Aanhef
De raad van de gemeente Roermond,
gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van 16 september 2025;
gezien het advies van de commissie Ruimte van 8 oktober 2025;
besluit:
1de Nota Parkeernormen Roermond 2025 vast te stellen onder gelijktijdige intrekking van de Nota Parkeernormen 2021.
4. Autoparkeernormen
4.1 Totstandkoming van de autoparkeernormen
4.1.1 Stedelijkheidsgraad
De eerste stap binnen het kalibreren van de kencijfers is bepaling van de stedelijkheidsgraad. Over de gehele gemeente gezien heeft Roermond met 1.605 adressen per vierkante kilometer (CBS, 2024) een sterk stedelijk karakter. Dit betekent dat de indeling naar stedelijkheid van Roermond, ten opzichte van de Nota Parkeernormen 2021, gelijk is gebleven. Voor de bepaling van de hoogte van de parkeernormen is in deze nota voor alle gebieden (centrum, schil, rest bebouwde kom en buiten bebouwde kom) en kernen als stedelijkheidsgraad sterk stedelijk aangehouden.
4.1.2 Gebiedsindeling
Voor het bepalen van de gebiedsindeling in deze Nota Parkeernormen is gebruikgemaakt van gegevens uit het CBS (2024), specifiek het gemiddelde autobezit per buurt. Op basis van deze data is de gemeente Roermond ingedeeld in vijf verschillende gebieden. Ten opzichte van de Nota Parkeernormen 2021 is een aanvullend onderscheid gemaakt tussen de dorpen en het buitengebied.
Bij het vaststellen van de gebiedsgrenzen is zoveel mogelijk aangesloten op logische, natuurlijke barrières zoals wegen, spoorlijnen en waterlopen, evenals de grenzen van de bebouwde kom. Het resultaat hiervan is weergegeven op de kaart in Bijlage 1.
In onderstaande tabel wordt per gebied een korte beschrijving gegeven van de kenmerken en uitgangspunten die van toepassing zijn.
Gebied
Wijken/buurten (indicatief)
Toelichting
Zone 1
Binnenstad
Zone 1 omvat het gebied binnen de singels, met een uitbreiding in de richting van het spoor. Hier is sprake van een laag autobezit en alternatieven voor de auto dichtbij, dus een lagere parkeernorm.
Zone 2
Gereguleerd gebied rond het centrum bestaande uit Vrijveld en noordwestelijk deel Roermondse Veld, Designer Outlet, Arlo, Roerzicht, Voorstad.
In zone 2 is het parkeren, net als in zone 1, gereguleerd. De hoogte van de parkeernorm is afgestemd op het relatief lage autobezit in dit gebied, dat gemiddeld 0,8 auto’s per huishouden bedraagt.
Zone 3
Hammerveld, Roer-Zuid, zuidoostelijk deel Roermondse Veld, Maasniel, Kastelenbuurt, Donderberg, Hoogvonderen, Kapel in ´t Zand, Kemp, Kitskensberg en kern Swalmen.
In zone 3 zijn de resterende wijken gelegen binnen de bebouwde kom van Roermond en de kern Swalmen. Dit zijn over het algemeen gebieden waar de woonfunctie het meest dominant aanwezig is.
Zone 4
Kernen Herten, Merum, Ool
Zone 4 bestaat uit de gebieden waar de woonfunctie het meest dominant aanwezig is met een relatief hoog autobezit.
Zone 5
Asenray, Asselt, Boukoul, Leeuwen, Maasplassen, bedrijventerreinen en buitengebied
Zone 5 betreft alle gebieden buiten de bebouwde kom en de kernen Asenray, Asselt, Boukoul en Leeuwen, en de bedrijventerreinen. In deze zone is het autobezit het hoogst in de gemeente Roermond, zijn afstanden groot en is de toegang tot alternatieve vervoersvormen relatief beperkt.
Tabel 2: Gebiedsindeling
4.1.3 Keuzes binnen de CROW-bandbreedtes
Na het bepalen van de stedelijkheidsgraad en de gebiedsindeling is de volgende stap het maken van een keuze binnen de bandbreedtes van de CROW-kencijfers. In de Nota Parkeernormen 2021 koos de gemeente Roermond ervoor om voor alle gebieden en ontwikkelingen het gemiddelde binnen de bandbreedte van de CROW-kencijfers te hanteren. Dit resulteerde in een uniforme normering.
In deze actualisatie is gekozen voor een meer gedifferentieerde benadering. Zowel de gebiedsafbakening (zie paragraaf 4.1.2) als de keuze binnen de bandbreedtes is verfijnd. Deze aanpak sluit beter aan bij de actuele verschillen in autobezit tussen de gebieden.
Het gemiddelde autobezit in Roermond bedraagt 1,16 personenauto’s per huishouden (CBS, 2024). De spreiding is echter groot: van gemiddeld 0,72 auto’s per huishouden in de binnenstad tot 1,55 in Boukoul. Deze cijfers zijn inclusief een correctie voor leaseauto’s (zie tekstkader hieronder). Op basis van deze variatie is per zone nagegaan bij welke CROW-zone en bandbreedte de meeste aansluiting gevonden wordt. In onderstaande tabel is deze keuze per gebied weergegeven.
Gebied
Zone
Autobezit
2024
Passend bij CROW-gebied
min/
gem/
max
Gem. kencijfer
Roermond centrum
1
0,72
Centrum
gem
0,75
Roermond schil
2
0,95
Schil centrum
gem
0,92
Roermond rest bebouwde kom
3
1,20
Schil centrum
max
1,29
Swalmen
3
1,30
Schil centrum
max
1,29
Herten
4
1,44
Rest bebouwde kom
max
1,48
Asenray
5
1,48
Rest bebouwde kom
max
1,48
Boukoul
5
1,55
Buitengebied
gem
1,59
Overige gebieden
5
1,56
Buitengebied
gem
1,59
Tabel 3: Autobezit per gebied in Roermond en gebieden en bandbreedte uit CROW-kencijfers
Correctie voor leaseauto’s
In iedere buurt staan in de openbare ruimte auto’s geparkeerd die niet op het woonadres van de bestuurder staan geregistreerd. Dit zijn bijvoorbeeld zakelijke leaseauto’s en bestelauto’s. Deze voertuigen zijn niet opgenomen in de CBS-kencijfers wijken en buurten in het adres van de woningen. Dit komt omdat deze voertuigen doorgaans op het adres van de leasemaatschappij staan geregistreerd. Om deze reden zijn de CBS-cijfers over autobezit gecorrigeerd. Op basis van gegevens
2Hyperlink naar gegevens van VNA voor 2024;Hyperlink naar publicatie VNA “Autoleasemarkt in cijfers 2023”, met cijfers van 2018 t/m 2023;Hyperlink naar publicatie VNA “Autoleasemarkt in cijfers 2018”, met cijfers van 2011 t/m 2018
van lease brancheorganisatie VNA is een correctie toegepast om rekening te houden met auto’s die niet op het woonadres staan geregistreerd. De hoogte van deze correctie is per jaar anders. Reden hiervoor is dat de leasebranche in Nederland de afgelopen jaren is gegroeid. In 2016 was 7,2% van het totale personenautowagenpark een leaseauto, in 2024 lag dit percentage op 9,5%.
Specifieke parkeernorm voor woonfuncties in het centrum
De gemeente Roermond kiest er in dit normenkader voor om een specifieke parkeernorm toe te passen in het centrumgebied. Voor woonfuncties geldt hier dat per woning maximaal één parkeerplaats wordt gerealiseerd, of minder. Aangezien de autoparkeernormen in bijlage 2 exclusief het bezoekersaandeel zijn weergegeven en in het centrum een bezoekersaandeel van 0,1 parkeerplaats per woning wordt gehanteerd, komt de totale parkeernorm uit op 1,1 parkeerplaats per woning. Deze keuze is onderbouwd door de stedelijke context van het centrum, waar voorzieningen op korte afstand beschikbaar zijn en de bereikbaarheid per fiets en openbaar vervoer van hogere kwaliteit is.
4.1.4 Autoparkeernormen voor verschillende functies
In deze nota maakt de gemeente Roermond onderscheid tussen verschillende soorten functies waarvoor parkeernormen gelden. Het kan voorkomen dat voor een specifieke, te realiseren functie geen directe parkeernorm is opgenomen. In dergelijke gevallen wordt de norm toegepast die geldt voor de meest vergelijkbare functie.
