Gemeentelijke regelgeving

Verordening Groenberaad gemeente Renkum

Gemeente Renkum · geldt sinds 4 juli 2025

Aanhef

De raad van de gemeente Renkum;

gezien het voorstel d.d. 31 maart 2021 en 4 januari 2023;

gezien het advies van de Commissie;

met inachtname van de aangenomen amendementen getiteld Amendement 1 en 2 betreffende het Groenberaad gemeente Renkum van 26 mei 2021;

besluit vast te stellen de Verordening Groenberaad gemeente Renkum

Artikel 1: Begripsomschrijvingen

a.Gemeente: gemeente Renkum.

b.Gemeenteraad: de gemeenteraad van de gemeente Renkum.

c.College: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Renkum.

d.Groenberaad: adviesorgaan zoals bedoeld in deze verordening, dat het college adviseert met betrekking tot de aspecten biodiversiteit, openbare ruimte, ecologie, bomen, klimaatadaptatie, gemeentelijke bossen, natuur, landschap en duurzaamheid van de gemeente Renkum, hierna te noemen Groenberaad.

e.Inwoner: ingezetene van de gemeente Renkum en als zodanig ingeschreven in de basisregistratie personen van de gemeente Renkum.

f.Ambtelijk secretaris: een ambtenaar die verbindende schakel is tussen het college en de medewerkers van de gemeente Renkum enerzijds en het groenberaad anderzijds, en het groenberaad ondersteuning biedt.

Artikel 2: Taak- en doelstelling

1Het doel van het groenberaad is om te adviseren bij de opstelling, uitvoering en evaluatie van het gemeentelijke beleid met betrekking tot de vakgebieden biodiversiteit, openbare ruimte, ecologie, bomen, klimaatadaptatie, gemeentelijke bossen, natuur, landschap en duurzaamheid. Het advies is gericht op het verhogen van de biodiversiteit en het tegengaan van (negatieve) effecten van klimaatverandering.

2Het groenberaad draagt bij, naast het eerstverantwoordelijke college, aan het actief betrekken en raadplegen van inwoners, grondeigenaren en initiatiefnemers.

3Het college zoekt steeds samen met het groenberaad naar de meest passende vorm om zelfstandig dan wel in samenwerking met het college en/of andere organisaties inwoners bij het gemeentelijk beleid te betrekken.

4Het groenberaad heeft als taak gevraagd en ongevraagd advies uit te brengen aan het college over aangelegenheden zoals benoemd in artikel 2.1.

5Het college vraagt in ieder geval advies aan het groenberaad over beleidsplannen, uitvoeringsplannen, majeure projecten en verordeningen die betrekking hebben op het ruimtelijk domein.

6Het groenberaad levert met zijn adviezen een bijdrage aan:

a.het bevorderen van de biodiversiteit;

b.de klimaatadaptatie;

c.de kwaliteit van de ruimtelijke inrichting en beheer;

d.de betrokkenheid van inwoners.

7Om de adviestaak goed te kunnen uitvoeren:

a.is het groenberaad alert op ontwikkelingen en knelpunten in het ruimtelijk domein;

b.stemt het groenberaad zo mogelijk adviezen af met de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit;

c.onderhoudt het groenberaad contact met relevante (belangen)organisaties, de Woon Advies Commissie, de Jongerenraad en de Adviesraad Sociaal Domein van de gemeente

Artikel 3: Samenstelling en lidmaatschap

1De leden van het groenberaad zijn inwoners met kennis en ervaring op de gebieden als dendrologie, botanie, bodemkunde, ecologie, hydrologie en klimaatontwikkeling, en beschikken over netwerken binnen het ruimtelijk domein en deze vakgebieden.

2Het groenberaad bestaat uit maximaal 5 leden, waarin begrepen de voorzitter.

3De leden van het groenberaad verrichten hun werkzaamheden zonder last.

4Werving en selectie van de leden worden gedaan door het college.

5De gemeenteraad benoemt op voordracht van het college de leden van het groenberaad in eerste instantie voor twee jaar, met een stilzwijgende verlenging van twee jaar. Leden kunnen eenmaal voor de duur van vier jaar worden herbenoemd.

6Een lid van het groenberaad:

a.bekleedt geen vertegenwoordigende functie namens een politieke partij in de gemeente Renkum;

b.is geen lid van het college of de gemeenteraad;

c.is niet in dienst van de gemeente Renkum;

d.heeft geen (bestuurs-) functie bij een organisatie die kan leiden tot een verstrengeling van persoonlijke of zakelijke belangen van het lid met de belangen van de gemeente ter zake van het beleid als in deze verordening bedoeld.

7Het lidmaatschap van het lid dat niet meer aan de eisen voor het lidmaatschap zoals in deze verordening gesteld voldoet, eindigt op dat moment.

