ondersteuning of jeugdhulp wordt bedoeld, is dat expliciet aangegeven.

Leeswijzer

Het plan geeft een beeld van onze visie op toekomstbestendige zorg (deel A) en op welke wijze wij hieraan invulling gaan geven (deel B).

In deel A van het plan staan onze uitgangspunten beschreven. Zo gaan we in het eerste hoofdstuk dieper in op de uitdagingen in de zorg die een transformatie naar toekomstbestendige zorg noodzakelijk maken. In het tweede hoofdstuk beschrijven we onze visie op toekomstbestendige zorg. Hoofdstuk drie omvat de doorontwikkeling van het zorgstelsel die wij nog willen realiseren. En in hoofdstuk vier gaan we dieper in op een belangrijke randvoorwaarde om dit alles te realiseren: een cultuuromslag op diverse niveaus.

Deel B geeft in hoofdstuk vijf een eerste uitwerking van de manier waarop wij invulling willen gaan geven aan de uitgangspunten. Hierin staat beschreven hoe de al ingevoerde maatregelen bijdragen aan de uitwerking van onze visie en op welke wijze nieuwe maatregelen tot stand komen. In hoofdstuk zes lichten we de pilots bestaanszekerheid in Bloemhof en Schiebroek toe.

In de bijlage zetten we uiteen wat er tot nu toe is gerealiseerd binnen de Bestuursopdracht Zorg.

Samenvatting

Aanleiding Bestuursopdracht Zorg

De gemeente Rotterdam ziet een toenemende stijging van de zorgvraag en daarmee gerelateerde zorgkosten. De groei in aantal cliënten en zorgzwaarte leidt naast druk op zorgmedewerkers tot stijgende zorguitgaven. Het budget dat het Rijk beschikbaar stelt, groeit onvoldoende mee: steeds meer geld uit de begroting van de gemeente Rotterdam wordt aan zorg besteed. Dit is geen houdbare situatie en stelt de gemeente voor de uitdaging om meer mensen te helpen met hetzelfde budget. Dit zorgt, samen met de verwachte verdere cliëntgroei, voor toenemende wachtlijsten en druk op de betaalbaarheid van het stelsel. Maatregelen zijn nodig om de zorg houdbaar, uitvoerbaar en betaalbaar te houden en beschikbaar voor zij die zorg nodig hebben. Het uitwerken en implementeren van maatregelen vindt plaats vanuit de Bestuursopdracht Zorg.

De Bestuursopdracht Zorg moet leiden tot een transformatie. Niet alleen in de zorg, maar in het hele sociaal domein. Er zijn immers allerlei factoren die invloed hebben op de vraag naar zorg. Deze bestuursopdracht richt zich op het gemeentelijk zorgdomein terwijl het een groter maatschappelijk probleem is. De essentie en tegelijkertijd de complexiteit is dat het een probleem is van de samenleving waarvan de effecten ook zichtbaar zijn in het zorgdomein. Het ontbreken van voldoende bestaanszekerheid of samenredzaamheid heeft zo ook zijn effecten op het gemeentelijke zorgdomein. We hebben een brede transformatie nodig om de sociale basis in de stad te versterken, zodat we ook andere oplossingen kunnen bieden aan mensen die (even) niet (geheel) zelfstandig kunnen participeren in de samenleving.

Visie op zorg

Deze transformatie vindt plaats vanuit de visie dat Rotterdam streeft naar een samenleving waarin mensen voor elkaar klaar staan wanneer iemand ergens hulp bij nodig heeft. De focus ligt op het versterken van de verbinding en samenredzaamheid tussen Rotterdammers onderling en tussen bewoners en maatschappelijke organisaties in de wijken en de stad. Samen zorgen we voor een sociaal en opvoedkundig klimaat, op basis waarvan bewoners elkaar kunnen helpen bij het weer onderdeel worden van de samenleving, kinderen zich in voldoende mate kunnen ontwikkelen en er niet altijd (dure) inzet van de overheid nodig is als het met iemand (even) wat minder goed gaat.

