Gemeentelijke regelgeving

Gebiedsvisie Ruysbossche Loop

Gemeente Oisterwijk · geldt sinds 5 juni 2025

Aanhef

De raad van de gemeente Oisterwijk,

gelezen het voorstel van het college d.d. 21 januari 2025,

domein/afdeling Fysieke leefomgeving;

gelet op

-Artikel 110, 108 en 147 van de gemeentewet;

-de uitgangspunten zoals vastgelegd in het Koersdocument Oostflank en de visie buitengebied

-de visie spelregels vastlegt voor het beoordelen van initiatieven

-het zorgvuldig doorlopen proces

besluit:

1De gebiedsvisie Ruysbossche Loop vast te stellen

Een overzicht van conclusies voor de uitgangspunten van de visie

BIJLAGE

IN DIT HOOFDSTUK

Quickscan Biodiversiteit – Van Helvoirt

Samenvatting participatie avonden

Lagenbenadering analysekaarten

Quickscan ecologie Van Helvoirt

Frank van Irsel, Van Helvoirt Groenprojecten

1De kwaliteit van de Ruysbossche Loop is slecht. De waterloop is volledig gekanaliseerd en uitgediept. De oevers zijn recht. Grondbewerking van aangrenzende agrariërs vindt vaak plaats tot aan de waterloop, met enkele uitzonderingen in het noorden van het stroomgebied. De waterloop wordt daarnaast intensief geschoond. ‘Quick win’: samen met het Waterschap bekijken of het beheerplan geactualiseerd kan worden, zodat een extensiever en gefaseerd schoningsbeheer kan worden toegepast.

2Er zijn geen overstromingsmogelijkheden meer, met als enige uitzondering enkele plekken in Park Ruijbosch.

3In de waterloop kwam in ieder geval tot in 2012 grote modderkruiper voor (e-DNA), ter plaatse van de monding van de Ruysbossche Loop in de Broekleij. De soort komt ook voor in de slotgracht op Landgoed Nemelaer. Hoewel de bovenloop van de Ruysbossche Loop tot vlak aan het landgoed reikt is er geen verbinding. Het is zeer raadzaam om inspanningen te doen om het leefgebied van de grote modderkruiper te bevorderen.

4Een stuw in de Ruysbosche Loop zorgt ervoor dat de Loop niet toegankelijk is voor (andere) vissoorten. Vermoedelijk heeft de grote modderkruiper zich daardoor gehandhaafd. Het ontbreekt immers aan andere vissoorten die de grote modderkruiper prederen.

5In Park Ruijbosch komen leuke soorten voor die passen bij de plas-dras zones/natuurlijke oevers zoals die ooit bestonden. Voorbeelden zijn: echte koekoeksbloem, moerasvergeet-mij-nietje, ruige zegge, grasmuur, grote ratelaar en kleverige ogentroost. Met name de twee laatstgenoemde zijn waardevol omdat ze parasiteren op gras. Ter plaatse van het park zijn tijdens de rondgang ook waarnemingen gedaan van weidebeekjuffer. Vermeldenswaardig zijn daarnaast de waarnemingen van groot dikkopje en kleine parelmoervlinder.

6Er wateren diverse (ondiepe) zijsloten af op de waterloop. Veel van de zijsloten zijn sterk verland, o.a. als gevolg van riet en achterstallig beheer. Agrariërs moeten betrokken worden. Educatie is daarbij belangrijk. Er kan veel winst worden behaald door de watergangen die uitstromen op de Ruysbossche loop gerichter en gefaseerd te gaan schonen en door een strook vegetatie, parallel aan de loop extensiever te gaan maaien.

7De kadastrale kaart uit 1832 toont aan dat destijds al delen van de Ruysbossche Loop in cultuur waren gebracht. Desondanks is de meander op sommige plaatsen nog wel zichtbaar. Op de lange termijn zou het mooi zijn om te onderzoeken of deze meander teruggebracht kan worden, door bijvoorbeeld grond aan te kopen ter plaatse van de loop.

8Inzicht in de eigendommenkaart. Zijn er opties om natuurlijke oevers te creëren? Wellicht zijn er ook gebieden die al wel in gemeentelijk eigendom zijn. Hier liggen de ‘quick wins’. Hier kunnen met relatief weinig inspanningen natuurlijke oevers worden aangelegd.

