5. Voorwaarden voor verhuur
5.1 Beleidsinhoudelijke doelstellingen
De Ridderkerkse welzijnsaccommodaties hebben een maatschappelijke functie en zijn bedoeld voor het ondersteunen van bewoners en buurtinitiatieven, gericht op participatie, zelfredzaamheid en sociale cohesie. De programmering en het bereik van de doelgroepen in de welzijnsaccommodaties dragen bij aan de te bereiken maatschappelijke effecten (uit de actuele beleidskaders).
In deze accommodaties zijn verschillende ruimtes beschikbaar, die zijn geopend én toegankelijk voor álle wijkbewoners. De welzijnsaccommodaties zijn primair bedoeld voor activiteiten met maatschappelijke doelstellingen. In alle redelijkheid dienen deze activiteiten hier aantoonbaar aan te voldoen. De accommodaties zijn niet beschikbaar voor kinderfeestjes, babyshowers, bruiloften en andere besloten particuliere activiteiten.
De programmering van de welzijnsaccommodaties sluit aan bij de beleidskaders en de genoemde trends en ontwikkelingen. Per wijk kunnen andere accenten worden gelegd in de programmering van activiteiten. In elke wijk wordt de programmering van het wijkgebouw door de beheerder afgestemd met de partners in de wijk. De programmering van de wijkvoorzieningencentra moet voldoen aan één van de volgende criteria:
•Vitale rol voor ontmoeting;
•Omzien naar elkaar, begrip voor elkaar;
•Een vangnet in de sociale infrastructuur;
•Ontmoeten doelgroep 60-75 jarigen tot opbouw van sociaal netwerk;
•Doelgroepen begeleid een plek geven;
•Beweegactiviteiten, met bijvoorbeeld start- en eindpunt;
•Gezonde leefstijl.
Deze criteria kunnen eveneens worden gehanteerd voor het toekennen van subsidies voor activiteiten in accommodaties die niet door de gemeente worden geëxploiteerd.
5.2 Verhuurbare ruimtes
De ruimtes in de accommodaties / wijkvoorzieningencentra worden verhuurd om de maatschappelijke doelen te realiseren. Periodiek, in ieder geval jaarlijks, wordt de bezettingsgraad van de verschillende ruimtes gemonitord. Het kan voorkomen dat een of meerdere ruimtes/lokalen bijvoorbeeld een half jaar leeg staan. In die gevallen gaan de gemeente, de beheerder van de accommodatie en de Stichting Facet met elkaar in gesprek over de vraag of en in hoeverre deze verhuurd zullen gaan worden.
6. Beheer welzijnsaccommodaties is maatwerk
6.1 Functies binnen het Sociaal Beheer
De dagelijkse gang van zaken in een wijkvoorzieningencentrum brengt een verscheidenheid aan taken met zich mee. Werk dat vaak door meerdere mensen samen gedaan kan worden, zowel door beroepskrachten als vrijwilligers.
Voor een goede gang van zaken is het van belang dat iedereen weet wat hem of haar te doen staat en welke plaats die functie in het geheel inneemt. Dat schept helderheid voor medewerker én organisatie.
In de Ridderkerkse welzijnsaccommodaties zullen de onderstaande functies en taken – al dan niet in een combinatie - het meest voorkomen en voor de uitvoering in handen kunnen komen van een groep individuele vrijwilligers of een (wijk)vereniging:
•Beheerder;
•Assistent beheerder / conciërge;
•Gastvrouw/gastheer/receptionist(e);
•Verhuurmedewerk(st)er;
•Barmedewerker
•Huishoudelijk medewerker:
Taken die in handen zijn en blijven van Facet zijn:
•Accounthouder (eindverantwoordelijke);
•Sociaal makelaar;
•Verhuurmodule (overall).
In het onderstaande overzicht zijn de functies en taken schematische weergegeven. Afhankelijk van de situatie kunnen functies en taken worden gecombineerd.
Voor een aantal functies geldt dat Facet de concrete opdracht kan krijgen om zich in te spannen om deze in te vullen via de Participatiewet, SROI of werkervaringsplek.
