Gemeentelijke regelgeving

Uitvoeringsprogramma VTH 2026

Gemeente Oldenzaal · geldt sinds 17 juli 2026

Aanhef

Veelgebruikte afkortingen

APV : Algemene Plaatselijke Verordening

Bbl : Besluit bouwwerken leefomgeving

Bkb : Besluit kwaliteitsborging voor het bouwen

Boa : Buitengewoon opsporingsambtenaar

Ibt : Interbestuurlijk toezicht

KCC : Klant Contact Centrum

Mor : Ministeriele regeling omgevingsrecht

MOR : Melding Openbare Ruimte

ODT : Omgevingsdienst Twente

Ow : Omgevingswet

UP : Uitvoeringsprogramma VTH 2026

VTH : Vergunningverlening, Toezicht, Handhaving

VTH-beleid : VTH-beleid Oldenzaal 2025 (2025-heden)

Wabo : Wet algemene bepalingen omgevingsrecht

Wkb : Wet kwaliteitsborging voor het bouwen

2. Kaders, uitgangspunten en capaciteit en ontwikkelingen

2.4 Personele capaciteit en ontwikkelingen voor het programma

2.4.1 Personele capaciteit

De capaciteit binnen de gemeente Oldenzaal is onder te verdelen in vergunningverlening en toezicht en handhaving. Voor de berekening van de beschikbare capaciteit is uitgegaan van een gemiddeld aantal productieve uren per fte van 1350 uur. Hieronder staat een overzicht van de beschikbare fte en de benodigde fte. Voor de benodigde fte is uitgegaan van de inschattingen van de uren per vakgebied. Deze inschattingen zijn verder in dit uitvoeringsprogramma uitgewerkt.

Wat opvalt is dat bij Toezicht en Handhaving APV en BW 1 fte te weinig is. Op dit moment staat een vacature open voor Intergraal Handhaver. Verder zijn er op dit moment geen knelpunten met betrekking tot de personele capaciteit.

2.4.2 Ontwikkelingen

Jaarlijks zijn er ontwikkelingen en aandachtsgebieden die van invloed zijn op de verdere invulling van het UP. Een aantal ontwikkelingen loopt door vanuit voorgaande jaren. Een aantal ontwikkelingen zijn nieuw. Hieronder worden de verschillende ontwikkelingen nader toegelicht.

Omgevingswet

Vanaf 1 januari 2024 is de wetgeving ingrijpend veranderd met de komst van de Ow. De Ow bundelt en moderniseert de wetten voor de fysieke leefomgeving. Hierbij gaat het onder meer om wet- en regelgeving over bouwen, milieu, water, ruimtelijke ordening en natuur. De Ow staat voor een goed evenwicht tussen het benutten en beschermen van de leefomgeving. Tegelijk met de inwerkingtreding van de Ow is ook de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) in werking getreden.

Alle lokale bestemmingsplannen zijn met ingang van 1 januari 2024 vervangen door 1 integraal Omgevingsplan. Voor het opstellen van één integraal Omgevingsplan, hebben gemeenten tot 1 januari 2032 de tijd gekregen. Tot die tijd zijn alle bestaande bestemmingsplanen in aanvulling op het Omgevingsplan van toepassing. In dit Omgevingsplan worden ook de lokale regels die impact hebben op de fysieke leefomgeving opgenomen.

Vanuit een projectgroep wordt gewerkt aan het opstellen van het Omgevingsplan. De totstandkoming van een adequaat Omgevingsplan, dat voldoet aan alle regels van de Ow, is een proces van jaren. Het is de bedoeling dat stapsgewijs naar een nieuw Omgevingsplan wordt toegewerkt. Hiervoor is in 2022 een transitieplan vastgesteld. Vanaf 2023 zijn de betrokken medewerkers aan een opzet voor het nieuwe Omgevingsplan begonnen. In 2026 wordt dit onverminderd voortgezet worden, zodat het Omgevingsplan voldoet aan alle eisen en voor 1 januari 2032 in werking kan treden. Het opstellen van een Omgevingsplan is een complexe en tijdrovende klus. Ook worden nog toepasbare regels opgesteld voor alle activiteiten die in het Omgevingsplan worden opgenomen. Van de betrokken medewerkers kost dit nog de nodige inzet.

Het gevolg van de inwerkingtreding van de Omgevingswet met alle (inhoudelijke en/of administratieve) wijzigingen die het met zich mee heeft gebracht, is dat we in 2024 en 2025 hebben gemerkt dat zaken op gebied van VTH moeilijker en minder snel afgerond kunnen worden. Deze gevolgen zullen ook in 2026 zichtbaar en merkbaar zijn. In de tussentijd worden cursussen en trainingen bijgewoond om het kennisniveau bij te spijkeren, zodat de processen weer vergelijkbaar worden met de processen zoals deze voorafgaand aan de inwerkingtreding van de Omgevingswet verliepen.

Wet kwaliteitsborging voor het bouwen

De Wkb regelt dat de gemeente niet meer toetst aan technische bouwactiviteiten onder gevolgklasse 1 (woningen en eenvoudige bedrijfsgebouwen), maar dat een private kwaliteitsborger dit gaat doen. De preventieve toets van het bouwplan aan de bouwregelgeving vooraf wordt vervangen door toetsing en toezicht door kwaliteitsborgers op het bouwwerk zoals dat wordt gebouwd. De gemeente blijft wel verantwoordelijk voor het toezicht op de bestaande bouw en bouw- en sloopveiligheid. Ook blijft de gemeente het bevoegd gezag voor alles omtrent bouwen.

