Gemeentelijke regelgeving

Nota Dierenwelzijn

Gemeente Noordwijk · geldt sinds 8 oktober 2025

2 Wetgeving en gemeentelijk beleid

2.7 Gemeentelijke regelingen

2.7.1 Algemene plaatselijke verordening (APV)

In de APV en in het Algemeen aanwijzingsbesluit, zijn regels opgenomen die betrekking hebben op dieren. Een aantal regels zijn ter bevordering van het welzijn van dieren. Andere regels zijn er om de ervaren overlast van dieren op mensen te beperken. De regels gaan over:

•Het verplicht aanlijnen van honden binnen de bebouwde kom, het verplicht opruimen van uitwerpselen van honden en het verplicht hebben van een identificatiekenmerk van de hond.

•Als de burgemeester het gedrag van een hond gevaarlijk of hinderlijk acht, kan hij de eigenaar van die hond een aanlijngebod of een aanlijn- en muilkorfgebod opleggen. Dit geldt als de hond verblijft of loopt op een openbare plek of op het terrein van iemand anders.

•Het houden of voeren van hinderlijke of schadelijke dieren, waaronder meeuwen.

•De burgemeester kan maatregelen nemen bij ernstige hinder van dieren. Dit gaat in samenwerking met de politie.

•Paarden op het strand zijn verboden op aangewezen delen van het strand, tijdens een aangewezen periode.

•Er mogen geen ballonnen worden opgelaten. Naast dat ze hinder en overlast veroorzaken, kunnen resten van ballonnen ook gevaarlijk zijn voor dieren.

•Er zijn regels opgenomen betreffende het strandreservaat Noordvoort. Die regels zijn onder andere bedoeld om verstoring van vogels en zeehonden tegen te gaan.

•In het Algemeen aanwijzingsbesluit zijn vuurwerkvrije zones opgenomen. Er is onder andere bepaald, dat op het terrein van dierenasiels- en pensions tijdens de jaarwisseling geen vuurwerk mag worden afgestoken.

•In het Algemeen aanwijzingsbesluit is bepaald, dat in een woning en de daarbij behorende tuinen en erven (gelegen binnen de bebouwde kom) niet meer dan vier volwassen honden mogen worden gehouden. Dat is zowel bedoeld ter voorkoming van overlast voor de buren als voor het welzijn van de honden.

2.7.2 Vergunningen

Voor verschillende activiteiten worden er bij de gemeente vergunningen aangevraagd. Dit kan zijn voor het bouwen van een huis, het kappen van een boom of het houden van een evenement. Met het verlenen van vergunningen voor evenementen met dieren is de gemeente terughoudend. Aanvragen voor evenementen met dieren zijn de afgelopen jaren ook niet meer voorgekomen.

Dieren werden vroeger vaak ingezet om mensen te vermaken, in circusvoorstellingen, dierentuinen, dierenshows of levende kerststallen. Vaak staat bij deze evenementen het welzijn van de dieren niet op de eerste plek. Afgelopen jaren is er door wet- en regelgeving en door maatschappelijke betrokkenheid gelukkig steeds minder mogelijk als het gaat om evenementen met dieren. De Rijksoverheid stelt hier wet- en regelgeving voor op. De invloed van de gemeente is dus beperkt.

2.7.3 Soortenmanagementplan (SMP)

Bij renovaties of verduurzamingsprojecten moet er volgens de wet- en regelgeving een ecologische quickscan en eventueel verdiepende onderzoeken voor een specifiek gebied zijn uitgevoerd. Als er vervolgens beschermde diersoorten aanwezig zijn dan moet een vergunning worden aangevraagd. Het Rijk biedt middels het SMP de mogelijkheid om niet voor ieder individueel (ver)bouwplan onderzoek uit te voeren en/of maatregelen te treffen maar een gebiedsgerichte ontheffing aan te vragen. Er wordt binnen de gemeente gewerkt aan het opstellen van een Soortenmanagementplan. Hierover meer in hoofdstuk 3.3.