6.2 Functies beheer (schematisch)
Bij voorkeur in te vullen door inwoners/(wijk)verenigingen e.d.
Beheerder
De beheerder heeft tot taak er, in de ruimste zin van het woord, voor te zorgen dat de bezoekers optimaal gebruik kunnen maken van de accommodatie. Hiervoor zal hij/zij soms een duizendpoot moeten zijn die, behalve met de interne organisatie, bijvoorbeeld ook met onderhouds-werkzaamheden is belast en leiding geeft aan assistent- beheerders.
Assistent beheerder / conciërge
Hoe groter een accommodatie, hoe uitgebreider de beheerstaken. Het kan voorkomen dat een beheerder assistentie nodig heeft. De beheerder kan een aantal uitvoerende taken bij de assistent-beheerder neerleggen maar behoudt zelf de eindverantwoordelijkheid. Een assistent beheerder heeft vaak praktisch de functie van conciërge, dat wil zeggen iemand die aanwezig is voor het gebruiksklaar maken en houden van de ruimtes.
Gastvrouw / gastheer / receptionist
Een (grote) accommodatie met veel gebruikers kan met deze functie het accent leggen op een goede ontvangst en service tijdens het verblijf van de bezoekers/gebruikers.
Verhuurtaken
De verhuurmedewerker richt zich op de verhuur van de accommodaties. Dat is met name zorgen dat de locaties zo goed mogelijke gebruikt worden en dat gebruikte uren gefactureerd worden.
Deels overgedragen taak.
Bartaken
Accommodaties hebben vaak een barfunctie. Medewerkers die de benodigde barinstructie hebben gevolgd of in het bezit zijn van de benodigde diploma’s zoals Sociale Hygiëne of IVA (verantwoord alcoholgebruik) zijn gerechtigd alcoholhoudende dranken te verkopen.
Huishoudelijke taken
Deze rol omvat de schoonmaaktaken in de accommodaties. Nog in te vullen keuze: door de wijkvereniging zelf of ingeregeld in de huur(overeenkomst).
Stichting Facet Ridderkerk
Accounthouder
De accounthouder heeft (in opdracht van de gemeente) het algehele overzicht op de voortgang en ontwikkelingen rondom het sociaal beheer van welzijnsaccommodaties: het faciliteren, ondersteunen en begeleiden, en de maatwerkafspraken met de desbetreffende wijkverenigingen of inwoners.
Sociaal makelaarschap
Sociaal makelaars zorgen voor maatschappelijke activering en participatie van verschillende doelgroepen. Deze medewerkers zorgen dat burgerinitiatieven of inwoners die baat kunnen hebben bij een activiteit, met name kwetsbare inwoners, hun weg naar de accommodaties kunnen vinden. Daarnaast kan er ondersteuning worden geboden aan vrijwilligers en kwetsbare doelgroepen.
Verhuurtaken
Voor de verhuur van de accommodaties beschikt Facet over een online-verhuurmodule. Met de module kunnen inwoners en partners laagdrempelig en eenvoudig ruimtes reserveren. Voor de exploitant van de accommodatie is het eenvoudig om facturen te versturen.
6.3 Maatwerk door Facet
Een optie is dat de Facet partijen faciliteert en ondersteunt. Facet heeft expertise op het gebied van het beheren van welzijnsaccommodaties. Binnen het product Sociaal Beheer kan Facet met beheervarianten maatwerk leveren, zoals een welzijnsaccommodatie volledig in beheer nemen of op bepaalde delen van de dag. Ook kan gedacht worden aan het op afroep ‘invliegen’ van een beheerder of (deels) exploiteren van de bar. Kortom: een flexibel inzetbare rol van Facet binnen het product Sociaal Beheer.
De evaluatie van de visie op het Sociaal Beheer Ridderkerk vindt plaats in 2020.