Indien deze benadering op zwaarwegende bezwaren stuit, worden initiatiefnemers verzocht contact op te nemen met de gemeente. In overleg wordt vervolgens beoordeeld op welke wijze de parkeerbehoefte het beste kan worden vastgesteld. Daarbij wordt gekeken naar de aard van de functie, de specifieke locatie en de ruimtelijke context waarin de ontwikkeling plaatsvindt.
Wonen
Roermond maakt in deze nota onderscheid tussen verschillende soorten woonfuncties. Voor sociale huurwoningen geldt de huurliberalisatiegrens (in 2025: € 1.184,82) als criterium. Voor woonfuncties wordt het woningtype (vrijstaand, twee-onder-een-kap, tussen/hoek, et cetera) als uitgangspunt gehanteerd, met uitzondering van appartementen. Appartementen zijn ingedeeld naar oppervlakte en niet naar prijsklasse. Als oppervlaktemaat wordt het bruto vloeroppervlak van de woning aangehouden (bvo).
Bezoekersnorm
Bij woningen dienen parkeerplaatsen voor de bewoners en parkeerplaatsen voor bezoekers van bewoners (visite) te worden aangelegd. Alle autoparkeernormen voor woningen zijn exclusief deze bezoekersnorm. De parkeernormen voor bezoekers zijn gebaseerd op de CROW-kencijfers en gedefinieerd per zone als volgt: in zones 1 en 2 geldt een bezoekersnorm van 0,1 parkeerplaats per woning, in zones 3 en 4 is de bezoekersnorm 0,15 en in zone 5 is deze norm vastgesteld op 0,2 parkeerplaats per woning. De bezoekersparkeervoorziening moet openbaar toegankelijk zijn op de relevante tijdstippen.
Overzicht woonfuncties
Huis, vrijstaand
Huis, twee-onder-een-kap
Huis, tussen/hoek
Appartement, > 100 m2 bvo
Appartement, 75-100 m2 bvo
Appartement, < 75 m2 bvo
Sociale huur (huurliberalisatiegrens)
Kamerverhuur, studenten, niet-zelfstandig
Aanleunwoning, serviceflat (zelfstandige woning met beperkte zorgvoorzieningen)
Kleine eenpersoonswoning (tiny house, meestal grondgebonden)
Tabel 4: Overzicht woonfuncties.
Overige functies
In bijlage 2 is voor een groot aantal functies autoparkeernormen opgenomen. Onder andere voor winkelfuncties, gezondheidsfuncties en onderwijsfuncties. Parkeernormen voor dit soort functies zijn vaak geënt op relevante eenheden. De parkeernorm voor de functie ‘huisartsenpraktijk’ gaat bijvoorbeeld uit van het aantal behandelkamers.
Indien een functie die gebouwd gaat worden niet in de lijst in bijlage 2 te vinden is, dan moet de initiatiefnemer een onderbouwd voorstel doen voor een passende normering. Denk daarbij aan bijvoorbeeld nieuwe woonconcepten waar landelijk nog geen parkeernormen voor bepaald zijn.
4.1.5 Kwaliteitseisen autoparkeren
Autoparkeerplaatsen die worden aangelegd ten behoeve van nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen dienen te voldoen aan bepaalde eisen. Deze eisen waarborgen de bruikbaarheid van de parkeerplaatsen. Bij toetsing van de omgevingsvergunning wordt beoordeeld of alle ingetekende parkeerplaatsen op eigen terrein voldoen aan de NEN 2443
3NEN 2443, parkeren en stallen van personenauto’s op terreinen en in garages, uitgebracht in maart 2013.
of de opvolger hiervan. De verplichting om aan de NEN 2443 te voldoen, geldt niet voor bestaande parkeervoorzieningen die dateren van voor de betreffende publicatie, en die worden gebruikt om in de parkeervraag van een nieuwe ontwikkeling te voorzien.
6. Toepassingskader
6.2 Uitgangspunten toepassingskader
6.2.1 Maximale loopafstanden
Om te waarborgen dat parkeerplaatsen in ruimtelijke ontwikkelingen ook daadwerkelijk worden gebruikt, gelden maximale loopafstanden tussen de parkeerplaats en het bestemmingsadres. In onderstaande tabel zijn deze loopafstanden opgenomen, uitgesplitst naar gebied en naar functie. Dit betreffen werkelijke loopafstanden (dus niet hemelsbreed). Een loopafstand wordt gemeten als de kortst mogelijke looproute, gemeten vanaf de voetgangersingang van de parkeervoorziening tot de voetgangersingang van het bestemmingsadres. Voor het meten van de loopafstand wordt gebruik gemaakt van een online routenavigatiesysteem (bijvoorbeeld Google Maps).
Gebied
Wonen
Werken
Overige functies
Zone 1
400meter
600meter
300meter
Zone 2
200meter
400meter
200meter
Zone 3
200meter
200meter
200meter
Zone 4 & 5
100meter
200meter
100meter
Tabel 5: Maximale loopafstanden.
6.2.2 Omrekenfactoren Parkeren Op Eigen Terrein (POET)
Zoals beschreven in paragraaf 2.3 is het primaire uitgangspunt in het toepassingskader dat de parkeerbehoefte van ruimtelijke ontwikkelingen binnen het plangebied wordt opgelost, zoals een buurtparkeergarage of parkeerplaatsen op eigen terrein. Parkeerplaatsen op eigen terrein zijn er in allerlei verschillende soorten en maten. Voorbeelden zijn: een parkeergarage voor vaste gebruikers en/of bezoekers, een oprit of niet aan de woning verbonden garagebox. In de praktijk blijkt dat parkeerplaatsen op eigen terrein niet altijd kunnen worden gebruikt voor het parkeren van de auto, die daarmee dus in de openbare ruimte komen te staan. Om die reden bevat deze nota omrekenfactoren (zie bijlage 4). De omrekenfactoren geven per type parkeervoorziening een theoretisch aantal en berekeningsaantal.
6.2.3 Afrondingsregel
In de lijn van het toepassingskader dienen verschillende berekeningen te worden uitgevoerd. Bij de vaststelling van de normatieve parkeerbehoefte wordt naar boven afgerond. Hiermee wordt (met name in kleinschalige ontwikkelingen) voorkomen dat de wijze van afronden in de praktijk leidt tot een tekort aan parkeerplaatsen.
6.2.4 Vrijstelling voor kleinschalige ontwikkelingen
Deze nota bevat een vrijstelling voor kleinschalige ruimtelijke ontwikkelingen. Deze vrijstelling is niet van toepassing op woonfuncties. Een ontwikkeling wordt als kleinschalig beschouwd wanneer de normatieve parkeerbehoefte gelijk is aan of kleiner dan drie parkeerplaatsen.
Bij toepassing van de vrijstelling worden er geen parkeerplaatsen gerealiseerd. Gebruikers en bezoekers zijn in dat geval aangewezen op de bestaande parkeercapaciteit in de directe omgeving van de ontwikkellocatie. Om te voorkomen dat de parkeerdruk tot een ongewenst niveau stijgt, houdt de gemeente bij het verlenen van de vrijstelling rekening met de bestaande parkeerdruk in de openbare ruimte. Daarbij geldt als uitgangspunt dat de parkeerdruk na afwenteling niet hoger mag zijn dan 85 procent
6.2.5 Dubbelgebruik
Ruimtelijke ontwikkelingen richten zich vaak op meer dan één doelgroep. Bewoners, bezoekers van bewoners, werknemers, bezoekers van winkels; iedere doelgroep heeft zijn eigen aanwezigheid gedurende de dag. Ongeveer de helft van de bewoners is overdag thuis (50% aanwezigheid), voor een kantoorfunctie geldt dat deze overdag 100% van zijn parkeerbehoefte genereert. In sommige ontwikkelingen is het om deze reden mogelijk om parkeerplaatsen dubbel te gebruiken. Als gevolg hiervan hoeven er in totaliteit minder parkeerplaatsen te worden aangelegd.
Om de mogelijkheden op het vlak van dubbelgebruik te onderzoeken, zijn in bijlage 3 voor verschillende soorten functies aanwezigheidspercentages opgenomen. Aan de hand van deze aanwezigheidspercentages wordt gezocht naar het moment van de dag/week waarop de parkeerbehoefte maximaal is. De dubbelgebruik toets wordt uitgevoerd per stap 4 t/m 6.
