Aanhef
Raadsbesluit
De raad van de gemeente Nieuwegein;
gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouder van 16 oktober 2012;
gelet op artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdelen a en b van de Gemeentewet en artikel 3 lid 3 van de Organisatieregeling Brandweer;
Besluit vast te stellen de: "Verordening op de heffing en de invordering van brandweerrechten 2013"
Artikel 1. Belastbaar feit
1Onder de naam "brandweerrechten" worden geheven:
a.rechten voor het gebruik overeenkomstig de bestemming van voor de openbare dienst bestemde bezittingen van de gemeentelijke brandweer of van voor de openbare dienst bestemde werken of inrichtingen die bij de gemeentelijke brandweer in beheer of in onderhoud zijn;
b.rechten voor het genot van door de gemeentelijke brandweer verstrekte diensten.
2Geen rechten als bedoeld in het eerste lid worden geheven ter zake van:
a.het voorkomen, beperken en bestrijden van brand;
b.het beperken van brandgevaar;
c.het voorkomen en beperken van ongevallen bij brand;
d.al hetgeen met de onderdelen a, b en c verband houdt;
e.het beperken en bestrijden van gevaar voor mensen en dieren bij ongevallen anders dan bij brand;
Artikel 2. Belastingplicht
Belastingplichtig is:
1degene die gebruik maakt van de bezittingen, werken of inrichtingen als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel a;
2degene die een dienst aanvraagt dan wel degene te wiens behoeve een dienst is verleend, als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel b.
Artikel 3. Maatstaf van heffing en tarief
1De rechten worden geheven naar de maatstaven en de tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel.
2Voor de berekening van de rechten wordt een gedeelte van een in de tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt.
Artikel 4. Belastingjaar
Voor zover in de bij deze verordening behorende tarieventabel tarieven zijn opgenomen die per jaar worden geheven, is het belastingjaar gelijk aan het kalenderjaar.
Artikel 5. Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang
1De rechten waarop artikel 4 van toepassing is, zijn verschuldigd bij het begin van het belastingjaar of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht.
2Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt, zijn de rechten, in zoverre in afwijking van artikel 3, tweede lid, verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde rechten als er in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven.
3Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor de dat jaar verschuldigde rechten als er in dat jaar, na het einde van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven, tenzij het bedrag van de ontheffing minder bedraagt dan € 3,00.
4Belastingbedragen van minder dan € 3,00 worden niet geheven.
Artikel 6. Wijze van heffing
1De rechten worden geheven door middel van een gedagtekende schriftelijke kennisgeving waarop het gevorderde bedrag is vermeld.
2Indien zich ten aanzien van eenzelfde belastingplichtige meerdere belastbare feiten voordoen, kunnen de rechten ter zake daarvan worden geheven bij wege van één gedagtekende schriftelijke kennisgeving.
Artikel 7. Termijn van betaling
1In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de invorderingswet 1990 moeten de rechten worden betaald op het moment van uitreiking van de in artikel 6 bedoelde kennisgeving, dan wel in geval van toezending daarvan, binnen 30 dagen na de dagtekening van de schriftelijke kennisgeving.
2De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijnen.
Artikel 8. Kwijtschelding
Bij de invordering van brandweerrechten wordt geen kwijtschelding verleend.
Artikel 9. Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders
Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van de brandweerrechten.
Artikel 10. Inwerkingtreding en citeertitel
1De "Verordening Brandweerrechten 2012" van 9 november 2011 wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.
2Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking.
3De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2013.
4Deze verordening kan worden aangehaald als de 'Verordening Brandweerrechten 2013’.
Tarieventabel behorende bij de Verordening brandweerrechten 2013
Algemeen
Alle in deze verordening opgenomen tarieven zijn inclusief omzetbelasting indien deze verschuldigd is.
Voor een half uur of korter bedraagt het recht de helft van de hieronder vermelde bedragen, voor zover deze per tijdseenheid van een mensuur of uur zijn aangegeven.
Een gedeelte van een uur, langer dan een half uur, wordt voor een geheel uur gerekend.
Hoofdstuk 1.
Wacht- en bewakingsdiensten
De rechten bedragen:
1.
voor het verrichten van bewakingsdiensten:
per mens-uur:
€
40,10
2.
voor het uitoefenen van toezicht en het geven van leiding:
per mens-uur:
€
48,70
3.
voor het verrichten van overige diensten:
per mens-uur:
€
40,10
Hoofdstuk 2.
Beschikbaar stellen van brandblusmiddelen/materieel
De rechten bedragen voor:
1.
brandslangen, met inbegrip van het gebruik van twee storzkoppelingen:
a.gedurende het eerste etmaal of een gedeelte daarvan
per slang:
€
20,40
b.gedurende elk volgend etmaal of een gedeelte daarvan
per slang:
€
5,90
2.
straalpijpen, per etmaal of een gedeelte daarvan
per straalpijp:
€
5,90
3.
brandblusapparaten
a.gedurende het eerste etmaal of een gedeelte daarvan
per apparaat:
€
17,40
b.gedurende elk volgend etmaal of een gedeelte daarvan
per apparaat:
€
17,40
4.
ademluchttoestellen, per etmaal of een gedeelte daarvan
per toestel:
€
87,30
5.
een tankautospuit, inclusief twee personen bemanning
per uur:
€
236,50
6.
een hulpverleningsvoertuig, inclusief twee personen bemanning
per uur:
€
236,50
7.
overige niet met name genoemde voer- en vaartuigen worden alleen ter beschikking gesteld in combinatie met 5 en/of 6 en inclusief een extra bemanningslid
per uur:
€
111,65
Hoofdstuk 3.
Verrichtingen ten behoeve van de adembescherming
De rechten bedragen
1.
voor het vullen van ademluchtcilinders met een waterinhoud van:
ten hoogste drie liter
per cilinder:
€
23,35
meer dan drie doch ten hoogste vijf liter
per cilinder:
€
26,20
meer dan vijf doch ten hoogste zeven liter
per cilinder:
€
29,15
meer dan zeven liter
per cilinder:
€
34,90
2.
voor het reinigen en controleren van gelaatstukken
inclusief reinigingsmiddelen
per gelaatstuk:
€
11,15
Hoofdstuk 4.
Reiniging van bluskleding
De rechten bedragen:
1.
voor het reinigen van een bluspak inclusief reinigingsmiddelen
per pak:
€
16,75
Hoofdstuk 5.
Overige diensten
De rechten bedragen voor het verlenen:
1.
van assistentie bij liftstoringen:
per dienstverrichting:
€
400,00
2.
van assistentie bij het verschaffen van toegang tot een perceel:
per dienstverrichting:
€
400,00
3.
van assistentie bij het reinigen van wegen exclusief reinigingsmiddelen :
per dienstverrichting:
€
400,00
4.
van assistentie bij het verwijderen van omgevallen bomen:
per dienstverrichting:
€
400,00
5.
van overige diensten
per
dienstverrichting
€
400,00
Hoofdstuk 6. Aanvullende bepalingen
Indien het beschikbaar gestelde materiaal in beschadigde toestand wordt teruggebracht of verloren is gegaan, is daarvoor verschuldigd de kostprijs van herstel dan wel hernieuwde aanschaf, verhoogd met 20% opslag- en administratiekosten.
Behorende bij het raadsbesluit van 7 november 2012,
de griffier, de voorzitter,