9De aanleg van natuurlijke oevers leidt tot een bijzondere vegetatie waarin, in potentie zeldzame soorten voor kunnen komen. De waargenomen soorten in Park Ruijbosch tonen dit al aan.

10In Park Ruijbosch zijn veel vrijwilligers actief. Ze leveren onder andere een bijdrage in het beheer en in de monitoring van soortgroepen. Het is raadzaam om met deze vrijwilligers ook bij het overige deel van de Ruysbossche Loop te betrekken. Een voorbeeld is de werkgroep Park Ruijbosch. Diverse oudere vrijwilligers hebben daarnaast nog veel kennis over de Ruysbossche Loop, zoals die was voor de grootschalige aanpassingen in de jaren ’60 en ’70 van de vorige eeuw.

11De Ruysbossche Loop weer beleefbaar maken. Tijdens de rondgang bleek dat veel mensen zich niet eens realiseren dat het om een natuurlijke loop gaat. O.a. informatiebordjes en natuurleerpaden kunnen hierbij uitkomst bieden.

12Met uitzondering van Park Ruijbosch ontbreekt het in de meeste gevallen aan structuurvariatie in de beplanting, op korte afstand van de loop. Er staan weinig bomen en nauwelijks struweel. Lange termijn: na de aankoop van gronden kunnen wellicht weer op kleine schaal ‘natte bosjes’ worden aangeplant.

13Boomstobbes aan de waterkant leggen t.b.v. ijsvogel.

Resultaten participatie

Samenvattend

Verslag & Reacties

-- - - - - - - - - - - - - - - - - - - -

Wanneer

26juni 2024

19.30-21.30u

Waar

Kerkstraat 26, Haaren

Uitgevoerd door:

Van Tuijn stedenbouw

Nachtegaallaan 13M

Eindhoven

In opdracht van

gemeente Oisterwijk

In samenwerking met

-Waterschap de Dommel

-Frank v. Irsel (ecoloog)

Genodigden:

-inwoners van Haaren

-direct omwonenden onderzoeksgebied

-particuliere initiatiefnemers in het onderzoeksgebied

Onderzoeksgebied

Het onderzoek gaat over het gebied rondom de Ruysbossche Loop. De relatie met de omliggende gebieden zoals de kern van Haaren en ontwikkelingen in de buurt nemen we ook mee in het onderzoek. Bovenstaande afbeelding geeft de begrenzing van het onderzoeksgebied weer.

Reacties op voorstel

Nieuwe oversteken

In het algemeen vinden participanten het een goed idee om het gebied beter beleefbaar te maken middels wandelpaden, zeker als het op een oorspronkelijk kerkepad ligt. Het zorgt voor de mogelijkheid om ommmetjes te maken. Wel ligt er bezorgdheid vanuit omwonenden over de privacy.

Bij het maken van nieuwe paden werd bovendien gewezen op het belang van het open zicht van noord naar zuid, specifiek op de kerktoren. Ook dienen recreatieve paden niet ingezet te worden op plekken waar steenuilen en kwartels broeden.

Park Ruijbosch

Participanten zijn erg blij met de ontwikkeling van park Ruysbosch en de natuur die hier ontstaat. Graag zouden ze het beheer extensief houden, de biodiversiteit floreert hier. Dergelijke initiatieven uitbreiden wordt positief ontvangen.

Vernatten en natte natuur

De thematieken van natuur en ecologie hebben draagvlak bij de participanten. De direct omwonenden en eigenaren zijn wel bang voor wateroverlast en willen iets terug voor vernatting of natuurontwikkeling van hun terrein in de vorm van geld of landruil.

Woningbehoefte

Uit de gesprekken komt naar voren dat er hoge nood is aan woningen, zeker voor starters en senioren binnen geheel Haaren. Er is echter geen consensus dat deze woningbehoefte in het beekdal opgelost dient te worden. Veel participanten zien dit liever in de kern gebeuren.