Bijlage 1: Beleidskader, gemeente Ridderkerk
Beleidskaders* gemeente Ridderkerk
Welzijnskader 2016-2020 “Gewoon meedoen”:
1Meedoen: Inwoners met een uitkering doen mee. De tegenprestatie mag een vorm van maatschappelijk relevant vrijwilligerswerk zijn.
2Wijkgericht werken: In elke wijk is een welzijnsaanbod dat past bij het karakter van de wijk. Dit aanbod komt tot stand door initiatieven uit de wijk en is opgenomen in de sociale kaart.
3Right to challenge: Ridderkerkers worden uitgedaagd om de eigen talenten in te zetten voor de wijk.
4Kunst en cultuur: Er is een ruim aanbod van kunst en culturele activiteiten dat mensen laat meedoen. Hiermee worden talenten gestimuleerd en eenzaamheid en sociaal isolement verminderd.
5Bewegen: Sportactiviteiten worden ingezet om mensen te laten meedoen en het sociale netwerk te vergroten. Hiermee worden eenzaamheid en sociaal isolement verminderd en talenten gestimuleerd.
6Vrijwilligerswerk:
o Ridderkerkers vinden vrijwilligerswerk vanzelfsprekend.
o Dankzij een goede organisatiestructuur worden vrijwilligers en vrijwilligersorganisaties goed uitgerust en ondersteund, wat hun werk ten goede komt.
o Belemmeringen om vrijwilligerswerk te kunnen doen worden zoveel mogelijk weggenomen.
o Vrijwilligers kunnen in een prettige en veilige omgeving werken.
o Alle vrijwilligers zijn in het bezit van een VOG.
o Vrijwilligers voelen zich gewaardeerd en krijgen erkenning.
Jeugdkader 2016-2020 “Gewoon opgroeien”:
1Jongeren voelen zich thuis en welkom in hun eigen woonomgeving en dragen bij aan een goed leefbare omgeving.
2In Ridderkerk ontmoeten verschillende leeftijdsgroepen elkaar binnen de wijk/buurt.
3De eigen kracht van de wijk bij het opvoeden en opgroeien (pedagogische kracht) is aanwezig.
4In Ridderkerk zijn voldoende eigen plekken voor de jeugd, waar jeugdigen elkaar kunnen ontmoeten.
5Er worden meer ‘op maat’-activiteiten in de buurt georganiseerd (sport, spel, muziek) op bijvoorbeeld schoolpleinen.
6Er vinden regelmatig toegankelijke activiteiten in Ridderkerk plaats die het stimuleren van talentontwikkeling van jeugdigen tot doel hebben.
7Samen met onze partners komen we tot een gedeelde visie over een mogelijke realisering van een integraal kindcentrum, de toegevoegde waarde daarvan ten opzichte van de huidige Brede Scholen en geplaatst in de Ridderkerkse situatie.
8Indien er behoefte is aan het aanbod Brede School voor jeugdigen in het voortgezet onderwijs, zal hier een aanbod voor worden gecreëerd.
9Jeugdigen worden gestimuleerd en geactiveerd om deel te nemen aan sportieve en/of culturele activiteiten.
Sportkader 2015-2020 “Bewegend Verbinden:
1Sport en bewegen worden ingezet als preventieve voorziening
2Het sportieve netwerk moet verbreed en versterkt worden: onderwijs, maatschappelijke instellingen, verenigingen, ondernemers, de burgers en gemeente.
3Sport en bewegen inzetten om sociale cohesie (ontmoeting) te bevorderen.
4Overgewicht moet bestreden worden, waarbij samenwerking met (maatschappelijke) partners essentieel is.
*voor zover relevant voor Sociaal Beheer Ridderkerk
Bijlage 2: Trends en Ontwikkelingen
Beleidsmatige invalshoek sociaal beheer
Het eigen kracht principe: het wijkcentrum als algemeen voorliggende voorziening
Vanuit de landelijke politiek staat in alle grote beleidsmatige ontwikkelingen van de laatste 10 jaar het eigen kracht principe centraal. Van verzorgingsstaat naar participatiesamenleving. Mensen zijn in eerste instantie zelf verantwoordelijk voor het meedoen in de samenleving. Dit is de gedachte achter de Wmo, de Participatiewet en de gedecentraliseerde wetgeving in 2015.
