Aanhef
De concerndirecteur van het cluster Stadsbeheer,
gelet op artikel 10:9 van de Algemene wet bestuursrecht, artikel 1.3, eerste en vierde lid, van het Besluit mandaat, volmacht en machtiging Rotterdam 2021 en de artikelen 2, eerste en tweede lid, en 10 van het Besluit ondermandaat, ondervolmacht en ondermachtiging van de algemeen directeur 2021;
overwegende, dat het om redenen van doelmatigheid wenselijk is de aan hem in het Besluit ondermandaat, ondervolmacht en ondermachtiging van de algemeen directeur 2021 opgedragen en daarvoor in aanmerking komende bevoegdheden onder te mandateren aan medewerkers binnen zijn organisatie, dan wel aan hen ondervolmacht te verlenen tot het verrichten van privaatrechtelijke rechtshandelingen of aan hen ondermachtiging te verlenen tot het verrichten van handelingen die noch een besluit, noch een privaatrechtelijke rechtshandeling zijn;
besluit:
Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen
Artikel 1.1 Begripsbepalingen
1In dit besluit wordt verstaan onder:
-concerndirecteur Dienstverlening: functionaris belast met het dagelijks beheer en de dagelijkse leiding van het cluster Dienstverlening en eindverantwoordelijk daarvoor;
-gebiedsmanager: medewerker belast met de leiding van het organisatieonderdeel met het werkterrein gebiedsbeheer in een gebiedsdeel van Rotterdam;
-handhaver wijk: medewerker bij het organisatieonderdeel parkeervoorzieningen, belast met toezicht en handhaving op betaald parkeren.
-manager Dienstverlening: medewerker belast met de leiding van het organisatieonderdeel van Stadsbeheer met het werkterrein dienstverlening;
-manager Strategisch bestuurlijk advies: medewerker belast met de leiding van het organisatieonderdeel van Stadsbeheer met het werkterrein strategisch bestuurlijk advies;
-MVMR 2021: Besluit mandaat, volmacht en machtiging Rotterdam 2021.
2Voor de toepassing van dit besluit wordt met de verlening van ondermandaat gelijkgesteld de verlening van:
a.ondervolmacht als bedoeld in artikel 60, eerste lid, van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek om namens de gemeente privaatrechtelijke rechtshandelingen te verrichten;
b.ondermachtiging om namens het college of de burgemeester handelingen te verrichten die noch een besluit, noch een privaatrechtelijke rechtshandeling zijn.
Artikel 1.2 Bevoegdheden in het cluster Stadsbeheer
De concerndirecteur Stadsbeheer verleent met betrekking tot de aan hem opgedragen bevoegdheden ondermandaat aan de volgende medewerkers, op de in dit besluit geregelde wijze:
a.medewerkers in de tweede laag: de clusterdirecteuren die hiërarchisch onder de concerndirecteur vallen;
b.medewerkers in de derde laag: de managers die hiërarchisch onder een clusterdirecteur vallen;
c.medewerkers in de vierde laag: de managers, afdelingsmanagers en gebiedsmanagers die hiërarchisch onder een manager van de derde laag vallen;
d.medewerkers in de vijfde laag: de teammanagers, die hiërarchisch onder een afdelingsmanager vallen.
e.overige medewerkers: de medewerkers die hiërarchisch onder een teammanager vallen.
Artikel 1.3 Bevoegdheden in projectorganisaties
De concerndirecteur Stadsbeheer verleent tevens ondermandaat aan de volgende medewerkers in projectorganisaties:
a.programmadirecteuren, die hiërarchisch vallen onder of rapporteren aan de concerndirecteur;
b.programmamanagers, die hiërarchisch vallen onder of rapporteren aan een clusterdirecteur;
c.projectmanagers, die hiërarchisch vallen onder of rapporteren aan een manager;
d.taakmanagers, die hiërarchisch vallen onder of rapporteren aan een afdelingsmanager.
Artikel 1.4 Bevoegdheden bovengeschikten
De in dit besluit ondergemandateerde bevoegdheden zijn tevens opgedragen aan alle hierarchisch bovengeschikten van de ondergemandateerde medewerker.