De gemeente toetst niet meer inhoudelijk aan bouwtechnische voorschriften, maar controleert of de opdrachtgever werkt met een toegelaten, bij de bouwactiviteit passend instrument en een onafhankelijke kwaliteitsborger. Ook controleert de gemeente of alle specifieke risico’s voor dat bouwwerk in de risicobeoordeling in kaart zijn gebracht en in het borgingsplan zijn vastgelegd. Mocht toezicht en handhaving noodzakelijk zijn, dan biedt de Wkb in aanvulling op de Algemene wet bestuursrecht verschillende handvatten om te kunnen beschikken over de noodzakelijke informatie. De Wkb vraagt om een groot aantal wijzigingen die de gemeente voor inwerkingtreding van dit nieuwe stelsel moet implementeren. De Wkb biedt ruimte om hierover in beleid specifieke keuzes te maken. Doordat te weinig ervaringen zijn opgedaan met de Wkb, is deze niet meegenomen in het geactualiseerde VTH-beleid. Om die reden wordt dit meegenomen in bijlage 2. Als in 2026 meer ervaring is opgedaan met de Wkb, wordt deze geëvalueerd en opgenomen in het beleid of apart vastgesteld.

Financiën

Op financieel gebied heeft de Wkb ook impact voor gemeenten. In januari 2021 hebben wij daarom de impactanalyse Wkb ingevuld. Deze liet zien dat de gemiddelde leges, vanaf de invoering van de Omgevingswet en Wkb, van € 1,4 miljoen naar ongeveer € 1 miljoen euro zouden gaan. Omdat de legesopbrengsten jaarlijks fluctueren, hebben we altijd al rekening gehouden met een lager bedrag. Tot op heden was aan legesopbrengsten Wabo altijd € 819.000 opgenomen. Vanwege de impact-analyse Wkb is dit bedrag met ingang van de begroting 2024 met € 100.000 omlaag bijgesteld.

Woningbouwtoevoeging en woningbouwversnelling

De gemeenteraad heeft een ambitiedocument Woondeal Twente 2025-2030 vastgesteld. Daaruit volgt een grote woningbouwambitie voor Oldenzaal, waaronder een grote vraag naar woningbouwtoevoeging en woningbouwversnelling. Daarnaast wordt in 2026 Twentebreed gewerkt aan de Ontwikkelstrategie Twente. Hierin staan voor alle Twentse gemeenten de groeiambitie van 60.000 woningen en 100.000 inwoners. De ambities en opgaves worden in kaart gebracht richting 2050.

De bestemmingsplannen Mariaker en Stakenbeek (wijzigingsgebied 1) zijn in 2025 vast gesteld. Voor de vergunningverleners zal dit de nodige uren kosten. Vanwege de versnelde toename van omgevingsvergunningen zal dit ook direct effect hebben op toezicht en handhaving. Tevens staat tegen elk besluit bezwaar en (hoger) beroep open en is een voorlopige voorziening mogelijk waardoor mogelijk meer juridische procedures kunnen ontstaan.

Toepassing Bibob-beleid

Voor 1 mei 2024 is vanuit het programma ‘De basis op Orde’ een actueel Bibob-beleid een vereiste. In 2024 is het Bibob-beleid geactualiseerd. Het aantal risico categorieën is hierdoor uitgebreid. Als gevolg moeten meer Bibob-toetsen worden uitgevoerd. In 2023 is een Bibob-coördinator aangesteld. De coördinator ondersteunt de behandelend ambtenaren bij (complexe) aanvragen. Een consequentie van het toetsen van meer aanvragen kan zijn dat meer juridische capaciteit wordt gevraagd voor een eventuele bestuurlijke opvolging.

De vier samenwerkende Noordoost Twentse gemeenten (Oldenzaal, Losser, Dinkelland en Tubbergen) hebben van het Centrum voor criminaliteitspreventie en veiligheid een subsidie gekregen voor 1 jaar. Deze subsidie wordt gebruikt om te onderzoeken hoe we weerbaarder kunnen worden tegen ondermijnende criminaliteit. Hiermee spelen we in op landelijke ontwikkelingen door het verstevigen van de toepassing van de wet Bibob op de onderdelen Omgevingswet (Omgevingsplan, vergunning, toezicht en handhaving) en Milieu (-criminaliteit). Deze subsidie is verlengd tot 1 april 2026. Het verkennen en de versterking van verschillende partnerschappen maakt hier deel van uit.

Preventie- en handhavingsplan

Het document beschrijft de hoofdlijnen en planning voor het nieuwe Preventie- en Handhavingsplan (PHP) middelengebruik van de gemeente Oldenzaal. Het doel is om alcoholgebruik, vooral onder jongeren, terug te dringen en samen te werken met partners als GGD, Tactus, politie en scholen. Het plan sluit aan bij landelijke akkoorden zoals het Nationaal Preventieakkoord en het Gezond Actief Leven Akkoord, en bouwt voort op de lokale Nota publieke gezondheid 2022–2026. De komende maanden worden stakeholders geïnterviewd, prioriteiten bepaald en het PHP opgesteld, zodat het in het voorjaar van 2026 vastgesteld kan worden.

Duurzaamheid

Gelet op Europese en landelijke wet- en regelgeving zijn er vele lokale ontwikkelingen op het gebied van duurzaamheid. Thema’s zijn onder andere klimaatadaptatie (wateroverlast, droogte en hitte-stress), een groene en gezonde stad (onder andere klimaat in de stedelijke omgeving zoals het Singelpark), de energietransitie en geluid en afval. Waar het gaat om toezicht en handhaving ten behoeve van energie en duurzaamheidsmaatregelen bij bedrijven is dit een taak voor de ODT. Een aantal van de lokale ontwikkelingen worden hieronder genoemd. Voor 2026 wordt in ieder geval binnen de gemeente meer ingezet op implementatie van duurzaamheid in diverse (werk)processen.

Gemeentelijk Rioleringsplan en Hemelwaterverordening

In december 2020 is het Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) vastgesteld waarin ook regels voor water zijn opgenomen, waaronder de verplichte hemelwaterberging bij nieuwbouw, verbouw en uitbreiding. In 2023 is een Hemelwaterverordening opgesteld waarin een aantal van de regels uit het GRP geoptimaliseerd zijn. De verordening heeft gevolgen voor VTH. De opvolger van het GRP het Water en Klimaatadaptatieprogramma (WKP) wordt waarschijnlijk pas na de verkiezingen in 2026 vastgesteld. In 2026 wordt gekeken of de hemelwaterverordening geactualiseerd kan worden. VTH zal betrokken zijn bij dit traject.

