Aanhef
burgemeester en wethouders en de burgemeester van gemeente Overbetuwe; ieder voor zover zijn bevoegdheden betreft;
gelet op artikel 5:1 en 7:1, derde lid, onder b, van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg en op het bepaalde in de Gemeentewet en afdeling 10.1.1 van de Algemene wet bestuursrecht;
b e s l u i t e n :
Tekst
1De bevoegdheid van burgemeester en wethouders als bedoeld in artikel 5:1 van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg inzake het in behandeling nemen van meldingen betreffende personen voor wie de noodzaak tot geestelijke gezondheidszorg zou moeten worden onderzocht, het verrichten van onderzoek naar die noodzaak, het informeren van degene die een melding heeft gedaan en het zo nodig indienen van een aanvraag voor de voorbereiding van een verzoekschrift voor een zorgmachtiging bij de officier van justitie te mandateren aan de Directeur Publieke Gezondheid van de Veiligheids- en Gezondheidsregio Gelderland-Midden.
2De bevoegdheid van de burgemeester als bedoeld in artikel 7:1, derde lid, onder b. van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg inzake het horen in het kader van het nemen van een crisismaatregel te mandateren aan de Directeur Publieke Gezondheid van de Veiligheids- en Gezondheidsregio Gelderland-Midden.
3De Directeur Publieke Gezondheid van Veiligheids- en Gezondheidsregio Gelderland-Midden is bevoegd functionarissen binnen zijn organisatie te mandateren c.q. te machtigen tot het geheel of gedeeltelijk uitoefenen van de hem bij dit besluit gegeven bevoegdheden.
4dat dit besluit in werking treedt op de dag na bekendmaking.
5dat dit besluit wordt aangehaald als: Besluit mandaatverlening in het kader van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg gemeente Overbetuwe 2020.