Alleen Rotterdammers die dat nodig hebben, krijgen individuele ondersteuning en hulp. Daarbij houden we, gezien de schaarse middelen, niet alleen rekening met de toegankelijkheid en kwaliteit van deze ondersteuning en hulp, maar ook met de benodigde personeelsinzet en de kosten. We zorgen voor een optimale verdeling van de beschikbare middelen over de mensen die zorg het hardst nodig hebben.

Ons doel is dat maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp - nu en in de toekomst - houdbaar, uitvoerbaar en betaalbaar zijn. Hierbij gaan wij uit van ons huidig beleidsplan ‘Heel de Stad’. Het steeds nijpender tekort aan zorgprofessionals en aan financiële middelen maakt noodzakelijk dat wij dit plan aanvullen met de volgende uitgangspunten:

•Niet elke hulpvraag is een zorgvraag. Er wordt gestreefd naar het wegnemen van de grondoorzaken van zorgvragen en het bevorderen van een gezonde leefstijl en bestaanszekerheid. Zorg is niet altijd de enige of beste oplossing;

•We gaan uit van iemands gezondheidspotentieel. De focus ligt op wat iemand wel kan, belangrijk vindt en eventueel wil en kan veranderen;

•We normaliseren zorgvragen, onder andere door de verwachting te uiten dat mensen – met steun van elkaar - tegenslagen verduren;

•Wij gaan preventie en welzijn gerichter inzetten, daar waar mogelijk, om een deel van de zwaardere zorg te voorkomen, uit te stellen of te vervangen door een beter passend en betaalbaarder aanbod;

•Bij de verdeling van middelen en capaciteit geven we prioriteit aan het leveren van geïndiceerde zorg aan inwoners die deze zorg het hardst nodig hebben. Om zorg voor hen beschikbaar te houden gaan we elders zorg minderen wanneer dat kan;

•We zoeken naar efficiëntere en effectievere manieren om met beperkte middelen om te gaan.

Doorontwikkeling van het zorgstelsel

Als gemeente Rotterdam hebben wij in het verleden diverse keuzes gemaakt over de vorm en financiering van ons zorgstelstel. Wij zijn kritisch op deze keuzes en onderzoeken hoe het stelsel beter kan. We willen op de volgende aspecten ons zorgstelsel doorontwikkelen om de sociale basis in de stad versterken:

•Stimuleren dat vanuit diverse beleidsthema’s, zoals wonen, armoedebestrijding, werkgelegenheid, onderwijs en GGZ-hulp voor ouders een effectievere bijdrage wordt geleverd aan het verminderen van de groeiende zorgvraag;

•Investeren in de samenhang tussen informele ondersteuning en formele ondersteuning van welzijn en professionele zorg;

•Versterken inzet preventie en welzijn;

•Verbeteren van onze toegang;

•Onderzoeken wat de besparingsmogelijkheden zijn bij de wijkteams en welke effecten dit heeft op andere zorgkosten;

•Onderzoeken of wij in de toekomst beter kunnen overstappen naar een andere uitvoeringsvariant voor jeugdhulp en Wmo-maatwerkondersteuning en dus voor een andere bekostigingssystematiek;

•Verbeteren van de verankering van onze principes voor monitoring en sturing binnen onze processen;

•Voorzetten van onze lobby naar het Rijk voor extra financiële middelen, ander Rijksbeleid en andere wetgeving.

Het versterken van de sociale basis kost tijd. Als de doorontwikkeling leidt tot grote aanpassingen aan het Rotterdamse zorgstelsel dan zijn daar meerdere jaren aan voorbereiding en implementatie voor nodig.

Impact op Rotterdammers

Handelend vanuit de visie en uitgangspunten, zal de gemeente kritischer zijn bij de afweging wie (meteen) toegang krijgt tot zorg en wie niet, en wie wellicht ook geholpen kan worden met andere vormen van hulp. We blijven passende zorg leveren, maar dit kan ook betekenen dat Rotterdammers vaker te horen krijgen dat ze zich met hulp uit hun netwerk moeten redden, dat ze geïndiceerde zorg niet (meer) of niet meteen toegewezen krijgen, dat ze zorg in digitale vorm ontvangen, dat ze te maken krijgen met afgeschaalde zorg of dat ze verwezen worden naar andere vormen van hulp. En dat ze, wanneer ze eenmaal in zorg zijn, zich (met begeleiding) moeten voorbereiden op hernieuwde zelfstandigheid. Dit vraagt om andere verwachtingen bij inwoners, zorg- en welzijnsaanbieders, zorgprofessionals en onszelf als gemeente.