Artikel 1.5 Plaatsvervanging
1Bij afwezigheid of verhindering wordt, voor de duur van de afwezigheid of verhindering:
a.de concerndirecteur vervangen door elk van de directeuren;
b.een directeur vervangen door een andere directeur;
c.een afdelingshoofd vervangen door een ander afdelingshoofd of door een teammanager van dezelfde afdeling;
d.een teammanager vervangen door een andere teammanager of een teamleider van dezelfde afdeling;
e.een teamleider vervangen door een andere teamleider van dezelfde afdeling.
2De financiële begrenzingen, genoemd in artikel 1.6, blijven van toepassing op de plaatsvervanger.
Artikel 1.6 Financiële begrenzingen bevoegdheden
1De bevoegdheden van de ondergemandateerden zijn gemaximeerd tot de volgende bedragen exclusief BTW:
a.tot en met € 250.000 voor medewerkers in de derde laag en programmamanagers;
b.tot en met € 50.000 voor medewerkers in de vierde laag en projectmanagers en projectleiders;
c.tot en met € 15.000 voor medewerkers in de vijfde laag en taakmanagers;
d.tot en met € 5.000 voor overige medewerkers.
2Bij het besluiten tot het aangaan van een overeenkomst, hebben deze financiële begrenzingen betrekking op de gehele looptijd van de overeenkomst.
Artikel 1.7 Reikwijdte ondermandaat
De medewerker die op grond van dit besluit een ondermandaat heeft gekregen, maakt uitsluitend gebruik van dit mandaat indien dit noodzakelijk is en indien de uitoefening van dit mandaat past binnen het werkterrein van het organisatieonderdeel waaraan de medewerker leiding geeft of waarin de medewerker werkzaam is.
Hoofdstuk 2 Algemene bevoegdheden
Artikel 2.1 Algemene bevoegdheden clusterdirecteuren
1Aan de clusterdirecteur Toezicht & Handhaving, de clusterdirecteur Schone stad en de clusterdirecteur Openbare werken worden ondergemandateerd de bevoegdheden, genoemd in de artikelen 1.8 en 4.1 tot en met 4.4 van het MVMR 2021.
2Een overeenkomst met een waarde van meer dan € 250.000, exclusief BTW, wordt medeondertekend door de concerndirecteur of een clusterdirecteur.
Artikel 2.2 Algemene bevoegdheden medewerkers derde, vierde en vijfde laag
1Aan de managers van de derde laag worden ondergemandateerd de bevoegdheden, genoemd in de artikelen 4.1 tot en met 4.4, van het MVMR 2021, met uitzondering van de bevoegdheden genoemd in artikel 4.1, eerste lid, onderdelen m tot en met p, en artikel 4.3, onderdelen d en f.
2Aan de managers Strategisch bestuurlijk advies en Dienstverlening van de derde laag worden ondergemandateerd de bevoegdheden, genoemd in artikel 1.8, onderdelen a, b, d en e, artikel 4.1, eerste lid, onderdeel r, artikel 4.2, onderdelen d en e, en artikel 4.4, onderdelen c en d, van het MVMR 2021.
3Aan de managers van de vierde laag worden ondergemandateerd de bevoegdheden, genoemd in de artikelen 4.1 tot en met 4.4 van het MVMR 2021, met uitzondering van de bevoegdheden genoemd in artikel 4.1, eerste lid, onderdelen a, d, i tot en met p, en r, artikel 4.3 en artikel 4.4, onderdelen a en b van het MVMR 2021.
4De bevoegdheid, genoemd in artikel 4.1, onderdeel q van het MVMR 2021, wordt tevens ondergemandateerd aan de medewerkers van de vijfde laag.
Artikel 2.3 Algemene bevoegdheden projectmedewerkers
Aan de medewerkers, bedoeld in artikel 1.3 wordt de bevoegdheid, genoemd in artikel 4.1, onderdeel q, van het MVMR 2021 ondergemandateerd met de financiële begrenzing, bedoeld in artikel 1.6 van dit besluit.
Hoofdstuk 3 Bevoegdheden directie Toezicht & Handhaving
Artikel 3.1 Markten
Aan de manager Markten wordt ondergemandateerd de bevoegdheid, genoemd in artikel 4.20, onderdeel am, van het MVMR 2021.