Energietransitie

De energietransitie is in de basis de overgang van een energiesysteem gebaseerd op fossiele energiebronnen naar een energiesysteem gebaseerd op duurzame en CO2-neutrale energiebronnen. Oldenzaal zet zich in om haar doelen binnen de energietransitie te halen. Er wordt meegedacht bij (particuliere) initiatieven voor bijvoorbeeld de aanleg van zonnevelden en kleine windmolens op het dak of op de grond. We zien ten opzichte van voorgaande jaren dat het aantal verzoeken om mee te denken stijgt. Dit zal naar verwachting leiden tot meer aanvragen omgevingsvergunning en daarmee ook een impact hebben op VTH.

Naast deze ontwikkelingen wordt ook ingezet op reguliere verduurzamingsmaatregelen, zoals het aanbrengen van zonnepanelen en isolatie. Deze zijn in de regel niet vergunningplichtig. Voor monumenten geldt dat dit soort maatregelen vaak wel vergunningplichtig zijn. Dit zou in de praktijk kunnen leiden tot meer aanvragen omgevingsvergunning. Ook zien we dat het aantal warmtepompen en airco’s (of andere installaties) toeneemt met als gevolg dat het aantal geluidklachten toeneemt. Ook dit heeft effect op VTH.

Afval- en grondstoffenbeheer

Een schone en veilige leefomgeving draagt bij aan het welzijn van inwoners en de leefbaarheid van de gemeente. Binnen het VTH-domein wordt daarom structureel aandacht besteed aan een effectieve en integrale aanpak van afvalproblematiek. De focus ligt op het voorkomen en bestrijden van (zwerf)afval, bijplaatsingen bij ondergrondse containers en illegale dumpingen. Deze vormen van vervuiling hebben een negatieve invloed op het straatbeeld, veroorzaken overlast en leiden tot extra kosten voor reiniging en herstel.

In samenwerking met Twente Milieu, het team Buitenbeheer en het team Handhaving wordt uitvoering gegeven aan gerichte toezicht- en handhavingsacties. Hierbij wordt gewerkt met vaste controlemomenten, thematische actieweken en meldingsgerichte inzet. Overtredingen, zoals het verkeerd aanbieden van huishoudelijk afval of illegale dumpingen, worden geregistreerd en beboet volgens het geldende handhavingsbeleid. Bij herhaling of ernstige overtredingen wordt de bestuurlijke lijn verder doorgezet. Monitoring en evaluatie van resultaten vinden plaats via kwartaalrapportages.

Energielabel C-verplichting kantoren

Per 1 januari 2023 is de ‘Energielabel C-verplichting’ in werking en moeten alle kantoorgebouwen verplicht energielabel C of hoger hebben. Voldoet het gebouw niet aan de eisen, dan mag het per 1 januari 2023 niet meer als kantoor worden gebruikt. In een aantal gevallen is er een uitzondering van toepassing of geldt de hardheidsclausule. De gemeente dient handhavend op te treden bij overtreding van de Energielabel C-verplichting. Volgens de Nota van Toelichting brengt deze wijziging van het Bouwbesluit extra bestuurlijke lasten met zich mee in het kader van toezicht en handhaving. In 2022 zijn gebouweigenaren in aanloop naar de wetswijziging door de gemeente en provincie op de hoogte gesteld dat zij per 1 januari 2023 moeten voldaan aan de energielabel C-verplichting. Hier is nog niet proactief op gehandhaafd. In 2026 is dat vooralsnog ook niet aan de orde. Wel wordt tijdens reguliere controles (integraal) bij kantoorpanden gecontroleerd of wordt voldaan aan de verplichting. Als blijkt dat dit niet het geval is dan wordt dit, samen met eventuele andere overtredingen, in een handhavingstraject opgepakt. Dit conform ons VTH-beleid. Het is nog onduidelijk hoeveel impact dit gaat hebben op VTH.

3. Programma Vergunningverlening

3.1 Doelstellingen en prioritering

3.1.1 Bouwen, RO en monumenten

2026 zal in het teken staan van de verdere implementatie van de Ow en de Wkb. Voor de bouw en RO gerelateerde taakvelden heeft dit vooral in 2023 en 2024 om veel inspanningen gevraagd. Zowel organisatorisch als qua kennis, kunde en capaciteit moeten we ons blijven ontwikkelen op deze grote wetswijziging. Ondanks dat een groot aantal acties al zijn uitgevoerd en de Ow en de Wkb al in werking zijn getreden, brengt dit langjarig extra werk met zich mee. In 2022 is door de gemeenteraad een transitieplan vastgesteld zodat duidelijk is welke stappen we de komende jaren nog moeten zetten en wat dat vraagt van de ambtelijke organisatie. De belangrijkste werkprocessen onder de Ow zijn in kaart gebracht. In de praktijk zal moeten blijken of volgens deze processen gewerkt wordt of dat ze moeten worden aangepast. Om voldoende kennis te hebben van de Ow en de Wkb hebben de betrokken medewerkers in 2024 een cursus ‘van Bouwbesluit naar Bbl’ gevolgd en een cursus vergunning-vrij bouwen onder de Omgevingswet.

Als gemeente staan we in 2026 ook voor andere belangrijke ontwikkelingen die van invloed zijn op VTH, zoals de woningbouwversnellingsopgave en de energietransitie. Als gevolg van de woning-bouwversnelling is de verwachting dat het aantal aanvragen omgevingsvergunning op korte termijn zal toenemen. Zie ook hoofdstuk 2.4 voor de ontwikkelingen die van invloed zijn op VTH.

Daarnaast werkten de vergunningverleners sinds begin 2022 met het toen nieuwe programma Squit2020. De overgang en het werken met dit nieuwe programma heeft de nodige inzet gekost. Uit de eerste ervaringen is echter gebleken dat het systeem niet aansluit bij dat wat wij wensen en verwachten van het programma. In 2023 is daarom overgestapt naar een nieuw programma RX mission. Het nieuwe programma heeft ook weer de nodige inzet gekost. In 2026 zal dit voor de vergunningverleners wederom de nodige inzet kosten. Door het overstappen van de applicatiebeheerder moest deze functie opnieuw worden opgevoerd en ingevuld. Begin 2025 is er een applicatiebeheerder in dienst getreden en langzaam wordt nu de achterstand die is ontstaan ingelopen.

