Aanhef
Introductie
Sinds enkele jaren groeit het elektrisch rijden. Het kabinetsbeleid is erop gericht dat alle nieuw verkochte auto’s in 2030 uitstootvrij zijn. Om aan de laadvraag van al deze voertuigen te voldoen, zijn naar verwachting 1,7 miljoen private en (semi)publieke laadpunten nodig.
In het coalitieakkoord Vitaal Opmeer 2022-2026 is de wens het aantal laadpunten snel uit te breiden opgenomen. Dit kan niet zonder vastgestelde visie en beleid.
In 2019 is de Nationale Agenda Laadinfrastructuur (NAL) vastgesteld. De NAL vraagt om een integrale visie op de laadinfrastructuur, bij voorkeur in regionaal verband opgesteld.
Het projectbureau van de Metropool Regio Amsterdam voor elektrisch vervoer (MRA-e) heeft een visie opgesteld die voor de regio gebruikt kan worden, maar omdat de MRA-e ook een faciliterende taak heeft, en gemeente Opmeer alleen meewerkt aan plaatsing, is het wenselijk ook de gemeentelijk visie op hoofdlijnen vast te stellen. Dat gebeurt in deel A van dit document.
Onderdeel van de visie is het plaatsingsbeleid. In 2013 zijn de beleidsregels hiervoor vastgesteld. In het kort komt dit beleid er op neer dat de gemeente plaatsing van laadpalen vooral faciliteert. Het aantal elektrische voertuigen groeit, en daarmee de vraag om laadpunten.
Gemeente Opmeer is intussen aangesloten bij de regio MRA-E, die in Noord-Holland, Utrecht en Flevoland plaatsing en beheer van laadpalen verzorgt. Het plaatsingsbeleid van MRA-E wordt hierbij gevolgd. Op enkele punten wijkt dit af van het gemeentelijk beleid, dit moet dus herzien worden. Dit gebeurt in deel B van dit document.
Deel A. Beleidsvisie laadinfrastructuur elektrische voertuigen gemeente Opmeer.
Omdat MRA-e regionaal beleid heeft opgesteld wordt beperkt aandacht gegeven aan marktontwikkeling, rijks- en regionaal beleid en dergelijke zaken.
Per hoofdstuk zal de betreffende tekst van de NAL weergegeven worden, met daaronder het standpunt voor Opmeer.