Artikel 3.2 Parkeren
Aan de manager Parkeervoorzieningen worden ondergemandateerd de bevoegdheden, genoemd in artikel 4.20, onderdelen an tot en met ar, van het MVMR 2021.
Artikel 3.3 Handhaving
Aan de afdelingsmanager Tactisch Centrum, worden ondergemandateerd de bevoegdheden, genoemd in artikel 4.20, onderdelen ak, al, as, at en au en artikel 4.21, onderdelen a, b en d tot en met g, van het MVMR 2021.
Artikel 3.4 Fiscale Controle
Aan de handhavers wijk wordt ondergemandateerd de bevoegdheid, genoemd in artikel 4.20, onderdeel as, van het MVMR 2021.
Artikel 3.5 Aanstellen verkeersregelaars
Aan de manager Bereikbaarheid wordt ondergemandateerd de bevoegdheid, genoemd in artikel 4.21, onderdeel h, van het MVMR 2021.
Hoofdstuk 4 Bevoegdheden Directie Schone stad
Artikel 4 Aanwijzen van locaties
Aan de manager Beheer inzamelmiddelen wordt ondergemandateerd de bevoegdheid, genoemd in artikel 4.20, onderdeel aj, van het MVMR 2021.
Hoofdstuk 5 Bevoegdheden Directie Openbare werken
Artikel 5.1 Stedelijk beheer
Aan de manager Stedelijk beheer worden ondergemandateerd de bevoegdheden, genoemd in artikel 4.20, onderdelen ab, ac en ad, van het MVMR 2021.
Artikel 5.2 Assetmanagement Openbare Ruimte Rotterdam
Aan de manager Assetmanagement Openbare Ruimte Rotterdam worden ondergemandateerd de bevoegdheden, genoemd in artikel 4.20, onderdelen z en ag, van het MVMR 2021.
Artikel 5.3 Water
Aan de manager Water worden ondergemandateerd de bevoegdheden, genoemd in artikel 4.20, onderdelen aa en ah, van het MVMR 2021.
Artikel 5.4 Leidingen en Beheer Ondergrond
Aan de manager Leidingen en Beheer Ondergrond worden ondergemandateerd de bevoegdheden, genoemd in artikel 4.20, onderdelen w, x, y, ae en af, van het MVMR 2021.
Artikel 5.5 Oudheidkundig Onderzoek Rotterdam
Aan de manager van Bureau Oudheidkundig Onderzoek Rotterdam worden ondergemandateerd de bevoegdheden, genoemd in artikel 4.20, onderdelen r, s en t, van het MVMR 2021.
Artikel 5.6 Basisinformatie
Aan de manager Basisinformatie worden ondergemandateerd de bevoegdheden, genoemd in artikel 4.20, onderdelen m tot en met q, van het MVMR 2021.
Artikel 5.7 Gebiedsbeheer
Aan de gebiedsmanagers worden ondergemandateerd de bevoegdheden, genoemd in artikel 4.20, onderdelen a tot en met l, van het MVMR 2021.
Artikel 5.8 Begraven en Cremeren
Aan manager Begraven en Cremeren worden ondergemandateerd de bevoegdheden, genoemd in artikel 4.20, onderdelen u en v en in artikel 4.21, onderdeel c, van het MVMR 2021.
Hoofdstuk 5 Overige bevoegdheden
Artikel 5.1 Directie Dienstverlening
1Aan de concerndirecteur Dienstverlening worden ondergemandateerd de bevoegdheden, genoemd in artikel 4.20, onderdelen ap en aq, van het MVMR 2021.
2De concerndirecteur Dienstverlening kan deze bevoegdheden ondermandateren aan medewerkers binnen het cluster Dienstverlening.
Hoofdstuk 6 Slotbepalingen
Artikel 6.1 Intrekking besluit
Het Besluit ondermandaat, ondervolmacht en ondermachtiging concerndirecteur Stadsbeheer wordt ingetrokken.
Artikel 6.2 Inwerkingtreding
Dit besluit treedt in werking op 14 september 2022.
Artikel 6.3 Citeertitel
Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit ondermandaat, ondervolmacht en ondermachtiging concerndirecteur Stadsbeheer 2022.