Naast toetsing van aanvragen is en blijft ook een belangrijke rol voor conceptaanvraag weggelegd. Oldenzaal stimuleert aanvragers om eerst een conceptaanvraag in te dienen voordat men tot een formele aanvraag komt. Dit doen we om op een laagdrempelige en klantvriendelijkere manier een aanvraag te kunnen beoordelen of het plan kans van slagen heeft. De beoordeling gebeurt meestal in de werkgroep principeverzoeken waarin zowel vergunningverleners, juristen als RO’ers zitting hebben.

Monumenten

Voor aanvragen omgevingsvergunning die gemeentelijke monumenten en rijksmonumenten raken, geldt dat naast de welstandscommissie ook de monumentencommissie om advies wordt gevraagd. In aanloop naar de Ow is de werkwijze met Het Oversticht geëvalueerd. Onder de Ow worden de monumentencommissie en de welstandscommissie samengevoegd in één nieuwe commissie, te weten de adviescommissie omgevingskwaliteit. De stadsbouwmeester is lid van deze commissie

In oktober 2022 heeft de gemeenteraad de ‘Erfgoedverordening Oldenzaal 2022’ vastgesteld. Deze is van kracht sinds de inwerkingtreding van de Ow.

3.1.2 Totaalprogramma vergunningverlening bouwen en ruimtelijke ordening 2026

3.1.3 Juridische procedures bouwen en ruimtelijke ordening

3.1.4 APV en Bijzondere wetten

De meeste aandacht gaat uit naar de evenementen- en alcoholvergunningen. Het tijdig aanvragen en afhandelen van de een evenementen- en alcoholvergunning heeft de hoogste prioriteit.

Ook gaat daarnaast onze aandacht in 2026 uit naar het volgende:

•actualiseren van de alcoholvergunningen op basis van de administratieve controles door de boa’s;

•actualiseren aanvraagformulieren RX Mission;

•deelnemen aan Project Warenmarkt;

•briefsjablonen in RX Mission actualiseren volgens Direct Duidelijk;

•deelnemen aan Project Vergroenen Plechelmusplein.

3.1.5 Totaalprogramma vergunningverlening APV en Bijzondere wetten 2026

3.1.6 Juridische procudres APV en Bijzondere wetten

4. Programma toezicht en handhaving

4.2 Bouwen en Ruimtelijke Ordening (rekening houdend met Omgevingswet en Wkb)

4.2.1 Toezicht bouwen en slopen

In de eerste plaats wordt benadrukt dat nooit alles kan worden gecontroleerd. Er is altijd sprake van een momentopname en het gaat om een planning. De bouwer blijft zelf verantwoordelijk, deze dient te bouwen conform het Bbl en conform de verleende vergunning.

Bij het toezicht op verleende vergunningen worden verschillende soorten vergunningen onderscheiden. Vergunningen die ieder een eigen onderbouwde manier van toezicht kennen. Niet alle vergunningen worden bij voorbaat al gecontroleerd. Controlemomenten vinden, afhankelijk van het soort vergunning, plaats op specifieke momenten gedurende de bouw.

Sinds de invoering van de Ow, kan meer vergunningsvrij worden gebouwd. Dat betekent deels een verschuiving van toezicht/controle op vergunningen naar controle en aanschrijving illegale bouw.

Bij de afloop van een tijdelijke vergunning voor de activiteit bouwen (en gebruik) is de controle op de afloop van de termijn een specifiek aandachtspunt.

Bij vergunningen voor de activiteit slopen wordt onderscheid gemaakt tussen slopen met en zonder asbest en sloopmeldingen. Oldenzaal is een relatief compact gebied, waardoor slopen al snel hinder of gevaar kan opleveren voor de omgeving. Daarom is aan het toezicht op vergunningen met asbest of op een risicolocatie een hoge prioriteit toegekend. Bij sloopmeldingen is het risico eveneens hoog, omdat de kans op een overtreding relatief groot is, evenals de aanwezigheid van asbest. Daarom wordt het zinvol geacht om alle sloopmeldingen te controleren. Eventueel wordt extra informatie verschaft via de KOM en de gemeentelijke website. In het geval van een asbestcalamiteit kunnen de handhavers Omgevingswet worden ingeschakeld.

De controles op slopen met asbest worden door de ODT uitgevoerd. De gemeente heeft een signaalfunctie.

Op 1 januari 2024 is de Ow in werking getreden, hierbij zijn ook de Wkb en het Besluit kwaliteitsborging (Bkb) (gefaseerd) in werking getreden. De gemeente heeft na de inwerkingtreding van de Wkb en het Bkb haar toezichthoudende taak behouden en blijft belast met de handhaving van de omgevingsvergunning en de bouwtechnische voorschriften tijdens en na gereedmelding van de bouw. De gemeente kan bijvoorbeeld handhavend optreden naar aanleiding van de melding van de kwaliteitsborger, op basis van signalen van derden of eigen onderzoek. Vanwege deze verschuiving zijn minder uren begroot voor de controle bouwvergunningen in vergelijking tot voorgaande jaren.

Zie hoofdstuk 2.4.2. voor een uitgebreide toelichting op de Wkb.

4.2.2 Toezicht ruimtelijke ordening en overige

Onder handhaving van de (on)bebouwde omgeving valt het toezicht op het tijdelijk Omgevingsplan (voorheen de verschillende bestemmingsplannen) en overige taken. Onder dit toezicht valt: illegale bouw en illegaal gebruik van bouwwerken/terreinen. Daarnaast hebben we nog overige taken. In de urenbegroting is daarvoor de post ‘illegale activiteiten’ opgenomen.

