Gemeentelijke regelgeving

Beleid Social return 2026

Gemeente Reusel-De Mierden · geldt sinds 1 januari 2026

Aanhef

Arbeidsmarktregio Zuidoost Brabant: Bergeijk, Best, Bladel, Eersel, Eindhoven, Heeze-Leende, Nuenen, Gerwen en Nederwetten, Oirschot, Reusel-De Mierden, Son en Breugel, Valkenswaard, Veldhoven, Waalre.

Inhoud

1INLEIDING

2TOEPASSINGSMOGELIJKHEDEN EN DOELGROEP SOCIAL RETURN

2.1 Doelgroep Social return

3BELEIDSUITGANGSPUNTEN EN CONCRETE INVULLING SOCIAL RETURN

3.1 Algemene beleidsuitgangspunten

3.2 Concrete beleidsuitgangspunten

3.3 Invulling van Social return

3.4 Wijzigingen ten opzichte van voorgaande beleid

4UITVOERING

4.1 De monitoring en effectmeting van Social return

4.2 De handhaving van Social return

4.3 Een gezamenlijke set aan uitvoeringsvoorwaarden Social return

4.4 Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG)

5UITVOERINGSVOORWAARDEN

Uitvoeringsvoorwaarden 2026 Social return

Definities

Artikelen

3. Beleidsuitgangspunten en concrete invulling Social return

3.1 Algemene beleidsuitgangspunten

De algemene beleidsuitgangspunten blijven ongewijzigd ten opzichte van het vorige Social return beleid.

Gelijke spelregels voor de hele regio verminderen de regeldruk

Met gelijke spelregels voor Social return tussen de gemeenten is het voor Opdrachtnemers snel duidelijk aan welke eisen zij moeten voldoen en wordt de regeldruk voor de Opdrachtnemers gereduceerd.

Duurzame arbeidsinschakeling

We blijven inzetten op duurzame arbeidsinschakeling. Duurzame arbeidsinschakeling betekent dat mensen niet alleen aan werk geholpen worden, maar dat ze ook blijvend en op een goede manier aan het werk blijven. Het gaat dus bij voorkeur om meer dan alleen een tijdelijke baan; het doel is een stabiele werkplek waar iemand zich kan ontwikkelen en niet snel weer uitvalt of werkloos wordt.

Het hebben van een PSO-certificaat (Prestatieladder Sociaal Ondernemen) wordt gezien als een structurele waardevolle Social return inzet.

Ketenstimulering

De invulling van Social return kan ook plaatsvinden binnen de keten van de Opdrachtnemer. Dit is het geval wanneer de Opdrachtnemer inkoopt bij:

•een werkontwikkelbedrijf zoals Ergon, KempenPlus of WSD;

•een door Zuidoost Brabant erkende sociale onderneming;

•leveranciers die beschikken over een PSO-certificaat vanaf trede 1.

Nieuw in dit beleid is dat niet langer alleen de hoogste PSO-trede meetelt bij sociale inkoop, maar dat voortaan ook inkopen bij leveranciers met PSO-trede 1, 2 én 3 worden gewaardeerd als invulling Social return.

3.2 Concrete beleidsuitgangspunten

Drempelbedrag van €125.000

De Social return verplichting wordt - mits proportioneel – toegepast bij overeenkomsten met een opdrachtsom van tenminste €125.000,-- exclusief BTW, in alle bedrijfssectoren en onafhankelijk van de aanbestedingsrechtelijke aanduiding van de overeenkomst als een opdracht voor een werk, levering of dienst. Onder de drempelwaarde van €125.000 kan, als de wens en mogelijkheid bestaat, alsnog een verplichting Social return in het contract worden overeengekomen.

Arbeidsintensieve en arbeidsextensieve opdrachten

Bij arbeidsintensieve opdrachten, opdrachten met een loonsom van minstens 30% van de totale opdrachtwaarde, geldt de richtlijn van 5% van de opdrachtwaarde exclusief BTW door de Opdrachtnemer te besteden aan invulling van de Social return verplichting.

