Gemeentelijke regelgeving

Procesnotitie adviesrecht raad BOPA OWO-gemeenten

Gemeente Opsterland · geldt sinds 10 april 2026

Aanhef

De raad van de Gemeente Opsterland,

gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 20 januari 2026 over de evaluatie van het Verzamelbesluit (voorstel 5),

gelet op; de Omgevingswet

besluit:

1Voor conceptverzoeken en aanvragen omgevingsvergunningen voor de buitenplanse omgevingsplanactiviteit (bopa), waarbij het bindend adviesrecht van toepassing is, de ‘Procesnotitie adviesrecht raad BOPA OWO-gemeenten' met daarin omschreven processtappen vast te stellen.

Management samenvatting

Op 1 januari 2024 is de Omgevingswet in werking getreden. Het nieuwe omgevingsplan vervangt het bestemmingsplan en de beheersverordening. Deze bestaande plannen zijn opgegaan in een tijdelijk omgevingsplan dat uiterlijk in 2032 volledig moet worden geïntegreerd.

Net als voorheen, is het onder de Omgevingswet mogelijk om voor initiatieven via een omgevingsvergunning van de planologische regels af te wijken. Dit kan door middel van een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit (bopa). Het college van B&W beslist over vergunningen, maar de gemeenteraad heeft in bepaalde gevallen een bindend adviesrecht.

De Omgevingswet wil snellere besluitvorming. Dit betekent dat voor bijna alle omgevingsvergunningen er een beslistermijn van 8 weken met mogelijkheid tot verlenging van 6 weken geldt. De Omgevingswet heeft daarnaast als verbeterdoel om in een vroeg stadium duidelijkheid te verschaffen over de haalbaarheid van een initiatief. Daarom wordt het pré advies voor bopa’s ingevoerd: de raad geeft in de conceptverzoekfase een voorbereidend advies, gevolgd door een bindend advies in de aanvraagfase. Dit geeft de raad niet alleen meer vroegtijdige invloed, maar ook meer comfort en vertrouwen in het proces, omdat hij vanaf het begin kan meedenken en sturen. Het pré advies draagt ook bij het aan het in een vroeg stadium duidelijkheid verschaffen over de haalbaarheid van een initiatief en aan het behalen van de wettelijke termijn.

Door middel van een raadsvoorstel wordt de raad verzocht een pre advies of bindend advies af te geven. De raad kan dit advies overnemen, aanvullen, of gemotiveerd afwijken van dit advies.

Sommige initiatieven worden ook mogelijk gemaakt door het wijzigen van het omgevingsplan. Dit is in de basis een bevoegdheid van de gemeenteraad. Het moment van invloed komt bij de vaststelling van het plan. We introduceren daarom ook voor de procedure van het wijzigen van het omgevingsplan een pre advies.

Belangrijke uitgangspunten:

•Het voeren van een conceptverzoek is vrijwillig; bij een directe aanvraag kan alleen bindend advies worden gevraagd.

•Adviezen moeten consistent zijn; afwijkingen van het pre advies zijn alleen mogelijk bij nieuwe informatie of planwijzigingen.

•De raad hanteert de “Ja, mits”-houding: plannen worden ondersteund tenzij belangen worden geschaad; bij afwijzing moeten alternatieven worden onderzocht.

•De raad kan kiezen voor een speciale BOPA-commissie die namens de raad adviseert en besluitvorming efficiënter maakt.

7.1 Verken uw idee

Onder het huidig regime wil de initiatiefnemer nog steeds vaak eerst onderzoeken of de gemeente wil meewerken aan het plan, zonder veel kosten te moeten maken voor het uitwerken van het plan en het doen van de benodigde onderzoeken. Met “Verken uw idee” blijft het mogelijk om een eerste verkenning van het plan te doen. Zo wordt in een vroeg stadium, op basis van een schets of planbeschrijving, duidelijk of het plan een kans van slagen heeft. Dit kan resulteren in een intentieverklaring van het college van B&W.

7.2 Conceptverzoekfase

Bij de fase van conceptverzoek zijn er geen wettelijke termijnen van toepassing. Het proces voor het op route brengen van een plan naar de raad is ongewijzigd. Via het portefeuillehoudersoverleg (PFO) kan het college een voorstel in de vorm van een concept pre advies voorleggen aan de oriënterende raadsbijeenkomst/raadscommissie en vervolgens aan de raad.

