Aanhef
Het college van burgemeester en wethouders van Nijkerk;
gelet op artikel
4.4. tweede lid en 5.1 van de Omgevingswet, 4:81 van de Algemene Wet Bestuursrecht en de Erfgoedverordening Nijkerk 2022
b e s l u i t :
de volgende beleidsregels: vast te stellen
Beleidsregel voor instandhouden en verduurzamen van monumenten Nijkerk
Bijlage 1: Stappenplan instandhouding
Inventarisatie
1We raden aan om de huidige staat van uw monument te laten inspecteren door een specialist, bijvoorbeeld van de Monumentenwacht Gelderland.
2In het geval u onderdelen wilt herstellen in de oorspronkelijke staat, is het van belang om vooraf onderzoek te doen. Denk aan bouwhistorisch onderzoek, beeldonderzoek (bijvoorbeeld naar foto’s met oorspronkelijke roedenverdeling), kleurhistorisch of tuinhistorisch onderzoek. Ook als u andere wijzigingen wilt aanbrengen aan het monument kan de vergunningverlener vragen om een (bouw)historisch onderzoek.
3Bedenk of en welke verduurzamingsmaatregelen voor het monument u wilt nemen (zie ook hoofdstuk 7).
4Betrek de erfgoedadviseurs van de gemeente vroeg in het proces. Zij kunnen adviseren over de aanpak, de werkwijze, de benodigde specialisten, het proces van vergunningverlening of subsidie- of financieringsmogelijkheden.
Planvorming
5Maak op basis van het inspectierapport een onderhoudsplan voor de lange termijn. Herstel van constructieve onderdelen en het wind- en waterdicht maken of houden van het monument hebben de eerste prioriteit.
6Neem per onderdeel ook eventuele verduurzamingswensen mee.
7Schakel een gekwalificeerde uitvoerder in die ervaring heeft met het restaureren van monumenten. Maak per onderdeel van het onderhoudsplan een realistisch uitvoeringsplan. Zorg dat de monumentale waarden niet worden aangetast.
Vergunningen en subsidies
8Vraag een omgevingsvergunning aan. Soms is het handig om in één keer een vergunning aan te vragen voor meerdere onderdelen uit het onderhoudsplan. Dit bespaart legeskosten. In het geval de uitvoering nog niet precies duidelijk is, kunt u de vergunning beter opknippen. In geval van regulier onderhoud waarbij de kleur, het materiaal, de detaillering en formaat niet wijzigen, is een omgevingsvergunning meestal niet nodig. Daarnaast bestaat zoals hiervoor genoemd de mogelijkheid van het indienen van een conceptaanvraag omgevingsvergunning.
9Onderzoek welke subsidies beschikbaar zijn en kijk naar de bijbehorende voorwaarden.
Uitvoering
10Voer de werkzaamheden sober en doelmatig uit. Het uitgangspunt hierbij is herstellen waar mogelijk, vervangen waar nodig. Gebruik hierbij de restauratieladder uit hoofdstuk 1.
11We adviseren om complexe of grootschalige werkzaamheden te laten begeleiden door een deskundige, bijvoorbeeld van de Monumentenwacht Gelderland.
Onderhoud
12Het is raadzaam om uw monument jaarlijks te controleren op gebreken (lekkages, houtrot).
13Zorg voor een passende functie van het gebouw. Leegstand is slecht voor het behoud van een pand.
Bijlage 2: Stappenplan verduurzamen
Voorwerk
1Bepaal het doel van de verduurzaming en bepaal het budget.
2Maak het gebruik en het verbruik van uw pand inzichtelijk.
3Bedenk of u onderhouds- of verbouwplannen hebt.
4Controleer of er in het verleden al isolatiemaatregelen zijn uitgevoerd.
Advies
5Overleg met de gemeente: de erfgoedadviseurs kunnen u helpen en adviseren. Zo weet u vroeg in het proces waar u rekening mee behoort te houden en waar u de juiste informatie kunt vinden.
6We raden u ten sterkste aan gebruik te maken van een specialist met betrekking tot het verduurzamen van monumenten. U vindt specialisten op www.monumenten.nl.
7Breng de monumentale waarden in kaart van de onderdelen van uw pand die u wilt aanpakken. Dit kan onder andere door een bouwhistorische verkenning met waardestelling.
8Gebruik deze monumentale waarden, samen met de bouwtechniek van uw pand, bij het bepalen van de te nemen verduurzamingsmaatregelen. Maak hierbij ook gebruik van het Afwegingskader.
9Bekijk welke maatregelen binnen uw budget passen.
10Breng eventuele vochtproblemen in kaart.
Het plan
11Stel op basis van het duurzaamheidsadvies een verduurzamingsplan op. Gebruik hierbij ook het detailboek ‘Een warme jas voor oude huizen’.
12Overleg met de gemeente welke maatregelen vergunningsvrij en vergunningsplichtig zijn. Vraag, als dat nodig is, een omgevingsvergunning aan. Meer informatie vindt u bij het onderdeel over het vergunningstraject (hoofdstuk 9).
13Regel de financiering en vraag eventuele subsidies aan. Voor de subsidieregeling voor gemeentelijke monumenten is het verplicht om een benodigde omgevingsvergunning mee te sturen met de subsidieaanvraag. Houd er rekening mee dat de beoordeling van een omgevingsvergunning enkele weken kan duren.
Uitvoering
14Zoek één of meer ervaren partijen met kennis van monumenten om het plan uit te voeren. Vraag bij deze partijen naar voorbeelden van vergelijkbare projecten.
15Werk het plan uit met die partij(en) en maak een kostenraming. Wacht met de uitvoering tot de omgevingsvergunning is verleend. Als u subsidie heeft aangevraagd voor de instandhouding van gemeentelijke monumenten, behoort u ook te wachten op de subsidiebeschikking voordat u start met de werkzaamheden.