In principe wordt door de toezichthouders Omgevingswet niet afzonderlijk algemeen toezicht gehouden op handhaving van onbebouwde omgeving (Ro/overig). De toezichthouders komen namelijk al in elk deel van de gemeente door de wijze waarop toezicht op de vergunningen is georganiseerd. Daardoor zijn geen extra uren voor “algemene gebiedscontroles” nodig. In 2025 wordt alleen specifiek gecontroleerd op de diverse onderdelen naar aanleiding van interne of externe meldingen (‘piepsysteem’), handhavingsverzoeken of eigen/collegiale waarnemingen tijdens- en op weg naar reguliere andere controles. Illegale bouw zichtbaar vanaf de openbare weg heeft daarbij hoge prioriteit, evenals illegaal gebruik.

Project jaarlijkse controle mogelijk risicovolle vervallen complexen.

In 2006 heeft de VROM-inspectie een landelijk project uitgevoerd inzake inventarisatie mogelijk risicovolle locaties. Voor Oldenzaal kwamen daar een viertal mogelijk risicovolle vervallen complexen uit naar voren. Deze zijn toen allemaal gecontroleerd en, waar nodig, is actie ondernomen. In 2007 kwam de inspectie tot de conclusie dat verdere handhaving niet nodig was. Sindsdien worden de meeste van deze locaties nog geregeld gecontroleerd. Jaarlijks worden alle oude alsmede nieuwe locaties (opnieuw) gecontroleerd en is de situatie vastgelegd. Waar nodig is/wordt nadere actie ondernomen. Ook in 2026 worden deze complexen minimaal één keer gecontroleerd op veiligheid en, indien van toepassing, gezondheid. Als de veiligheid en/of gezondheid in het geding is, wordt actie ondernomen.

4.2.3 Toezicht brandveilig gebruik

De hoofdtaak op het gebied van brandveilig gebruik is het controleren van bouwwerken waarvoor een gebruiksmelding is ingediend. Onder de Ow bestaat de omgevingsvergunning brandveilig gebruik niet meer. Een belangrijke verandering die zich heeft voorgedaan met de komst van de Ow is dat in het geval van kantoor of industriefunctie een verruiming plaatsvindt van het aantal personen, waardoor pas een meldingsplicht geldt vanaf 150 personen (ten opzichte van 50 onder het huidige recht).

Het doel van toezicht brandveilig gebruik is het bevorderen van brandveilige gebouwen in de gemeente. Oldenzaal werkt conform het toezicht model brandveiligheid van de Brandweer Twente waarin de risicobenadering is weergegeven (zie bijlage 3). Deze is ten opzichte van voorgaande jaren niet aangepast.

Volgens de risicoanalyse hebben met name gezondheidszorgfuncties met niet-zelfredzame en/of bedlegerige bewoners en logiesfuncties met meer dan 50 personen een hoge prioriteit. Bij de prioritering is aan fysieke veiligheid groot gewicht toegekend ten opzichte van hinder/leefbaarheid (80: 20). Zowel vergunningen als meldingen worden gecontroleerd. Deze zijn afgestemd met de regionale brandweer.

4.2.4 Toezicht evenementen

Specifiek voor toezicht op evenementen zijn circa 260 uren gepland in 2026. In de praktijk blijkt dat de bouwwerken (tenten, podia,.) massaler en groter worden. Deze bouwwerken met bijbehorende constructies vragen meer toezicht van de toezichthouders. Het betreft hier de bouwwerken bij de b- en c-evenementen. Ook wordt samen met de boa’s op de algehele veiligheid gecontroleerd. Tijdens de evenementen worden meer controle-uren gevraagd; denk hierbij aan veel meer geluidsmetingen en controles op de eindtijden.

4.2.5 Meldingen (klachten) bij bouwen en ruimtelijke ordening

Toezicht kan plaatsvinden door middel van regulier toezicht, maar ook op basis van meldingen van derden via het KCC. Dit laatste is wat we verstaan onder ‘piepsysteem’. Over het algemeen hebben meldingen betrekking op illegale bouw/ illegaal gebruik. De meldingen die gevaar opleveren voor de veiligheid of volksgezondheid worden in ieder geval opgepakt. We krijgen ook steeds meer meldingen over geluidsoverlast van installaties (waaronder warmtepompen en airco’s). Waar nodig wordt dit afgestemd met de ODT.

4.2.6 Handhaving bouwen en ruimtelijke ordening

Handhaving gebeurt volgens de vastgestelde Landelijke Handhavings- en Gedoogstrategie en ons VTH-beleid.

4.2.7 Totaalprogramma Toezicht en handhaving Bouwen en RO

4.2.8 Juridische procedures handhaving bouwen en ruimtelijke ordening

4.3 Milieu

4.3.1 Ondermijning

Ondermijnende criminaliteit raakt ons allemaal en komt ook voor in een stad als Oldenzaal. De aanpak van ondermijning is een belangrijk speerpunt uit het integrale veiligheidsbeleid van de gemeente Oldenzaal. Als lokale overheid pakken we onze verantwoordelijkheid hierin, samen met de politie en het Regionaal Informatie en Expertise Centrum Oost-Nederland. Signalen worden via een casustafel Noord Oost Twente uitgewerkt en acties worden voorbereid. Jaarlijks voeren we diverse integrale controles uit samen met de politie, ODT, Nederlandse Voedsel- en Waren Autoriteit, douane, sociale recherche, de Nederlandse arbeidsinspectie en het Landelijk Intelligence- en expertisecentrum Voertuigcriminaliteit. Tot de ondermijningstaken behoren ook het toezicht en de sluiting van drugspanden.

In 2024 is het inzetten van de bestuurlijke instrumentaria als bestuurlijke boete en dwangsom op persoon verkend. In 2025 wordt dwangsom op persoon wel ingezet. Bestuurlijke boete wordt verder uitgewerkt. Hiervoor is een projectleider benoemd die dat in 2026 verder uit zal werken. Een consequentie van het inzetten van deze instrumentaria, tot op heden de dwangsom op persoon, is dat meer juridische capaciteit wordt gevraagd voor eventuele bestuursrechtelijke opvolging.

