Gemeentelijke regelgeving

Verordening van de raad van de gemeente Olst-Wijhe houdende bepalingen over ambtelijke bijstand en fractieondersteuning

Gemeente Olst-Wijhe · geldt sinds 24 april 2026

Aanhef

De raad van de gemeente Olst-Wijhe;

Gelezen het voorstel van het presidium;

Gelet op Gemeentewet, artikel 33, lid 3;

Besluit:

1De verordening ambtelijke bijstand en fractieondersteuning gemeente Olst-Wijhe 2026 vast te stellen;

2De verordening ambtelijke bijstand en fractieondersteuning gemeente Olst-Wijhe, vastgesteld op 15 oktober 2018, in te trekken.

Artikel 1. Begripsbepalingen

In deze verordening wordt verstaan onder:

–Ambtelijke bijstand: bijstand bij het opstellen van voorstellen, amendementen en moties of andere ambtelijke bijstand niet zijnde een verzoek om informatie;

–Ambtenaar: ambtenaar van de gemeente, niet zijnde een medewerker van de griffie;

–Document: document als bedoeld in artikel 1, onder a, van de Wet openbaarheid van bestuur;

–Fractie: fractie als bedoeld in artikel 7 van het Reglement van Orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad gemeente Olst-Wijhe 2024;

–Wet: Gemeentewet.

Artikel 2. Verzoek om informatie

1Een raadslid kan de griffier verzoeken om feitelijke informatie van geringe omvang of om inzage in, of afschrift van, documenten waaromtrent geen geheimhouding op grond van de artikelen 25, 55 of 86 van de wet is opgelegd.

2De griffier verstrekt zo spoedig mogelijk de verzochte informatie, voor zover deze daarover kan beschikken. Voor zover daarmee niet aan het verzoek voldaan is verzoekt de griffier de secretaris één of meer ambtenaren aan te wijzen die voor zover mogelijk de resterende informatie zo spoedig mogelijk verstrekken.

Artikel 3. Verzoek om ambtelijke bijstand

1Een raadslid kan de griffier verzoeken om ambtelijke bijstand.

2De griffier verleent zo spoedig mogelijk de ambtelijke bijstand, voor zover dit in redelijkheid kan worden gevergd. Voor zover daarmee niet aan het verzoek voldaan is kan de griffier de gemeentesecretaris verzoeken om één of meer ambtenaren aan te wijzen die voor zover mogelijk het verzoek zo spoedig mogelijk verder inwilligen.

3De gemeentesecretaris wijst geen ambtenaar aan als:

a.Naar oordeel van de secretaris niet aannemelijk is gemaakt dat de ambtelijke bijstand betrekking heeft op raadswerkzaamheden of

b.Dit naar het oordeel van de gemeentesecretaris het belang van de gemeente kan schaden.

4Als de ambtelijke bijstand op grond van het derde lid wordt geweigerd deelt de gemeentesecretaris dit met redenen omkleed mee aan de griffier en aan het raadslid door wie het verzoek is ingediend. De griffier of het raadslid kan de burgemeester verzoeken de ambtelijke bijstand alsnog te laten verlenen. De burgemeester beslist zo spoedig mogelijk op het verzoek.

Artikel 4. Geschil over ambtelijke bijstand

1Een raadslid dat niet tevreden is over de door een ambtenaar aan hem verleende ambtelijke bijstand kan hierover in overleg treden met de gemeentesecretaris.

2Als overleg met de gemeentesecretaris niet leidt tot een voor beide partijen bevredigende oplossing kan het raadslid de zaak aan de burgemeester voorleggen. De burgemeester voorziet zo spoedig mogelijk in de kwestie.

Artikel 5. Verstrekking informatie over verzoeken om ambtelijke bijstand

1De gemeentesecretaris verstrekt aan het lid van het college op wiens werkzaamheden een verzoek om ambtelijke bijstand betrekking heeft, desgevraagd een afschrift van het verzoek.

2Als het college of één of meer leden van het college informatie wensen over een verzoek om ambtelijke bijstand of over de inhoud van verleende ambtelijke bijstand, wenden zij zich daartoe rechtstreeks tot het betrokken raadslid.

Artikel 6. Recht op financiële bijdrage

1De raad verstrekt een fractie jaarlijks een financiële bijdrage ter ondersteuning van het functioneren van de fractie.

2Deze bijdrage bestaat uit een vast deel voor elke fractie. Daarnaast kan elke fractie aanspraak maken op een bedrag per raadszetel. Vanaf het jaar 2026 bedraagt het vaste deel € 750 per fractie, en het bedrag per raadszetel € 240. De in dit lid genoemde bedragen worden in het jaar waarin gemeenteraadsverkiezingen plaatsvinden geïndexeerd.

