Aanhef
“Je gaat het pas zien als je het doorhebt”- Johan Cruijff
Voorwoord
Gedwongen zakkenrollen en bedelen voor de familie om er zo bij te mogen horen. Een jong meisje dat seks heeft met mannen omdat haar vriendje dat wil en zij hem niet kwijt wil. Een groep Roemeense mannen die verblijven in een oude schuur bij de kwekerij waar zij werken voor vijf euro per uur, 12 uur per dag. Een tienerjongen die gedwongen wordt drugs te verkopen voor anderen, om deel uit te mogen maken van een vriendengroep. Licht verstandelijk beperkte vrouwen die gedwongen worden tot prostitutie. Kinderen die “opgevangen” worden door familie, maar daar ingezet worden als huishoudelijk werkers. Jonge vrouwen die naar Nederland gelokt worden voor een goede baan om vervolgens ingezet te worden als sekswerkers.
Mensenhandel komt voor in allerlei verschijningsvormen. Gemeenten staan het dichtst bij hun inwoners en vervullen een belangrijke rol in de aanpak van uitbuiting. Als gemeenten in Veluwe Noord
proberen wij ons in te zetten voor een adequate aanpak van mensenhandel met de mogelijkheden en middelen die we hebben. Om dat mogelijk te maken is dit plan van aanpak mensenhandel opgesteld.
1. Inleiding
1.1. Wat is mensenhandel?
Mensenhandel is het werven, vervoeren, overbrengen, opnemen of huisvesten van een persoon met gebruik van dwang (in brede zin) en met het doel die persoon uit te buiten
1Definitie mensenhandel volgens de Nationaal Rapporteur Mensenhandel.
. Mensenhandel maakt een enorme inbreuk op de individuele vrijheid van de mens en is daarmee een van de ernstigste en meest complexe vormen van ondermijning. Mensenhandel is strafbaar gesteld in artikel 273f Sr (zie bijlage 1). De kern van mensenhandel is de (beoogde) uitbuiting van mensen. Daders gebruiken slachtoffers voor persoonlijk gewin. Dit doen ze door geweld, intimidatie, misleiding en/of onder bedreiging. Minderjarigen zijn per definitie kwetsbaar. Bij mensenhandel is er altijd sprake van een slachtoffer en een dader. Hoewel er vaak sprake van een afhankelijkheidspositie tussen slachtoffer en dader, kunnen slachtofferschap en daderschap in de praktijk heel dicht bij elkaar liggen en soms zelfs in elkaar overlopen. Mensenhandel komt overal en in alle lagen van onze samenleving voor en kent de volgende verschijningsvormen.
1.2. Verschijningsvormen
•Seksuele uitbuiting: de bekendste vorm van mensenhandel waarbij iemand onder dwang seksuele handelingen tegen betaling moet verrichten. Dit doet zich zowel in de vergunde branche als in de illegale prostitutie voor. Ook komt seksuele uitbuiting online vorm, bijvoorbeeld door middel van webcamseks.
•Criminele uitbuiting: een vorm van mensenhandel waarbij iemand gedwongen wordt om strafbare feiten te plegen of om te bedelen en de buit af moet dragen aan de uitbuiter. Hierbij kan gedacht worden aan zakkenrollen, diefstal of drugsdelicten.
•Arbeidsuitbuiting: het bewust werven, vervoeren, overbrengen of huisvesten van een persoon met gebruik van dwang met als doel deze persoon uit te buiten. Het gaat verder dan slecht werkgeverschap door de erbarmelijke omstandigheden waar men zich in bevindt. Vaak spelen dwang, geweld, dreiging, afpersing en misleiding een rol.
•Orgaanhandel: Iemand wordt gedwongen zijn of haar organen af te staan of ter beschikking te stellen. In het laatste geval kan het bijvoorbeeld gaan om gedwongen draagmoederschap.