Het principe: we vertrouwen op de eigen kracht van de burger. Als meedoen niet lukt dan moet de burger terugvallen op het eigen netwerk. Mocht dit netwerk er niet zijn dan zijn er de algemene voorliggende voorzieningen waarnaar verwezen wordt. Denk hierbij aan hulp om een netwerk op te bouwen, koppelen aan een laagdrempelige voorziening of vrijwilliger in de buurt. Pas in allerlaatste instantie kan gebruik gemaakt worden van professionele ondersteuning.
Het gevolg van het landelijk beleid is dat de drempel om gebruik te maken van zorgvoorzieningen hoger is geworden. Dit gaat gepaard met toenemende aandacht voor preventief werken: het voorkomen dat problemen ontstaan, of het bieden van laagdrempelige algemene voorzieningen. Deze beweging van zorg naar welzijn wordt als lijn in het Ridderkerkse coalitieakkoord ‘veel kleuren één pallet’ gezien en omarmd. Vanuit de landelijke overheid wordt met een aantal programma’s hierop ingespeeld (b.v. pact tegen de eenzaamheid en pact voor ouderenzorg).
Deze lijn is een voortzetting van het eerder vastgestelde beleid. Het eigen kracht principe loopt als een rode draad door het welzijnskader ‘gewoon meedoen’. De wijkvoorzieningen centra zijn in dit stuk als algemene voorliggende voorziening benoemd. De centra worden omschreven als belangrijke sociale infrastructuur. Een verdere invulling hieraan is niet gegeven in het uitvoeringsprogramma. Er is nog niet benoemd voor welke doelgroepen de wijkcentra specifiek een algemene voorliggende voorziening moeten zijn en wat hiervan precies het vereiste maatschappelijk effect moet zijn. De gedachte is in 2017 wel de reden geweest waarom de opdracht voor het sociaal beheer, niet is meegegaan in de aanbesteding voor het beheer van de sporthallen. Gezien het grote inhoudelijke belang voor de gemeente is gekozen om de uitvoering van het sociaal beheer te beleggen bij de welzijnspartner.
De Ridderkerkse cijfers
Vergrijzing
Het is een feit dat Nederland vergrijst. Volgens de database van Tympaan waarin Zuid-Hollandse gemeenten vergeleken worden, vergrijst Ridderkerk 4% meer dan andere gemeenten in de regio. Vergrijzing zal volgens Aedes in de benchmark 2018 in Ridderkerk in ieder geval met meer dan 14,8% toenemen.
De vergrijzing heeft een aantal gevolgen. Allereerst zal de zorgvraag toenemen. Hier is sprake van een cumulatief effect. De groep senioren groeit maar tegelijkertijd worden mensen steeds ouder. Zeker in Ridderkerk waar de levensverwachting, volgens het RIVM, 2 jaar hoger ligt dan het gemiddelde in Nederland. De kans op ouderdomsziekten groeit. Zo zal naar verwachting het aantal dementerenden in Ridderkerk toenemen met 135% naar het jaar 2040 volgens het meerjarenplan dementie van de ketenzorg dementie BAR. Er wordt een toename in zorgbehoefte voorzien van zo’n 162% volgens Tympaan.
Als gevolg van deze ontwikkeling zal ook het beroep op de omgeving toenemen. Het aantal mantelzorgers zal stijgen. Hier kan een knelpunt ontstaan aangezien ook de directe leefomgeving vergrijst. De uitdaging wordt dus om preventieve middelen zo in te zetten dat een zorgzame samenleving kan ontstaan zodat mensen zo lang mogelijk gebruik kunnen maken van de eigen kracht. De wijkaccommodaties moeten als ontmoetingscentrum, of steunpunt in de wijk, hier een vitale rol in spelen vanuit de gedachte dat het een algemene voorliggende functie is.
