Aanhef
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Putten,
gelezen het voorstel van 17 april 2026 , nr. 2216716;
gelet op het bepaalde in artikel Omgevingsbesluit (artikelen 13.5, 13.8 en 13.11);
besluit:
De Uitvoering VTH-taken Omgevingswet 2026 vast te stellen.
Inleiding
Stelsel Omgevingswet
De Omgevingswet geeft ons diverse instrumenten om sturing te geven aan de fysieke leefomgeving.
Beleidskader
In de Omgevingsvisie Putten 2040 staat waar we als gemeente naartoe willen. Deze visie heeft de gemeenteraad op 2 november 2023 vastgesteld. Daarnaast hebben we op 1 januari 2024 van rechtswege een omgevingsplan gekregen. Dit plan is een soort opbouwmodel, waarin op dit moment nog maar een beperkt aantal regels is opgenomen. In ons huidige omgevingsplan is de zogenoemde bruidsschat, waarin de voormalig landelijke regels staan die met de invoering van de Omgevingswet naar de gemeenten komen, maar ook alle bestemmingsplannen en beheer verordeningen die van rechtswege onderdeel uitmaken van het tijdelijk deel van het Omgevingsplan opgenomen.
De landelijke overheid geeft ons tot 1 januari 2032 de tijd gegeven om tot een compleet omgevingsplan te komen.
Uitvoering
Naast het plan en de visie geeft de Omgevingswet ons instrumenten en bevoegdheden om uitvoering te geven. Het gaat om vergunningverlening, toezicht en handhaving (vaak ook VTH-taken genoemd). Bij vergunningverlening wordt aan de hand van landelijke en lokale regels beoordeeld of een aanvraag voldoet aan het toetsingscriteria. Bij toezicht wordt gekeken of volgens de vergunningen en de rechtstreeks werkende landelijke en lokale regels wordt gehandeld en waar nodig wordt handhavend opgetreden als blijkt dat een regel wordt overtreden. Bij handhaving wordt ook beoordeeld of het waargenomen knelpunt mogelijk via vergunningverlening opgelost kan worden.
Monitoring
Om de visie na te streven, ruimtelijke doelen te verwezenlijken en de capaciteit op een goede manier in te zetten is het belangrijk om te analyseren, evalueren en bij te sturen. Dit geldt zowel voor de afzonderlijke uitvoerende taken (van vergunningverlening, toezicht en handhaving), als voor de wisselwerking tussen de uitvoerende taken. Daarnaast is het ook van belang om bij de uitvoering van de uitvoerden taken (extra) aandacht te besteden aan de beleidsdoelen, maar ook de kennis en ervaring uit de uitvoerden taken te gebruiken als input voor beleidvorming. In onderstaande afbeelding staat dit schematisch weergegeven.
Om de wisselwerking continu op gang te houden is er in de op ambtelijk niveau regelmatig contact.
VTH-overleg breed
Deelnemers
Afvaardiging Vergunningen, Toezicht en Handhaving
Frequentie
1xper jaar
Onderwerp
Wat gaat goed, waar lopen we tegenaan
Toezicht en handhaving
Deelnemers
Alle betrokken medewerkers
Frequentie
2xper jaar
Onderwerp
Onderlinge communicatie, Kwaliteit vraagstelling controleverzoeken
Kwaliteit rapportages, snelheid/tijdigheid advisering
VTH-monitoringsoverleg
Deelnemers
Teamcoaches, coördinator toezicht, beleidsadviseur ondermijning,
strategisch adviseur
Frequentie
1x per kwartaal
Onderwerp
Voortgang uitvoeringsprogramma.
Visie uitvoeringsoverleg
Deelnemers
Teamcoach, coördinator toezicht, beleidsadviseur ondermijning
strategisch adviseur
Frequentie
1xper jaar
Onderwerp
Afstemming vanuit beleidsoogpunt en feitelijke uitvoering
Totstandkoming
Dit document is tot stand gekomen na diverse overleggen met stakeholders. Daarnaast zijn er interactieve sessies geweest in het MT en met het college van burgemeester en wethouders.