8Een lid kan tussentijds ontslag nemen. Het lid meldt dit schriftelijk aan het college, in afschrift aan de voorzitter en ambtelijk secretaris van het groenberaad.

9Het college kan (op verzoek van het groenberaad) besluiten een lid tussentijds te schorsen of te ontslaan wegens slecht functioneren. Van slecht functioneren is in ieder geval sprake in de volgende gevallen:

a.een lid verschijnt herhaaldelijk zonder reden niet op een vergadering van het groenberaad, ondanks daartoe een uitnodiging te hebben ontvangen;

b.een lid brengt ernstig nadeel toe aan het in hem c.q. het groenberaad gestelde vertrouwen.

10Het college kan besluiten een lid tussentijds te schorsen of te ontslaan indien het lid meer dan een half jaar of langer niet in de gelegenheid is om de vergaderingen van het groenberaad bij te wonen.

11Het college brengt een besluit over schorsing of ontslag van een lid ter kennis van het groenberaad.

Artikel 4: Secretaris en penningmeester

#vervallen

Artikel 5: Voorzitter

1De werving en selectie van de voorzitter vindt plaats door het college.

2De gemeenteraad benoemt de voorzitter voor het eerst voor een periode tot en met 28 februari 2025. Daarna kan de duur van deze benoeming stilzwijgend verlengd worden met een periode van twee jaar. De voorzitter kan eenmaal voor de duur van vier jaar worden herbenoemd.

3De voorzitter van het groenberaad:

a.is inwoner;

b.heeft een aantoonbare binding met de samenleving van de gemeente en de vakgebieden genoemd in artikel 3.1 van deze verordening;

c.bekleedt geen vertegenwoordigende functie namens een politieke partij in de gemeente Renkum;

d.is geen lid van het college of de gemeenteraad;

e.is niet in dienst van de gemeente Renkum;

f.heeft geen (bestuurs-) functie bij een organisatie die kan leiden tot een verstrengeling van persoonlijke of zakelijke belangen met de belangen van de gemeente ter zake van het beleid als in deze verordening bedoeld.

4De voorzitter is niet-stemhebbend lid van het groenberaad. Alleen bij het staken van de stemmen heeft de voorzitter een doorslaggevende stem.

5De voorzitter leidt de vergaderingen van het groenberaad en verricht de overige taken zoals in deze verordening benoemd.

6De voorzitter tekent de uitgaande stukken van het groenberaad.

7Bij ontstentenis van de voorzitter kiezen worden de taken van de voorzitter in dat geval waargenomen door de ambtelijk secretaris.

8Indien de voorzitter niet meer aan de eisen zoals in deze verordening gesteld voldoet, eindigt het voorzitterschap op dat moment.

9De voorzitter kan tussentijds ontslag nemen. Hij meldt dit tijdig schriftelijk aan het college.

10Het college kan (op verzoek van het groenberaad) besluiten de voorzitter tussentijds te schorsen en te ontslaan wegens slecht functioneren. Van slecht functioneren is in ieder geval sprake in de volgende gevallen:

a.de voorzitter is herhaaldelijk niet op een vergadering van het groenberaad aanwezig;

b.de voorzitter brengt ernstig nadeel toe aan het in hem c.q. het groenberaad gestelde vertrouwen.

11Het college kan besluiten de voorzitter tussentijds te schorsen of te ontslaan als de voorzitter meer dan een half jaar of langer niet in de gelegenheid is om zijn taken uit te voeren.

Artikel 6: Ambtelijk secretaris

1Het college wijst een ambtelijk secretaris van het groenberaad aan.

2De ambtelijk secretaris is de verbindende schakel tussen het college en medewerkers van de gemeente enerzijds en het groenberaad anderzijds en fungeert als eerste aanspreekpunt en vraagbaak. De ambtelijk secretaris ondersteunt het groenberaad bij de uitvoering van zijn taken.

3De ambtelijk secretaris is geen lid van het groenberaad.

4Tot de taken van de ambtelijk secretaris behoren:

a.het mede opstellen van de jaarlijkse vergaderplanning;

b.het waar nodig reserveren van vergaderruimten in het gemeentehuis;

c.het bijwonen van de openbare vergaderingen;

d.het mede zorgdragen voor de uitvoering van acties en besluiten;

e.het mede bewaken van de voortgang van het uitbrengen en afhandelen van de adviezen;

f.het waar nodig publiceren van agenda’s, adviezen en besluiten;

g.het archiveren van adviezen en besluiten;

h.andere taken die nodig zijn met het oog op het functioneren van het groenberaad.

5Uitgangspunt van de werkzaamheden van de ambtelijk secretaris is dat het groenberaad zo zelfstandig mogelijk functioneert, met een beperkte inzet van uren van de ambtelijk secretaris.