Cultuuromslag

De transformatie in de zorg vereist een cultuuromslag. Belangrijke punten zijn onder meer het besef dat zorg niet altijd het antwoord is, vaker prioriteit geven aan werk, regelmaat en zingeving en het maken van scherpe keuzes over voor wie zorg het meest noodzakelijk is. Daarnaast is er behoefte aan een ethisch debat over wat goede zorg is en wat van de overheid kan worden verwacht op het gebied van zorg.

Wij roepen de samenleving op om meer bewust te worden van de mogelijkheden om zorgvragen zelf of met hulp elkaar op te lossen, om alledaagse kwetsbaarheden te accepteren en om minder aanspraak te maken op zorgrechten. Dit vraagt om een verandering in de mindset en een grotere rol voor informele zorg. Ook moeten professionals in staat zijn om adequaat in te schatten welke zorg noodzakelijk is en soms 'nee' te verkopen, wat professionele dilemma's met zich meebrengt.

Deel A Uitgangspunten

Toelichting

Dit gemeenteblad ligt ook ter inzage bij het Concern Informatiecentrum Rotterdam (CIC): 010-267 2514 of bir@rotterdam.nl

Bronnen

Bronnen gebruikt voor opstellen:

•Aanbesteding Wmo maatwerkondersteuning 2025 – Gemeente Rotterdam

•Advies Houd de stad héél – Brede Raad 010

•Arbeidsmarktprognose september 2023 – De Rotterdamse Zorg

•Beleidsplan ‘Heel de Stad’ – Gemeente Rotterdam

•Beloftevolle Praktijken: der-tien ambities

•Brief ‘Relevante bevindingen vanuit Toezicht Sociaal Domein op het beleidskader ‘Rotterdam voor iedereen. Samen sterk tegen armoede’ en Bestuursopdracht Zorg, deelonderwerp Bestaanszekerheid en de Bestuursopdracht zorg, deelonderwerp Bestaanszekerheid’ – Toezicht Sociaal Domein

•Dashboard Jeugd en jeugdhulpverlening – Gemeente Rotterdam

•Discussie Nota Zorg voor de Toekomst - Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

•Handreiking: kiezen voor de taakgerichte uitvoeringsvariant – Ketenbureau iSociaal Domein

•Het tekort van het teveel – Damiaan Denys

•Gezonder 010, Gezondheidsaanpak Rotterdam 2024+ - Gemeente Rotterdam

•IZA Regioplan ‘Samen Zorgen voor Morgen’ – Gemeente Rotterdam, Capelle aan de IJssel en Krimpen aan de IJssel

•IZA Regiobeeld ‘Samen Zorgen voor Morgen’ – Gemeente Rotterdam, Capelle aan de IJssel en Krimpen aan de IJssel

•Kwart meer gebruik Hulp bij het huishouden via Wmo dan in 2019 - CBS

•Manifest uitdagingen in de zorg

•Meetbare en merkbare waarde van financiële hulpverlening: een nieuw perspectief – NVVK

•Plan van Aanpak Gala – Gemeente Rotterdam

•Raadsmonitor over het Rotterdamse stelsel van welzijn, zorg en jeugdhulp – Gemeente Rotterdam

Bijlage: Stand van zaken BOZ

De doelstelling van de BOZ is om uitvoering te geven aan de noodzakelijke maatregelen, op de korte en lange termijn, voor de houdbaarheid, betaalbaarheid en uitvoerbaarheid van de Wmo en Jeugdhulp. Er is een programma BOZ gestart dat bestaat uit deelopdrachten:

1Sturen op de kosten en effectiviteit van Wmo en Jeugdhulp

1.1 Maatregelen implementeren om de geprognosticeerde tekorten in de Wmo en Jeugdhulp op te lossen.

1.2 Meer inzicht in A) tarieven en ureninzet Wmo-aanbieders en B) bekostigingsmodellen Wmo en Jeugdhulp.

1.3 Vanuit beleid, contractmanagement en uitvoering gezamenlijk sturen op de kosten en effectiviteit van de Wmo en Jeugdhulp en elkaar top-down en bottom-up prikkelen tot kostenbewuste inrichting van het proces van zorgverlening.