1.3. Gemeentelijke rol
De rol van gemeenten is gebaseerd op zowel nationale als internationale wet- en regelgeving
2Zie bijlage 1 voor een overzicht van het wettelijk kader.
. Op nationaal niveau zijn er in 2018 landelijke afspraken gemaakt in het Interbestuurlijk Programma (IBP)
3In het Interbestuurlijk Programma is een akkoord gesloten door het rijk, gemeenten, provincies en waterschappen om diverse grote maatschappelijke opgaven aan te pakken.
. De afspraken uit het IBP met betrekking tot mensenhandel zijn opgenomen in het Nationaal Actieplan ‘Samen tegen Mensenhandel’.
Hierin is bepaald dat elke gemeente beleid moet hebben om mensenhandel tegen te gaan. Ter ondersteuning hiervan heeft de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) het Kompas Mensenhandel ontwikkeld. Daarnaast is in het Integraal Veiligheidsplan Veluwe Noord 2024 – 2027 Ondermijning opgenomen als één van de speerpunten. Mensenhandel is hiermee, als één van de vormen van ondermijning, ook een speerpunt voor de regio Veluwe Noord.
De gemeentelijke rol is uiteen te zetten in vier verschillende rollen die elkaar kunnen versterken in de aanpak van mensenhandel. Deze rollen zijn door de Nationaal Rapporteur Mensenhandel als volgt benoemd:
1Signaleerder: gemeenten staan het dichtst bij de bevolking en zijn daardoor de oren en ogen in de samenleving waarbij signalen van mensenhandel opgevangen kunnen worden.
2Beleidsmaker: gemeenten zijn verantwoordelijk voor het opstellen van een plan voor een sluitende aanpak, waarin alle gemeentelijke taken worden opgenomen.
3Regisseur van de integrale aanpak: gemeenten zijn met hun taken en verantwoordelijkheden de partij om de regie te nemen en samenwerking te bevorderen.
4Gemeenten zijn verantwoordelijk voor de opvang van en hulpverlening aan slachtoffers van mensenhandel.
Haaldelict
Mensenhandel is een zo genoemd ‘haaldelict’, dat zich vaak onder de radar afspeelt. Slachtoffers kunnen of durven zelf geen aangifte te doen en opsporingsinstanties zoals de politie moeten zelf actief op zoek naar de slachtoffers (en daders). De opsporingsdiensten zijn daarbij afhankelijk van verschillende professionals uit allerlei domeinen die signalen van mensenhandel kunnen oppikken en ook bereidwillig zijn om dit te doen. Juist ook omdat slachtoffers zichzelf vaak niet zien als slachtoffer of ontkennen - door angst of schaamte - dat er sprake is van uitbuiting. De angst van slachtoffers, de lage aangiftebereidheid, de beperkte pakkans van de daders, het gebrek aan kennis over signalen bij de professionals in allerlei domeinen zorgen er allemaal voor dat er nauwelijks zicht is op de werkelijke omvang van deze ernstige vorm van criminaliteit. Bij dit soort delicten geldt vaak ‘Hoe meer je gaat zoeken, hoe meer je zult vinden’
Bijlage 1 – Wettelijk kader
Er bestaat verscheidene internationale en nationale wetgeving op basis waarvan gemeenten een
taak hebben in de aanpak van mensenhandel.
Internationaal
Internationaal valt te denken aan:
Het Palermo Protocol, een VN-protocol inzake preventie, bestrijding en bestraffing van mensenhandel uit 2000;
De Europese richtlijn, een richtlijn uit 2011 van het Europees parlement en de Raad inzake de voorkoming en bestrijding van mensenhandel en de bescherming van slachtoffers;
Verdrag van de Raad van Europa ter bestrijding van mensenhandel uit 2005;
Het Europees verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM);
Het Istanboel Protocol, over effectief onderzoek en documentatie van marteling en andere wrede, onmenselijke of vernederende behandeling of straf, is de eerste verzameling internationale richtlijnen voor de documentatie van marteling en de gevolgen daarvan.
