Gemeentelijke regelgeving

Beleidsregels reinigingsheffingen

Gemeente Putten · geldt sinds 1 januari 2020

Aanhef

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Putten,

gelet op het bepaalde in artikel 231 van de Gemeentewet juncto artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht;

besluit:

vast te stellen de beleidsregels reinigingsheffingen en gewijzigd bij besluit van het college van burgemeester en wethouders van 10 december 2019.

Artikel 1

1Het afval afkomstig van niet-inwoners van Putten die verblijf houden op een recreatiebedrijf, beschouwen als bedrijfsafval.

2Het afval afkomstig van personen die ingeschreven staan in de gemeentelijke basisadministratie van de gemeente Putten en hoofdverblijf houden op een recreatiebedrijf, beschouwen als huishoudelijk afval.

3Als recreatiebedrijf wordt aangemerkt een recreatiepark waar de recreatieondernemer c.q. vereniging van eigenaren zorg draagt voor de centrale afvalinzameling van de onderkomens op het bedrijf.

4De gebruiker van een recreatieobject, die als zodanig in de BRP is ingeschreven, wordt aangeslagen voor het tarief afvalstoffenheffing voor overige percelen.

Artikel 2

1Deze beleidsregels worden aangehaald als: beleidsregels reinigingsheffingen.

2Deze beleidsregels treden in werking met ingang van 1 januari 2020.

Putten, 10 december 2019

Burgemeester en wethouders van Putten,

de secretaris,

F.E. Contant

de burgemeester,

H.A. Lambooij

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.