Lopende initiatieven

De participatie avond maakt duidelijk dat er meerdere bewoners en betrokkenen zijn die initiatieven hebben voor het gebied van het beekdal, zowel voor natuurontwikkeling als voor woningbouw. Hierbij ligt de voorkeur op locaties dichtbij de kern en voorzieningen. Er werd regelmatig genoemd dat men open staat voor bijzondere woonvormen, zoals tiny houses. De grootste vraag van de initiatiefnemers is of de bodem er geschikt voor is, of dat het te nat is om te bouwen.

Uit de gesprekken blijkt bovendien dat een groot deel van de gronden in eigendom is van een aantal agrariers. Zij zouden graag samenwerken om initiatieven te laten slagen en verschillende thematieken samen te brengen en holistisch op te lossen. Bovendien zouden ze graag het dorp betrekken bij de ontwikkeling om bewoners meer in contact te brengen met het boerenleven.

Wat vindt u belangrijk voor de toekomst van de Ruysbossche Loop?

Cultuurhistorie:

•Zichtlijnen, met name vanaf de kerk en open in het landschap

•Lambertuslijnen, is inventarisatie naar gedaan

•Identiteit: ‘Tuin van Brabant’

•Oorspronkelijke landschappelijke elementen

•Agrarisch cultuurland

•Kleinschaligheid

•Broederspaadje, oude kerkepaden

Klimaatrobuustheid:

•Hoog grondwater

•Pieken in regenbuien opvangen

Biodiversiteit:

•Afwisseling van open en dichte beplanting

•Herkenbare landschappelijke elementen

•Biologisch beheer, geen pesticiden!

•De EVZ soorten behouden en versterken

•De vogels!!

•Combineren met woningbouw

•Voedselbos aanleggen

Wonen:

•Er zijn geen woningen voor starters en ouderen

•Grote woningbouwopgave

•Andere bouwmethodes, bouwconcepten

•Duurzame materialen, hout

•Zuid t.o.v. Haarendijk is geschikt?

•Woonzorgvisie naleven

•Woningen zijn nodig, maar niet hier! hier moet niet gebouwd worden

•Andere vormen van wonen: tiny houses, kavel splitsing, mantelzorg, gezamenlijk wonen, nieuwe woonconcepten > verbeeld wat het zou kunnen zijn!

•Wonen geschikt ten westen vd loop, achter de Helvoirtseweg?

Mobiliteit:

Gevaarlijke doorgaande wegen, mensen rijden te hard

Sluiproutes

Geen parkeerproblemen

Recreatie:

•rust!

•Wandelpaden, ommetjes, zitbankjes

•Toegankelijker maken

•Boerderij winkels, pluktuinen

•Beleefbaar vanaf het centrum

•Vertrekkende boeren, land omzetten naar natuur en recreatie?

Bedrijvigheid:

•Niet nodig hier, kan in de omringende grote steden

Anders:

•Lichtemissie tegengaan; donkere plek!

•Stilte gebied?

•Geen omgevingsschade!

•Draagvlak! doe het samen met de mensen

•Gemeenschapsvorming

•Eigenaarschap, bijdragen aan het gebied

•Holistisch, alles werkt samen in synergie!

Lagenbenadering analysekaarten

Historische ontwikkeling landschap

Archeologisch landschap

Op de archeologische landschappenkaart zijn de verschillende landschappelijke zones te zien. Aan weerszijden van de beekdalbodem liggen beekdalhellingen die zijn ontstaan door de afzettingen van de beek. Ten westen hiervan ligt een dekzandvlakte en ten oosten een dekzandrug. Zuidelijk is nog een droogdalbodem- en helling te herkennen.

Historische ontwikkeling landschap

Het Nederlandse landschap is erg gevarieerd. Dat geldt ook voor de manier waarop het in het verleden door de mens is gebruikt. Zo is de historische kern van Haaren ontstaan op de dekzandvlakte. Op de dekzandrug van de Belverse akkers is niet gebouwd. Enkel op de randen en de overgang naar de dekzandvlaktes zijn bebouwde structuren te herkennen. In het nattere gebied met de beekdalbodem en de beekdalhelling is ook niet gebouwd.

Historische geografie

De oorspronkelijke kern van Haaren (vermeld in 1147) is ontstaan als een tiendakkernederzetting, die zich heeft ontwikkeld met voornamelijk niet-agarische bebouwing rond de oude Sint-Lambertuskerk.

