Aanhef
De raad van de gemeente Reimerswaal;
Gelezen het voorstel van de burgemeester en wethouders d.d. 05-12-2023;
Gelet op artikel 6 van de Wet geurhinder en veehouderij;
Gelet op het door het bij besluit van 19-12-2023 vastgestelde 'Geurbeleid Kruiningen 2023', als
bedoeld in artikel 8 van de Wet geurhinder en veehouderij;
besluit:
vast te stellen de verordening houdende regels met betrekking tot beslissingen inzake
vergunningen krachtens de Wet milieubeheer voor veehouderijen, voor zover het betreft geurhinder
vanwege tot die veehouderijen behorende dierverblijven:
Geurverordening Kruiningen 2023.
Artikel 1: begripsbepaling
In deze verordening wordt verstaan onder:
1.1 veehouderij: inrichting die tot een krachtens artikel 1.1, derde lid, van de Wet milieubeheer aangewezen categorie behoort en is bestemd voor het fokken, mesten, houden, verhandelen, verladen of wegen van dieren;
1.2 Wet: Wet geurhinder en veehouderij;
1.3 Geurbelasting: de waarde ter plaatse van de gevel van het gevoelige object, berekend met V-Stacks, uitgedrukt in Europese odour units per tijdseenheid;
1.4 Geurgevoelig object: object zoals bedoeld in artikel 1 van de Wet geurhinder en veehouderij;
1.5 Odour units (ouE/m3;P98): Geurconcentratie als aantallen Europese odour units in een volume-eenheid lucht (ouE/m3), gemeten volgens de NEN-EN 13725:2003 “Luchtbepaling van de geurconcentratie door dynamische olfactometrie”. In deze verordening wordt voor de geurbelasting uitgegaan van het gebruikelijke 98-percentiel geurconcentratie. Dat betekent dat de – met een verspreidingsmodel – berekende geurconcentratie gedurende 98 procent van de tijdseenheid niet wordt overschreden.
Artikel 2: aanwijzing gebieden
2.1 Als gebied als bedoeld in artikel 6 lid 1 van de Wet wordt aangewezen het gebied zoals weergegeven op de bij deze verordening behorende en als zodanig gewaarmerkte kaart “gebiedsindeling geur”;
2.2 Als gebied als bedoeld in artikel 6 lid 3 van de Wet wordt aangewezen het gebied zoals weergegeven op de bij deze verordening behorende en als zodanig gewaarmerkte kaart "gebiedsindeling geur";
2.3 Voor de gebiedsindelingen zoals onderscheiden in de artikelen 3 en 4 van deze verordening wordt verwezen naar de in de leden 2.1 en 2.2 genoemde kaart "gebiedsindeling geur".
Artikel 3: waarden voor de geurbelasting
In afwijking van artikel 3 lid 1 van de Wet bedraagt de maximale waarde voor de geurbelasting van een veehouderij op een geurgevoelig object in het gebied als genoemd in artikel 2 lid 2.1 van deze verordening:
3.1 deelgebied 1 (woongebied) 2,4 odour units;
3.2 deelgebied 2 (parkwoningen) 5,2 odour units;
3.3 deelgebied 3 (woon-werkkavels) 5,7 odour units;
3.4 deelgebied 4 (zuidrand Kruiningen) 4,1 odour units.
Artikel 4: waarden voor de afstand
De waarden voor de minimale afstand voor de geurbelasting van een veehouderij op een geurgevoelig object in het gebied als genoemd in artikel 2 lid 2.2 van deze verordening, blijven ongewijzigd ten opzichte van het bepaalde in artikel 4 lid 1 van de Wet.
Artikel 5: citeertitel
Deze verordening kan worden aangehaald als de “Geurverordening Kruiningen 2023”.
Artikel 6: inwerkingtreding
Deze verordening treedt in werking met ingang van 19-12-2023.