3In afwijking van het eerste lid verstrekt de raad in een jaar waarin raadsleden aftreden op grond van artikel C 4, tweede lid, van de Kieswet aan een fractie een financiële bijdrage tot en met de maand maart en een financiële bijdrage voor de periode omvattende de resterende maanden. Deze financiële bijdragen bestaan uit 1/12e deel van de bedragen, bedoeld in het tweede lid, vermenigvuldigd met het aantal maanden dat de periode omvat.

Artikel 7. Besteding financiële bijdrage

1Een fractie besteedt de financiële bijdrage uitsluitend om de volksvertegenwoordigende, kaderstellende of controlerende rol van de fractie te versterken.

2De financiële bijdrage mag in ieder geval niet gebruikt worden ter bekostiging van:

a.Uitgaven die in strijd zijn met enige wettelijke bepaling;

b.Betalingen, inclusief die ter voldoening van contributie, aan politieke partijen, met politieke partijen verbonden instellingen of natuurlijke personen anders dan ter vergoeding van diensten of goederen geleverd ten behoeve van de versterking van de fractie op basis van een gespecificeerde, reële declaratie of arbeidsovereenkomst;

c.Giften, leningen, beleggingen en voorschotten;

d.Uitgaven die op grond van enige andere wettelijke regeling in aanmerking komen voor vergoeding van overheidswege, inclusief uitgaven in verband met verkiezingsactiviteiten, of

e.De kosten voor niet-partijpolitiek georiënteerde scholing in verband met de vervulling van de functie van raads- of commissielid, voor zover deze door of namens de gemeente wordt aangeboden of verzorgd.

Artikel 8. Beschikking over financiële vergoeding

1Fracties ontvangen jaarlijks het fractiebudget bij wijze van voorschot.

2Het fractiebudget wordt overgemaakt op een afzonderlijke bankrekening van de fractie. Op deze rekening mogen geen andere inkomsten worden ontvangen dan het fractiebudget. Er is sprake van een strikte scheiding tussen fractiefinanciën en partijfinanciën.

3Fracties beheren het fractiebudget zelfstandig gedurende het kalenderjaar waarvoor het is toegekend.

4Alle uitgaven uit het fractiebudget worden onderbouwd met bewijsstukken, zoals facturen, bonnen of bankafschriften. Voor uitgaven waarvoor geen afzonderlijk bewijsstuk beschikbaar is (bijvoorbeeld bankkosten) volstaat een bankafschrift.

5Elke fractie legt jaarlijks verantwoording af over de besteding van het fractiebudget door het invullen van het vastgestelde verantwoordingsformat en het overleggen van de bijbehorende bewijsstukken.

6De verantwoording over een kalenderjaar wordt uiterlijk op 31 januari van het daaropvolgende kalenderjaar ingediend bij de griffie. De griffie voert een inhoudelijke en administratieve controle uit en kan, indien nodig, aanvullende informatie opvragen.

7De uitkomsten van de controle worden voorgelegd aan de gemeenteraad. De gemeenteraad besluit over eventuele terugvordering en over de bestemming van overschotten.

8Fracties mogen een deel van het fractiebudget reserveren. Het toegestane saldo bedraagt ten hoogste de hoogte van het jaarlijkse fractiebudget van de betreffende fractie. Het meerdere boven het toegestane saldo wordt terugbetaald aan de gemeente.

9Bij het verdwijnen van een fractie of aan het einde van de raadsperiode wordt het resterende saldo van het fractiebudget terugbetaald aan de gemeente.

10In een jaar, waarin gemeenteraadsverkiezingen plaatsvinden, is de bijdrage naar rato beschikbaar voor de maanden tot en met de maand waarin de verkiezingen plaatsvinden. In de eerste maand na de maand waarin de eerste vergadering van de nieuwgekozen raad plaatsvindt, is de resterende bijdrage beschikbaar voor de overige maanden van dat jaar.

Artikel 9. Gevolgen splitsen en einde bestaan fractie

1Als één of meer raadsleden van één of meer fracties als zelfstandige fractie gaan optreden of zich aansluiten bij een andere fractie, wordt het voor elk van deze zetels beschikbaar gestelde variabele deel van de financiële bijdrage toebedeeld aan de nieuwgevormde fractie of aan de fractie waarbij aangesloten wordt.

2Als een fractie tijdens een zittingsperiode ophoudt te bestaan, vervalt de aanspraak op de financiële bijdrage met ingang van de maand volgend op de maand waarin de fractie hiervan kennisgeving heeft gedaan.

3Als een fractie als gevolg van verkiezingen ophoudt te bestaan, vervalt de aanspraak op de financiële bijdrage met ingang van de datum dat de raad in de nieuwe samenstelling aantreedt.

Artikel 10. Inwerkintreding

1Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening ambtelijke bijstand en fractieondersteuning gemeente Olst-Wijhe 2026.

2Deze verordening treedt in werking met ingang van 13 april 2026 en werkt terug tot en met 1 april 2026.

3De verordening ambtelijke bijstand en fractieondersteuning gemeente Olst-Wijhe, vastgesteld op 15 oktober 2018, wordt ingetrokken.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.