Voor ieder parkeeraanbod (parkeerplaatsen op eigen terrein, privaat en openbaar) dient in beeld te worden gebracht welke doelgroepen er zullen parkeren en welk dubbelgebruik er op basis van diens aanwezigheid over de dag/week kan plaatsvinden. Zie ook het rekenvoorbeeld in bijlage 7.
6.3 Stappenplan
6.3.1 Stap 1: de normatieve parkeerbehoefte berekenen
De normatieve parkeerbehoefte vormt het uitgangspunt voor de bepaling van het aantal benodigde auto- en fietsparkeerplaatsen. De normatieve parkeerbehoefte wordt berekend op basis van de autoparkeernormen in bijlage 2 en de fietsparkeernormen in bijlage 5. Om de normatieve parkeerbehoefte te berekenen dient voor iedere te realiseren functie de berekening ‘omvang x
parkeernorm' te worden uitgevoerd.
Resultaat stap 1: voor alle functies die in de ruimtelijke ontwikkeling worden gerealiseerd is de normatieve parkeerbehoefte bepaald.
6.3.2 Stap 2: toepassing van een mobiliteitscorrectie
Dit normenkader biedt de mogelijkheid om op basis van een mobiliteitsconcept een correctie te doen op de hoogte van de normatieve parkeerbehoefte. Omdat mobiliteitsconcepten nog relatief nieuw zijn, hanteert Roermond het uitgangspunt dat maximaal 20% van de parkeerbehoefte met een mobiliteitsconcept kan worden ingevuld.
Het mobiliteitsconcept kent in principe geen beperkingen of vormvereisten. De gemeente toetst of sprake is van een duurzaam en toekomstbestendig concept, waarvan voldoende aangetoond is dat het concept leidt tot de gestelde afname van de parkeerbehoefte. Het mobiliteitsconcept dient zo concreet mogelijk te zijn uitgewerkt. In geval van de inzet van bijvoorbeeld deelauto’s betekent dit: hoeveel deelauto’s worden ingezet, welke partij wordt hiervoor gecontracteerd, hoe is geborgd dat de deelauto’s langjarig beschikbaar zullen zijn, et cetera.
Resultaat stap 2: op de normatieve parkeerbehoefte van de ruimtelijke ontwikkeling (zoals bepaald in stap 1) is optioneel een mobiliteitscorrectie in mindering gebracht
6.3.3 Stap 3: het salderen van een bestaande parkeerbehoefte
Nadat deze berekening is uitgevoerd, wordt een eventuele bestaande parkeerbehoefte gesaldeerd. Na saldering kan de parkeerbehoefte van de nieuwe ontwikkeling nul of negatief zijn. In dat geval hoeven geen parkeerplaatsen te worden gerealiseerd. Als de parkeerbehoefte van de nieuwe ontwikkeling (met uitzondering van woonfuncties) na saldering niet meer dan 3 parkeerplaatsen bedraagt, geldt er ook geen parkeereis. In alle andere gevallen wordt overgegaan tot stap 2 (de mobiliteitscorrectie).
Saldering bij functiewijziging of langdurige leegstand
Bij functiewijziging of langdurige leegstand heeft de oorspronkelijke functie doorgaans geleid tot een parkeerbehoefte. De parkeerplaatsen die zijn aangelegd om in deze behoefte te voorzien, kunnen bij een nieuwe ontwikkeling (gedeeltelijk) worden hergebruikt om de parkeerbehoefte van de nieuwe functie op te lossen. Dit principe wordt aangeduid als salderen.
Salderen van een bestaande parkeerbehoefte is mogelijk tot maximaal vijf jaar na het laatste planologisch legale gebruik van de oorspronkelijke functie. Na deze termijn vervalt de mogelijkheid tot salderen en dient de volledige parkeerbehoefte van de nieuwe functie opnieuw te worden bepaald.
Een belangrijk aandachtspunt bij het toepassen van saldering is de mogelijke verschuiving in het moment waarop een functie haar parkeerbehoefte genereert. Om te voorkomen dat een onjuiste verrekening van de oude parkeerbehoefte plaatsvindt, hanteert de gemeente Roermond een werkwijze waarbij de oude en nieuwe parkeerbehoefte per dagdeel met elkaar worden vergeleken.
Voor elk dagdeel wordt de parkeerbehoefte van de oude en nieuwe functie gesaldeerd. Het dagdeel waarop de parkeervraag het hoogst is, wordt aangehouden als uitgangspunt voor de nieuwe parkeerbehoefte. Parkeerplaatsen die exclusief ter beschikking stonden van de oude functie (veelal gelegen op eigen terrein) mogen worden gesaldeerd voor alle dagdelen. Zie voor een nadere toelichting het rekenvoorbeeld in bijlage 7.
Resultaat stap 3: indien van toepassing is de parkeerbehoefte van één of meerdere bestaande functies op de juiste wijze in mindering gebracht op de normatieve parkeerbehoefte uit stap 1 of de gecorrigeerde parkeerbehoefte uit stap 2.
Vaststelling parkeerbehoefte
Nadat eventuele mobiliteitscorrectie(s) zijn toegepast en bestaande parkeerbehoefte gesaldeerd, wordt de parkeerbehoefte vastgesteld. Dit is het aantal benodigde parkeerplaatsen. Bij de vaststelling van de parkeerbehoefte is geen rekening gehouden met dubbelgebruik, deze berekening vindt plaats per stap 4 t/m 6. Nadat is vastgesteld hoeveel parkeerplaatsen er zijn benodigd, wordt in stap 4 t/m 6 bepaald welk type aanbod (eigen terrein, parkeerplaatsen privaat) beschikbaar wordt gesteld om de parkeerbehoefte te faciliteren.
6.3.4 Stap 4: aanleg parkeerplaatsen op eigen terrein / binnen het plangebied of in de openbare ruimte
In de eerste plaats vindt de bepaling van het aantal parkeerplaatsen op eigen terrein / binnen het plangebied plaats. Het uitgangspunt is dat de vastgestelde parkeerbehoefte op eigen terrein / binnen het plangebied wordt opgelost. Dit geldt voor het aantal benodigde parkeerplaatsen voor vaste gebruikers (bewoners, kantoormedewerkers et cetera) en voor het aantal bezoekersparkeerplaatsen.
Resultaat stap 4: het aantal parkeerplaatsen dat op eigen terrein beschikbaar wordt gesteld voor de ruimtelijke ontwikkeling is bepaald en in mindering gebracht op de vastgestelde parkeerbehoefte uit stap 3.
6.3.5 Stap 5: gebruik bestaande parkeercapaciteit niet gelegen in openbaar gebied
In de directe omgeving van een ontwikkellocatie kan, op het moment dat de geplande functies hun parkeerbehoefte genereren, (gedeeltelijk) ongebruikte private parkeercapaciteit aanwezig zijn. Op het moment dat de vastgestelde parkeerbehoefte niet (volledig) op eigen terrein kan worden opgelost, wordt onderzocht of gebruik gemaakt kan worden van nabijgelegen parkeercapaciteit niet gelegen in openbaar gebied, bijvoorbeeld parkeergarages. Deze parkeercapaciteit moet binnen de maximale loopafstanden van de ontwikkellocatie liggen (zie paragraaf 6.2.1).
Het gebruik van eventuele niet in openbaar gebied gelegen parkeerplaatsen dient voor ten minste tien jaar contractueel te worden vastgelegd. De initiatiefnemer dient te onderbouwen dat parkeerders ook daadwerkelijk toegang hebben tot de betreffende parkeervoorziening op de vereiste momenten van de dag/week.
Resultaat stap 5: het aantal niet in openbaar gebied gelegen parkeerplaatsen dat door de initiatiefnemer wordt gekocht of gehuurd om in de parkeerbehoefte te kunnen voorzien is bepaald en in mindering gebracht op de resterende parkeerbehoefte uit stap 5.
6.3.6 Stap 6: gebruik bestaande openbare parkeercapaciteit
De situatie kan zich voordoen dat, wanneer stap 4 en stap 5 zijn doorlopen, nog niet de volledige parkeerbehoefte is opgelost. Wanneer dit het geval is kan gebruik worden gemaakt van bestaande openbare parkeerplaatsen (binnen een acceptabele loopafstand, zie paragraaf 6.2.1). Als uitgangspunt hanteert de gemeente dat na afwenteling van (het resterende gedeelte van) de parkeerbehoefte, de parkeerdruk niet hoger mag zijn dan 85%. Om aan te tonen of dit wel of niet het geval is, is inzicht nodig in de bestaande parkeerdruk. Deze parkeerdruk dient door de initiatiefnemer inzichtelijk te worden gemaakt met behulp van een parkeertelling.