4.3.2 Controle evenementen

Het betreft hier onder andere de geluidsmetingen. Omdat integraal wordt gehandhaafd, wordt hierbij ook het brede toezicht op de verleende vergunningen meegenomen. Deze taak vraagt steeds meer inzet in verband met/gelet op de veiligheid en gezondheid van betrokkenen.

4.3.3 Meldingen (klachten)

Prioriteiten worden gesteld op basis van veiligheid en volksgezondheid. Deze meldingen (klachten) worden geregistreerd in het Medewerkersportaal (Signalen) waarin het KCC een belangrijke rol vervuld in het aannemen en doorzenden daarvan. Veelal gaan deze meldingen over in het reguliere toezicht- en handhavingstraject.

4.3.4 Totaalprogramma Ondermijning

4.4 APV en Bijzondere Wetten

4.4.1 Evenementen

Voor 2026 zijn in totaal 600 uren begroot voor het houden van toezicht bij opbouw van en tijdens evenementen. Hierbij zijn de toezichthoudende taken als volgt in te delen:

•toezicht en controle voorafgaand aan het evenement, tijdens de opbouwfase. Dit betreft vooral controle van bouwconstructies, brandbeveiligingsvoorschriften, vluchtwegen en aanrijroutes van hulpdiensten;

•toezicht en controle tijdens het evenement. Dit zal veelal ’s avonds en in het weekend zijn. De controles bestaan dan voornamelijk uit controle van de Alcoholwet, het nakomen van voorschriften van de evenementvergunning zoals eindtijden en geluidsniveau.

Meldingen klein evenement:

Bij meldingen klein evenement (bijv. een buurtfeest) bestaat de behoefte dat steekproefsgewijs wordt gecontroleerd of het evenement terecht is afgedaan met een melding of dat eigenlijk een vergunning noodzakelijk is.

4.4.2 Horeca

Net als in 2025 ligt de nadruk van het toezicht op controles van de openingstijden van de paracommerciële horeca inrichtingen, waaronder sportkantines. Dit overeenkomstig het convenant Gezonde Sportomgeving Oldenzaal 2025, welke met de sportverenigingen is afgesloten.

In 2025 zijn een aantal boa’s van baan veranderd. Thans zijn de huidige boa’s bezig om te voldoen aan de vereiste opleidingseisen.

In 2026 voldoen alle boa’s aan de vereiste opleidingseisen en dan zullen, zoals vastgelegd in het handhavingsbeleid horeca, de volgende handhavingsacties uitgevoerd worden:

•er worden leeftijdsgrenzeninspecties uitgevoerd bij de horeca inrichtingen (commerciële en paracommerciële horeca inrichtingen);

•jaarlijks worden horeca inrichtingen in de avond-/nachturen gecontroleerd op de aanwezigheid van een leidinggevende én of barpersoneel aan reeds beschonken personen schenkt;

•bij evenementen waar een ontheffing is verleend voor het schenken van drank wordt steekproefsgewijs gecontroleerd op het schenken aan personen jonger dan 18 jaar;

•op basis van het aanwijzingsbesluit gebieden verboden Alcoholwet vindt afstemming plaats tussen de toezichthouder, de coördinator van de gemeente, de politie en jeugdopbouwwerk om te inventariseren op welke locaties hangjongeren zich ophouden, waarvan het vermoeden bestaat dat deze alcoholhoudende drank bij zich hebben. Op basis hiervan worden gerichte controles in de openbare ruimte uitgevoerd;

•met het formuleren van bovenstaande doelen en instrumenten zouden niet alle drankverstrekkers in Oldenzaal worden gecontroleerd. Om dit te voorkomen geldt algemeen dat minimaal één keer per jaar een basiscontrole wordt uitgevoerd bij alle alcoholverstrekkers (130) op regels van de Alcoholwet en de Alcoholverordening. Onder alcoholverstrekkers worden ook verstaan de paracommerciële horeca inrichtingen, zoals sportkantines.

In geval van overtreding wordt conform de vastgestelde sanctiestrategie gehandeld.

4.4.3 Afval

Door samenwerking van het team Handhaving, team Buitenbeheer en Twente Milieu wordt extra ingezet op handhaving (1350 uren). De aanpak van zwerfafval, bij plaatsingen bij afvalcontainers en illegale dump van afval is hier onderdeel van. Extra inzet op deze drie genoemde thema's is noodzakelijk. Huishoudens en inwoners die niet op de juiste manier hun afval aanbieden of zich daarvan illegaal ontdoen, worden waar mogelijk direct beboet.

4.4.4 Handhaving openbare ruimte (boa’s)

Onder openbare ruimte (algemeen toezicht) vallen controles van bijvoorbeeld voorwerpen (containers, caravans, aanhangers, autowrakken) op de openbare weg, graffiti en vernielingen. Onder wegen/verkeer en marktverordening valt onder ander de controle op (brom)fietsen tijdens de warenmarktdagen op maandag en zaterdag. Ook de controle venstertijden (foutief inrijden in de binnenstad valt hieronder.

Het doel van handhaving openbare ruimte is het waarborgen en verbeteren van de veiligheid en leefbaarheid in Oldenzaal. De volgende uitgangspunten worden gehanteerd:

•preventief toezicht is belangrijk: voorkomen is beter dan genezen;

•de veroorzaker betaalt: schade wordt verhaald of ongedaan gemaakt door de veroorzaker;

•bij overtredingen wordt een proces-verbaal of een kennisgeving van bekeuring uitgeschreven. Waar mogelijk wordt de bestuurlijke strafbeschikking toegepast;

•signalerende functie voor anderen. De boa’s zijn de ogen en oren op straat.

4.4.5 Meldingen Openbare Ruimte (MOR)

Overtredingen worden op verschillende manieren onder de aandacht van de stadstoezichthouders gebracht. Een melding wordt vastgelegd in het medewerkersportaal door het KCC en wordt in behandeling genomen. Urgente veiligheidsvraagstukken krijgen voorrang bij de inzet van beschikbare capaciteit. Als direct tegen de overtreding wordt opgetreden wordt een proces-verbaal of een kennisgeving van bekeuring uitgeschreven. Het afhandelen van meldingen wordt veelal meegenomen tijdens het reguliere toezicht. Op jaarbasis worden ongeveer 1800 meldingen opgepakt.

