Aanhef
De heffings- en invorderingsambtenaar van de gemeente Rijswijk:
overwegende dat het bij de heffing en invordering van gemeentelijke belastingen en de uitvoering van de Wet waardering onroerende zaken het noodzakelijk is zich te kunnen laten vertegenwoordigen;
gelet op Afdeling 10.1.1. van de Algemene wet bestuursrecht en de artikelen 231, tweede lid, onderdeel b en c van de Gemeentewet en art. 1, eerste en tweede lid van de Wet waardering onroerende zaken:
Besluit:
Artikel 1
Mandateert hierbij de medewerker Ontwikkeling II (Fiscaal-juridisch beleidsmedewerker) van Team Belastingen tot:
•Het nemen van besluiten om mandaat te verlenen;
•het vaststellen en verzenden van WOZ-beschikkingen;
•het vaststellen en verzenden van aanslagen gemeentelijke belastingen;
•het doen van uitspraak op een bezwaarschrift en het ondertekenen hiervan tegen een belastingaanslag en/of WOZ- beschikking;
•het ondertekenen van stukken in beroepsprocedures tegen een belastingaanslag en/of WOZ-beschikking.
•het vaststellen van een betalingsregeling;
•het verzenden van kosteloze herinneringen, aanmaningen en dwangbevelen;
•het laten leggen van beslag;
Artikel 2
Ondermandaat van bovengenoemde bevoegdheid is niet mogelijk.
Artikel 3
Dit besluit treedt in werking op de 1e dag na die van bekendmaking.
Artikel 4
Dit besluit kan worden aangehaald als het “Mandaatbesluit heffings- en invorderingsambtenaar Rijswijk 2025”.