Wanneer een initiatiefnemer van plan is om een parkeertelling uit te laten voeren, dient contact met de gemeente opgenomen te worden. In de eerste plaats omdat de gemeente met enige regelmaat zelf parkeertellingen laat uitvoeren en mogelijk gebruik gemaakt kan worden van deze gegevens. Als deze gegevens niet beschikbaar zijn, dient de parkeerdruk door de initiatiefnemer te worden onderzocht. De gemeente stelt als eis dat het onderzoek wordt uitgevoerd door een gecertificeerd onderzoeksbureau.
Per situatie wordt in onderling overleg tussen gemeente en initiatiefnemer het volgende bepaald:
•De omvang van het onderzoeksgebied; in welke straten gaat worden geteld?
•Op welke momenten van de dag/week gaat worden geteld?
•Eventuele bijzondere omstandigheden waar rekening mee gehouden dient te worden tijdens de uitvoering van het parkeeronderzoek.
Vrijstelling van het uitvoeren van een parkeeronderzoek
Het kan voorkomen dat de gemeente al beschikt over voldoende informatie waaruit blijkt dat de huidige en te verwachten parkeerdruk in de omgeving van een bepaalde ontwikkeling laag genoeg is om de bijbehorende parkeervraag op te vangen. In dat geval kan de gemeente de betreffende initiatiefnemer vrijstellen van het uitvoeren van een parkeertelling.
Resultaat stap 6: het aantal openbare parkeerplaatsen dat beschikbaar wordt gesteld voor de ruimtelijke ontwikkeling is bepaald en in mindering gebracht op de resterende parkeerbehoefte uit stap 5.
Bijlage 2 Autoparkeernormen
Wonen (exclusief bezoekersnorm)
Functie
Eenheid
Zone 1
Zone 2
Zone 3
Zone 4
Zone 5
Huis, vrijstaand
per woning
1,00
1,50
1,90
2,20
2,50
Huis, twee-onder-een-kap
per woning
1,00
1,40
1,80
2,10
2,30
Huis, tussen/hoek
per woning
1,00
1,30
1,70
1,90
2,10
Appartement, > 100 m2 bvo
per woning
1,00
1,30
1,70
2,00
2,20
Appartement, 75-100 m2 bvo
per woning
1,00
1,10
1,50
1,60
1,80
Appartement, < 75 m2 bvo
per woning
0,90
1,00
1,40
1,60
1,70
Sociale huur (huurliberalisatiegrens)
per woning
0,70
0,80
1,20
1,40
1,50
Kamerverhuur, studenten, niet-zelfstandig
per woning
0,00
0,00
0,00
0,10
0,30
Aanleunwoning, serviceflat (zelfstandige woning met beperkte zorgvoorzieningen)
per woning
0,15
0,75
1,00
1,00
1,10
Kleine eenpersoonswoning (tiny house, meestal grondgebonden)
per woning
0,40
0,40
0,40
0,40
0,50
Wonen: bezoekers van bewoners
Functie
Eenheid
Zones
1& 2
Zones
3& 4
Zone 5
Bezoekersparkeernorm
per woning
0,10
0,15
0,20
Toelichting hoofdgroep wonen
•De parkeernormen voor de diverse woonfuncties zijn exclusief de bezoekersparkeernormen. Dit betekent dat de totale parkeernorm wordt bepaald door het bij elkaar optellen van de bewonersparkeernorm en de bezoekersparkeernorm.
•Voor de functies ‘kamerverhuur, studenten, niet zelfstandig’ geldt een bezoekersparkeernorm van 0,10 parkeerplaats per kamer.
•Voor ‘sociale huurwoningen’ geldt de huurliberalisatiegrens als criterium (als voorbeeld: in 2025 een rekenhuur van lager of gelijk aan € 1.184,82).
•Onder ‘kamerverhuur, studenten, niet-zelfstandig’ worden wooneenheden verstaan zonder eigen toegang, keuken, toilet of wasgelegenheid (douche/bad).
Werken
Functie
Eenheid
Zone 1
Zone 2
Zone 3
Zone 4
Zone 5
Aandeel bezoekers
Kantoor (zonder baliefunctie)
per 100m² bvo
1,15
1,55
1,80
1,90
2,80
5%
Commerciële dienstverlening (kantoor met baliefunctie)
per 100m² bvo
1,55
1,85
2,10
2,50
3,80
20%
Bedrijf arbeidsintensief/ bezoekersextensief (industrie, laboratorium, werkplaats)
per 100m² bvo
1,35
1,75
2,00
2,40
2,60
5%
Bedrijf arbeidsextensief/ bezoekersextensief (loods, opslag, transportbedrijf)
per 100m² bvo
0,65
0,75
1,00
1,20
1,30
5%
Bedrijfsverzamelgebouw
per 100m² bvo
1,05
1,35
1,60
1,80
2,20
*
Opslagruimte (particulier)
per vestiging
*
*
*
15,00
15,00
*
* in overleg met de gemeente
Winkelen en boodschappen doen
Functie
Eenheid
Zone 1
Zone 2
Zone 3
Zone 4
Zone 5
Aandeel bezoekers
Buurtsupermarkt
per 100m² bvo
1,90
2,70
3,70
4,40
*
89%
Fullservice-supermarkt
per 100m² bvo
3,30
4,30
5,60
6,40
*
93%
Grote supermarkt (XL)
per 100m² bvo
5,90
6,80
7,80
8,70
*
84%
Groothandel specialist (bijvoorbeeld levensmiddelen, kantoorartikelen)
per 100m² bvo
*
5,65
6,40
6,90
*
80%
Groothandel algemeen
per 100m² bvo
*
6,40
7,40
7,40
*
80%
Binnenstad of hoofdwinkel(stads) centrum 20.000-30.000 inwoners
per 100m² bvo
3,30
*
*
*
*
82%
Binnenstad of hoofdwinkel(stads) centrum 30.000-50.000 inwoners
per 100m² bvo
3,40
*
*
*
*
88%
Binnenstad of hoofdwinkel(stads) centrum 50.000-100.000 inwoners
per 100m² bvo
3,80
*
*
*
*
92%
Binnenstad of hoofdwinkel(stads) centrum 100.000-175.000 inwoners
per 100m² bvo
3,90
*
*
*
*
96%
Binnenstad of hoofdwinkel(stads) centrum > 175.000 inwoners
per 100m² bvo
3,60
*
*
*
*
99%
Buurtwinkelcentrum en dorps(winkel)centrum
per 100m² bvo
*
3,10
4,10
4,70
*
72%
Wijkwinkelcentrum (klein)
per 100m² bvo
*
3,70
4,70
5,50
*
76%
Wijkwinkelcentrum (gemiddeld)
per 100m² bvo
*
4,30
5,30
6,10
*
79%
Wijkwinkelcentrum (groot)
per 100m² bvo
*
4,80
5,80
6,70
*
81%
Stadsdeelcentrum
per 100m² bvo
*
5,20
6,20
7,30
*
85%
Weekmarkt / klein wijk-, buurt- en dorpscentrum
per 100m² bvo
0,20
0,20
0,24
0,24
*
85%
Kringloopwinkel
per 100m² bvo
*
1,15
1,40
1,90
2,50
89%
Bruin- en witgoedzaken
per 100m² bvo
3,65
5,55
6,30
8,10
10,00
92%
Woonwarenhuis/woonwinkel
per 100m² bvo
1,15
1,55
1,80
1,90
2,20
91%
Woonwarenhuis (zeer groot)
per 100m² bvo
*
*
*
5,50
5,90
95%
Meubelboulevard/woonboulevard
per 100m² bvo
*
1,85
2,10
2,50
*
93%
Winkelboulevard
per 100m² bvo
*
3,45
3,70
4,20
*
94%
Outletcentrum
per 100m² bvo
*
8,80
9,80
10,60
11,40
94%
Bouwmarkt
per 100m² bvo
*
1,75
2,00
2,50
2,70
87%
Tuincentrum (inclusief buitenruimte)
per 100m² bvo
*
2,25
2,50
2,80
3,10
89%
Groencentrum (inclusief buitenruimte)
per 100m² bvo
*
2,25
2,50
2,80
3,10
89%
* in overleg met de gemeente
Ontspanning
Functie
Eenheid
Zone 1
Zone 2
Zone 3
Zone 4
Zone 5
Aandeel bezoekers
Bibliotheek
per 100m² bvo
0,45
0,75
1,00
1,30
1,60
97%
Museum
per 100m² bvo
0,40
0,60
0,70
1,00
*
95%
Bioscoop
per 100m² bvo
3,20
7,90
8,90
12,00
14,70
94%
Filmtheater/filmhuis
per 100m² bvo
2,60
5,20
6,20
8,70
10,90
97%
Theater/schouwburg
per 100m² bvo
7,30