Evenwijdig aan de Esschestroom (reeds vermeld rond 1350) ligt een langgerekte akkernederzetting. Deze en andere wegen rondom de onderzoekslocatie hebben een redelijk hoge waardering. De klinkerweg van de Haarenseweg wordt daarnaast aangemerkt met een hoge waardering.

Religieus erfgoed

De kerktoren aan het Kerkeind zijn de overgebleven resten van de oude Sint-Lambertuskerk. De nieuwe kern van Haaren is rond de H. Lambertuskerk uitgegroeid. Van het Groot Seminarie, gelegen net buiten Haaren, is nog een kapel overgebleven.

Deze kerktoren, de H. Lambertuskerk met de bijbehorende begraafplaats en het Groot Seminarie kapel zijn aangemerkt als religieus erfgoed. Deze bouwwerken functioneren nu als belangrijke herkenningspunten in het gebied.

Cultuurhistorie

Belversche Akkers

De Belversche Akkers is een onbebouwd open akkercomplex met een krans van bebouwing eromheen. Kenmerkend zijn de historische boerderijen en het bolle reliëf. Het lint is gelegen op de rand van de akkers en omringende beekdalen van de Essche stroom, Ruysbossche Loop en de Broekleij. De akkers zijn gelegen op een dekzandrug die aan alle kanten door lagere gronden wordt omgeven.

Van oudsher lagen de boerderijen in een ring rond het centrum, aan wegen die op de grens van de beekdalen zijn aangelegd. Door eeuwenlange bemesting kregen de aaneengesloten bouwlanden een bolle ligging.

De Belversche Akkers zijn aangemerkt als rijksmonument en hebben een zeer hoge archeologische waarde uit de Bronstijd, Middeleeuwen en Romeinse tijd. Er zijn sporen te vinden van een middeleeuwse kapel en diverse nederzettingen en grafvelden.

Dorpskern Haaren

Het terrein met de oude dorpskern van Haaren wordt al bewoond in de periode voor 1250. Daardoor is dit aangemerkt met een hoge archeologische waarde.

Kasteel Nemerlaer

Het landgoed van Kasteel Nemerlaer wordt voor het eerst genoemd in 1303. Sinds die tijd is het slot regelmatig verbouwd. Op het landgoed staan meerdere monumentale bomen.

Haarendael

De oorspronkelijke functie van Haarendael was een grootseminarie waar geestelijken werden opgeleid. Tijdens de Tweede Wereldoorlog diende het complex als interneringskamp en gevangenis. Helaas is het gebouw in 2019 door een brand verwoest. De kapel en een aantal monumentale bomen zijn nog aanwezig.

Bodemopbouw en relief

Geomorfologie

Het beekdal is gelegen in een laagte met enerzijds een dekzandplateau en anderzijds een dekzandrug. Hierdoor bestaat de geomorfologie uit een afwisseling van dekzandplateu, glooiing beekdalzijde, beekdalbodem, dekzandrug en een complex van dekzandwelvingen.

Hoogtekaart

Zoals te zien is in de hoogtekaart en het profiel is er door de beek een hoogteverloop ontstaan. Het laagste punt, de beekdalbodem, ligt op +5,2 m NAP. De bebouwing van de kern Haaren ligt op +8,4 m NAP en het dekzandplateau aan de oostzijde op +9,3m NAP.

Dit dekzandplateau maakt onderdeel uit van de ‘essen’: een gemeenschappelijk akkercomplex met een centrale functie. Deze stammen uit de tijd van buurtschappen en boerderijen, waardoor de grond sterk gecultiveerd is. De aanwonenden waren gezamenlijk eigenaar van de es. Deze gronden liggen vaak wat hoger door de wijze van bemesting, maar ook deels doordat de locaties van zichzelf al wat hoger lagen.

Fysische situatie - bodem

Deze wijze van ophogen is ook terug te zien in de fysische eigenschappen van de bodem, bestaand uit hoge zwarte enkeerdgronden. Deze gronden worden gekenmerkd door lemig fijn zand en een relatief hoge diepteligging van het grondwater.

Bodemgebruik en grondwater

Bodemgebruik

Het onderzoeksgebied bestaat voornamelijk uit eentonig agrarisch grasland. Hiermee is het bodemgebruik over de tijd losgekoppeld van het bodem- en watersysteem.

