Aanhef
De gemeenteraad;
gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders
d.d 14 oktober 2025 no. 25.077286
gelet op artikel 229, eerste lid, onder a, van de Gemeentewet;
besluit:
vast te stellen de volgende verordening:
VERORDENING OP DE HEFFING EN DE INVORDERING VAN LIGGELD GEMEENTE RIJSWIJK 2026
Artikel 1 Definities
Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:
a.woonschip: schip dat uitsluitend of in hoofdzaak gebezigd wordt of bestemd is voor bewoning;
b.ligplaats: plaats in het water, bestemd of aangewezen om door een woonschip bij verblijf te worden ingenomen.
c.dag: een tijdvak van 24 uur, aanvangende te 00.00 uur.
Artikel 2 Belastbaar feit
Onder de naam 'liggeld' wordt een recht geheven voor het hebben van een ligplaats voor een woonschip, daaronder begrepen de diensten die met de ligplaats verband houden, bij een verblijf langer dan twee weken op de krachtens de geldende Algemene plaatselijke verordening voor Rijswijk aangewezen plaatsen.
Artikel 3 Belastingplicht
1Het liggeld wordt geheven van de hoofdbewoner van het woonschip.
2Wie als hoofdbewoner wordt aangemerkt, wordt naar de omstandigheden beoordeeld.
Artikel 4 Maatstaf van heffing en tarief
Het liggeld bedraagt per woonschip € 1,13
voor elke dag, waarmee het verblijf binnen de gemeente de tijd van veertien, al dan niet achtereenvolgende, dagen binnen hetzelfde kalenderjaar te boven gaat.
Artikel 5 Belastingtijdvak
Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar.
Artikel 6 Wijze van heffing en betaling
1Het recht wordt geheven door middel van een gedagtekende nota.
2In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moet de gedagtekende nota worden betaald binnen dertig dagen na dagtekening van de nota.
3De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het tweede lid gestelde termijn.
4De belastingschuldige, die nalaat het verschuldigde recht te voldoen, is gehouden om op eerste aanzegging van het college van burgemeester en wethouders de ligplaats met medeneming van het woonschip te verlaten.
Artikel 7 Ontstaan van de belastingschuld
Het liggeld is verschuldigd bij het begin van het belastingjaar of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht.
Artikel 8 Teruggaaf
Teruggaaf van het recht vindt plaats indien de ligplaats wordt verlaten voordat de periode waarover het recht is voldaan, is verstreken.
Artikel 9 Kwijtschelding
Bij de invordering van het liggeld wordt geen kwijtschelding verleend.
Artikel 10 Overgangsrecht, inwerkingtreding en citeertitel
1De ”Verordening Liggeld 2025”, vastgesteld bij raadsbesluit van 5 november 2024 wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.
2Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na de bekendmaking.
3De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2026.
4Deze verordening kan worden aangehaald als “Verordening Liggeld Gemeente Rijswijk 2026”.