7,90
9,40
11,30
13,50
87%
Musicaltheater
per 100m² bvo
2,90
3,40
3,90
4,40
5,60
86%
Casino
per 100m² bvo
5,70
6,10
6,60
7,00
8,50
86%
Bowlingcentrum
Per bowlingbaan
1,60
2,20
2,70
3,30
3,30
89%
Biljart-/snookercentrum
Per tafel
0,85
1,05
1,30
1,60
2,00
87%
Dansstudio
per 100m² bvo
1,50
3,80
4,30
5,90
7,90
93%
Fitnessstudio/sportschool
per 100m² bvo
1,40
3,40
3,90
5,20
7,00
87%
Fitnesscentrum
per 100m² bvo
1,70
4,40
4,90
6,70
7,90
90%
Wellnesscentrum (thermen, kuurcentrum, beautycentrum)
per 100m² bvo
*
*
*
9,80
10,80
99%
Sauna, hammam
per 100m² bvo
2,50
4,60
5,10
7,10
7,80
99%
Sporthal
per 100m² bvo
1,45
2,05
2,30
2,90
3,70
96%
Sportzaal
per 100m² bvo
1,05
1,85
2,10
2,90
3,80
94%
Tennishal
per 100m² bvo
0,30
0,40
0,50
0,60
0,60
87%
Padelhal
per 100m² bvo
0,35
0,45
0,60
0,80
0,80
87%
Squashhal
per 100m² bvo
1,60
2,40
2,50
2,80
3,30
84%
Zwembad overdekt
per m² bassin
*
10,70
11,70
12,50
14,30
97%
Zwembad openlucht
per m² bassin
*
10,10
11,10
13,90
16,80
99%
Zwemparadijs
per m² bassin
*
*
*
5,00
5,00
99%
Sportveld
per hectare netto terrein
20,00
20,00
27,00
27,00
27,00
95%
Stadion
per zitplaats
0,12
0,12
0,20
0,20
*
99%
Kunstijsbaan (kleiner dan 400 meter)
per 100m² bvo
1,15
1,35
1,60
1,90
2,30
98%
Kunstijsbaan (400 meter)
per 100m² bvo
*
2,05
2,30
2,60
3,00
98%
Ski- snowboardhal
per m² sneeuw
*
*
*
2,60
*
98%
Jachthaven
per ligplaats
0,40
0,40
0,70
0,70
0,70
*
Golfoefencentrum (pitch en putt)
per centrum
*
*
*
52,70
58,20
93%
Golfbaan (18 holes)
per 18 holes (60 hectare)
*
*
*
105,60
128,30
98%
Indoorspeeltuin (kinderspeelhal), gemiddeld en kleiner
per 100m² bvo
2,90
3,70
6,20
6,90
7,60
97%
Indoorspeeltuin (kinderspeelhal), groot
per 100m² bvo
3,50
4,30
6,80
7,80
8,60
98%
Indoorspeeltuin (kinderspeelhal), zeer groot
per 100m² bvo
3,70
4,60
6,10
7,00
7,90
98%
Kinderboerderij (stadsboerderij)
per gemiddelde boerderij
2,90
3,70
6,20
6,90
7,60
97%
Manege (paardenhouderij)
per box
*
*
*
*
0,50
90%
Dierenpark
per hectare netto terrein
8,00
8,00
12,00
12,00
12,00
99%
Attractie- en pretpark
per hectare netto terrein
*
*
*
12,00
12,00
99%
Volkstuin
per 10 tuinen
*
1,25
1,40
1,50
1,60
100%
Plantentuin (botanische tuin)
per gemiddelde tuin
*
7,50
10,00
13,00
16,00
99%
* in overleg met de gemeente
Horeca
Functie
Eenheid
Zone 1
Zone 2
Zone 3
Zone 4
Zone 5
Aandeel bezoekers
Camping (kampeerterrein)
per standplaats
*
*
*
*
1,30
90%
Bungalowpark (huisjescomplex)
per bungalow
*
*
*
1,70
2,20
91%
1* Hotel
per 10 kamers
0,40
0,80
0,90
2,40
4,60
77%
2* Hotel
per 10 kamers
1,35
2,15
2,40
4,10
6,50
80%
3* Hotel
per 10 kamers
2,00
3,10
3,60
5,20
7,30
77%
4* Hotel
per 10 kamers
3,20
4,90
5,40
7,30
9,50
73%
5* Hotel
per 10 kamers
5,00
7,60
8,40
10,90
13,40
65%
Café/bar/cafetaria
per 100m² bvo
5,00
5,00
6,00
7,00
*
90%
Restaurant
per 100m² bvo
5,00
5,00
6,00
8,00
10,00
80%
Discotheek
per 100m² bvo
6,10
12,30
14,30
20,40
22,80
99%
Evenementenhal/beursgebouw/ congresgebouw
per 100m² bvo
4,00
5,50
7,00
10,00
*
99%
* in overleg met de gemeente
Gezondheid
Functie
Eenheid
Zone 1
Zone 2
Zone 3
Zone 4
Zone 5
Aandeel bezoekers
Huisartsenpraktijk (-centrum)
per behandelkamer
2,05
2,45
2,70
3,20
3,50
57%
Apotheek
per apotheek
2,25
2,75
3,00
3,40
*
45%
Fysiotherapiepraktijk (-centrum)
per behandelkamer
1,25
1,45
1,70
2,00
2,20
57%
Consultatiebureau
per behandelkamer
1,25
1,55
1,80
2,10
2,40
50%
Consultatiebureau voor ouderen
per behandelkamer
1,30
1,60
1,70
2,00
2,30
38%
Tandartsenpraktijk (-centrum)
per behandelkamer
1,55
1,95
2,20
2,60
2,90
47%
Gezondheidscentrum
per behandelkamer
1,55
1,85
2,10
2,40
2,70
55%
Ziekenhuis
per 100m² bvo
1,40
1,60
1,70
1,80
2,10
29%
Crematorium
per (deels) gelijktijdige plechtigheid
*
*
*
35,10
35,10
99%
Begraafplaats
per (deels) gelijktijdige plechtigheid
*
*
*
36,60
36,60
97%
Penitentiaire inrichting
per 10 cellen
1,65
2,15
2,40
3,50
3,90
37%
Religiegebouw
per zitplaats
0,15
0,15
0,20
0,20
*
*
Verpleeg- en verzorgingstehuis
per wooneenheid
0,60
0,60
0,70
0,70
*
60%
* in overleg met de gemeente
Onderwijs
Functie
Eenheid
Zone 1
Zone 2
Zone 3
Zone 4
Zone 5
Aandeel bezoekers
Kinderdagverblijf (crèche)
per 100m² bvo
0,90
1,10
1,20
1,30
1,60
0%
Basisonderwijs
per leslokaal
0,75
0,75
1,00
1,00
1,00
48%
Middelbare school
per 100 leerlingen
3,30
4,00
5,00
5,30
5,90
5%
ROC
per 100 leerlingen
4,20
4,80
5,80
6,20
6,90
10%
Hogeschool
per 100 studenten
8,30
8,90
10,90
11,50
12,90
72%
Universiteit
per 100 studenten
11,70
13,50
15,50
16,70
18,80
48%
Avondonderwijs of vrijetijdsonderwijs
per 10 studenten
4,00
5,00
6,00
7,00
11,50
95%
* in overleg met de gemeente
Bijlage 3 Aanwezigheidspercentages
Functie
Werkdag ochtend
Werkdag middag
Werkdag avond
Werkdag nacht
Koop avond
Vrijdag middag
Vrijdag avond
Zaterdag middag
Zaterdag avond
Zondag middag
Woningen bewoners
60%
60%
90%
100%
80%
70%
70%
75%
80%
75%
Woningen bezoekers
40%
50%
75%
0%
70%
60%
100%
100%
100%
90%
Kantoor/bedrijven
100%
100%
5%
0%
5%
60%
0%
0%
0%
0%
Commerciële dienstverlening
100%
100%
5%
0%
75%
100%
5%
0%
0%
0%
Detailhandel
30%
60%
10%
0%
75%
60%
60%
100%
0%
60%
Grootschalige detailhandel
30%
60%
70%
0%
80%
60%
70%
100%
0%
0%
Hotel
40%
50%
100%
100%
100%
50%
100%
60%
75%
40%
Supermarkt
50%
60%
40%
0%
80%
80%
80%
100%
40%
60%
Sportfuncties binnen
50%
50%
100%
0%
100%
40%
100%
100%
100%
75%
Sportfuncties buiten
25%
25%
50%
0%
50%
25%
50%
100%
25%
100%
Bioscoop/theater/ podium/enzovoort
5%
40%
50%
0%
50%
40%
100%
40%
100%
40%
Religiegebouw (afhankelijk van activiteit)
10%
30%
50%
40%
0%
30%
10%
100%
10%
100%
Sociaal medisch: arts/therapeut/ consultatiebureau
100%
100%
10%
0%
10%
75%
0%
0%
0%
0%
Verpleeghuis/ verzorgingstehuis
100%
100%
50%
25%
50%
100%
50%
100%
100%
100%
Ziekenhuis patiënten: inclusief bezoekers
100%
100%
40%
5%
40%
100%
40%
40%
40%
40%
Ziekenhuis medewerkers
100%
100%
40%
10%
40%
100%
40%
20%
20%
20%
Restaurant
30%
40%
80%
0%
80%
60%
90%
70%
100%
40%
Dagonderwijs
100%
100%
0%
0%
0%
100%
0%
0%
0%
0%
Avondonderwijs
0%
0%
100%
0%
100%
0%
100%
0%
0%
0%
Tabel 6: Aanwezigheidspercentages
Nb: Houd bij de toepassing van aanwezigheidspercentages rekening met de (commerciële) openingstijden van winkelfuncties.