Eenzaamheid
De Wmo schrijft voor dat mensen in eerste instantie zelf verantwoordelijk zijn om mee te doen in de samenleving. Als dat niet lukt moeten mensen een beroep op een eigen netwerk kunnen doen.
Om voldoende netwerk te hebben is het essentieel dat er voldoende mogelijkheden zijn voor ontmoeting. In de afgelopen jaren zijn veel van die natuurlijke ontmoetingsmogelijkheden verdwenen. Het shoppen gebeurt online, de dagelijkse boodschappen kunnen besteld worden. Het postkantoor is verdwenen en als er boodschappen gedaan wordt in de supermarkt dan is alles er op gericht op een zo snel mogelijke doorstroming. Het wijkcentrum moet in de wijken van Ridderkerk waar niet per se veel ontmoetingsmogelijkheden zijn een vangnet zijn in de sociale infrastructuur.
Een indicator of het netwerk rond de burger voldoende aanwezig is, is de ervaren eenzaamheid. De GGD-monitor laat zien dat de ervaren eenzaamheid onder volwassenen (19 – 64 jaar) in Ridderkerk hoger is dan het landelijk gemiddelde. Dat is alarmerend omdat in deze groep de vergrijzende populatie van de komende 15 jaar zit. Dit zijn de mensen die naar de toekomst toe juist een netwerk nodig hebben om mee te kunnen blijven doen.
Ridderkerk
Nederland
Emotionele eenzaamheid
27%
26%
Sociale eenzaamheid
40%
38%
Bron GGD-monitor
Opvallend genoeg geven ouderen zijn de eenzaamheidscijfers voor ouderen (65+) gelijk of lager dan het landelijk gemiddelde.
Ridderkerk
Nederland
Emotionele eenzaamheid
30%
30%
Sociale eenzaamheid
44%
45%
Bron: GGD-monitor
Vanuit de opgave in het sociale domein geredeneerd, zou het programma van het wijkvoorziening centrum, ruimte moeten bieden voor ontmoeting voor de doelgroep tussen de 60 en de 75 jaar met het doel om te faciliteren dat op wijkniveau bewoners de mogelijkheid hebben om een netwerk op te bouwen. Dat vraagt een programmering en uitstraling van de centra die aansluit op de interesses en leefwereld van deze leeftijdsgroep.
Daarnaast is het belangrijk dat voor de leeftijdsgroep boven de 75 jaar ontmoetingsmogelijkheden in de buurt toegankelijk zijn. Dit is vanwege de afnemende mobiliteit van de doelgroep en het overduidelijke belang voor het ervaren welzijn (en zelfs de effecten op de gezondheid) om in contact te blijven.
Botsing van leefstijlen: leefbaarheid onder druk
Naast de ontwikkelingen in het sociale domein is er nog een grote beleidsmatige wijziging geweest die invloed heeft op de leefbaarheid in de wijken.
Met de nieuwe Woonwet wordt scheef wonen tegengegaan. Dat houdt in dat er strak gestuurd wordt op dat de mensen met het juiste inkomensniveau gebruik maken van sociale woningbouw.
Tegelijkertijd is de instroom vanuit de regio op juist deze woningen in de afgelopen jaren gegroeid. Dit komt doordat Ridderkerk is aangesloten op Woonnet Rijnmond. Doordat er in de wijken van Ridderkerk concentraties van sociale huurwoningen zijn wordt een botsing van leefstijlen ervaren die de leefbaarheid onder druk zet. Dit is onderschreven als een belangrijk punt van aandacht in het coalitieprogramma ‘veel kleuren één pallet’. Kortom de ervaren druk op de gemeenschap neemt toe in een tijd dat juist die gemeenschap nodig is.
Een aantal karakteristieken in de demografische opbouw van de wijk zullen hier ook een invloed op hebben. Zo is het grote verschil in sociaal economische status (SES) opvallend. Drievliet en Oost zitten ongeveer op het landelijk gemiddelde. Slikkerveer is iets hoger dan het gemiddelde en Rijsoord, Oostendam en Het Zand hebben een hoge SES.