4.4.6 Totaalprogramma Toezicht en handhaving APV en Bijzondere wetten

4.4.7 Juridische procedures handhaving APV en Bijzondere wetten

Bijlage 1 Algemene doelstellingen

Algemeen doel

Beleidsdoelen

Indicatoren

Voorbeeld streefwaarde

Activiteiten 2025

Monitoringstool

Evaluatiemoment

Dienstverlening

De organisatie is goed bereikbaar

24- uurs bereikbaarheid voor calamiteiten

100%

Voor wat betreft overige taken gemeente: voor urgente situaties is een bereikbaarheidslijst. Deze is bereikbaar via het algemene telefoonnummer.

Via teamleider

Jaarlijks of indien daartoe aanleiding wordt gezien meerdere keren per jaar.

Bereikbaarheidsnorm bij KCC binnen 30 seconden telefoon opnemen

80%

Aandacht snelle beantwoording.

Tableau

Jaarlijks

Terugbelverzoeken worden binnen 2 werkdagen afgehandeld

95%

Jaarlijkse bereikbaarheidscontrole dmv mystery guest onderzoek en per team zijn superusers aangesteld. Zij hebben een signalerende functie voor openstaande terugbelverzoeken en zaken zonder behandelaar

E-suite

Jaarlijks

Klanten zijn tevreden

Minimale percentage groene smileys

Balie: 75%

Aandacht klantgericht werken.

Tableau

Jaarlijks

Melding openbare ruimte: 60%

Webformulieren: 75%

Vergunningen: 75%

Uitvoeringskwaliteit

De landelijke vastgestelde handhavingsstrategie (LHS) wordt gehanteerd

Aantal keren dat is afgeweken van de LHS.

Uitgevoerde analyse op deze afwijkingen

0

Er vinden steekproefsgewijze dossieronderzoeken plaats bij de thuistaken bouwen/ro. Op basis daarvan vindt een analyse op de afwijkingen plaats. Hierover wordt in het jaarverslag 2025 gerapporteerd.

PowerBI (ODT) en eSuite (gemeente)

Jaarlijks

Uitvoeringskwaliteit

Opvolging van 1e controlebezoek is hoog

% hercontroles waarbij een eerder geconstateerde overtreding weer wordt geconstateerd

< 5%

Naleefgedrag wordt gemeten aan de hand van het aantal hercontroles t.o.v. het aantal uitgevoerde initiële controles. De PDC 2022 heeft onderscheid gemaakt tussen de producttypen ‘Hercontroles’ en ‘Handhavingscontroles’ om beter inzicht te krijgen

Rx Mission

Jaarlijks

In geval van instellen van beroep is het bezwaar/beroep ongegrond of niet ontvankelijk

% procedures van vergunningen, intrekkingen, actualisering en maatwerkvoorschriften waarbij bezwaar-/beroepsschriften ongegrond dan wel niet ontvankelijk zijn

95%

In het jaarverslag vindt een analyse plaats op de bezwaren

E-suite

Jaarlijks

In geval van instellen van beroep is het bezwaar/beroep ongegrond of niet ontvankelijk

% procedures van handhavingszaken/verzoeken om handhaving waarbij bezwaar-/beroepsschriften ongegrond dan wel niet ontvankelijk zijn

85%

In het jaarverslag vindt een analyse plaats op de bezwaren

E-suite

Jaarlijks

Circulaire economie

Ambitie om in 2050 volledig circulair te zijn als het gaat om het gebruik van materialen en grondstoffen

% gebruikte grondstoffen van niet-hernieuwbare grondstoffen

In 2030: 50%

De manier van monitoring moet nog uitgezocht worden

Jaarlijks

In 2050: 100%

Afvalscheiding zorgt ervoor dat waardevolle grondstoffen behouden blijven en hergebruikt kunnen worden. Hierdoor neemt de hoeveelheid restafval af en wordt energie bespaard.

Hoeveelheid massa afval terug te dringen per inwoner

In 2030: 50kg per inwoner

Gemeente:

Jaarlijks

% hoeveelheid huishoudelijk afval recyclet wordt

In 2030: 60%

In 2035: 65%

Financiën

Er wordt begroot op basis van input en/of output

ODT:

Er wordt gewerkt met een PDC, waarin producten, kengetallen per product en projecten een belangrijke basis vormen voor deze berekening.

ODT:

Rapportage hierover in het jaarverslag 2024.

ODT:

Via periodieke accountoverleggen en middels een 4- en 8-maanden rapportage

Er worden kostendekkende leges geheven

% van de activiteiten geldt dat zij kostendekkend zijn.

98%

Gemeente:

Legesrapportage GBTwente.

Gemeente:

Maandelijks

Bijlage 2 Wkb bestendige gedragslijn

Verbouw

Het stelsel van de Wkb is na inwerkingtreding enkel geldig voor nieuwe bouwwerken in gevolgklasse 1. Verbouw van bestaande bouwwerken zou met ingang van 1 januari 2025 ook onderdeel worden van de Wkb. Dit zou ook gevolgen hebben voor de gemeente. Echter, de minister heeft besloten om verbouw per 1 januari 2025 nog géén onderdeel te laten vormen van de Wkb in verband met het feit dat er onvoldoende zicht is op de effecten van dit stelsel in relatie tot verbouw van bestaande bouw-werken. Vóór 1 december 2024 laat de minister weten of verbouw van bestaande bouwwerken met ingang van 1 juli 2025 onderdeel wordt van de Wkb. Hier is tot op heden nog geen uitsluitsel over.

Vooraf extra informatie opvragen

De risicobeoordeling en het borgingsplan zijn bedoeld om de gemeente inzicht te geven in de risico’s in een bouwwerk en de borging daarvan door de kwaliteitsborger en de bouw zelf. Wordt dit onvol-doende geborgd, dan kan de gemeente tijdens de uitvoering van een bepaald onderdeel van de bouw zelf toezien als zij dat nodig vindt. Artikel 2.20 van het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl), biedt de mogelijkheid om dan vooraf extra informatie over dat betreffende onderdeel op te vragen.