Verder bestaat het bodemgebruik uit:

•bos

•sociaal-culturele voorzieningen

•bouwterrein

•bedrijfsterrein

•woongebied

•infrastructuur

Grondwater - GLG

Wanneer gekeken wordt naar de gemiddelde laagste grondwaterstand (GLG) valt op dat de dekzandrug aan de noord-westzijde en de Belverse akkers aan de oostzijde kans hebben op verdroging gedurende warme periodes. Het grondwater ligt hier dieper dan 180 cm.

Grondwater - GHG

En wanneer gekeken wordt naar de gemiddelde hoogste grondwaterstand (GHG) komt naar voren dat het beekdal bij een hoge grondwaterstand kans heeft op wateroverlast. Dit is met name in tijden van piekbuien.

Wateroverlast is iets wat van alle tijden is. Wel kan het door klimaatverandering toenemen in hoeveelheid en intensiteit. Tijdens een normale regenbui kunnen de huidige sloten het water voldoende afvoeren. De akkers zijn niet te nat.

Water bergen en afvoeren

Waterberging

De Ruysbossche Loop is door de jaren heen sterk aangepast en rechtgetrokken om zo snel mogelijk en zo veel mogelijk water af te kunnen voeren. Verder zijn ook de oevers steeds dichter begroeid geraakt, waardoor de beek meer lijkt op een sloot. Dit alles heeft tot gevolg dat in de huidige situatie beperkte ruimte is ontstaan om regenwater vast te houden.

Wel bieden de hoogteverschillen kansen tot herinrichting van het beekdalgebied, waardoor het water vertraagd afgevoerd kan worden.

Waterstructuren

De waterstructuur bestaat uit een fijn netwerk van sloten en greppels. Deze hoekse slootjes worden nu vooral ingezet voor afwatering van de aanliggende agrarische gronden.

Dit netwerk komt uit in de Ruysbossche Loop dat de functie heeft van een hoofdwaterloop. Deze beek heeft in de huidige situatie meer de opzet van een rechte sloot dat vooral ingezet wordt voor het afvoeren van water.

Attentiezone waterhuishouding

In het onderzoeksgebied is een ‘attentiezone waterhuishouding’ vastgelegd. In deze zone gelden beperkingen voor werkzaamheden die de grondwaterstand beïnvloeden ter bescherming van natte natuurparels. De contour volgt nagenoeg de contour van het Natuurnetwerk Brabant.

Gevolgen klimaatverandering

Water op straat bij

piekbuien

De kans op wateroverlast op straat is met name hoog bij de Haarendijk, De Ruijbosch en Eind. Dit zijn de weinige sterk verharde delen binnen het onderzoeksgebied, waar het regenwater bij hevige regenbuien niet snel genoeg geïnfiltreerd of afgevoerd kan worden.

Wateroverlast door overstroming (T100)

De kaart toont met name ten zuiden van de Haarendijk een verhoogd risico op wateroverlast, door de bottleneck-werking van de duiker. Ook enkele haakse sloten op de loop ten noorden van het Broederspaadje hebben het risico om te overstromen bij scenario T100.

Hittestress | gevoelstemperatuur warme zomerdag

In het beekdalgebied valt de mate van hittestress enigszins mee. Het stedelijk hitte eiland komt met name voor in grotere steden, maar ook in Haaren is een hogere temperatuur te zien dan in de omliggende landerijen. Binnen het onderzoeksgebied valt met name het sterk verkoelende effect op van de aanwezige bossages.

Daarentegen verharding geeft een verwarmend effect (Urban Heat Island), zoals in de bebouwde dorpskern het geval is.

Kwaliteit leefomgeving

Luchtkwaliteit

De WHO-advieswaarde is in 2021 aangescherpt naar 10 µg/m3. In Nederland is het wettelijk verplicht om onder de EU-grenswaarde van NO2 concentratie te blijven.

De waardes in het onderzoeksgebied liggen tussen de 10-12 µg/m3, en in het noord-westen komen de waardes uit op 12-14 µg/m3. Dit is boven de WHO-advieswaarde, maar dit is in veel delen van Noord-Brabant het geval.