1.4 Datagedreven Werken (DGW) implementeren om sturing op kosten en effectiviteit mogelijk te maken.

2Aanvulling beleidsplan ‘Heel de Stad’

Een aanvulling te schrijven voor het beleidsplan ‘Heel de Stad’ tegen de achtergrond van de toegenomen schaarste aan mensen en middelen voor Wmo en Jeugdhulp.

3Bestaanszekerheid

De zorgvraag van Rotterdammers te bezien in relatie tot hun bestaanszekerheid en daartoe een verkenning uit te voeren gericht op een doeltreffender ondersteuning binnen en in samenwerking met aanpalende gemeentelijke domeinen zoals welzijn, werk, wonen en veiligheid. Deze verkenning moet tot een zo concreet mogelijk beeld van de opgaven voor de verschillende clusters en NPRZ leiden en hoe op deze opgaven kan worden gestuurd.

4Lobby Rijk

Naar het Rijk toe, de financiële claim voor de stijgende zorgkosten te onderbouwen en de gezamenlijke lobby, met VNG, G4 en NPRZ te versterken.

Oorspronkelijk was ook een Rotterdams Zorgakkoord onderdeel van de BOZ. Besloten is de trajecten Integraal Zorgakkoord (IZA) en Rotterdams Zorgakkoord te verbinden. Voorlopig komt er geen apart Rotterdams Zorgakkoord.

Wat is er tot nu toe gerealiseerd binnen de BOZ

De resultaten die tot nu toe zijn gerealiseerd binnen de BOZ:

1.Sturen op de kosten en effectiviteit van Wmo en Jeugdhulp

1.1 Maatregelen

De invoering van de eerste set Wmo maatregelen is gestart per 1 januari 2023 en een tweede set Jeugd werd per 1 juli 2023 geïmplementeerd. In februari 2023 is er een bijeenkomst geweest met zorg- en welzijnsaanbieders om de eerste set aanpassingen toe te lichten. De roep vanuit het veld was om volgende maatregelen gezamenlijk te ontwikkelen. Hier zijn vier gesprekstafels uit voortgekomen (Jeugd, Ouderen, GGZ en Beperkten). Daarnaast zijn er diverse gesprekken met sociaal ondernemers, clientorganisaties en huisartsen gevoerd. In totaal zijn via de gesprekstafels ruim 200 ideeën voor nieuwe maatregelen opgehaald. In de zomer 2023 zijn de ideeën geordend naar kansrijkheid en zijn er eerste ambtelijke reacties geformuleerd. Na de zomer zijn bij de gesprekstafels de kansrijke ideeën verder geconcretiseerd. In december 2023 zijn de voorstellen van de gesprektafels aangeboden aan wethouder Zorg, Ouderen en Jeugdzorg. Ook zijn er aanvullende maatregelen (Plan B) vanuit de ambtelijke organisatie aangeboden. Vervolgens zijn deze maatregelen verder uitgewerkt en gezamenlijk getoetst op uitvoerbaarheid door de gecontracteerde aanbieders en de gemeente.

De al ingevoerde maatregelen zijn als volgt financieel ingeschat:

Verwacht financieel effect eerste set maatregelen

X € mln

2024

2025

2026

2027

1.

Invoeren van flexibel op- en afschalen in de variant van deeldeclareren.

1,1

1,1

1,1

1,1

2.

Rotterdammers met een lichte en/of zeer kortdurende hulpvraag doorgeleiden naar het aanbod van welzijns- en wijknetwerkpartners.

0,5

0,7

0,9

0,9

3.

Beter gebruik van het voorliggend veld door het doorgeleiden van Rotterdammers naar niet-geïndiceerde dagbesteding,

0,8

0,9

1,0

1,0

4.

