Gemeentelijke regelgeving

Verordening op de vertrouwenscommissie Reimerswaal 2026

Gemeente Reimerswaal · geldt sinds 15 juli 2026

Aanhef

De raad van Reimerswaal;

-gelet op de artikelen 61, 61 a, 61c, 84, 87, 147 en 149 van de Gemeentewet;

-gelet op de Circulaire Benoeming, klankbordgesprekken en herbenoeming burgemeester van Ministerie van BZK;

-gelezen het raadsvoorstel van 25 juni 2026;

BESLUIT

vast te stellen

de Verordening op de vertrouwenscommissie Reimerswaal 2026

Hoofdstuk 1: Algemene bepalingen

Artikel 1. Samenstelling commissie

1De leden van de commissie worden door de raad uit haar midden benoemd, waarbij maximaal één lid per fractie wordt voorgedragen.

2Indien de raad niet heeft bepaald wie voorzitter en plaatsvervangend voorzitter van de commissie zijn, kiest de commissie deze uit haar midden.

3De voorzitter genoemd in het tweede lid is de contactpersoon van de commissie.

4De commissie kent geen plaatsvervangende leden.

Artikel 2. Ambtelijke ondersteuning

1De raadsgriffier is secretaris van de commissie en geeft uit dien hoofde ambtelijke ondersteuning aan de commissie.

2De raad kan bepalen dat de gemeentesecretaris ter ambtelijke ondersteuning aan de commissie wordt toegevoegd.

3De (plaatsvervangend) secretaris is geen lid van, en heeft geen stemrecht in, de commissie.

Artikel 3. Adviseur

1De gemeenteraad kan een of twee wethouders aan de commissie toevoegen als adviseur.

2De adviseur wordt uitgenodigd voor de vergaderingen van de commissie.

3De adviseur is geen lid van, en heeft geen stemrecht in, de commissie.

Artikel 4. Technisch voorzitterschap

1De raad kan uit haar midden een raadslid benoemen die het technisch voorzitterschap bij de vergaderingen van de commissie uitoefent.

2De technisch voorzitter is geen lid van, en heeft geen stemrecht in, de commissie.

Hoofdstuk 2: Bepalingen inzake de vergaderingen

Artikel 5. Vergaderingen

1De commissie vergadert zo dikwijls als de voorzitter of ten minste een derde van de leden, dit noodzakelijk acht. De commissie vergadert slechts indien meer dan de helft van het aantal leden aanwezig is.

2De voorzitter bepaalt de dag, het tijdstip en de plaats van de vergadering. De voorzitter roept de volgende personen schriftelijk tot de vergadering op:

a.de leden, adviseur en ambtelijke ondersteuning van de commissie;

b.de sollicitanten naar het ambt van burgemeester, elk voor zover met de betreffende sollicitant een gesprek plaats heeft.

3De in het tweede lid bedoelde oproeping geschiedt ten minste drie dagen voorafgaand aan de vergadering. Indien bijzondere omstandigheden een spoedige bijeenkomst van de commissie vergen kan de voorzitter van de in de eerste volzin van dit lid bedoelde termijn afwijken.

Artikel 6. Informatie over en gesprek met sollicitant

1De commissie ontvangt alle door haar nodig geachte informatie over de sollicitanten van de commissaris van de Koning.

2Elk overleg met derden over de sollicitanten, schriftelijk of mondeling, is uitgesloten.

3De secretaris nodigt namens de voorzitter sollicitanten uit voor het gesprek met de commissie. De commissie treft daarbij de noodzakelijke voorzieningen ter bescherming van de privacy van de sollicitant.

Artikel 7. Stemming

1De commissie besluit over de vaststelling van een concept aanbeveling van de twee voorgedragen kandidaten bij meerderheid van stemmen, waarbij elk lid één stem heeft.