Geurhinder

In het omliggende gebied zijn een aantal veehouderijen gevestigd, waardoor er sprake kan zijn van geurhinder. Het noordelijk deel van het plangebied wordt aangemerkt tot ‘vrij matig tot matige’ hinder. Het zuidelijke deel valt buiten de geurcountouren en wordt aangemerkt tot ‘vrij matige hinder’.

Lichtemissie

Door de nabije aanwezigheid van een kwekerij zorgen deze kassen lokaal voor een hogere hoeveelheid lichtemissie. Dit kan invloed hebben op de biologische klok van planten, dieren en de mens.

Risico’s

Geluidsoverlast

In de kaart is een combinatie weergegeven van het geluid van wegverkeer, het spoor, de industrie en het vliegverkeer. Over het algemeen is de geluidsoverlast beperkt. De wegen Haarendijk, het Broederspaadje en Roonsestraat veroorzaken matige geluidsoverlast binnen het beekdalgebied. Over het algemeen heeft het onderzoeksgebied de aanduiding ‘zeer goed’, wat betekent dat het minder dan 45 dB aan geluidsoverlast heeft.

Externe veiligheid

Geen redenen tot zorg vanuit externe veiligheid. Een aantal duidingen van risico op externe veiligheid vallen buiten de onderzoeksgrens.

Landschap & biotisch systeem

Landschappelijk erfgoed

Binnen het onderzoeksgebied is er geen aangewezen landschappelijk erfgoed. Wel zijn er in de omgeving bijzondere plaatsen te noemen, zoals landgoed De Nemelaer. Dit landgoed heeft een hoogstamboomgaardwaar platanen, eiken en lindes groeien.

Daarnaast is de Essche stroom aangewezen als bijzonder groen: een landschap met oude boskernen en houtwallen.

Groenkaart

De groenkaart geeft aan dat een groot deel van de onderzoekslocatie bestaat uit agrarisch groen, en slechts beperkt uit natuurlijk groen. De zone direct langs de beek en Park Ruijsbosch zijn onderdeel van het Natuurnetwerk en hebben ecologische waarde. Het groen behorend bij het stedelijk gebied wordt bescrheven als ‘overig’.

Groenbeleidsplan

Het groenbeleidsplan geeft aan dat het centrumgebied van Haaren is afgeschermd van het beekdal. Door de zone achter de kerk te ontwikkelen als een landschappelijk dorpspark krijgt Haaren er direct tegen het centrum een recreatief en ecologisch waardevol gebied bij. Dit park is recent opgeleverd en wordt beheerd door een actieve vrijwilligersgroep

Ecosysteemtypes

Binnen het onderzoeksgebied kan het ecosysteem getypeerd worden middels een groen/rood mozaiek. Enerzijds bebouwd (landelijk) gebied met aanwezigheid van bedrijvigheid (rood) en anderzijds een combinatie van grasland, plas, beek en bos. Met name in de zuidelijke delen van het onderzoeksgebied zijn de ecologische waardes hoger dan in de noordelijke delen, waar het grasland met name ingezet wordt voor akkerbouw.

Productielandschap

Binnen de onderzoekslocatie is er vooral veevoerproductie gewas. In het zuidelijke deel van de onderzoekslocatie is er ook sprake van houtproductie. De type gewassen die geteeld worden op de Belverse Akkers zijn diverser, hier is naast veevoerr-en houtgewas ook voedselgewas (voor de mens) en tuinbouwgewas aanwezig. De nadruk van akkerbouw lijkt sterker op de Belverse Akkers te liggen dan in het gebied van de Ruijsbossche Loop.

Boomhoogtes

De hoeveelheid bomen binnen het onderzoeksgebied is beperkt. Het wordt juist op dit moment gekenmerkt door een grote openheid. De aanwezige bomen zijn veelal als bomenlanen aangeplant langs de linten. Enkele bossages zijn te vinden bij park Ruijsbosch en nabij de kassen, waar houtproductie plaatsvindt. Grotere bossages zijn te vinden ten noorden en oosten van de Ruijsbossche loop in het gebied van de Belverse Akkers en daarnaast rondom Haarendael.