Welzijn op recept

0,2

0,3

0,4

0,4

5.

Voorkomen van onnodige/onuitvoerbare zorgstapeling door te sturen op minder intensieve indicaties

0,6

0,6

0,6

0,6

6.

In geval van re-integratieverplichtingen conform uitkering wordt er geen dagbesteding vanuit de Wmo geïndiceerd

1,5

3,0

3,0

3,0

7.

Hanteren van een ingroeipad op geïndiceerde dagbesteding

1,0

1,5

2,0

2,0

8.

Sturen op lagere vervolg- en herindicaties

4,1

6,1

8,1

8,1

Totaal

9,8

14,3

17,1

17,1

Tabel 3: Opbrengsten eerste set maatregelen, 22bo007444, december 2022

Verwacht financieel effect tweede set maatregelen

X € mln

2024

2025

2026

2027

1.

Behandeling 18+ niet indiceren door gemeente, maar verwijzen naar zorgverzekering waar deze thuishoort

0,7

0,9

0,9

0,9

2.

Ondersteuning 18+ niet indiceren bij Jeugd, maar bij Wmo waar deze thuishoort

1,3

1,7

1,7

1,7

3.

Het beperken van de inzet van opvoedondersteuning voor ouders en omgeving bij 18+

0,7

0,9

0,9

0,9

4.

Het doorverwijzen naar het voorliggend veld of wijkteam bij lichte ondersteuningsvraag

0,8

1,1

1,1

1,1

5.

Het ontwikkelen van een concreet afwegingskader voor arrangementen met een hoog weekbedrag

0,9

0,9

0,9

0,9

6.

Beperken aantal arrangeurs

1,0

1,7

2,2

2,2

7.

Flexibel op- en afschalen

0,8

1,0

1,2

1,2

8.

Vergroten van kostenbewustzijn door te werken met (virtuele) deelbudgetten of budgetplafonds per toegangspunt (Wmo)

1,4

1,9

1,9

1,9

Totaal

7,6

10,1

10,8

10,8

Tabel 4: Opbrengsten tweede set maatregelen, 23bo006293, juni 2023

Het is lastig om een 1-op-1 relatie te leggen tussen de BOZ maatregelenreeks uit de begroting en de realisatiecijfers in de jaarrekening. De maatregelenreeks is opgenomen in de begroting als een verlaging aan de lastenkant, geen stelpost. De nu vastgestelde begroting houdt dus al rekening met een daling in de groei. Dit in combinatie met een begroting die sinds de start van de BOZ op verschillende momenten en veelvuldig is aangepast (positief en negatief), maakt het bepalen van de realisatie van de maatregelen extra lastig. Daarnaast zijn er veel externe en interne factoren die het gebruik van zorg en zorguitgaven beïnvloeden. Het is dus onmogelijk om precies te bepalen welke effecten de BOZ precies 1-op-1 heeft op de zorguitgaven. Er zijn wel indicatoren die ons helpen om te bepalen of we op de goede weg zijn. Ten eerste het dashboard wat een weergave geeft van de effecten van maatregelen. Deze effecten worden kwantitatief (in aantallen) en geld weergegeven. Echter het dashboard is niet volledig: niet alle effecten kunnen gekwantificeerd worden of uit de systemen gehaald worden. Ten tweede het feit of we wel of niet binnen de vastgestelde begroting blijven. In de huidige begroting is de maatregelenreeks al verwerkt: de beschikbare begrotingsbedragen zijn al naar beneden gesteld. Als we dus binnen begroting blijven realiseren we niet de geprognotiseerde groei en lijken de maatregelen het gewenste effect te hebben.