Bijlage 4 Omrekenfactoren POET
Type parkeervoorziening
Theoretisch aantal
Berekeningsaantal
Opmerkingen
Enkele oprit zonder garage
1
0,8
Minimaal 4,75 meter diep
Lange oprit zonder garage of carport
2
1,0
Minimaal 10 meter diep
Dubbele oprit zonder garage
2
1,7
Minimaal 5 meter diep en minimaal 5 meter breed
Garage zonder oprit (bij woning)
1
0,6
Garagebox (niet bij woning)
1
0,7
Garage met enkele oprit
2
1,2
Minimaal 5 meter diep
Garage met lange oprit
3
1,5
Garage met dubbele oprit
3
2,2
Minimaal 5 meter breed
Tabel 7: Omrekenfactoren POET.
Bijlage 5 Fietsparkeernormen
Wonen (exclusief bezoekersnorm)
Functie
Eenheid
Zone 1
Zone 2
Zone 3
Zone 4
Zone 5
Huis, vrijstaand
per woning
4,00
4,00
4,00
4,00
4,00
Huis, twee-onder-een-kap
per woning
4,00
4,00
4,00
4,00
4,00
Huis, tussen/hoek
per woning
4,00
4,00
4,00
4,00
4,00
Appartement, > 100 m2 bvo
per woning
4,00
4,00
4,00
4,00
4,00
Appartement, 75-100 m2 bvo
per woning
3,50
3,50
3,50
3,50
3,50
Appartement, < 75 m2 bvo
per woning
2,50
2,50
2,50
2,50
2,50
Sociale huur (huurliberalisatiegrens)
per woning
4,00
4,00
4,00
4,00
4,00
Kamerverhuur, studenten, niet-zelfstandig
per kamer
1,20
1,20
1,20
1,20
1,20
Aanleunwoning, serviceflat (zelfstandige woning met beperkte zorgvoorzieningen)
per woning
0,30
0,30
0,50
0,50
0,50
Kleine eenpersoonswoning (tiny house, meestal grondgebonden)
per woning
2,00
2,00
2,00
2,00
2,00
* in overleg met de gemeente
Wonen: bezoekers van bewoners
Functie
Eenheid
Zone 1
Zone 2
Zone 3
Zone 4
Zone 5
Bezoekersparkeernorm
per woning
0,30
0,30
0,25
0,20
0,20
* in overleg met de gemeente
Werken
Functie
Eenheid
Zone 1
Zone 2
Zone 3
Zone 4
Zone 5
Aandeel bezoekers
Kantoor (zonder baliefunctie)
per 100 m² bvo
1,40
1,00
0,90
0,90
0,70
5%
Commerciële dienstverlening (kantoor met baliefunctie)
per 100 m² bvo
2,50
1,90
1,20
1,20
1,00
20%
Bedrijf arbeidsintensief/bezoekersextensief (industrie, laboratorium, werkplaats)
per 100 m² bvo
1,20
1,00
0,80
0,80
0,70
5%
Bedrijf arbeidsextensief/bezoekersextensief (loods, opslag, transportbedrijf)
per 100 m² bvo
0,40
0,30
0,30
0,30
0,30
5%
Bedrijfsverzamelgebouw
per 100 m² bvo
1,00
0,70
0,60
0,60
0,60
n.v.t.
Opslagruimte (particulier)
per vestiging
*
*
4,00
4,00
4,00
n.v.t.
* in overleg met de gemeente
Winkelen en boodschappen doen
Functie
Eenheid
Zone 1
Zone 2
Zone 3
Zone 4
Zone 5
Aandeel bezoekers
Buurtsupermarkt
per 100 m² bvo
2,40
1,70
1,30
1,30
*
89%
Fullservice-supermarkt
per 100 m² bvo
3,80
2,90
2,50
2,50
*
93%
Grote supermarkt (XL)
per 100 m² bvo
3,80
2,90
2,50
2,50
*
84%
Groothandel specialist (bijvoorbeeld levensmiddelen, kantoorartikelen)
per 100 m² bvo
*
1,10
0,90
0,90
*
80%
Groothandel algemeen
per 100 m² bvo
*
1,10
0,90
0,90
*
80%
Binnenstad of hoofdwinkel(stads)centrum 20.000-30.000 inwoners
per 100 m² bvo
2,70
*
*
*
*
82%
Binnenstad of hoofdwinkel(stads)centrum 30.000-50.000 inwoners
per 100 m² bvo
2,90
*
*
*
*
88%
Binnenstad of hoofdwinkel(stads)centrum 50.000-100.000 inwoners
per 100 m² bvo
3,20
*
*
*
*
92%
Binnenstad of hoofdwinkel(stads)centrum 100.000-175.000 inwoners
per 100 m² bvo
3,30
*
*
*
*
96%
Binnenstad of hoofdwinkel(stads)centrum > 175.000 inwoners
per 100 m² bvo
3,00
*
*
*
*
99%
Buurtwinkelcentrum en dorps(winkel)centrum
per 100 m² bvo
2,40
2,60
2,10
2,10
*
72%
Wijkwinkelcentrum (klein)
per 100 m² bvo
*
3,30
2,70
2,70
*
76%
Wijkwinkelcentrum (gemiddeld)
per 100 m² bvo
*
3,90
3,30
3,30
*
79%
Wijkwinkelcentrum (groot)
per 100 m² bvo
*
4,50
3,80
3,80
*
81%
Stadsdeelcentrum
per 100 m² bvo
*
5,10
4,20
4,20
*
85%
Weekmarkt / klein wijk-, buurt- en dorpscentrum
per 100 m² bvo
2,40
2,60
2,10
2,10
*
85%
Kringloopwinkel
per 100 m² bvo
*
2,10
1,40
1,40
1,10
89%
Bruin- en witgoedzaken
per 100 m² bvo
0,20
0,20
0,10
0,10
0,10
92%
Woonwarenhuis/woonwinkel
per 100 m² bvo
0,20
0,20
0,10
0,10
0,10
91%
Woonwarenhuis (zeer groot)
per 100 m² bvo
*
*
0,10
0,10
0,10
95%
Meubelboulevard/woonboulevard
per 100 m² bvo
*
0,30
0,20
0,20
*
93%
Winkelboulevard
per 100 m² bvo
*
0,30
0,20
0,20
*
94%
Outletcentrum
per 100 m² bvo
*
0,30
0,20
0,20
0,10
94%
Bouwmarkt
per 100 m² bvo
*
0,30
0,20
0,20
0,10
87%
Tuincentrum (inclusief buitenruimte)
per 100 m² bvo
*
0,30
0,20
0,20
0,10
89%
Groencentrum (inclusief buitenruimte)
per 100 m² bvo
*
0,30
0,20
0,20
0,10
89%
* in overleg met de gemeente
Ontspanning
Functie
Eenheid
Zone 1
Zone 2
Zone 3
Zone 4
Zone 5
Aandeel bezoekers
Bibliotheek
per 100 m² bvo
2,50
2,50
1,80
1,80
1,40
97%
Museum
per 100 m² bvo
1,50
1,10
0,70
0,70
*
95%
Bioscoop
per 100 m² bvo
6,00
5,00
2,00
2,00
0,80
94%
Filmtheater/filmhuis
per 100 m² bvo
6,00
5,00
2,00
2,00
0,80
97%
Theater/schouwburg
per 100 m² bvo
14,00
10,00
9,00
9,00
7,00
87%
Musicaltheater
per 100 m² bvo
14,00
10,00
9,00
9,00
7,00
86%