4 Gehouden dieren

4.1 Hondenbeleid

4.1.1 Landelijke chip- en registratieplicht

Hondeneigenaren zijn verplicht hun hond te laten registreren en te laten chippen. Daarnaast is het verplicht om een hondenpaspoort te hebben. Door het verplicht laten chippen van honden kan de eigenaar snel worden achterhaald wanneer de hond ergens gevonden wordt, maar het wordt ook duidelijk waar de honden vandaan komen. Zo wordt illegale hondenhandel tegengegaan. Dit is belangrijk omdat honden van illegale fokkers of handelaren bijvoorbeeld niet de juiste vaccinaties hebben, niet gechipt zijn of op jonge leeftijd slecht behandeld zijn. Dit kan ervoor zorgen dat op latere leeftijd deze honden gezondheidsproblemen krijgen of een gevaar vormen voor andere honden en mensen. De landelijke chip- en registratieplicht draagt dus bij aan het welzijn van de honden.

4.1.2 Regels in de APV

In 2020 is het hondenbeleid van de voormalige gemeenten Noordwijk en Noordwijkerhout gelijk getrokken. De uitgangspunten die in dit hondenbeleid staan, zijn in de APV als regels opgenomen. Zo geldt er binnen de bebouwde kom overal een opruimplicht. Dit geldt ook voor de delen van het strand die voor de boulevards liggen. Langs de meest gebruikte uitlaatroutes staan bakken (depodogs) waar je hondenpoepzakjes uit kunt halen. De zakjes kunnen ook gratis worden afgehaald op het gemeentehuis.

Honden moeten altijd aangelijnd zijn binnen de bebouwde kom. Er geldt een uitzondering voor de hondenlosloopgebieden. Het aanlijngebod geldt ook in de natuurgebieden en op sommige delen van het strand. Honden kunnen namelijk de rust van andere dieren verstoren. Zo kunnen jonge dieren worden aangevallen of ouders worden verjaagd. Niet alleen in de bossen, maar ook op het strand als er bijvoorbeeld zeehonden rusten. We vinden het belangrijk dat deze dieren in rust kunnen verblijven in de bossen, de duinen en op het strand.

4.1.3 Aanlijn- en/of muilkorfgebod voor agressieve honden

Eigenaren van honden die als gevaarlijk worden aangemerkt na bijvoorbeeld een of meerdere bijtincidenten, kunnen door de burgemeester een aanlijngebod of een aanlijn- en muilkorfgebod opgelegd krijgen. Dit gaat in samenwerking met de politie. Zo zorgen we ervoor dat de openbare ruimte veilig blijft voor andere honden, andere dieren en mensen. Er wordt gewerkt aan een landelijk meldpunt voor bijtincidenten en gevaarlijk gedrag (Ministerie van Algemene Zaken, 2025).

4.2 Katten

4.2.1 Nog geen chip- en registratieplicht voor katten

Voor katten is er (nog) geen landelijke chip- en registratieplicht. Het ministerie heeft wel aangekondigd dat het een landelijke chip- en registratieplicht voor katten wil invoeren, maar is op dit moment nog met de uitwerking bezig. De chip- en registratieplicht is wel wenselijk. Voor katten die zijn weglopen of die zijn verdwaald, is het lastig om te achterhalen wie de eigenaar is. Daarnaast helpt het ook om het aantal zwerfkatten tegen te gaan.

4.2.2 Zwerfkatten en verwilderde katten

Zwerfkatten zijn katten die buiten leven en geen eigenaar hebben. Dit kunnen katten zijn die in het wild zijn geboren of verwilderde huiskatten die al een lange tijd niet meer in huis leven. Zwerfkatten zijn vaak uitgehongerd en ziek en hebben geen fijn leven. Als de dierenambulance verwilderde katten vangt en ophaalt, nemen zij contact op met de Dierenbescherming. De Dierenbescherming gaat over zwerfkatten en steriliseren de katten wanneer dat nodig is.

Met het chippen en registreren van katten voorkomen we dat weggelopen, ontsnapte of verdwaalde katten niet met hun eigenaar kunnen worden herenigd en zo verminderen we het aantal zwerfkatten.

4.2.3 Steriliseren van katten

Katten zijn een van de weinige huisdieren die vaak zonder toezicht van hun eigenaar in de openbare ruimte leven. Dit maakt het mogelijk dat poezen onopgemerkt zwanger worden, wat regelmatig leidt tot ongeplande nestjes. Jaarlijks ontvangt het asiel daardoor veel kittens. Soms brengen eigenaren deze kittens zelf naar het asiel, maar ze worden ook in het wild geboren of achtergelaten en later gevonden. Het is daarom belangrijk om katteneigenaren bewust te maken dat niet-gesteriliseerde poezen ongewenst zwanger kunnen raken. Door poezen te steriliseren, kunnen we voorkomen dat er ongewenste kittens geboren worden en verminderen we de druk op het asiel.

