Aanhef
Gelet op artikel 16.55 lid 7 Omgevingswet
Gelet op het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 18 maart 2025
Worden de volgende onderwerpen aangewezen voor participatie voorafgaand aan een besluit op de aanvraag om een buitenplanse omgevingsplanactiviteit
Tekst
Onderwerp
Categorie
1Woningbouw
Rood – voor – rood initiatieven met compensatie op een kavel elders
Het bouwen van 10 of meer woningen of appartementen anders dan op basis van het geldende inbreidingsbeleid
2Bedrijventerreinen
Niet van toepassing
3Horeca
Niet van toepassing
4Agrarische bedrijven
Niet van toepassing
5Recreatie
Niet van toepassing
6Reguliere bedrijven
Niet van toepassing
7Duurzame energie
Initiatieven die voorzien in het bedrijfsmatig opwekken van duurzame energie. Onder bedrijfsmatig wordt verstaan het opwekken van energie anders voor de eigen behoefte.
8Overig
Initiatieven waaraan voorafgaand aan een aanvraag om omgevingsvergunning geen principeverzoek is ingediend
Inwerkintreding
1De ‘Lijst met gevallen waarin participatie is vereist gemeente Rijssen-Holten 2022’ wordt ingetrokken gelijktijdig met inwerkingtreding van de lijst 2025.
2De ‘Lijst met gevallen waarin participatie is vereist gemeente Rijssen-Holten 2025’ treedt in werking op de dag van inwerkingtreding van het omgevingsplan gemeente Rijssen-Holten, eerste wijziging.
Toelichting
De Omgevingswet voorziet in een wettelijk kader waarbij activiteiten in beginsel steeds vaker vergunningsvrij zijn tenzij een vergunningplicht geldt (benutten). Belangrijk uitgangspunt binnen de Omgevingswet is de betrokkenheid van belangen van derden bij initiatieven (beschermen). Dat wordt onder meer via participatie geborgd.
De raad is bevoegd onderwerpen aan te wijzen waarover zij het noodzakelijk acht dat vooraf aan participatie wordt gedaan. Het betreft onderwerpen met een specifieke of grote ruimtelijke impact.
Het college van burgemeester en wethouders is in die procedures het bevoegde bestuursorgaan, maar moet beoordelen of voldoende aan participatie is gedaan. De lijst is een vangnet bij initiatieven. De raad vertrouwt erop dat initiatiefnemers hun initiatieven zelf met belanghebbenden bespreken en daar waar nodig bijstellen.
Artikelgewijs
5Recreatie
Voor recreatie wordt het begrip ‘extensieve recreatie’ gehanteerd. Daaronder worden in elk geval de aanleg van wandel-, fiets-, mountainbike- of ruiterpaden.
8Overig
Een zorgvuldig besluitvormingsproces voor initiatieven die niet binnen het vastgestelde omgevingsplan passen bestaat mede uit zorgvuldige betrokkenheid van de belangen van derden. Dat gebeurd bij initiatieven die niet passen in een bestaand beleidskader normaal via een principeverzoek.
Bij de behandeling van dat verzoek wordt meegeven aandacht te hebben voor de belangen van derden. Als een initiatiefnemer er voor kiest het principeverzoek over te slaan en er geen participatie rondom de aanvraag om omgevingsvergunning is gerealiseerd, is het als vangnet noodzakelijk de verplichting tot participatie op te leggen.