Casino
per 100 m² bvo
1,00
1,00
0,80
0,80
0,80
86%
Bowlingcentrum
per bowlingbaan
3,50
2,50
2,00
2,00
1,90
89%
Biljart-/snookercentrum
per tafel
2,00
1,50
1,20
1,20
0,90
87%
Dansstudio
per 100 m² bvo
3,40
1,90
1,70
1,70
1,00
93%
Fitnessstudio/sportschool
per 100 m² bvo
3,40
1,90
1,70
1,70
1,00
87%
Fitnesscentrum
per 100 m² bvo
3,40
1,90
1,70
1,70
1,00
90%
Wellnesscentrum (thermen, kuurcentrum, beautycentrum)
per 100 m² bvo
*
*
2,00
2,00
2,00
99%
Sauna, hammam
per 100 m² bvo
3,00
2,00
2,00
2,00
2,00
99%
Sporthal
per 100 m² bvo
4,90
3,50
2,70
2,70
2,20
96%
Sportzaal
per 100 m² bvo
6,00
3,50
2,40
2,40
1,90
94%
Tennishal
per 100 m² bvo
0,60
0,40
0,40
0,40
0,40
87%
Padelhal
per 100 m² bvo
1,20
0,90
0,70
0,70
0,70
87%
Squashhal
per 100 m² bvo
4,90
3,30
2,90
2,90
2,40
84%
Zwembad overdekt
per 100 m² bassin
*
20,00
15,00
15,00
10,00
97%
Zwembad openlucht
per 100 m² bassin
*
25,00
20,00
20,00
15,00
99%
Zwemparadijs
per 100 m² bassin
*
*
8,00
8,00
8,00
99%
Sportveld
per hectare netto terrein
30,00
30,00
30,00
30,00
30,00
95%
Stadion
per zitplaats
0,10
0,10
0,10
0,10
*
99%
Kunstijsbaan (kleiner dan 400 meter)
per 100 m² bvo
2,60
2,10
1,80
1,80
1,50
98%
Kunstijsbaan (400 meter)
per 100 m² bvo
*
3,50
3,10
3,10
2,70
98%
Ski- snowboardhal
per 100 m² sneeuw (exclusief oefenpistes)
*
*
3,10
3,10
*
98%
Jachthaven
per ligplaats
0,10
0,10
0,10
0,10
0,10
n.v.t.
Golfoefencentrum (pitch en putt)
per centrum
*
*
10,00
10,00
10,00
93%
Golfbaan (18 holes)
per 18 holes, 60 ha.
*
*
10,00
10,00
10,00
98%
Indoorspeeltuin (kinderspeelhal), gemiddeld en kleiner
per 100 m² bvo
1,00
1,00
0,50
0,50
0,20
97%
Indoorspeeltuin (kinderspeelhal), groot
per 100 m² bvo
1,00
1,00
0,50
0,50
0,20
98%
Indoorspeeltuin (kinderspeelhal), zeer groot
per 100 m² bvo
1,00
1,00
0,50
0,50
0,20
98%
Kinderboerderij (stadsboerderij)
per gemiddelde boerderij
5,00
5,00
5,00
5,00
5,00
97%
Manege (paardenhouderij)
per box
*
*
*
*
0,40
90%
Dierenpark
per ha. netto terrein
5,40
5,40
5,40
5,40
5,40
99%
Attractie- en pretpark
per ha. netto terrein
*
*
5,40
5,40
5,40
99%
Volkstuin
per 10 tuinen
*
1,70
1,60
1,60
1,40
100%
Plantentuin (botanische tuin)
per gemiddelde tuin
*
15,00
10,70
10,70
8,30
99%
* in overleg met de gemeente
Horeca
Functie
Eenheid
Zone 1
Zone 2
Zone 3
Zone 4
Zone 5
Aandeel bezoekers
Camping (kampeerterrein)
per standplaats
*
*
*
*
0,10
90%
Bungalowpark (huisjescomplex)
per bungalow
*
*
0,10
0,10
0,10
91%
1* Hotel
per 10 kamers
1,00
1,00
1,00
1,00
1,00
77%
2* Hotel
per 10 kamers
1,00
1,00
1,00
1,00
1,00
80%
3* Hotel
per 10 kamers
1,00
1,00
1,00
1,00
1,00
77%
4* Hotel
per 10 kamers
1,00
1,00
1,00
1,00
1,00
73%
5* Hotel
per 10 kamers
1,00
1,00
1,00
1,00
1,00
65%
Café/bar/cafetaria
per 100 m² bvo
3,00
3,00
3,00
3,00
*
90%
Restaurant
per 100 m² bvo
3,00
3,00
3,00
3,00
*
80%
Discotheek
per 100 m² bvo
5,00
5,00
5,00
5,00
1,00
99%
Evenementenhal/ beursgebouw/ congresgebouw
per 100 m² bvo
0,50
0,50
0,50
0,50
*
99%
* in overleg met de gemeente
Gezondheid
Functie
Eenheid
Zone 1
Zone 2
Zone 3
Zone 4
Zone 5
Aandeel bezoekers
Huisartsenpraktijk (-centrum)
per behandelkamer
0,90
0,90
0,70
0,70
0,30
57%
Apotheek
per apotheek
4,00
4,00
4,00
4,00
*
45%
Fysiotherapiepraktijk (-centrum)
per behandelkamer
0,90
0,90
0,70
0,70
0,30
57%
Consultatiebureau
per behandelkamer
0,90
0,90
0,70
0,70
0,30
50%
Consultatiebureau voor ouderen
per behandelkamer
0,90
0,90
0,70
0,70
0,30
38%
Tandartsenpraktijk (-centrum)
per behandelkamer
1,60
1,60
1,40
1,40
1,20
47%
Gezondheidscentrum
per behandelkamer
0,90
0,90
0,70
0,70
0,30
55%
Ziekenhuis
per 100 m² bvo
0,30
0,30
0,50
0,50
0,50
29%
Crematorium
per (deels) gelijktijdige plechtigheid
0,60
0,60
0,60
0,60
0,40
99%
Begraafplaats
per (deels) gelijktijdige plechtigheid
*
*
3,00
3,00
3,00
97%
Penitentiaire inrichting
per 10 cellen
*
*
3,00
3,00
3,00
37%
Religiegebouw
per zitplaats
0,30
0,30
0,30
0,30
0,30
n.v.t.
Verpleeg- en verzorgingstehuis
per wooneenheid
0,10
0,10
0,10
0,10
*
60%
* in overleg met de gemeente
Onderwijs
Functie
Eenheid
Zone 1
Zone 2
Zone 3
Zone 4
Zone 5
Aandeel bezoekers
Kinderdagverblijf (crèche)
per 100 m² bvo
0,50
0,50
0,50
0,50
0,50
0%
Basisonderwijs
per leslokaal
5,00
5,00
5,00
5,00
5,00
48%
Middelbare school
per 100 leerlingen
60,00
60,00
60,00
60,00
60,00
11%
ROC
per 100 leerlingen
36,00
36,00
36,00
36,00
36,00
7%
Hogeschool
per 100 studenten
48,00
48,00
48,00
48,00
48,00
72%
Universiteit
per 100 aanwezige studenten
48,00
48,00
48,00
48,00
48,00
48%
Avondonderwijs of vrijetijdsonderwijs
per 10 studenten
2,50
2,50
2,50
2,50
2,50
95%
* in overleg met de gemeente
Bijlage 6 Kwaliteitseisen fietsparkeren
Functie
Kwaliteitseis
Toelichting
Alle functies
Alle fietsparkeervoorzieningen voldoen aan de eisen van het FietsParKeur.