Het hangt van de concrete feiten en omstandigheden af in welke gevallen wij over gaan tot het opvragen van extra informatie. Na inwerkingtreding van de Wkb hebben de vergunningverleners en toezichthouders wekelijks een uitgebreid afstemmoment over alle aanvragen en meldingen die zijn binnengekomen. Bij dit overleg sluit ook een jurist aan. Samen wordt bekeken waar aan moet worden gedacht, welke omstandigheden op die specifieke locatie gelden en hoe vervolg moet worden gege-ven aan een aanvraag of melding. De gebiedskennis van de vergunningverleners en toezichthouders is hierbij heel belangrijk. Ook zal duidelijk worden in welke (concrete) situaties we overgaan tot het opvragen van extra informatie. Op die manier houden we intern de lijntjes kort, omdat nog niet geheel duidelijk is welke invloed de Wkb op VTH heeft.

Unhappy flow

Na invoering van de Wkb doen zich situaties voor waarin niet wordt voldaan aan de Wkb. Ook wel bekend als de unhappy flow. Het is wenselijk om voor de meest voorkomende ongewenste situaties houvast te hebben hoe hiermee wordt omgegaan. Daarom zijn ambtelijk uitgangspunten vastgesteld. Deze hebben de vooralsnog de status van een vaste gedragslijn. Het is onder meer belangrijk om uitgangspunten te hebben geformuleerd zodat in gelijke gevallen ook gelijk wordt gehandeld. Na inwerkingtreding van de Wkb zal in 2024 meermaals worden geëvalueerd of de uitgangspunten ook daadwerkelijk werken in de praktijk en of zich nog andere situaties voordoen. De evaluatie kan aan-leiding zijn om de uitgangspunten aan te passen. Komend jaar moet worden bekeken of de (eventu--eel aangepaste) uitgangspunten in beleid worden vastgelegd of niet.

Eén van de uitgangspunten ziet op een strijdigheid met het Bbl, het voormalig Bouwbesluit. De kwaliteitsborger is verplicht om de gemeente te informeren als een strijdigheid met het Bbl is ontdekt die niet meer voor de gereedmelding wordt opgelost en dus een verklaring van de kwaliteitsborger tegenhoudt, zie hiervoor artikel 3.86 Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl). In dat geval zal vanuit de gemeente een brief worden gestuurd waarin wordt gevraagd hoe de initiatiefnemer het probleem gaat oplossen. Als blijkt dat er sprake is van niet oplosbare afwijkingen van het Bbl, dan wordt in de brief aangegeven of al dan niet handhavend wordt opgetreden. De initiatiefnemer moet dan voor een oplossing zorgen. Een gereedmelding zonder verklaring van de kwaliteitsborger wordt niet geac-cepteerd. Het uitgangspunt is dus dat wordt gehandhaafd. Bij bijzondere omstandigheden/onevenre-digheid kan van deze lijn worden afgeweken. Het is afhankelijk van de concrete feiten en omstan-digheden voor welke handhavingsinstrument wordt gekozen. Er zijn verschillende mogelijkheden om handhavend op te treden. Zo kan de ingebruikname worden tegengehouden door middel van toe-passing van bestuursdwang als niet aan de regels wordt voldaan. Bij sommige overtredingen is dit echter een te zwaar middel. Dit is bijvoorbeeld aan de orde als bepaalde documenten ontbreken in het as-built-dossier. Het as-built-dossier geeft de feitelijke situatie weer na de uitvoeringswerkzaam-heden (de gerealiseerde toestand). In dat geval is het opleggen van een last onder dwangsom een geschikter handhavingsinstrument.

Vóór het in gebruik nemen van een bouwwerk moet eerst een gereedmelding worden ingediend bij het bevoegd gezag. Dit moet ten minste 2 weken voor het in gebruik nemen van het bouwwerk. Met een gereedmelding controleert het bevoegd gezag of de kwaliteitsborging is uitgevoerd volgens de regels. En dat het bouwwerk naar het oordeel van de kwaliteitsborger voldoet aan de bouwtechnische regels van het Bbl. De gereedmelding bestaat uit verschillende onderdelen, waaronder het ‘dossier bevoegd gezag’. Het doel van het dossier is dat de gemeente, bijvoorbeeld in geval van een calami-teit of toekomstige verbouwingen, over informatie beschikt die nodig is voor het toezicht op het gerea-liseerde bouwwerk.

Het ‘dossier bevoegd gezag’ bestaat uit de verklaring van de kwaliteitsborger, de informatie (als die van belang is) die ingaat op de getroffen maatregelen in het borgingsplan om bouwtechnische risico's te voorkomen of te beperken. De aanduiding van de gebruiksfuncties, verblijfsgebieden, verblijfs-ruimten en de afmetingen en de bezetting van alle ruimten, inclusief totaaloppervlakten per gebruiks-functie. Informatie waaruit blijkt dat het bouwwerk voldoet aan de regels over bouwconstructie, lucht-verversing, energiezuinigheid en milieuprestatie. En informatie over brandveiligheid en toegepaste gelijkwaardige maatregelen. De ingediende gereedmelding wordt beoordeeld op volledigheid. Als de gereedmelding niet compleet is, dan is de gereedmelding formeel niet gedaan. Vanuit de gemeente wordt een brief gestuurd en aangegeven wat er ontbreekt en dat een nieuwe gereedmelding moet worden ingediend. Ook kan het zijn dat handhavend moet worden opgetreden. Dat is afhankelijk van de concrete feiten en omstandigheden. Er wordt rekening gehouden met het evenredigheidsbeginsel. Als de gereedmelding akkoord is, wordt het dossier bevoegd gezag zonder inhoudelijke beoordeling gearchiveerd voor toekomstig gebruik, tenzij uit het proces blijkt of is gebleken dat er sprake is van een bijzondere situatie en/of uit ons VTH-beleid voortvloeit dat aan het dossier prioriteit moet worden gegeven en een inhoudelijke beoordeling dus op zijn plaats is.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.