Natuur Netwerk en beheeryptes

Het Natuur Netwerk Brabant wordt plaatselijk erg toegeknepen. De beek en park Ruijsbosch zijn aangeduid als onderdeel van de NNB. De verschillende natuurtypes die hier binnen vallen zijn:

-een bron / beek

-vochtig bos met productie

De verdere gronden binnen de onderzoekslocatie vallen niet als zodanig onder natuurbeheer gesubsidieerd door de provincie. De meeste gronden zijn agrarische grond beheerd door boeren.

Mogelijke natuurontwikkeling op de locatie dient aan te sluiten op de omgeving en het beekdallandschap: kruidenrijk grasland, vochtig hooiland, poelen en bossages. Hiervoor dient landbouwgrond getransformeerd te worden naar (natte) natuur.

Bereikbaarheid

Bereikbaarheid

In 15 minuten fietsen kun je vanaf de onderzoekslocatie Oisterwijk en Helvoirt bereiken. Gezien vanaf de onderzoekslocatie, is er beperkte bereikbaarheid middels OV.

wil je Tilburg, Boxtel, Vught bereiken binnen 15 minuten, dan dient de auto gepakt te worden.

Auto-netwerk

De onderzoeks locatie is te bereiken via de N65: de belangrijkste verbinding tussen Den Bosch en Tilburg, eventueel via de A2vanuit Eindhoven. Het verkeer tussen Hevoirt, Haaren, Oisterwijk e.a wordt verder ontsloten met erftoegangswegen. Deze wegen reiken tot aan de onderzoekslocatie.

Openbaar vervoer

Er zijn verschillende opstappunten waarmee bezoekers van het onderzoeksgebied de locatie kunnen bereiken. Het betreft hier een netwerk van streek- en buurtbussen. De opstapplaatsen zijn onder andere aan de Helvoirtseweg, ‘t Hopveld, Kerkstraat, Haarendijk, ‘t Eind, Kasteellaan. Hiermee staat de onderzoekslocatie in verbinding met o.a.

Oisterwijk, Tilburg, Helvoirt, Vugt, Den Bosch, Esch en Boxtel.

Recreatie

Fietsroutes

Haaren ligt op het fietsknooppunten-routenetwerk, en deze knooppunten maken ook deel uit van de fietsroute ‘Brabants Mooiste’. Bij het Broederspaadje wordt het beekdal overgestoken. De wegen rondom het onderzoeksgebied zijn goed ingericht voor de (recreatieve) fietser

Wandelroutes

Naast fietsen is er ook voldoendemogelijkheid om wandelend het onderzoeksgebied te ontdekken. Twee routes steken het beekdal over, over de Haarendijk en bij het Broederspaadje. Naast deze routes is park Ruijbosch een geliefde plek bij wandelaars.

Recreatie

Rondom het onderzoeksgebied is ook volop mogelijkheid tot recreatie. Van het hiervoor genoemde park Ruysbosch, tot recreatie in het agrarisch gebied (camping, Hoeve, B&B) tot dorpse recreatiemogelijkheden (jaarmarkt, kermis, jeugdcircus). De omgeving van de Ruijsbosssche loop leent zich perfect om van het echte Brabantse leven te proeven.

Voorzieningen en bedrijvigheid

Voorzieningen

•Binnen Haaren zien we een redelijk uitgebreid winkelaanbod, voornamelijk gericht op de dagelijkse behoeften, geconcentreerd rond het Mgr. Bekkersplein. de kern beschikt over twee supermarkt. Verspreid langs de linten zijn ook nog enkele winkelvoorzieningen gelegen, veelal met een plaatselijk verzorginsgebied.

•Haaren beschikt over een aantal horecavestigingen zoals restaurants en cafe’s, de meeste bevinden zich aan de doorgaande wegen van de kern.

•De maatschappelijke voorzieningen bevinden zich in het centrum: kerk, gemeentehuis en zorgcentrum, scouting

•Haaren heeft 2 basisscholen

•Haarten telt 2 tandartsen, 5 paramedische praktijken en 1 huisarts.

•Sporten kan op sportcomplexen Sportlaantje en de Pastoor Verrijtlaan.

Bedrijvigheid - agarisch

Rondom het onderzoeksgebied zijn agrarische bedrijven gevestigd van verschillende grootte.