De wijken West en Centrum hebben een lage SES. Opvallend is dat in deze wijken het aantal eenoudergezinnen het hoogst is en dat geldt ook voor het aantal inwoners met een andere culturele achtergrond. In het centrum is het aantal mensen met een laag inkomen 54%. Het lijkt gezien de opgave dat juist in het centrum een wijkcentrum als verbindend middel ingezet zou kunnen worden waarmee betaalbare ontmoeting mogelijk gemaakt wordt maar die is er niet.
Bovenstaande pleit voor een wijkgerichte aanpak. Een programmering gericht op de dominante leefstijlen in de wijk. Een programmering waarmee mensen in de wijk met elkaar in contact gebracht kunnen worden met als doel het bevorderen van sociale cohesie in de wijk.
Inclusieve samenleving
De gevolgen van de extramuralisering als gevolg van de decentralisaties zijn merkbaar. Zo wonen mensen, die voorheen in het verzorgingstehuis of in een woonvoorziening voor beschermd wonen zaten, steeds vaker in de wijk. Gevolg is dat er steeds meer meldingen gedaan worden door personen met verward gedrag. Dit is de conclusie van de politie en is te zien in de jaarlijkse aangifte cijfers. Het komt ook in benchmarkonderzoeken onderzoek van Aedes naar voren.
De toenemende druk vraagt om een verdraagzame, zorgzame en waakzame samenleving. Een wijk of buurt waar aan de ene kant begrip is voor mensen die zich wellicht onvoorspelbaar gedragen. Waar geaccepteerd wordt dat sommige mensen anders zijn. Het vraagt om een buurt waarin men elkaar kent en waar men naar elkaar omkijkt en aan de bel trekt als er iets niet goed gaat (zoals het ideaal is in de dementievriendelijke gemeente). De ervaring leert dat de mate waarin deze zorgzaamheid per wijk sterk verschillend aanwezig is.
Een wijkvoorzieningencentrum is geen oplossing voor dit probleem. Het kan wel als middel ingezet worden om te sturen op een inclusieve samenleving. Dat kan op twee manieren. Aan de ene kant door deze doelgroep begeleid een plek te geven als vrijwilliger (dagbesteding). Dit zorgt er voor dat op een natuurlijke manier deze groep een plek krijgt midden in de samenleving. De tweede manier is dat in het programma van het wijkcentrum ruimte geboden wordt voor deze groep.
Gezondheid
Bij de cijfers over gezondheid valt op dat Ridderkerk in vergelijking tot het Nederlands gemiddelde op zeer veel vlakken gezonder is. De levensverwachting is hoger, het percentage kinderen dat de reguliere tandarts controles volgt is hoger en de verslavingscijfers voor roken en drinken liggen lager.
Tegelijkertijd is opvallend dat de cijfers die met bewegen en gewicht samenhangen fors afwijken van het landelijke gemiddelde. Zo is het percentage mensen dat voldoende beweegt 55.9% tegen 63% landelijk gemiddeld. Het aantal mensen met overgewicht is bijna 7% hoger dan het landelijke gemiddelde.
Dat is een forse afwijking en ook een trend die gekeerd zal moeten worden in de komende jaren. De wijkvoorzieningen centra worden tot nu toe nog niet bewust ingezet om een gezonde leefstijl te bevorderen. De mogelijkheden zijn er wel, het is zonde dat deze nog niet volledig benut worden. Er zijn in Ridderkerk voldoende mogelijkheden om te bewegen. Er zijn veel verenigingen en de laatste jaren is ingezet op de ongeorganiseerde manieren van bewegen (bijvoorbeeld door het aanleggen van looproutes in de openbare ruimte). Met de wijkvoorzieningencentra kan de sociale dimensie aan bewegen worden toegevoegd.
Het wijkcentrum als start en eindpunt voor groepen mensen die samen willen bewegen (wandelen, fietsen, etc.). Daarnaast kan in het programma ruimte ingebouwd worden voor advies over gezond eten en de sociale component, samen gezond eten.