Bepalen wanneer een plan “rijp” genoeg is om aan de raad voor te leggen voor een pre advies is lastig. Er moet een balans gevonden worden tussen de ambtelijke capaciteit die ingezet wordt op een plan en de serieusheid/mate van uitwerking van het plan. We kunnen daarom in de conceptverzoekfase niet volledig beoordelen of het plan voldoet aan alle wet- en regelgeving (er zal een voorbehoud gemaakt worden). Het pre advies van de gemeenteraad kan daarom ook niet in plaats komen van het bindend advies in de formele procedure. Bij de formele procedure is het plan geheel uitgewerkt en onderbouwd en is duidelijk geworden of er voldaan wordt aan alle wet- en regelgeving.

7.3 Aanvraagfase ongewijzigd plan

Bij een aanvraag omgevingsvergunning voor een bopa waarop het bindend adviesrecht van toepassing is, zal de beslistermijn verlengd worden met 6 weken (artikel 16.62, tweede lid, Ow). Het proces is uitgebeeld in onderstaand figuur. Dit betreft een zogenaamde “happyflow”. Of deze planning daadwerkelijk gehaald wordt, is van veel factoren afhankelijk. Tijdige afstemming over de bestuurlijke planning is daarom belangrijk.

Een aanvraag omgevingsvergunning wordt (meestal) digitaal met bijbehorende stukken ingediend in het DSO (digitaal stelsel Omgevingswet). De aanvraag wordt geregistreerd in ons zaaksysteem en toebedeeld aan een behandelaar. De behandelend ambtenaar toetst de volledigheid van de aanvraag en zet, waar nodig, intern en extern de advies- en instemmingsverzoeken uit. Tevens neemt de behandelend ambtenaar zo spoedig mogelijk contact op met de griffie en directiesecretaris om de bestuurlijke planning af te stemmen. Na de inhoudelijke beoordeling van de aanvraag wordt, waar nodig, de initiatiefnemer verzocht het plan aan te vullen en/of aan te passen. Via het PFO wordt een voorstel op route gebracht naar het college. De griffie en directiesecretaris worden door de behandelend ambtenaar geïnformeerd over de voortgang. Het college kan het plan na akkoord doorzetten voor besluitvorming naar de raad. Het voorstel wordt voorgelegd in de oriënterende raadsbijeenkomst/commissievergadering. In deze vergadering is het namelijk voor de burger mogelijk om in te spreken. Het kan zijn dat een extra vergadering ingepland moet worden door bijvoorbeeld de vakantieperiode. Wordt het voorgestelde bindend advies een bespreekstuk, dan zal het geagendeerd worden voor de raadsvergadering. Met het toepassen van het pre advies wordt zo veel mogelijk voorkomen dat de voorstellen als bespreekstuk behandeld moeten worden in de raadsvergadering. Nadat de raad het bindend advies heeft afgegeven zal het college besluiten op de aanvraag omgevingsvergunning.

7.4 Aanvraagfase gewijzigd plan

Het proces is anders als blijkt dat de (definitieve) aanvraag omgevingsvergunning bopa gewijzigd is ten opzichte van het conceptverzoek waarop de raad een pre advies heeft gegeven. In dat geval zal het plan voor het bindend advies zowel in de oriënterende raadsbijeenkomst/commissievergadering als in de raadsvergadering behandeld moeten worden. Via de raadscommissie gaat het voorstel naar de raadsvergadering. Dat zal extra tijd kosten. Verder wordt zoveel mogelijk de planning die beschreven staat in de paragraaf ‘6.3 aanvraagfase ongewijzigd plan’ gevolgd. Een goede afstemming over de bestuurlijke planning is dan essentieel.

7.5 Aanvraagfase zonder conceptverzoekfase

Indien een initiatiefnemer een aanvraag om omgevingsvergunning voor een bopa indient zonder dat er een conceptverzoek is geweest, dan zal voordat de procedure in gang gezet wordt overleg plaatsvinden met de initiatiefnemer. In dit overleg wordt gestuurd op het intrekken van de formele procedure en het starten van een conceptverzoek. Als de initiatiefnemer de aanvraag omgevingsvergunning niet wil omzetten naar een conceptverzoek, dan zal door de behandelend ambtenaar zo spoedig mogelijk contact opgenomen worden met de griffier en directiesecretaris om een planning te maken voor de behandeling van het plan in de raad. Het doorlopen van de hiervoor beschreven processen en het behalen van de wettelijke termijnen is dan veelal niet mogelijk. De initiatiefnemer zal daarom verzocht worden de termijn vrijwillig op te schorten. Het nemen van een deugdelijk besluit blijft belangrijk.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.