Bij arbeidsextensieve opdrachten, de loonsom is minder dan 30% van de totale opdrachtwaarde, geldt de richtlijn van 2% van de opdrachtwaarde exclusief BTW door de Opdrachtnemer te besteden aan invulling van de Social return verplichting.

Maatwerk

De hierboven genoemde percentages worden per specifieke opdracht getoetst aan het proportionaliteitsbeginsel, de gevraagde aanvullende prestatie dient in verhouding te staan tot het beoogde doel. Er is maatwerk mogelijk als de opdracht-gerelateerde arbeid nul of zeer gering is of als de opdracht zich bij uitstek leent voor inzet van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt.

Als de opdracht gerelateerde arbeid nul of zeer gering is

Dit is het geval a) bij kortdurende opdrachten voor diensten en werken, b) bij opdrachten met een lage opdrachtwaarde; c) bij toeleveringen zonder dienstverlenings-component. In zulke gevallen kunnen leveranciers uit oogpunt van proportionaliteit van eisen niet bij voorbaat gehouden worden aan de bovengenoemde Social return prestatie-eis van 2%. Veelal zal het percentage zelfs 0% moeten zijn.

Als de opdracht zich bij uitstek leent voor inzet van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt

Dit is met name het geval bij opdrachten die veel laaggeschoolde arbeid omvatten.

Hierbij kan een percentage Social return als prestatie-eis (veel) hoger dan 5% worden gevraagd. Ook hier geldt dat het haalbare percentage Social return voorafgaand aan de aanbesteding wordt vastgesteld.

Maatwerk kan ook worden geïnitieerd door Social return als wens- of gunningcriterium op te voeren in een aanbesteding, mits er voldoende verband met de opdracht is. De door de winnende leverancier op een gunningcriterium geboden inzet van Social return wordt bij gunning eveneens een contractvoorwaarde. In een overzicht ziet het bovenstaande als volgt uit:

KENMERKEN VAN DE OPDRACHT

SOCIAL RETURN RICHTLIJN

1

•Dienst, werk of concessie

•Opdrachtwaarde > €125.000

•Doorlooptijd >3 mnd.

•Arbeidsintensiteit > 30% van de loonsom

5%

Zie ook Maatwerk

2

•Dienst, werk of concessie

•Opdrachtwaarde > €125.000

•maatwerk

•Arbeidsintensiteit < 30% van de loonsom

2%

Zie ook Maatwerk

3

•Eén of meer van onderstaande kenmerken is van toepassing:

•Leveringen

•Opdrachtwaarde < €125.000

•Doorlooptijd <3 mnd.

Zie Maatwerk

3.3. Invulling van Social return

Opdrachtnemer kan op één of meerdere van de volgende manieren uitvoering geven aan zijn Social return verplichting:

1De Opdrachtnemer kan een persoon uit de doelgroep een arbeids- of detacherings-plaats, een leerwerktraject, een werkervaringsplaats of een stageplaats aanbieden;

2De Opdrachtnemer kan werkzaamheden uitbesteden aan of diensten inkopen bij een werkontwikkelbedrijf, een door ons erkende sociale onderneming, of een leverancier met een PSO-certificaat;

3Opdrachtnemer is zelf PSO- gecertificeerd;

4Arbeidsontwikkeling van de kandidaat of trainen van begeleiders op de werkvloer;

5Activiteiten van maatschappelijke meerwaarde gericht op problematiek van de doelgroep;

In de uitvoeringsvoorwaarden worden de doelgroep en de concrete invulling van Social return nader uitgewerkt in artikelen. Een bouwblokkentabel maakt de waarde van elke invulling en doelgroep meetbaar en kwantificeerbaar.

3.4 Wijzigingen ten opzichte van voorgaande beleid

Wijzigingen in dit beleid ten opzichte van het beleid Social return 2022 die zijn opgenomen:

I. De doelgroep Social return is uitgebreid met de doelgroep Niet-Uitkerings-Gerechtigden (NUG-gers) met een grote afstand tot de arbeidsmarkt (Hoofdstuk 2.1 en uitvoeringsvoorwaarden artikel 1.f en artikel 9, tabel 10.1 en 11.1)

II. Het aannemen van 55-plussers behorende tot de doelgroep wordt extra gestimuleerd (uitvoeringsvoorwaarden artikel 9, tabel 11.1).