Alles in één
Vanwege de onderlinge samenhang en relatie tussen de genoemde producten, waarbij de evaluatie ook van invloed kan zijn op de uitvoerings- en handhavingsstrategie, is de keuze gemaakt om de uitvoerings- en handhavingsstrategie, de evaluatie en het programma in één document samen te voegen.
Uitvoering taken Omgevingsdienst Veluwe
Een gedeelte van de taken voert de gemeente niet zelf uit maar worden door de OD Veluwe voor ons uitgevoerd. Voor die taken worden (en zijn) gezamenlijk met de andere deelnemende gemeenten en de provincie afzonderlijke uitvoerings- en handhavingsstrategie, de evaluaties en het programma’s opgesteld. Het gaat hierbij om de milieutaken.
Leeswijzer
In dit stuk leest u op welke wijze we uitvoering geven aan de zogenoemde VTH taken uit de Omgevingswet. Dit stuk bestaat uit drie onderdelen.
Hoofdstuk 1 bevat de handhavings- en handhavingsstrategie. Hierin staat welke keuzes we maken, waarom we die maken en hoe we uitvoering geven aan onze taak
Hoofdstuk 2 bevat de evaluatie van het voorgaande jaar. Hierin wordt gekeken welke doelen gesteld waren voor het voorgaande jaar, in welke mate die doelen behaalt zijn en welke lessen/aandachtpunten we mee willen nemen voor het volgende jaar.
Hoofdstuk 3 bevat het uitvoeringsprogramma dat we op basis van de uitvoerings- en handhavingsstrategie maken voor het komende jaar.
Disclaimer
Dit document geeft de voorgestane algemene handelwijze aan. Er is niet beoogd bepaalde overtredingen te gedogen. Ook wanneer wordt afgeweken van dit beleid heeft dit niet het gevolg dat niet (meer) tegen overtredingen kan worden opgetreden. Er kan aan dit document dus op geen enkele wijze het vertrouwen worden ontleend dat tegen bepaalde overtredingen niet (meer) zal worden overgetreden.
1. Uitvoerings- en handhavingsstrategie
1.1 Inleiding
In het Omgevingsbesluit (artikel 13.5) staat dat bestuursorganen die met de uitvoerings- en handhavingstaak zijn belast een uitvoerings- en handhavingsstrategie vaststellen. Daarbij wordt aan de hand van een analyse doelen gesteld voor de vergunningverlening, het toezicht en handhaving van de wet- en regelgeving die onder de Omgevingswet vallen.
De uitvoerings- en handhavingsstrategie helpt dit bij het maken van keuzes en het waarborgen dat de aandacht wordt besteed aan de onderwerpen die belangrijk zijn. Samen met de evaluatie (hoofdstuk 2) en het programma (hoofdstuk 3) wordt het mogelijk om effectiever te werk te gaan, de werkzaamheden te monitoren en meer sturing te geven.
1.2 Kort terugblik
Voorafgaand aan het huidig wettelijke stelsel was de Wabo (Wet algemene bepalingen omgevingsrecht) het wettelijke stelsel waarin het vergunningstelsel voor de fysieke leefomgeving was opgenomen. Ook deze wet kende een verplichting om een uitvoerings- en handhavingsbeleid te hebben. Op grond van die wet is in 2013 het Integraal Handhavingsbeleid "Handhaven met hart en verstand" gewijzigd vastgesteld. In dat stuk werd nog niet ingespeeld op de kort daarna opgerichte en operationeel wordende omgevingsdiensten en veiligheidsregio’s en de wijze van samenwerking daarmee. De strategie is dus aan actualisatie toe.
1.3 Analyse
Om tot een goede inzet van de instrumenten te komen is het goed om te analyseren wat onze gemeente kenmerkt, welke keuzes gemaakt zijn en wat op de gemeente afkomt.
1.3.4 Risico’s
1.4 Doelen en prioriteiten (of speerpunten)
In dit hoofdstuk wordt per onderwerp de prioriteit aangegeven. De prioritering biedt een handvat bij het jaarlijks op te stellen programma waarin zo concreet mogelijk de jaarlijkse doelstellingen en de beschikbare capaciteit worden weergegeven. Afhankelijk van de prioritering kan in het programma’s accenten worden gelegd in de wijze en intensiteit van toezicht, de volgorde van oppakken van handhavingstaken en de behandelwijze bij vergunningaanvragen. De prioritering komt tot stand door analyse van de beleidsdoelstellingen uit de Omgevingsvisie en andere beleidsstukken, de actualiteiten en de risico’s zoals verwoord in het hoofdstuk Analyse en uit de gesprekken met bestuurders en vakspecialisten.