We informeren katteneigenaren over de voordelen van chippen en registeren. We maken met relevante stakeholders een communicatieplan om (toekomstige) katteneigenaren de voordelen van chippen, registreren en steriliseren duidelijk te maken.

4.2.4 Katten en de natuur

Katten zijn geliefde huisdieren maar hebben ook invloed op de natuur. Katten zijn van nature roofdieren en jagen op vogels, kleine zoogdieren, reptielen en insecten. Katten jagen niet alleen omdat ze honger hebben, dit komt door hun jachtinstinct en ze gaan vaak ’s nachts op pad. Door het jagen komen kwetsbare diersoorten in sommige natuurgebieden in de problemen, zoals bijvoorbeeld weidevogels die broeden op de grond. Maar ook vogels, muizen en dieren die in het bos en de duinen leven zijn slachtoffer van jagende katten.

Alle in het wild levende vogels zijn in Nederland wettelijk beschermd. Formeel gezien is een katteneigenaar in overtreding wanneer zijn of haar kat een beschermde diersoort vangt, op basis van de Omgevingswet (voorheen Wet natuurbescherming). Als een kat een vogel vangt of dood, is de eigenaar strafbaar. In de praktijk is het bijna onmogelijk om hierop te handhaven, maar we willen katteneigenaren wel bewust maken van bovenstaande verantwoordelijkheid.

6 Dieren in de vrije natuur

6.1 Zeeleven

6.1.1 Zeehonden en bruinvissen

In de Noordzee leven veel zeehonden. De zeehonden komen naar het strand om te rusten. Vaak komt er een melding binnen van mensen die een zeehond op het strand zien liggen. Deze melding komt binnen bij de zeehondenwachters. De zeehondenwachters werken nauw samen met Zeehondenopvangcentra om de zeehonden op het strand goed te verzorgen als zij op het strand liggen, gewond of ziek zijn. Zeehondenwachters hebben een speciale opleiding hoe ze om moeten gaan met zeehonden en hoe ze volgens het Zeehondenakkoord moeten handelen (Ministerie van LNV, 2021). Afhankelijk van de situatie worden de zeehonden verplaatst naar een plek waar ze kunnen rusten. De zeehondenwachters blijven de zeehonden observeren. Gewonde of zieke zeehonden worden naar het opvangcentrum ASeal gebracht. Als er kleine pups zijn (huilers) worden deze gewogen en indien nodig, ook naar het opvangcentrum gebracht. Wanneer de zeehonden weer voldoende zijn opgeknapt, worden ze weer vrijgelaten in de zee.

Er spoelen ook wel eens bruinvissen aan op het strand. Bruinvissen op het strand zijn altijd dieren in nood omdat zij niet, zoals zeehonden dat wel doen, op het strand komen om uit te rusten. Wanneer er een bruinvis op het strand is aangetroffen wordt deze in samenwerking met de zeehondenwacht en SOS Dolfijn naar het opvangcentrum gebracht. Ook bruinvissen worden weer vrijgelaten als zij gezond en sterk genoeg zijn om weer terug naar zee te gaan.

Het is belangrijk dat mensen die op het strand een zeehond tegenkomen afstand houden en hun hond aanlijnen. Zeehonden kunnen in de stress raken als mensen te dicht in de buurt komen. Als de zeehonden worden aangeraakt door mensen of honden kunnen ze daar erg ziek van worden, dit geldt niet alleen voor de zeehonden zelf, maar ook voor mensen en honden. Dit geldt ook voor bruinvissen, maar die hebben direct hulp nodig. Bij een zeehond op het strand kan er contact worden opgenomen met Zeehondencentrum Pieterburen. Bij een bruinvis is dit met SOS Dolfijn.

We gaan in gesprek met relevante stakeholders hoe we strandgangers beter kunnen informeren over wat ze moeten doen als ze zeehonden en bruinvissen op het strand aantreffen. We stemmen af welke acties hieraan kunnen bijdragen en voeren dit uit.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.