III. De drempelwaarde voor Social Return is vastgesteld op €125.000 (Hoofdstuk 3.2)

IV. De waardering van de Social return prestaties is geactualiseerd (uitvoerings-voorwaarden artikel 11, tabel 11.1).

V. De waardering van het PSO-certificaat voor de hele arbeidsmarktregio is geharmoniseerd (bijlage 1, Uitvoeringsvoorwaarden, artikel 8c, tabel 11.1).

VI. Uitbreiding van sociale inkoop bij PSO-gecertificeerde leveranciers (uitvoeringsvoorwaarden artikel 8b, tabel 11.1).

VII. Uitbreiding van de uitvoeringsvoorwaarden bij Onderaanneming over de waardering van een PSO-certificaat bij samenwerkingsverbanden ter verduidelijking van het artikel (uitvoeringsvoorwaarden, artikel 15B).

VIII. Een AVG-bepaling is toegevoegd (Hoofdstuk 4.4)

4. Uitvoering

4.1 De monitoring en effectmeting van Social return

Monitoring van Social return vindt zoveel mogelijk op eenduidige wijze plaats. Op dit moment wordt dit via de webbased monitoringtool Wizzr gedaan. Het monitoren van de resultaten en procedures van Social return geeft inzicht in de kosten en baten, de toepasbaarheid, de successen en verbeterpunten van Social return voor bestuurders, werkgevers, interne en externe betrokkenen. Door een goede monitoring kan de kwaliteit van Social return versterkt en gewaarborgd worden.

4.2 De handhaving van Social return

In de uitvoeringsvoorwaarden is een boetebeding opgenomen, noodzakelijk om consequenties te verbinden aan het niet nakomen van de verplichting, en om zo schadeloosgesteld te worden voor het niet creëren van werkgelegenheid voor mensen met achterstand tot de arbeidsmarkt. De boete is vastgesteld op anderhalf maal de geldswaarde van het niet ingevulde deel van de verplichting en is zodanig hoog dat er voor de Opdrachtnemer geen prikkel van uitgaat om bewust af te zien van het voldoen aan de verplichting. Het heeft de voorkeur om het niet op een boete te laten aankomen, en de leverancier te motiveren en faciliteren aan zijn verplichting te voldoen, en daar ook de voordelen van te ontdekken voor hemzelf als sociaal ondernemer en zijn medewerkers.

4.3 Een gezamenlijke set aan uitvoeringsvoorwaarden Social return

Om een duidelijk kader te bieden voor alle betrokkenen bij Social return in Zuidoost Brabant dienen de “Uitvoeringsvoorwaarden Social return 2026, arbeidsmarktregio Zuidoost Brabant” op de in het beleid gereguleerde onderdelen als gezamenlijke uitvoeringsvoorwaarden gehanteerd te worden.

4.4 Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG)

Op grond van de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) geldt dat kandidaten door Opdrachtnemers geïnformeerd moeten worden over het delen van hun persoonsgegevens ten behoeve van de verantwoording van de Social return-verplichting. De Opdrachtnemer registreert in het systeem Wizzr de kandidaten die werkzaamheden verrichten in het kader van de Social return verplichting.

De aanbestedende dienst heeft passende beveiligingsmaatregelen getroffen om de persoonsgegevens binnen dit registratiesysteem te beschermen. Voor de monitoring van de Social return verplichting worden uitsluitend persoonsgegevens en documentatie opgevraagd die strikt noodzakelijk zijn. Het gaat in ieder geval om:

•naam,

•geboortedatum,

•postcode,

•type uitkering,

•begindatum en einddatum van de uitkering.

De verwerking van persoonsgegevens vindt plaats conform de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) en het geldende gemeentelijke privacybeleid. Voor meer informatie wordt verwezen naar de privacyverklaring Social return.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.