1Bouwen (zonder/afwijking vergunning of omgevingsplan)
-op plek die bebouwing niet toestaat -Hoog
-afwijkende maatvoering bebouwing - Midden
-bouwen zonder melding start bouw WKB - Midden
-in gebruik name zonder melding WKB - Laag
2Strijd rechtstreeks werkende regels BBL (of bouwtechnische vergunning)
-brandveiligheid - Hoog
1Op dit onderwerp wordt reactief gehandeld, bij signalen wordt dit direct opgepakt
-constructie - Hoog
2Op dit onderwerp wordt reactief gehandeld, bij signalen wordt dit direct opgepakt
-overige - Laag
3Gebruik (zonder/afwijking vergunning of omgevingsplan)
-illegale bewoning - Hoog
-afwijkend gebruik agrarische bedrijfsgebouwen - Hoog
-afwijkend gebruik feestlocaties - Hoog
-afwijkend gebruik overig - Midden
4Groen
-kappen zonder vergunning - Midden
-niet voldoen herplantplicht - Midden
-niet voldoen beplanting uit voorwaardelijke verplichting - Hoog
5Uitrit
-uitrit zonder of in afwijking vergunning - Laag
6Monumenten
-aanwijzen gemeentelijke monumenten (Erfgoednota) - Hoog
-aantasting monumenten zonder vergunning extern - Hoog
-aantasting monument intern - Midden
7.Welstand
-exces welstand - Laag
1.5 Strategie
In dit hoofdstuk staat op welke wijze uitvoering wordt gegeven aan de VTH taken uit de Omgevingswet.
1.5.4 Vergunningverlening
1.6 Organisatie
De gemeente Putten bestaat uit 3 afdelingen en het Onderdeel Opgaven, Programma’s & Projecten. De afdelingen bestaan op hun beurt weer uit diverse teams. Vergunningverlening en handhaving wordt uitgevoerd door het team Juridische Zaken & Vergunningen van de afdeling Ruimte waarbij ook advies wordt gevraagd aan team Beleid & Advies en Beheer & Onderhoud. Toezicht wordt uitgeoefend door het team Toezicht van de afdeling Samenleving. Tot 1 januari 2025 hadden we voor bepaalde thema’s een samenwerkingsverband met 3 andere gemeenten. Die samenwerking is beëindigd en iedere gemeente voert die taken weer volledig voor zichzelf uit.
Naast de genoemde teams zijn er ook andere interne en externe partijen betrokken. Hieronder volgt een kort overzicht van partijen waarmee meer dan incidenteel wordt samengewerkt.
Evaluatie 2025
2.1 Inleiding
In het Omgevingsbesluit (artikel 13.11) staat dat bestuursorganen jaarlijks rapporteren over de mate waarin uitvoering van het uitvoeringsprogramma heeft plaatsgevonden en de mate waarin deze uitvoering heeft bijgedragen aan het bereiken van de daarin gestelde doelen.
In het VTH Evaluatierapportage 2024 en uitvoeringsprogramma 2025 staat welke doelen we voor het jaar 2025 hebben gesteld. In dit onderdeel wordt geëvalueerd hoe het voorgaande jaar is verlopen en in welke mate de doelstellingen behaald zijn. Eerst zal per onderdeel worden ingezoomd op het jaar 2025 waarna de gezamenlijke doelstellingen worden bekeken.
2.2 Vergunningen
2.2.3 Hebben we de gestelde doelen behaald?
2.3 Toezicht
2.3.3 Hebben we de gestelde doelen behaald?
2.4 Handhaving en bezwaar & beroepsprocedures
2.4.3 Hebben we de gestelde doelen behaald?
2.5 Gezamenlijke doelen
Hebben we de gestelde doelen behaald?
In het programma voor 2025 zijn ook enkele doelstellingen opgenomen die team overstijgend zijn. Per doel wordt beoordeeld in welke mate het behaald is.