Nationaal
In de Nederlandse grondwet staat opgenomen dat iedere Nederlander zelf mag kiezen wat voor werk hij wil doen en welke regels bestaan ter bescherming van mensen tijdens hun werk. Op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning en de Jeugdwet zijn gemeenten verantwoordelijk voor de opvang en ondersteuning van burgers. Gemeenten hebben daarnaast een wettelijke taak in het reguleren van exploitatie van bedrijfsmatige prostitutie, door middel van het uitgeven van vergunningen voor seksbedrijven en het (laten) controleren daarvan. Andere kaders die bij mensenhandel een rol kunnen spelen zijn onder andere de Wet werk- en inkomen en de Huisvestingwet.
Artikel 273f Wetboek van Strafrecht
Als schuldig aan mensenhandel wordt met gevangenisstraf van ten hoogste twaalf jaren of geldboete van de vijfde categorie gestraft:
1°. degene die een ander door dwang, geweld of een andere feitelijkheid of door dreiging met geweld of een andere feitelijkheid, door afpersing, fraude, misleiding dan wel door misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht, door misbruik van een kwetsbare positie of door het geven of ontvangen van betalingen of voordelen om de instemming van een persoon te verkrijgen die zeggenschap over die ander heeft, werft, vervoert, overbrengt, huisvest of opneemt, met inbegrip van de wisseling of overdracht van de controle over die ander, met het oogmerk van uitbuiting van die ander of de verwijdering van diens organen;
2°. degene die een ander werft, vervoert, overbrengt, huisvest of opneemt, met inbegrip van de wisseling of overdracht van de controle over die ander, met het oogmerk van uitbuiting van die ander of de verwijdering van diens organen, terwijl die ander de leeftijd van achttien jaren nog niet heeft bereikt;
3°. degene die een ander aanwerft, medeneemt of ontvoert met het oogmerk die ander in een ander land ertoe te brengen zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met of voor een derde tegen betaling;
4°. degene die een ander met een van de onder 1° genoemde middelen dwingt of beweegt zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van arbeid of diensten of zijn organen beschikbaar te stellen dan wel onder de onder 1° genoemde omstandigheden enige handeling onderneemt waarvan hij weet of redelijkerwijs moet vermoeden dat die ander zich daardoor beschikbaar stelt tot het verrichten van arbeid of diensten of zijn organen beschikbaar stelt;
5°. degene die een ander ertoe brengt zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met of voor een derde tegen betaling of zijn organen tegen betaling beschikbaar te stellen dan wel ten aanzien van een ander enige handeling onderneemt waarvan hij weet of redelijkerwijs moet vermoeden dat die ander zich daardoor beschikbaar stelt tot het verrichten van die handelingen of zijn organen tegen betaling beschikbaar stelt, terwijl die ander de leeftijd van achttien jaren nog niet heeft bereikt;
6°. degene die opzettelijk voordeel trekt uit de uitbuiting van een ander;
7°. degene die opzettelijk voordeel trekt uit de verwijdering van organen van een ander, terwijl hij weet of redelijkerwijs moet vermoeden dat diens organen onder de onder 1° bedoelde omstandigheden zijn verwijderd;
8°. degene die opzettelijk voordeel trekt uit seksuele handelingen van een ander met of voor een derde tegen betaling of de verwijdering van diens organen tegen betaling, terwijl die ander de leeftijd van achttien jaren nog niet heeft bereikt;
9°. degene die een ander met een van de onder 1° genoemde middelen dwingt dan wel beweegt hem te bevoordelen uit de opbrengst van diens seksuele handelingen met of voor een derde of van de verwijdering van diens organen.
Uitbuiting omvat ten minste uitbuiting van een ander in de prostitutie, andere vormen van seksuele uitbuiting, gedwongen of verplichte arbeid of diensten, met inbegrip van bedelarij, slavernij en met slavernij te vergelijken praktijken, dienstbaarheid en uitbuiting van strafbare activiteiten.