Externe link:http://fietsparkeur.nl/uploads/normstel-lend_document_fietsparkeur_2.1.pdf
Alle functies
Fietshellingen of -trappen voldoen aan de maximale voorschriften uit de Leidraad fietsparkeren van CROW
Te bestellen via: Externe link:https://www.crow.nl/publicaties/leidraad-fietsparkeren-(1)
Alle functies
Indien in een openbare parkeervoorziening een parkeergedeelte voor fietsen wordt opgenomen, moet de toegang daarvan altijd fysiek gescheiden zijn van die van het autoverkeer.
In niet-openbare parkeergarages en stallinggarages geldt de eis niet.
Alle functies
De ingang van de bergruimte ligt binnen loopafstand van de hoofdingang van het gebouw.
-
Alle functies
In het ontwerp van de bergruimte dient rekening gehouden te worden met (brom- en snor)fietsen met afwijkende maten.
-
Alle functies
In een bergruimte dient rekening gehouden te worden met oplaadmogelijkheden voor (brom- en snor)fietsen.
-
Woningen
Een niet-gemeenschappelijke bergruimte moet ten minste over een vloeroppervlakte van 5 m² beschikken, bij een breedte van ten minste 1,8 meter en een hoogte van ten minste 2,3 meter.
De eis is afgeleid uit het Bouwbesluit 2012, Artikel 4.31.
Externe link:https://www.bouwbesluitonline.nl/Inhoud/docs/wet/bb2012/hfd4/afd4-5/art4-31
Woningen
Een niet-gemeenschappelijke bergruimte is afsluitbaar.
De eis is afgeleid uit het Bouwbesluit 2012, Artikel 4.31.
Externe link:https://www.bouwbesluitonline.nl/Inhoud/docs/wet/bb2012/hfd4/afd4-5/art4-31
Woningen
Een bergruimte is vanaf de openbare weg rechtstreeks bereikbaar via het aansluitende terrein of een gemeenschappelijke verkeersruimte.
De eis is afgeleid uit het Bouwbesluit 2012, Artikel 4.31.
Externe link:https://www.bouwbesluitonline.nl/Inhoud/docs/wet/bb2012/hfd4/afd4-5/art4-31
Bijlage 7 Rekenvoorbeelden
Rekenvoorbeeld: salderen
In dit rekenvoorbeeld wordt de parkeerbehoefte van een voormalige kantoorfunctie gesaldeerd met die van een nieuwe woonfunctie. Voor beide functies wordt uitgegaan van een parkeerbehoefte van 20 parkeerplaatsen. Omwille van de eenvoud is de berekening beperkt tot enkele dagdelen en wordt het bezoekersaandeel buiten beschouwing gelaten.
Uit de onderstaande tabel kunnen verschillende conclusies worden getrokken. Zo blijkt dat de parkeerbehoefte van de nieuwe woonfunctie op de werkdagochtend en -middag lager ligt dan die van de oorspronkelijke kantoorfunctie. Dit komt doordat kantoren op werkdagen overdag een maximale bezetting kennen (100% aanwezigheid), terwijl bij woningen doorgaans slechts een deel van de bewoners overdag thuis is (circa 50%).
Daarnaast laat de tabel zien dat het moment waarop de parkeerbehoefte het hoogst is, verschilt tussen de oude en nieuwe functie. In de werkdagnacht is er bij een kantoorfunctie geen parkeerbehoefte (0% aanwezigheid), terwijl bij een woonfunctie alle bewoners thuis zijn (100% aanwezigheid). Dit betekent dat bij een functiewijziging van kantoor naar wonen de volledige parkeerbehoefte moet worden gefaciliteerd,
.
In dit voorbeeld betekent dit dat 20 parkeerplaatsen moeten worden gerealiseerd. Indien de parkeerplaatsen van de voormalige kantoorfunctie in de nacht feitelijk wel beschikbaar zijn, kan dit worden meegenomen in de beoordeling. In dat geval dient de beschikbaarheid te worden onderbouwd met een parkeertelling (zie paragraaf 6.3.6). (zie paragraaf 6.3.6).
Berekening
Werkdag-middag
Werkdag-avond
Werkdag-nacht
Zaterdag-avond
Aanw. percentage kantoor
100%
100%
0%
0%
Aanw. percentage woningen bewoners
50%
50%
100%
80%
Parkeerbehoefte kantoor (huidig)
20,0
20,0
0,0
0,0
Parkeerbehoefte wonen (toekomstig)
10,0
10,0
20,0
16,0
Resultaat (oud – nieuw)
10
10
-20
-16
Rekenvoorbeeld: dubbelgebruik
In dit rekenvoorbeeld bestaat het programma uit tien tussen- en hoekwoningen en 1.000 m² bruto vloeroppervlak aan kantoorruimte (zonder baliefunctie). De ontwikkeling is gelegen in zone 3. Het rekenvoorbeeld is vereenvoudigd.
Op basis van de parkeernormen resulteert het programma in een normatieve parkeerbehoefte van 35 parkeerplaatsen. Door toepassing van dubbelgebruik hoeven in de praktijk slechts 25 parkeerplaatsen te worden aangelegd. Dit komt doordat kantoormedewerkers overdag gebruikmaken van parkeerplaatsen die in de avond en nacht beschikbaar zijn voor bewoners.
Deze vorm van dubbelgebruik draagt bij aan een efficiënter ruimtegebruik en sluit aan bij het uitgangspunt dat parkeerplaatsen zoveel mogelijk meervoudig benut worden, mits de gebruiksmomenten van de verschillende functies elkaar niet overlappen.
Gehanteerde parkeernormen in dit rekenvoorbeeld:
•Tussen-/hoekwoningen:
•Bewonersnorm: 1,8 parkeerplaats per woning
•Bezoekersnorm: 0,15 parkeerplaats per woning
•Kantoorfunctie (zonder baliefunctie):
•1,8 parkeerplaats per 100 m² bruto vloeroppervlak (bvo)
Berekening
Werkdag-middag
Werkdag-avond
Werkdag-nacht
Zaterdag-avond
Aanw. percentage woningen bewoners
50%
90%
100%
80%
Aanw. percentage woningen bezoekers
20%
80%
0%
100%
Aanw. percentage kantoor
100%
5%
0%
0%
Parkeerbehoefte woningen bewoners
9
16
18
14
Parkeerbehoefte woningen bezoekers
3
12
0
15
Parkeerbehoefte kantoor
18
1
0
0
Parkeerbehoefte totaal
30
29
18
29
Bijlage 8 Begrippenlijst
a.Aanwezigheidspercentage: een percentage dat per dagdeel aangeeft in welke mate doelgroepen van een functie aanwezig zijn. Een overzicht van aanwezigheidspercentages is opgenomen in bijlage 4.
b.Autoparkeernorm: het aantal benodigde autoparkeerplaatsen per eenheid (bijvoorbeeld woning) of per 100 m² bruto vloeroppervlak (bvo) voor een specifieke functie.
c.Bezoekersaandeel: het deel van de totale parkeervraag dat wordt veroorzaakt door bezoekers.
d.Bruto vloeroppervlak (bvo): de vloeroppervlakte van een ruimte of meerdere ruimten binnen een vastgoedobject, gemeten volgens NEN 2580 op vloerniveau langs de buitenomtrek van de buitenste scheidingsconstructie.
e.CROW: kennisplatform op het gebied van infrastructuur, openbare ruimte, verkeer en vervoer.
f.Eigen terrein: grond waarover de initiatiefnemer beschikt, gelegen op of nabij de ontwikkellocatie en binnen de maximale loopafstand zoals genoemd in paragraaf 5.2.1.
g.Fietsparkeernorm: het aantal benodigde fietsparkeerplaatsen per eenheid of per 100 m² bruto vloeroppervlak (bvo) voor een specifieke functie.
h.Gebruikersaandeel: het deel van de parkeervraag dat voortkomt uit vaste gebruikers, exclusief bezoekers.
i.Initiatiefnemer: de ontwikkelaar en/of eigenaar van de grond of het vastgoedobject waarvoor een aanvraag omgevingsvergunning is ingediend.
j.Loopafstand: de kortst mogelijke looproute tussen een parkeerplaats en het bestemmingsadres.
k.Parkeereis: het aantal auto- en fietsparkeerplaatsen dat beschikbaar moet worden gesteld ten behoeve van een ruimtelijke ontwikkeling.
l.Ruimtelijke ontwikkeling: een ontwikkeling in de vorm van nieuwbouw, transformatie of functiewijziging.