Bedrijvigheid - industrie

De meeste bedrijvigheid in Haaren vinden we voornamelijk aan het Hopveld en het terrein aan het Gildepad

We zien uiteenlopende bedrijvigheid in Haaren, van specialistische zakelijke diensten tot industrie.

Woningaanbod en behoefte

Woningaanbod

In Haaren wonen ongeveer 6000 inwoners, verdeeld over ruim 2600 huishoudens. Het overgrote deel woont in een koopwoning. De gemiddelde WOZ-waarde binnen de kern Haaren is met €479.000 (peil 2022) relatief hoog.

Woningbehoefte

De verwachting is dat er ongeveer 150 extra woningen nodig zijn om in de lokale woningbehoefte (2020-2030) te kunnen voorzien.

Woningzoekenden in Haaren zijn sterk koop georiënteerd. Voor starters is het lastig om een betaalbare koopwoning te vinden. Een deel van de jongeren is wel bereid om alternatieven te overwegen, zoals huren of een kleinere woonvorm.

Veel ouderen wonen in ruime, grondgebonden woningen. Een deel wil verhuizen naar kleinere, levensloopgeschikte woningen maar het aanbod is beperkt. De ouderen zijn vaak gehecht aan het dorp en hebben een voorkeur voor een grondgebonden woonvorm. Een concept met hofjeswonen spreekt veel ouderen aan.

Verder is relatief weinig aanbod voor ouderen met een zwaardere zorgvraag in het dorp.

Volgens de ‘Woonzorgvisie Gemeente Oisterwijk 2022 - 2027’ (april 2022) is de verwachting dat er in Haaren ongeveer 150 extra woningen nodig zijn om in de lokale woningbehoefte (2020-2030) te kunnen voorzien. Daarnaast moeten er in de gemeente nog 540 extra woningen worden toegevoegd.

Starters / jongeren

Woningzoekenden in Haaren zijn sterk koopgeoriënteerd. Voor starters is het lastig om een betaalbare koopwoning te vinden. Een deel van de jongeren is wel bereid om (tijdelijke) alternatieven daarvoor te overwegen, zoals huren (sociaal of particulier) of een kleinere woonvorm (zoals een tiny house), mocht er zoiets beschikbaar komen.

•Huurwoningen (sociaal of particulier) wordt door starters gezien als een tijdelijk alternatief voor koop

•Ook een concept als tiny houses spreekt jongeren aan als tijdelijke oplossing

Ouderen / zorgbehoefenden

Haaren heeft te maken met vergrijzing: het aantal gezinnen zal dalen en het aantal 1-2 persoonshuishoudens zal toenemen. Veel ouderen in Haaren wonen in ruime, grondgebonden woningen. Een deel van hen wil wel verhuizen naar een kleinere, levensloopgeschikte woning, maar het aanbod is beperkt. De ouderen in Haaren zijn vaak gehecht aan het eigen dorp en hebben een voorkeur voor een grondgebonden woonvorm. Het ligt voor de hand om te kijken of het aanbod aan levensloopgeschikte woningen gericht op senioren in het dorp uitgebreid kan worden. Er is relatief weinig aanbod voor ouderen met een zwaardere zorgvraag in het dorp.

•Een concept met hofjeswonen spreekt veel ouderen aan.

•Appartementen zouden hier ook passen.

•Nieuw te bouwen geclusterde woningen voor senioren moeten bij voorkeur ook geschikt zijn om zorg te kunnen ontvangen.

Het fundament van de visie is ‘Landschap als basis’ voor de duurzame verstedelijking. Kenmerkend voor de regio is de spreiding van steden, dorpen, natuur en landschap; het Brabant Mozaïek. In tegenstelling tot de Randstad zien we hier geen aan elkaar gegroeide steden en dorpen.

Voorwaarden woningbouw op uitbreidingsplekken:

•De huidige structuur van afzonderlijke dorpen van elkaar gescheiden door groenzones (Brabantse Mozaïek) houden we in stand.

•Op uitbreidingslocaties wordt met name ruimte geboden aan woningen in het betaalbare huur- en koopsegment, vanwege de grote vraag aan dit segment.

•Woningbouw past binnen het landelijke en groene karakter van de buitengrenzen van onze dorpen. We streven hierin naar natuur-inclusieve woningbouw.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.