Bebouwing buitengebied
Doel: In het buitengebied wordt veel ruimte gebruikt voor agrarische activiteiten. Juist deze sector leeft in onzekerheid. Hierdoor is de kans groter dat leegstaande complexen en schuren voor andere doelen gebruikt worden dan beoogd en/of vergund. Dit is ongewenst en maakt sturing onmogelijk. Daarom besteden wij hier aandacht aan door tijdens onze reguliere bezoeken hier extra op te letten en daarnaast gericht dergelijke locaties in beeld te krijgen en te bezoeken. Als vanuit toezicht.
Resultaat: Bij het reguliere toezicht en controles van vergunningen is aandacht besteed op dit punt. Ook heeft dit in enkele gevallen tot een handhavingstraject geleid. In het landelijke buitengebied speelt veel, ook in onze gemeente. Ondernemers zien zich door de landelijke ontwikkelingen beperkt in de mogelijkheden. Om dit onderwerp beter te borgen en een beter zicht te hebben op wat er speelt is een gerichtere aanpak nodig.
Monumenten
Doel: Naast de al bestaande rijks- en gemeentelijke monumenten gaan we actiever gemeentelijke monumenten aanwijzen. Hierdoor zullen er meer vergunningaanvragen komen waarop wordt toegezien. Dit onderwerp verdient extra aandacht.
Resultaat: Dit onderwerp heeft meer aandacht gehad. Zowel bij het aanwijzen als gemeentelijk monument als bij toezicht en handhaving. Gelet op de materie en de hoeveelheid betrokken adviseurs (eigen adviseur maar in sommige gevallen ook provincie en rijksdienst) is dit onderwerp arbeidsintensief in vergelijking met veel andere thema’s.
Parkeren
Doel: De wijze waarop gewaarborgd moet worden dat bij een ontwikkeling voldoende parkeergelegenheid komt en blijft is complex. In de praktijk levert het problemen op om voldoende parkeergelegenheid te realiseren bij ontwikkelingen. Ook de beoordeling wat voldoen is, wat bij een vergunningaanvraag beoordeeld dient te worden, blijkt complex. Halverwege 2024 is daarnaast ook nieuw parkeerbeleid vastgesteld. We gaan samen kijken om dit thema beter te borgen.
Resultaat: We hebben gezamenlijk procesafspraken gemaakt en ook gezamenlijk besproken wie voor welk onderdeel van de beoordeling verantwoordelijk is. De materie blijft complex. Met name in het centrum waar veel functies op een kleine oppervlakte (gepland) zijn. De coördinator beoordeeld of er in voldoende mate op eigen terrein ruimte is om te parkeren. Mocht hij er niet uitkomen dan kan advies gevraagd worden bij de verkeerskundige. Als uit een beoordeling blijkt dat er niet voldoende parkeergelegenheid op eigen terrein is dan adviseert de verkeerskundige over de vraag om al dan niet van die eis af te wijken. De afgesproken werkwijze, moet bijdragen aan een betere waarborging van dit onderwerp.
Wet kwaliteitsborging
Doel: We houden scherp de gevolgen van de invoering van de WKB in de gaten. In 2024 zijn er slechts 7 meldingen ontvangen. Dit aantal is lager dan verwacht. We hebben daarom ook nog niet echt kunnen leren zodat we nu nog onvoldoende in kunnen schatten wat de gevolgen van de invoering van de WKP voor ons zijn. We verwachten in 2025 meer meldingen zodat we meer kunnen leren waar we inhoudelijk op moeten letten, welke verschuiving het inhoud voor de hoeveelheid werk en op welke wijze handhaving plaats moet vinden in geval er iets niet juist verloopt.
Resultaat: In 2025 hebben we 17 meldingen ontvangen. 10 meer dan 2024. Nog steeds niet het aantal dat verwacht werd. Door het beperkte aantal hebben we nog niet voldoende kennis en ervaring opgedaan.
3 Uitvoeringsprogramma 2026
3.1 Inleiding
In het Omgevingsbesluit (artikel 13.8) staat dat bestuursorganen jaarlijks de uitvoerings- en handhavingsstrategie uitwerken in een uitvoeringsprogramma. Daarin staat welke werkzaamheden het komende jaar zullen worden verricht. Bij het bepalen van die werkzaamheden wordt rekening gehouden met de doelen prioriteitenstelling zoals die in de uitvoerings- en handhavingstrategie (hoofdstuk 1) staan.