1.2 Tarieven- en bekostigingsonderzoek

KMPG heeft in april 2023 twee onderzoeksrapporten opgeleverd: een tariefvergelijking Wmo-maatwerkondersteuning (deelonderzoek A), en een advies over bekostiging van Wmo en Jeugdhulp (deelonderzoek B). Naar aanleiding van deze rapporten zijn in juni 2023 ambtelijk denksessies georganiseerd over het bekostigingsmodel en de toegang. Uit het onderzoek van KPMG kwam naar voren dat de keuze voor een bekostigingsmodel niet allesbepalend is; het gaat primair om de uitvoering en de sturing daarop. KPMG gaf ook aan dat de overgang naar een nieuw bekostigingsmodel veel tijd/geld kost, o.a. voor commitment met partners in de zorgketen en inrichting van de backoffice waarbij enig afbreukrisico niet uit te sluiten is. In beleidsplan Heel de stad staat opgenomen dat de gemeente het arrangementenmodel voor jeugd en volwassenen blijft behouden. Het onderzoek van KPMG gaf geen aanleiding om voor de nieuwe inkoop van dit uitgangspunt af te stappen. Korte termijn aanbevelingen van KPMG zijn opgenomen in de nieuwe inkoop Wmo-maatwerkondersteuning.

1.3 Sturing op de kosten en effectiviteit van de zorg

Binnen de gemeentelijke organisatie is er een verandering gaande in de manier waarop naar zorg en ondersteuning wordt gekeken. Steeds meer dringt door dat schaarste aan mensen en middelen ons dwingt tot het maken van keuzes. Waar eerst toegankelijkheid en kwaliteit de hoogste prioriteit had, wordt nu ook de vraag gesteld wat de meest effectieve keuze is. Kostenbewustzijn is een vast onderwerp in (sturing)gesprekken en sessies met medewerkers. Er is sprake van het begin van een cultuuromslag: met elkaar wordt kritisch gekeken naar de omvang van de uitgaven. Wij zijn bezig dit nog verder te ontwikkelen, nog beter vastleggen in onze processen en onze sturing- en verantwoordingscyclus nog scherper te maken. Wij verwachten dat deze inzet een positief beperkend effect heeft op de gemeentelijke uitgaven binnen de zorg en hebben hiervoor een inschatting gemaakt.

Verwacht financieel effect sturingseffect

X € mln

2024

2025

2026

2027

Sturingseffect

3,0

4,0

5,0

5,0

Tabel 5: Sturingseffect, 23bo006293, juni 2023

1.4 Datagedreven werken

De reeds ingevoerde maatregelen (die te kwantificeren zijn) zijn vertaald naar een dashboard. Zo kan er zicht gehouden worden op de voortgang en toepassing van maatregelen en desgewenst bijgestuurd worden. Het dashboard is in juni 2023 live gegaan. Een aangepaste versie van het dashboard is in november 2023 live gegaan, met daarin een eerste visualisatie van jeugd maatregelen uit de 2e tranche. In februari 2024 zijn aan het dashboard de gerealiseerde financiële effecten van de maatregelen toegevoegd.

Voor het echt implementeren van datagedreven werken moeten nog stappen gemaakt worden. De informatiestop, veroorzaakt door de overgang van het IT-systeem Socrates naar Sorga had tot gevolg dat voor een langere periode onvoldoende data en personele IT-capaciteit beschikbaar was. Nu de datavoorziening langzaam weer op orde komt kunnen we dit gerichter op gaan pakken.

2Aanvulling beleidsplan ‘Heel de Stad’

‘Heel de Stad’ is het beleidsplan voor Maatschappelijke Ondersteuning en Jeugdhulp 2021-2026. Een eerste aanscherping hierop is opgenomen in de Wethoudersbrief aan de commissie ZWCS 13-12-2022: Bestuursopdracht Zorg (met kenmerk 22bb00744). Dit integraal plan bevat de verdere uitwerking van deze aanvulling.

3Bestaanszekerheid

In januari 2023 is een verkenning gestart. Het doel hiervan was om helderheid te krijgen op welke onderdelen van bestaanszekerheid wij ons moeten richten die kunnen leiden tot verlaging van zorgkosten. Op basis van deze verkenning zijn in juni 2023 de volgende onderdelen van Bestaanszekerheid benoemd die bijdragen aan het verlagen van de zorgkosten:

•Samenredzaamheid: door het netwerk om de Rotterdammer te versterken, kan de Rotterdammer een beroep doen op dit netwerk voor hulpvragen

•Woningdelen/leegstand benutten: het hebben van woonruimte ontzorgt Rotterdammers

•Werk of dagbesteding en financiële zekerheid: werk of dagbesteding draagt bij aan de persoonlijke ontwikkeling van iemand en het gevoel van eigenwaarde. Financiële zekerheid ontzorgt iemand.