Artikel 7: Advisering en informatievoorziening

1Het college betrekt het groenberaad in een zo vroeg mogelijk stadium bij de totstandkoming van beleid en regelingen die betrekking hebben op de in artikel 2.1 genoemde onderwerpen.

2Het college verstrekt het groenberaad tijdig de informatie die nodig is om zijn taak uit te oefenen, tenzij een wettelijk voorschrift de verstrekking daarvan in de weg staat.

3Het college vraagt behoudens spoedeisende gevallen, aan het groenberaad schriftelijk advies over voorstellen met betrekking tot het beleid in het ruimtelijk domein. Het advies wordt tijdig gevraagd, zodat het van wezenlijke invloed kan zijn op het gemeentelijk beleid.

4Het groenberaad brengt schriftelijk een gevraagd advies uit aan het college en uiterlijk binnen twee weken na de vergadering van het groenberaad, tenzij het college en het groenberaad een andere termijn zijn overeengekomen waarbinnen het advies wordt uitgebracht.

5Het groenberaad streeft ernaar zijn adviezen uit te brengen in consensus. Indien dit niet mogelijk is, wordt er een verdeeld advies uitgebracht, waarbij het groenberaad toelicht waarom er geen consensus is bereikt.

6Indien het groenberaad besluit een gevraagd advies niet uit te brengen, geeft hij van dat besluit direct kennis aan het college met vermelding van de reden.

7Het college reageert schriftelijk uiterlijk 4 weken na ontvangst van een advies van het groenberaad. Indien het college van het advies afwijkt doet het dat gemotiveerd. Is de reactietermijn van 4 weken niet mogelijk dan zal het college dit aan het groenberaad melden met de reden.

8De ambtelijk secretaris publiceert een advies van het groenberaad en de reactie hierop van het college op de website.

9Het groenberaad adviseert niet over:

a.klachten, bezwaarschriften of andere zaken die op individuele inwoners betrekking hebben;

b.onderwerpen die onderdeel uitmaken van een klachten-, bezwaar- of beroepsprocedure, behoudens op verzoek van de bevoegde instantie (zoals arbiter, rechtbank, bezwarencommissie);

c.personeels- en organisatiebeleid van de gemeente;

d.de verplichte uitvoering van wettelijke voorschriften voor zover bij deze uitvoering geen ruimte voor eigen gemeentelijk beleid is gelaten.

Artikel 8: Vergaderingen en besluitvorming

1De voorzitter plant voorafgaand aan een nieuw kalenderjaar minimaal 6 en maximaal 10 vergaderingen in. Het groenberaad vergadert zoveel meer of minder als de voorzitter of tenminste een meerderheid van de leden het nodig acht.

2Voorafgaand aan een vergadering vindt een vooroverleg plaats tussen de ambtelijk secretaris en de voorzitter en/of secretaris en/of penningmeester van het groenberaad. Hierin wordt de agenda van de vergadering besproken. Eventuele inbreng kan gevraagd worden van portefeuillehouder en/of een manager en/of een door hem aangewezen ambtenaar.

3Tot veertien dagen voor de vergadering kunnen de leden punten, die tot de adviesbevoegdheid van het groenberaad behoren, voor de agenda aanleveren bij de voorzitter, in afschrift aan de ambtelijk secretaris.

4De voorzitter beslist over de agenda.

5De ambtelijk secretaris zorgt ervoor dat de uitnodiging, agenda en vergaderstukken uiterlijk tien dagen voor de vergadering aan de leden worden toegezonden of digitaal ter beschikking worden gesteld. In spoedeisende gevallen kan, met opgave van reden, deze termijn worden bekort. De ambtelijk secretaris zorgt ervoor dat de stukken voor alle inwoners (digitaal) ter inzage worden gelegd, tenzij de stukken vertrouwelijk zijn.

6De vergadering wordt op de in de gemeente gebruikelijke wijze algemeen kenbaar gemaakt. Hierbij wordt vermeld:

a.datum, tijd en plaats van de vergadering, alsmede de agendapunten;

b.de wijze waarop en de plaats waar alle inwoners de agenda en de daarbij behorende stukken kunnen inzien;

c.de mogelijkheid om in te spreken.

7Het groenberaad vergadert alleen als tenminste de helft van het aantal leden aanwezig is. Wanneer het vereiste aantal leden niet aanwezig is, organiseert de ambtelijk secretaris in overleg met de voorzitter zo spoedig mogelijk een nieuwe vergadering en stelt de leden daarvan op de hoogte. In deze laatstgenoemde vergadering kunnen besluiten worden genomen ongeacht het aantal aanwezige leden.

8Besluiten van het groenberaad worden genomen bij meerderheid van stemmen. Alle leden zijn stemgerechtigd. Indien de stemmen staken, dan is het besluit niet genomen.

9De stemming over personen geschiedt schriftelijk. Alle overige stemmingen geschieden mondeling tenzij één van de leden een schriftelijke stemming wenst.