3.2 Speerpunten voor 2026
In de uitvoerings- en handhavingstrategie (hoofdstuk 1) is aan de hand van een analyse tot doelen en prioriteiten gekomen. Mede aan de hand van de in dat stuk genoemde actualiteiten zijn we tot de volgende speerpunten voor 2026 gekomen.
De speerpunten zijn:
1Illegaal gebruik (voormalig) agrarische schuren (veilig buitengebied)
We maken een aanpak waarin we tot een selectie van percelen komen die we gaan bezoeken. Dit wordt gedaan aan de hand van de ambtelijk beschikbare informatie en openbare bronnen.
Bij de locaties die bezocht worden zal eerst een korte fysische inspectie worden uitgevoerd. Bij geen bijzonderheden wordt de inspectie beëindigd. Bij eventuele waargenomen bijzonderheden wordt nader onderzoek gedaan.
Daarnaast wordt ook externe signalen over dit onderwerp worden direct opgepakt.
2Illegaal gebruik feestlocaties (overlast en oneerlijke concurrentie)
We maken een aanpak waarin we tot een selectie van panden komen die we gaan bezoeken. Dit wordt gedaan aan de hand van de ambtelijk beschikbare informatie en openbare bronnen.
Bij de locaties die bezocht worden zal eerst een korte fysische inspectie worden uitgevoerd. Bij geen bijzonderheden wordt de inspectie beëindigd. Bij eventuele waargenomen bijzonderheden wordt nader onderzoek gedaan.
Daarnaast wordt ook externe signalen over dit onderwerp worden direct opgepakt.
3Illegale bewoning (o.a. recreatiewoningen)
De werkwijze op recreatieterreinen, zoals verwoord in de Beleidsregels Doorbouwend recreatief, worden voortgezet. De huidige aanpak op recreatieterreinen wordt voortgezet en nieuwe signalen (intern of extern) worden direct opgepakt. Ook signalen over illegale bewoning van andere panden dan recreatiewoningen worden direct opgepakt.
Gelet op de woningnood, waardoor juist plekken worden bewoond die daar niet geschikt en bestemd voor zijn. Dat maakt optreden nodig, maar tegelijk is de wijze waarop dat gebeurt erg belangrijk. Er wordt daarom een redelijke termijn gegeven, maar wel wordt verwacht dat er actieve inspanningen worden verricht op de illegale woonsituatie op te heffen.
4Bebouwing op plekken waar dergelijke bouwwerken niet zijn toegestaan
De fysieke leefomgeving en landschap zijn belangrijk voor de gemeenschap, de economie en het toerisme. Via het omgevingsplan wordt sturing gegeven aan locaties waar wel bebouwing is toegestaan en locaties die we open willen houden (bijvoorbeeld vanwege het open landschap). Waarnemingen van bebouwing op plaatsen waar dat niet is toegestaan worden direct opgepakt.
5Bescherming erfgoed
Cultureel erfgoed is belangrijk voor de identiteit van de gemeente. De uitvoeringsagenda van het Erfgoedbeleid 2024-2028 wordt voortgezet. Het doel is om het erfgoed van Putten goed te borgen. Dat betekent, dat het erfgoed in brede zin gewaardeerd is, in kaart is gebracht en beschreven. Zodoende vormt het erfgoed een vast integraal onderdeel bij ruimtelijke ontwikkelingen. Daarbij worden er naar verwachting meer objecten aangewezen als gemeentelijk monument.
Er wordt direct opgetreden bij een signaal dat er zonder of in afwijking van de benodigde omgevingsvergunning een monument wordt aangetast.
3.3 Doelen, kosten en dekking
2026 is het jaar dat inwoners naar de stembus mogen/mochten voor de gemeenteraadsverkiezingen. De verkiezingen zijn van invloed op de samenstelling van de gemeenteraad en het college. Het coalitieakkoord kan tot een andere (omgevings)visie en doelen leiden. Nu dit het jaar van het opnieuw koers bepalen is maken we de keuze om de huidige capaciteit als uitgangspunt te nemen en dat als vertrekpunt te pakken voor de doelen die we willen bereiken. De huidige capaciteit is in de begroting opgenomen. Per onderdeel wordt de capaciteit die in de begroting is opgenomen voor 2026 weergegeven.