De schuldige wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vijftien jaren of geldboete van de vijfde categorie, indien:
1°. de feiten, omschreven in het eerste lid, worden gepleegd door twee of meer verenigde personen;
2°. degene ten aanzien van wie de in het eerste lid omschreven feiten worden gepleegd een persoon is die de leeftijd van achttien jaren nog niet heeft bereikt dan wel een ander persoon is bij wie misbruik van een kwetsbare positie wordt gemaakt;
3°. de feiten, omschreven in het eerste lid, zijn voorafgegaan, vergezeld of gevolgd van geweld.
Indien een van de in het eerste lid omschreven feiten zwaar lichamelijk letsel ten gevolge heeft of daarvan levensgevaar voor een ander te duchten is, wordt gevangenisstraf van ten hoogste achttien jaren of geldboete van de vijfde categorie opgelegd.
Indien een van de in het eerste lid omschreven feiten de dood ten gevolge heeft, wordt levenslange gevangenisstraf of tijdelijke van ten hoogste dertig jaren of geldboete van de vijfde categorie opgelegd.
Onder kwetsbare positie wordt mede begrepen een situatie waarin een persoon geen andere werkelijke of aanvaardbare keuze heeft dan het misbruik te ondergaan.
Artikel 251 is van overeenkomstige toepassing.
Artikel 273g Wetboek van Strafrecht
1Hij die seksuele handelingen verricht met een ander, terwijl hij weet of ernstige reden heeft om te vermoeden dat die ander zich onder de in artikel 273f, eerste lid, onder 1°, bedoelde omstandigheden beschikbaar stelt tot het verrichten van seksuele handelingen met een derde tegen betaling, wordt gestraft met een gevangenisstraf van ten hoogste vier jaren of geldboete van de vierde categorie.
2De schuldige wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste zes jaren of geldboete van de vierde categorie indien degene ten aanzien van wie het in het eerste lid omschreven feit wordt gepleegd een persoon is die de leeftijd van achttien jaren nog niet heeft bereikt.
Bijlage 2 – Aandachtsfunctionaris Mensenhandel
De aanpak mensenhandel heeft betrekking op verschillende afdelingen van de gemeente. Om alles te coördineren en om als aanjager te fungeren moet er ten minste één gemeentelijke functionaris mensenhandel worden aangesteld (hierna: aandachtsfunctionaris). Dit is onder andere onderdeel van het verplichte basisniveau aanpak mensenhandel. De functionaris is, indien er relevante signalen zijn, aanwezig bij het lokaal ondermijningsoverleg. Hoewel er geen verdere eisen gesteld worden aan de rol van aandachtsfunctionaris mensenhandel is het wenselijk dat de functionaris affiniteit heeft met mensenhandel.
De rol van de gemeentelijke aandachtsfunctionaris mensenhandel dient gericht te zijn op het opvolgen van meldingen van mensenhandel en het inzetten van bestuurlijke mogelijkheden om mensenhandel tegen te gaan.
Enkele voorbeelden(niet limitatief) van mogelijke taken van een aandachtsfunctionaris zijn:
1Een goede relatie onderhouden met collega’s uit andere domeinen die te maken kunnen hebben met mensenhandel. Hierbij kan gedacht worden aan OOV, Jeugd, Zorg, Publiekszaken, enz.
2Mensenhandel onder de aandacht brengen en houden binnen de gemeenten en daarnaast ook bij professionals van andere relevante organisaties.
3Aanspreekpunt voor collega’s die mogelijke signalen van mensenhandel waargenomen hebben.
4Opvolgen van meldingen en hierbij de samenwerking met relevante partners opzoeken.
5Kennis hebben van bestuurlijke mogelijkheden om mensenhandel tegen te gaan.
6Kennis hebben van welke relevante partners er betrokken kunnen worden voor de opvang van slachtoffers van mensenhandel en een relatie onderhouden met deze partners.