10De vergaderingen van het groenberaad zijn openbaar. Er wordt alleen besloten vergaderd wanneer er sprake is van beraadslaging over personen, of zaken die redelijkerwijs kunnen leiden tot beschadiging van personen of de gemeente (bijv. bij behandeling van niet openbare stukken waarover het college advies vraagt) of over huishoudelijke zaken.

11De aanwezigen die als toehoorder de openbare vergadering bijwonen kunnen op hun verzoek door de voorzitter in de gelegenheid worden gesteld om in te spreken.

12Het groenberaad kan het college en ambtenaren uitnodigen in een vergadering.

13Het groenberaad kan externen uitnodigen om in een vergadering toelichting of advies te geven.

14De ambtelijk secretaris stelt een verslag van de vergadering op dat voldoende inzicht biedt in de argumentatie die tot de besluiten heeft geleid. De ambtelijk secretaris stuurt een concept hiervan gelijktijdig met de uitnodiging van de volgende vergadering aan de leden. Na vaststelling van het verslag door het groenberaad wordt het verslag op de website geplaatst.

Artikel 9: Geheimhouding

De leden en voorzitter van het groenberaad hebben een geheimhoudingsplicht met betrekking tot de inhoud van de stukken waarvan zij het vertrouwelijke karakter kennen of redelijkerwijs kunnen vermoeden. Deze geheimhoudingsplicht strekt zich ook uit tot andere personen die het groenberaad over vertrouwelijke onderwerpen consulteert. De leden en de voorzitter van het groenberaad wijzen deze andere personen op hun geheimhoudingsplicht als bedoeld in dit artikel. De geheimhoudingsplicht vervalt niet door de beëindiging van het lidmaatschap of voorzitterschap van het groenberaad, noch door beëindiging van het adviseurschap door derden.

Artikel 10: Faciliteiten, budget en verantwoording

1Voor de vergaderingen van het groenberaad stelt het college een vergaderlocatie op het gemeentehuis ter beschikking, en/of een digitaal platform ten behoeve van het digitaal vergaderen.

2Voor het bijwonen en voorzitten van de vergaderingen wordt aan de leden respectievelijk aan de voorzitter van het groenberaad een vergoeding toegekend.

3Het college stelt de hoogte van de vergoeding voor de leden en de voorzitter van de commissie vast.

4Jaarlijks brengt het groenberaad voor 1 mei verslag uit aan het college van de activiteiten en bevindingen over het voorafgaande jaar. Het verslag wordt ter kennis gebracht van de gemeenteraad.

Artikel 11: Nadere regels en huishoudelijk reglement

1Het college kan ter uitvoering van deze verordening nadere regels stellen.

2Het groenberaad kan een huishoudelijk reglement vaststellen ter nadere regeling van zijn functioneren. Het groenberaad brengt het reglement en eventuele wijzigingen ter kennis van het college.

Artikel 12: Jaarlijks overleg college

1Tenminste eenmaal per jaar vindt tussen (leden van) het college en (enkele leden van) het groenberaad een overleg plaats.

2Alle deelnemers aan het overleg kunnen agendapunten aandragen.

3In het overleg wordt in ieder geval besproken:

a.evaluatie onderlinge samenwerking en overleg in het afgelopen jaar;

b.beleid, ideeën en plannen van het college en/of de gemeenteraad binnen het ruimtelijk domein en daarmee samenhangende verwachte adviesaanvragen in het komende jaar.

4De ambtelijk secretaris maakt een verslag van het overleg en de gemaakte afspraken en brengt dit na goedkeuring van de deelnemers ter kennis van het college.

Artikel 13: Tijdsduur en evaluatie

1Het Groenberaad wordt ingesteld tot en met 28 februari 2025. Voortzetting van het Groenberaad vindt alsdan plaats na een positieve evaluatie door de gemeenteraad.

2Jaarlijks evalueert het groenberaad het eigen functioneren onder verantwoordelijkheid van de voorzitter. Aan de hand van de uitkomsten verbetert het groenberaad de eigen werkzaamheden.

3Jaarlijks evalueert het groenberaad met het college de onderlinge samenwerking en overleg in het jaarlijks overleg conform artikel 13.

4Indien het college naar aanleiding van de evaluatie besluit dat wijziging van deze verordening wenselijk is, dient het college een voorstel daartoe in bij de gemeenteraad.

Artikel 14: Slotbepaling

In gevallen waarin deze verordening niet voorziet beslist het college, na daartoe advies te hebben ingewonnen van het groenberaad.

Artikel 15: Citeertitel en inwerkingtreding

1Deze verordening kan worden aangehaald als: Verordening Groenberaad gemeente Renkum.

2Deze verordening treedt in werking op de dag van bekendmaking op overheid.nl

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.