Vanaf juni 2023 is er gewerkt aan een aanpak bestaanszekerheid gericht op de drie onderdelen. In november 2023 is ervoor gekozen om de aanpak te starten in twee wijken in Rotterdam. Daarbij is gekozen voor een veerkrachtige wijk en een kwetsbare wijk. Een wijk op Noord en een wijk op Zuid. Ook een wijk in het NPRZ-gebied gezien de link tussen dit programma en NPRZ. In beide typen wijken wordt een daling van het zorggebruik verwacht. De verwachting is dat in sterke wijken deze daling zich eerder zal voordoen en met relatief beperkte ondersteuning, terwijl in de kwetsbare wijken extra ondersteuning en investeringen nodig zullen zijn om dit te bewerkstellingen. In hoofdstuk 6 wordt ingegaan op deze aanpak en het verloop ervan.

4Lobby Rijk

Voor de zomer 2023 is een lobbylijst vastgesteld met daarin de lobbypunten op gebied van zorg. Er is een lobby planning opgesteld die overzicht biedt in komende stappen en fasen die zullen plaatsvinden in het kader van het nieuwe kabinet en het regeerakkoord. De planning is strategisch opgesteld om te zorgen dat de lobby-inspanningen effectief worden uitgevoerd. Er zijn echter twee zaken die de lobby bemoeilijken. Ten eerste is er sinds juli 2023 sprake van een demissionair kabinet. Dit betekent dat er op Rijksniveau geen lange termijn financiële besluiten worden genomen. Het is afwachten hoe een nieuw kabinet aankijkt tegen de gemeentelijke problematiek op het gebied van zorg. Ten tweede doet het Centraal Planbureau (CPB) in opdracht van het rijk en de VNG-onderzoek naar de houdbaarheid van de Wmo en de groeiraming van uitgaven aan jeugdzorg. Hiermee hopen de VNG en het Rijk inzicht te krijgen in hoe het beroep op de Wmo en de Jeugdwet zich op middellange termijn ontwikkelt. Verwachting is dat dit ook inzichtelijk maakt dat de gemeenten onvoldoende (financieel) gecompenseerd worden voor de groei. Het principe is namelijk dat onvoorziene omstandigheden en autonome groei vallen onder verantwoordelijkheid van het Rijk. In eerste instantie was de bedoeling dat de resultaten van het onderzoek eind 2023 gepubliceerd zouden worden door het CPB. In januari 2024 is er een pril eerste resultaat (de historische schets) aangeboden aan de Kamer. De resultaten van de raming CPB zijn zoals het er nu uitziet pas in maart 2025 beschikbaar.

Ondanks bovenstaande is er toch succes geboekt. In het kader van het IZA is m.i.v. 2025 een bedrag aan het Gemeentefonds toegevoegd ter compensatie van gemeenten voor gestegen kosten als gevolg van de invoering van het abonnementstarief Wmo. In de gemeentebegroting 2024 is deze post geboekt als gedeeltelijke invulling van de BOZ-stelpost Lobby Rijk. Ook is de lobby (in samenwerking met de regio, VNG en G4) succesvol geweest in het uitstellen van de door het Rijk ingeboekte besparing op Jeugdhulp door de Hervormingsagenda. Dat levert een positief effect van 4 miljoen euro voor 2024 en 3,7 miljoen euro voor 2025. Dit is echter niet geboekt op de stelpost voor de Bestuursopdracht maar op de algemene kostendrager van Jeugd.

X € mln raming

2023

2024

2025

2026

Oorspronkelijke reeks coalitieakkoord

20,0

40,0

60,0

IZA compensatie abonnementstarief Wmo

5,1

5,0

Nog te realiseren

20,0

34,9

55,0

Tabel 6: Lobbyreeks BOZ, stand begroting 2024

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.