2Indien de stemmen staken, wordt het nemen van een beslissing uitgesteld tot de volgende vergadering. Is uitstel van de beslissing niet mogelijk of staken de stemmen ook in die volgende vergadering, dan worden de verschillende meningen in het in artikel 8 bedoelde verslag opgenomen.

Artikel 8. Verslag

1De commissie brengt over haar werkzaamheden ter voorbereiding op het doen van een aanbeveling, schriftelijk een verslag van bevindingen uit aan de gemeenteraad en aan de commissaris van de Koning.

2Het verslag van bevindingen dat de commissie uitbrengt aan de raad en de commissaris van de Koning bevat in ieder geval:

a.een weergave van de wijze waarop de commissie haar werkzaamheden heeft verricht;

b.een concept-aanbeveling met een gemotiveerde weergave van de bevindingen van de commissie.

Hoofdstuk 3: Bepalingen inzake de geheimhouding

Artikel 9. Geheimhouding

1Op alle informatie van de commissie rust ingevolge de wet de verplichting tot geheimhouding, welke zich uitstrekt tot eenieder die van de informatie kennis draagt.

2De vergaderingen van de commissie zijn ingevolge de wet besloten. De voorzitter van de commissie wijst in elke vergadering op de geheimhoudingsplicht.

3Stukken die van de commissie uitgaan worden onder vermelding van “geheim” door de voorzitter en de secretaris ondertekend en verstuurd. Stukken bestemd voor de commissie worden onder vermelding van “geheim” gezonden aan de secretaris en aldaar bewaard tot het moment van archivering. De secretaris ziet er op toe dat de vertrouwelijkheid in deze procesgang wordt gegarandeerd.

4Aan degenen die geen lid, adviseur, technisch voorzitter of ambtelijke ondersteuning zijn van de commissie, wordt ingevolge de wet geen informatie verstrekt omtrent de inhoud van de stukken of het behandelde ter vergadering of in het gesprek.

5De commissie treft een voorziening met betrekking tot de wijze waarop de geheimhouding blijft gewaarborgd bij het beheer van bescheiden, het voeren van correspondentie en bij de bepaling van plaats en tijdstip van de gesprekken.

6De geheimhoudingsplicht blijft ingevolge de wet ook in het geval de commissie wordt ontbonden van kracht.

Artikel 10. Archivering

1De secretaris van de commissie draagt er zorg voor dat na afronding van de benoeming, de herbenoeming en de klankbordgesprekken alle archiefbescheiden onverwijld in een envelop worden verzegeld en gerubriceerd als “geheim”, en worden geplaatst in de daartoe aangewezen archiefruimte.

2De secretaris van de commissie draagt er zorg voor dat in het belang van een zorgvuldige overbrenging naar de gemeentelijke archiefbewaarplaats, als bedoeld in artikel 12 van de Archiefwet 1995, een verklaring van overbrenging, als bedoeld in artikel 9 van het Archiefbesluit 1995, wordt opgesteld voor archiefbescheiden waarvoor de wettelijke termijn verstreken is. In deze verklaring wordt melding gemaakt van het besluit tot toepassing van artikel 15, eerste lid sub a, van de Archiefwet 1995 en de daarin gestelde beperkingen aan de openbaarheid, tot de archiefbescheiden 75 jaar oud zijn.

Hoofdstuk 4: Slotbepalingen

Artikel 11. Onvoorziene gevallen

In alle gevallen waarin deze verordening niet voorziet, beslist de commissie.

Artikel 12. Ontbinding van de commissie

De commissie is ontbonden met ingang van de dag volgend op die waarop door de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties aan de gemeenteraad bekend is gemaakt dat in de vacature is voorzien.

Artikel 13. Intrekking

De Verordening op de klankbordgesprekken en herbenoeming burgemeester 2018 wordt ingetrokken.

Artikel 14. Inwerkingtreding

Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag na bekendmaking.

Artikel 15. Citeertitel

Dit besluit kan worden aangehaald als Verordening op de vertrouwenscommissie Reimerswaal 2026.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.