3.4 Verwachtingen en doelen Vergunningen
We verwachten een relatief stabiel jaar. Wetstechnisch komen er geen grote veranderingen aan en inhoudelijk raken we steeds meer gewend aan het stelsel van de Omgevingswet. Voor de 2e helft van 2026 worden forse bouwplannen verwacht, bijvoorbeeld voor de wijk Halvinkhuizen en inbreidingsplannen. Omdat het proces steeds beter in de vingers krijgen is desondanks de verwachting dat de gemiddelde doorlooptijd van een vergunning verder kunnen verkorten met minder termijnoverschrijdingen.
Verwachting 2026
2025
2024
Aanvragen omgevingsvergunning
420
391
352
Gemiddelde afhandelingstermijn (in dagen)
30
34
43
Termijnoverschrijdingen
8
12
23
Principeverzoeken
80
76
71
Schetsplannen (pre-welstandadvies)
100
97
93
informatieverzoeken
300
280
116
Capaciteit 2026
De capaciteit voor het jaar 2026 is gelijk aan die van 2025.
Functie
Begroot 2026
Coördinator omgevingsvergunningen
2,5 fte
Technisch mdw vergunningen en bouwen
1fte
Medewerker administratie & projectondersteuning
1,72 fte
Langlopende aanvragen
Het streven is om de drie nog openstaande vergunningaanvragen die onder het oude wettelijke regime zijn ingediend (dus voor 1 januari 2024) dit jaar af te ronden. Voor twee van de drie aanvragen geldt dat we afhankelijk zijn van andere bestuursorganen dus dat we de uitvoering van dit doel niet volledig in onze handen hebben.
3.5 Verwachtingen en doelen Toezicht
We verwachten een relatief stabiel jaar. Wetstechnisch komen er geen grote veranderingen aan en inhoudelijk raken we steeds meer gewend aan het stelsel van de Omgevingswet.
3.5.2 Controles voor handhaving?
3.6 Verwachtingen en doelen Handhaving en bezwaar & beroepsprocedures
We verwachten een relatief stabiel jaar. Wetstechnisch komen er geen grote veranderingen aan en inhoudelijk raken we steeds meer gewend aan het stelsel van de Omgevingswet.
Prognose aantallen en effect
We verwachten een lichte stijging van het aantal op te pakken en af te ronden zaken. We verwachten tussen de 100 en 110 zaken op te starten en tussen de 100 en 110 af te ronden. Die verwachting is er omdat vorig jaar de capaciteit niet volledig is ingezet, en we verwachten dat de feitelijke bezetting meer richting de begrote capaciteit zal zijn. Daarnaast verwachten we dat door de doelgerichtere aanpak (met speerpunten) de inzet een groter effect heeft op de doelen.
Door de verwachte lichte toename van het aantal handhavingszaken kan het aantal bezwaarschiften ook licht toenemen.
Capaciteit 2026
De capaciteit voor het jaar 2026 is gelijk aan die van 2025.
Functie
Begrote capaciteit 2026
Juridisch vakspecialist
3,41 fte
Strategisch adviseur
1fte
Speerpuntenaanpak
Door de aanpak met speerpunten streven we ernaar om meer sturing te geven aan waar de toezichthouders buiten aandacht aan besteden en zo binnen, als er overtredingen worden waargenomen, ook op te kunnen treden. Na 2026 kan beoordeeld worden of de speerpuntenaanpak werkt, maar ook of veel controles op tot waarnemingen van overtredingen hebben geleid.
Sjablonen omgevingswet
In 2025 is een start gemaakt om tot eenduidige sjablonen te komen die volledig zijn toegespitst op de huidige verwachtingen van burgers en rechtspraak. In 2026 werken we dat nader uit en implementeren we dat in ons systeem.
4.0 Slotbepalingen
Inwerkingtreding
-Dit besluit treedt in werking op de dag na bekendmaking.
-De Nota integrale handhaving wordt ingetrokken